[Startpagina] [Wat is de SAP] [Meer info] [Webwinkel] [Zoeken & archief] [Links] [Internationaal] [Email]
Losse artikelen | nummer 2008 |
Hoe feministisch is het nieuwe Latijns-Amerikaanse links?
Sujatha Fernandes 04-10-2007

Na de verkiezing van verschillende linkse regeringsleiders in Latijns-Amerika komt ook de kwestie van de positie van vrouwen hoger op de publieke agenda te staan. Hugo Chávez noemde Venezuelaanse vrouwen 'revolutionaire moeders', Evo Morales presenteert Boliviaanse vrouwen als vechters en Michelle Bachelet committeerde zichzelf aan gelijkheid tussen man en vrouw in Chili. Met de opkomst van deze gematigde en linkse leiders zijn vrouwen in de spotlights komen te staan. Maar wat is het effect van deze toegenomen belangstelling op de levens van vrouwen met diverse klasse en etnische achtergronden en op de kansen die zij hebben? Waarin verschillen de meer radicale en linkse leiders van de kopstukken van centrum-links in hun aanpak wat betreft vrouwenrechten?


De verhouding tussen vrouwen en revolutionaire bewegingen is tegenwoordig heel anders dan die in de post-revolutionaire omstandigheden van Cuba in jaren zestig of Nicaragua in de jaren tachtig. Toentertijd creëerden politieke leiders vrouwenorganisaties die als deel van een breder project van het opbouwen van een staat vrouwenrechten en belangen moesten verdedigen. Vrouwen uit alle klassen waren lid van organisaties als de Federatie van Cubaanse Vrouwen en de Luisa Amanda Espinoza Vereniging van Nicaraguaanse Vrouwen. Organisaties als deze speelden een belangrijke rol in het op de agenda zetten van ongelijkheid tussen mannen en vrouwen maar vrouwenbelangen waren vaak van ondergeschikt belang vergeleken met de meer algemene politieke doelen van nationale eenheid en ontwikkeling.

In tegenstelling tot deze situatie zien we nu dat onder linkse regeringen in Latijns Amerika de staat geen massa-organisaties voor vrouwen opzet. Na zijn aantreden creëerde Lula Inacio da Silva het Speciale Secretariaat voor Vrouwenbeleid maar dit is slechts een adviesorgaan, niet een massa-organisatie. Morales redeneerde tegen wat hij zag als het segegreren van voruwenbelangen door het creëren van aparte organisaties voor vrouwen in Bolivia en zette in plaats daarvan het Vice-Ministerium voor Gender en Generaties op binnen het ministerium van justitie. Met een presidentieel decreet creerde de Venezuelaanse regering een nieuw Nationaal Instituut voor Vrouwen, bekend onder de naam INAMujer. INAMujer werkt samen met vrouwen uit de barrio's, de arme sloppenwijken, maar in tegenstelling tot haar tegenhangers in revolutionair Cuba of Nicaragua heeft deze organisatie geen massa-aanhang. INAMujer controleert vrouwen groepen als de Bolivariaanse Krachten (Fuerzas Bolivarianas) en de Ontmoetingspunten (Puntos de Encuentro) maar geen van beide heeft werkelijk succes gehad in het organiseren van vrouwen. Net zo min hebben vrouwen autonome organisaties gecreëerd zoals gebeurde tijdens de revolutie in El Salvador met de Vrouwen voor Waardigheid en Leven (Mujeres por la Dignidad y la Vida) of de Moeders van het Plaza de Mayo in Argentinië. Er bestaan organisaties als het radicale Vrouwen Scheppen (Mujeres Creando) in Bolivia maar zij zijn er niet in geslaagd hun boodschap over te brengen naar een breder publiek.

