[Startpagina] [Wat is de SAP] [Meer info] [Webwinkel] [Zoeken & archief] [Links] [Internationaal] [Email]
| Terug naar Grenzeloos stoffig | Uit: Grenzeloos nummer 27 | bestand: INDIE15 |

De Indonesië-weigeraars

Vijftien eeuwen straf...

Honderden ongezuiverde SS-ers werden bij de 'politionele akties' mee naar Indonesië gestuurd. Vermoedelijk werd ergens op politiek of militair nivo een beslissing genomen die deze 'rehabilitatie' voor de ex-SS-ers mogelijk maakte. Voor Indonesië-weigeraars is er nooit zo'n rehabilitatie geweest. Henny Zwart, vroeger journaliste van 'de Waarheid', schreef een boek over hen.

Theunis Stelling

Over de Indonesië-weigeraars zijn in het verleden verschillende artikelen en enige doktoraal-skripties geschreven. Een boek verscheen echter pas in 1989. De journalisten Kees Bals en Martin Gerritsen schreven toen voor de Vereniging Dienstweigeraars De Indonesië-weigeraars. Het werk beschrijft de belevenissen van enkele weigeraars en pleit voor eerherstel voor alle 'deserteurs'.
Rehabilitatie is ook de primaire doelstelling van het begin april verschenen boek Er waren er die NIET gingen. De ondertitel - 'vijftien eeuwen straf voor Indonesië-weigeraars' - slaat op de opgelegde en geheel uitgezeten gevangenisstraf voor alle veroordeelden tesamen. Maar daar waar Bals en Gerritsen alleen de geschiedenis van de weigeraars beschrijven, beschrijft Henny Zwart ook het historiese kader waarin de massale desertie plaatsvond. De koloniale geschiedenis komt aan de orde. Een antwoord wordt gegeven op het hoe en waarom van het Nederlandse optreden tussen 1945 en 1949. Het resultaat is een aardig werkje, waarin korte histories beschrijvende hoofdstukken worden afgewisseld met interviews met weigeraars en hun vrouwen.

Tweede Wereldoorlog
Begin maart 1942 werd Nederlands-Indië bezet door Japan. Het Koninklijk Nederlands-Indisch leger (KNIL) werd binnen zeven dagen verpletterend verslagen. Japanse bestuurders namen de plaats van de Nederlandse kolonialen in. Zo'n honderdduizend Nederlanders werden geïnterneerd; dertienduizend Nederlanders kwamen om. De slachting onder de Indiese bevolking was echter vele malen groter. Geschat wordt dat 4 miljoen van hen omkwamen. Het Japanse fascistiese regime was dus een schrikbewind, niet alleen voor de Nederlanders.
Psychologies gezien was voor de Indonesiërs echter de Japanse bezetting een keerpunt: de nieuwe heerser was geen westerling. Een Japanse arbeider vertelde in 1985 hierover: "Geen enkele Indonesische partij was toen pro-Japans. Maar ze wilden desnoods met de duivel samenwerken om van de Hollanders af te komen". Een SDAP-kamerlid konstateerde al in 1939: "Tegenover de Japanner wordt de Indonesiër niet gehandicapt door een gevoel van minderwaardigheid".
Van de Japanse bezetter leerde men, dat de blanke koloniaal niet onoverwinnelijk en niet superieur was. De bezetting werd als een tussenfase ervaren. Nadat Japan verslagen zou zijn, zouden de Nederlanders niet mogen terugkeren. Indonesië zou onafhankelijk worden, hetgeen ook geschiedde. Japan kapituleerde op 15 augustus 1945. Twee dagen later werd de Republik

Indonesia uitgeroepen.
De Nederlandse regering wilde niets van een onafhankelijk Indonesië weten en weigerde met haar leiders Soekarno en Hatta te praten. "Indië verloren, rampspoed geboren" was hier het motto. De Republik Indonesia werd afgeschilderd als een Japans brouwsel, Sukarno was een kollaborateur. De inlandse bevolking zou een krachtdadig optreden tegen de republiek op prijs stellen. Orde en rust, in principe de vooroorlogse situatie, diende hersteld te worden.
Indië gaf de Nederlandse elite status. Hun land was door deze enorme kolonie een wereldmacht, zo dacht men. Nog belangrijker was het ekonomiese belang. Fabrieken, rijstvelden, plantages en olievelden moesten weer in Nederlandse handen komen. De kaitalistiese ekonomie kon na de Tweede Wereldoorlog een steuntje in de rug goed gebruiken. De geleden materiële schade was zeer groot, naar later bleek zo'n 2,5 miljard gulden. Het was met name hierom dat de regering voor oorlog koos.

Politionele Akties
Tussen 1946 en 1949 werden in totaal 120.000 militairen naar Indnesië gezonden. Van hen kwamen er meer dan 6150 om het leven. De Indonesiese verliezen waren veel groter. Naar schatting sneuvelden tussen de 100.000 en 150.000 republikeinen. Intussen probeerde de Nederlandse regering de bevolking hier voor te houden dat er "iets groots" werd verricht. Telefoonleidingen werden hersteld en zwaar verwaarloosde plantages op orde gebracht. En wat waren de 'inlanders' dankbaar voor het Nederlandse optreden.
Door toedoen van kritiese soldaten kwamen er echter ook minder fraaie feiten aan het licht. Al in 1947 verschenen soldatenbrieven in de Waarheid. Het meest bekend geworden feit is het brute optreden van kapitein Westerling en zijn Speciale Troepen tegen de bevolking van Celebes. De Nederlandse regering noemde het een exces. Dat was het niet. De soldatenbrieven geven aan dat wreedheden op grote schaal plaatsvonden.
Op 28 februari 1948 verscheen bijvoorbeeld een brief, waarin onder andere het volgende stond: "Je hebt hier een zogenaamde Inlichtingendienst, die arresteert lui die verdacht worden van verzet of spionage. Nu, dat is op zichzelf zo erg niet, maar nu moeten die lui vertellen over hun vriendjes en of ze nog meer 'ploppers' kunnen aanwijzen; net als bij ons in de tijd van de moffen met de SD. Ze mishandelen de gevangenen op een beestachtige manier. Vanavond hebben ze weer een vent te pakken gehad, die misschien wat wist. Die hebben ze een gat in z'n kop geslagen, daar werd je gewoon beroerd van, zo bloedde dat..."
De meeste oorlogsmisdadigers zijn nooit voor de rechter gedaagd. De krijgsraad heeft slechts 42 militairen voor moord of doodslag veroordeeld. Eén van hen kreeg de doodstraf: een soldaat van Ambon. De overigen kregen gevangenisstraffen variërend van twee tot twaalf jaar. Alle veroordeelden hadden een lage rang. Het hogere kader ontsprong de dans.

Verzet in Nederland
Het is de Nederlandse regering nooit gelukt de hele bevolking achter het militaire optreden te krijgen. In een opiniepeiling gehouden in augustus 1946 bleek dat 42 procent van de ondervraagden niet wilde dat het Nederlandse leger in Indië ging

vechten. Voor het grootste gedeelte zullen de tegenstanders "neen" gezegd hebben, omdat ze de oorlog beu waren. Een kleiner deel was principieel tegen het voeren van een koloniale onderdrukkingsoorlog.
Vlak voor en na de inscheping van het eerste troepentransport op 24 september 1946, was er sprake van massaal protest. Er vonden in Amsterdam grote demonstraties plaats, waartegen de politie hard optrad. Eén demonstrant werd doodgeschoten. Op de dag van inscheping brak eveneens in Amsterdam een staking uit. Tienduizenden haven- en metaalarbeiders, maar ook gemeenteambtenaren namen hier aan deel.
De CPN, die in 1946 bij de Tweede Kamer-verkiezingen tien procent van de stemmen behaalde, voerde samen met haar jeugdbeweging ANJV de verzetsbeweging aan. Ze riepen dienstplichtigen op om de dienst in Indië te weigeren. Later veranderde men van koers. Dienstweigering werd een individuele aktie genoemd en het was beter om onder de soldaten te werken en dus gewoon naar Indonesië te gaan.
Naast CPN en ANJV zetten zich nog vele andere organisaties en aktiegroepen voor de goede zaak in. Eén ervan was de Nederlandse Bond van Militairen (NBM), waarvan het voor Nederlandse militairen in 1946 verboden werd om lid van te zijn. Maar de CPN was de enige politieke partij die zich tegen de Nederlandse Indië-politiek keerde. Anderen moesten hun politieke nest verlaten om strijd te voeren. Hetgeen soms gebeurde. Na de eerste 'politionele aktie' werd de PvdA opgeschrikt door legio bedankjes.