Misschien dat sommige van de verschillen tussen vroegere revolutionaire bewegingen en het nieuwe linkse tij herleid kunnen worden naar de opkomst van de feministische beweging in Latijns Amerika. Deze beweging maakte in jaren tachtig en negentig dankzij internationale contacten, conferenties en netwerken een sterke groei door. Het is nu minder makkelijk om vrouwen te winnen voor massa-organisaties omdat veel feministes hun eigen identiteit willen behouden en de verworvenheden van hun beweging willen onttrekken aan leiding door mannelijke, populistische leiders. In sommige gevallen hebben feministische organisaties gefungeerd als lobbygroepen om hun stem hoorbaar te maken voor linkse leiders. In Venezuela ijverden vrouwen voor de verkiezing van pro-feministische kandidaten in de nieuwe Grondwetgevende Vergadering welke Chávez in 1999 bij elkaar riep. Ze lobbyden ook voor het aannemen van artikelen over seksuele en reproductieve rechten in de nieuwe grondwet die in 1999 per referendum werd aangenomen. Maar tegelijkertijd zijn de meeste georganiseerde feministes die werkzaam zijn in de staat vooral afkomstig uit de middenklasse en hebben ze weinig banden met vrouwen uit de lagere klassen. De verandering in het Latijns-Amerikaanse feminisme, van massa-organisaties - vaak met een socialistische oriëntatie - naar kleine, professionele clubs van vrouwen heeft zijn oorzaak in de rol van internationale stichtingen en NGO's, vooral rond de tijd van de Vierde Wereld Vrouwen Conferentie in Peking in 1995. Internationale bewegingen en gebeurtenissen werkten als een katalysator voor nieuwe perspectieven op gender en feminisme maar introduceerden ook een logica van lobbyen. Een logica die dominant werd in de opkomende feministische bewegingen en vrouwen afleidde van breder, activistisch werk. Internationale ontwikkelingsorganisaties werkten voor een draai richting 'gender sensitiviteit' en 'trainingen in gender perspectieven' waarin bewustzijn van gender gezien word als een techniek die geleerd moet worden van professionals en niet als het product van ervaring opgedaan in sociale strijd.

In plaats van zich aan te sluiten bij feministes uit de middenklasse of bij door de staat opgezette organisaties werken vrouwen uit de lagere klassen, de inheemse gemeenschappen en de barrio's samen met mannen in lokale gemeenschapsorganen, organisaties waarvan sommige al een lange geschiedenis hebben. In Bolivia speelden vrouwen in de mijnbouw een belangrijke rol in de bewegingen tegen het militaire bewind in de jaren zeventig. Vrouwen uit de lagere klassen en inheemse gemeenschappen zijn georganiseerd in de Bartolina Sisa Federatie van Boerenvrouwen en lokale comités en raden die gevormd werden in de bewegingen tegen water en aardgas privatisering. Cocaleras (vrouwen die coca verbouwen) hebben zichzelf georganiseerd in vakbonden om hun recht om coca te verbouwen te verdedigen. In Brazillie bestaan er coalities van zwarte vrouwen die een belangrijke rol spelen in de beweging van landloze arbeiders, de MST. Eén van de slogans van de MST is 'creëer nieuwe gender-relaties, weersta machtsverhoudingen'. In Venezuela, tijdens de guerrilla van de jaren zeventig, de strijd tegen stedelijke omvorming in de jaren zeventig en de hongerstakingen in de jaren tachtig waren vrouwen uit de barrio's nauw betrokken bij mannen in gemeenschapsactivisme. Netwerken uit deze tijd worden nu door vrouwen gebruikt als zij deelnemen aan de sociale programma's van Chávez zoals, soepkeukens en alfabetiseringscampagnes. Inheemse vrouwen in gebieden als Zulia zijn al lange tijd betrokken in de strijd voor het behoud van hun natuurlijke hulpbronnen en voorziening van levensmiddelen, een strijd die onder Chávez doorgaat.

Ondanks dat veel arme en inheemse vrouwen actief zijn op een lokaal niveau en betrokken zijn bij bij campagnes die buiten de staat plaatsvinden idenitificeren vele van hen zich sterk met overheidsprogramma's en leiders als Chávez en Morales. Arme activistes ontlenen zelfrespect aan de nadruk die deze kopstukken leggen op het belang van de lagere klassen als een motor voor sociale verandering. De zwarte en mestiza vrouwen op de billboard die de overheidsprogrammas in Venezuela bekend maken staan in scherp contrast met de advertenties voor Polar bier die in overal in de stad te zien zijn; hierop staan sterk geseksualiseerde vrouwen, met Europese gelaatstrekken en lang, blond haar, gekleed in weinig verhullende bikini's afgebeeld. Chávez en Morales spreken met genegenheid over vrouwen en refereren naar hen in liefhebbende termen, als leden van hun familie. In interviews in Venezuela hoorde ik vaak vrouwen uit barrio's vertellen dat Chávez deels te danken was voor hun rol in politieke bewegingen. Maar tegelijkertijd hoorde ik hen hem vaak bekritiseren, het met hem oneens zijn op televisie en in sommige gevallen zelfs proberen hem te benaderen tijdens publieke bijeenkomst om hem persoonlijk hun grieven mee te delen.