De weigeraars
Toen op 17 september 1946, één week voor uitzending, de eerste ploeg dienstplichtigen zich moest melden, bleek dat 38 procent niet was komen opdagen. Uiteraard veronrustte dit de legerleiding, die via radio-boodschappen met strenge straffen begon te dreigen, zelfs met de doodstraf. Want Nederland had nog geen vredesverdrag met Duitsland en op desertie in oorlogstijd stond de doodstraf...
De dreigementen hielp, want toen daadwerkelijk werd ingescheept, was het aantal wegblijvers nog maar 18 procent. Toch was ook dit percentage nog opmerkelijk hoog, ongetwijfeld een gevolg van de brede stroming, die tegen de oorlog in Indonesië was. Tienduizenden hebben in eerste instantie geweigerd om uitgezonden te worden. Uiteindelijk zetten 4000 dienstplichtigen hun wil door en doken onder. Ongeveer 2600 van hen werden berecht en veroordeeld tot straffen varirend van twee maanden tot vijf jaar celstraf.
Een opmerkelijk feit is dat de uitzending van de eerste dienstplichtigen onrechtmatig was. Artikel 192 van de Grondwet luidde namelijk dat dienstplichtigen niet dan met hun toestemming naar overzeese gebiedsdelen gezonden konden worden. De politiek was bezig met een grondwetswijziging, maar die zou pas in augustus 1947 worden gepubliceerd en rechtsgeldig worden. Uiteraard is getracht om op grond van artikel 192 onder uitzending uit te komen. Dat dit zonder sukses gebeurde, geeft aan hoe het met de rechtstaat Nederland anno 1946 was gesteld. Toen in augustus 1947 het nieuwe grondwetsartikel in werking trad en uitzending zonder toestemming mogelijk werd, zaten al bijna 100.000 dienstplichtigen in Indonesië.
Iedere weigeraar had zijn eigen motieven om niet te gaan. Of

het nu religieuze, politieke of puur persoonlijke (angst!) redenen waren, het maakte voor de Nederlandse overheid niet uit. Desertie moest keihard worden aangepakt. Persoonlijke omstandigheden en het tijdstip waarop de weigeraar nog gepakt werd, waren bepalend voor de strafmaat. Nog in 1957 werd een onderduiker opgepakt en tot vier maanden celstraf veroordeeld!
Hoewel langdurig onderduiken geen pretje was, zijn degenen die nog tijdens de oorlog werden opgepakt, het slechtst af geweest. Zij konden namelijk terechtkomen in het depot Nazending Schoonhoven, dat in 1947 door de legerleiding was opgezet, niet alleen omdat de gevangenissen te vol zaten, maar ook om de Indonesië-weigeraars een speciale behandeling te geven. Men wilde er de oorzaken van desertie wegnemen om daarna de rekruten alsnog naar Indonesië te sturen. De weigeraars kregen drie maanden de tijd om van hun 'dwaling' terug te keren. Geen intimidatiemiddel was de leiding van het tuchtkamp te dol. Eén weigeraar kreeg zo een brief van zijn ouders, die in werkelijkheid bleek te zijn geschreven en ondertekend door een militair. De inhoud van dit schrijven laat zich raden... Bij velen heeft de heropvoeding er inderdaad toe geleid dat zij alsnog 'vrijwillig' naar Indonesië vertrokken.
Zij die ook Schoonhoven doorstonden konden kennismaken met de sfeer in de Nederlandse gevangenissen. Daar kwamen zij te zitten tussen mensen, die tijdens de Tweede Wereldoorlog fout waren geweest. Wat opviel was, dat deze NSB-ers en SS-ers beter behandeld werden dan zijzelf. Ook kwamen zij vaak eerder vrij. Velen kregen graite. Dat zat er voor de Indonesië-weigeraars niet in, omdat zij nooit spijt hadden van hun handelen.
Na de celstraf was er dan nog de problematiese terugkeer in de samenleving. Het zoeken naar werk en woning viel dan niet mee. Want wie wilde er nu een ex-gevangene, die geweigerd had om naar Indonesië te gaan, in dienst nemen? De Indonesië-weigeraars hadden immers aan de 'verkeerde' kant gestaan...
Dit en vele andere informatie maakt het boek van Henny Zwart interessant voor wie weinig over deze periode weet. Maar veel nieuwe feiten biedt het niet. Jammer is dat het boek weinig statistiese gegevens bevat. Nam het aantal weigeraars per troepenzending gedurende de periode 1946-1949 toe of af? Hoeveel mensen hebben in totaal in Schoonhoven gezeten en hoeveel van hen hebben hun aktie doorgezet? Zulke vragen worden niet beantwoord.

Henny Zwart, Er waren er die NIET gingen; vijftien eeuwen straf voor Indonesië-weigeraars. Stichting Solidariteit, Amsterdam 1995.

Grenzeloos nr. 107
Dolle Mina
Ab Menist
Recensie ‘Gebroken vitrines’
Een pen als wapen
Meer artikelen...
Nieuws & actueel
De weg is lang
[22-07-2010] Dat de weg naar een strijdbare vakbeweging nog lang is, mag duidelijk zijn, nu op 14 juli 2010 de FNV het poldergedrocht AOW en pensioen definitief heeft goedgekeurd. Het enige lichtpuntje is het feit dat de FNV opnieuw als harde voorwaarde heeft gesteld, dat het kabinet het in zijn geheel moet overnemen.
Lees meer
Pensioenakkoord rampzalig voor werknemers
Op 4 juni jl. sloten de vertegenwoordigers van vakbonden en werkgevers een pensioenakkoord. Bijna ongemerkt, want de aandacht van de media richtte zich vooral op de parlementsverkiezingen en het WK voetbal....
FNV Vecht voor je Recht
Archief nieuwsberichten ->
International Viewpoint

International Viewpoint is het maandelijkse engelstalige magazine van de Vierde Internationale. De SAP is aangesloten bij deze internationale organisatie. IVP geeft een blik op radicale alternatieven wereldwijd; nieuws, analyse en debatten vanuit alle delen van de wereld.

IV425 - June
Indonesia - The politics of the poor – socialism in Indonesia
Greece - "When injustice becomes the law, resistance is a duty!"
Morocco - For a broader solidarity against political repression in Morocco
Thailand - Launch of an Appeal against Repression in Thailand
Climate Change - Cochabamba Summit of the Peoples: Some critical comments on the Final Declaration
China - What is China’s interest in Latin America?
Netherlands - Opposition victory in Dutch public sector union
Fourth International/Palestine - Gaza Flotilla attack: end impunity for Israel’s crimes!

IV424 - May
Obituary - A vibrant internationalist, feminist and revolutionary voice has fallen silent: Denise Comanne (1949-2010)
The Netherlands - Islamophobia sets the terms
USA - Race & Class: Obama & the Politics of Protest
Food Crisis - Who decides what we eat?
Thailand - Thailand: a bloodbath and afterwards?
Pakistan - A look at the experience of the LPP and the Pakistani Left
Hong Kong - Bye-election returns Pan-Democrat Council Members
Thailand - A point of no return
Fourth International/Thailand - Repression against the Redshirts must cease immediately
Economic crisis - Fiscal crisis or a crisis of distribution
Europe - Statement on the European crisis
Kyrgyzstan - Popular insurrection opens new page of history
Kazakhstan - The current state of the trade union movement in Kazakhstan
France - The situation in France after the regional elections of March 2010
Pakistan - A workers' election campaign against feudalism and capitalists
Britain - No to cuts, yes to proportional representation
Climate - Cochabamba points the way
Russia - The workers’ and trade-union movement in 2009: consolidation and dispersion
Britain - Resist government by the rich, for the rich