Op het meer gematigde eind van het spectrum zijn de ervaringen anders. Daniel Ortega in Nicaragua en Michelle Bachelet zijn allebei aan de macht gekomen als partners in een coalitieregering met conservatieve fracties en bovenal hebben zij nauwe banden met de clericale hiërarchie van de katholieke kerk. Ooit waren Ortega's Sandinista Nationaal Bevrijdingsfront (FLSN) en Bachelet's Socialistische Partij tegenstanders van de Katholieke kerk maar in de jaren negentig, onder het motto van 'verzoening', begonnen deze partijen hun banden met de kerk te herstellen. Vlak voor de verkiezingen van 2006 in Nicaragua spraken Ortega en zijn vrouw Rosario Murillo zich uit tegen aborties die bedoelt zijn om een gezondsrisico voor de vrouw te vermijden.

Op vergelijkbare wijze heeft een decennium van centrum-linkse Concertación regering in Chili tot een conservatieve houding wat betreft seksuele en reproductieve rechten geleid. Bachelet heeft in het verleden delen van dit beleid gesteund maar tegelijkertijd heeft ze zich openlijk uitgesproken voor gelijkheid tussen man en vrouw. In haar acties mag ze dan wel minder ver gaan dan leiders als Chávez en Morales maar ze is ook een sterke voorstander van een debat over dit soort kwesties.

De positie van Michelle Bachelet werpt de heikele kwestie van vrouwelijk leiderschap in het nieuwe links, en Latijns-Amerika in het algemeen, op. Op een muur in La Paz, Bolivia staat een graffiti: 'Er zal geen Eva komen uit Evo's rib'. Maar het is niet alleen een kwestie van vrouwen in hoge, officiële posities maar ook van hun rol in het dagelijkse gemeenschapsactivisme, inheemse bewegingen en vakbonden. Alhoewel vrouwen vaak een centrale rol spelen in deze bewegingen hebben ze niet altijd leidende posities ingenomen. Tijdens mijn werk in Venezuela zag ik dat vrouwen de meerderheid vormden van de activisten in soepkeukens en gezondsheidscomités maar dat de leiding vaak in handen was van een of twee mannen. Dit is nu aan het veranderen en naarmate kwesties als gelijkheid tussen de seksen en leiderschap worden bediscussieerd in raadsbijeenkomsten, collectieven en comités nemen vrouwen meer leidende posities in. Maar deze verandering moet gepaard gaan met een verandering in de arbeidsdeling tussen de seksen zodat vrouwen niet de driedubbele last van huiswerk, loonarbeid en activisme hoeven te dragen.

Dit artikel verscheen eerder in Z Mag

Grenzeloos nr. 99
‘Vragen maakt alle verschil’
Helden maken verschrikking dragelijk
Een Nederlands bloedbad
Vrouwen in het tijdperk van globalisering
Meer artikelen...
Nieuws & actueel
2 december, 20.00 uur, Amsterdam: debat over de toekomst van Europa, neoliberale superstaat?
[30-11-2008] Een debat over de toekomst van Europa met Willem Bos (Ander Europa), Sjerp van der Vaart (Directeur Bureau Europees Parlement), Cornelis Visser (Lid Europarlement CDA). Voorzitter: Matthijs Lok (docent Moderne Europese Geschiedenis, UvA). Aanvang 20.00 uur. Lokatie: CREA Theater, Turfdraagsterspad 17. Toegang gratis. Organisatie: Stichting Crea en SES.
Lees meer
4 december, 20.00 uur, Utrecht: Debat over crisis
[27-11-2008] Een BASTA-debat over de wereldwijde economische crisis met onder andere Rodrigo Fernandez (UvA) en Willem Bos (Attac Nederland en redacteur van Grenzeloos). 20.00 uur in de Kargadoor, Oudegracht 36, Utrecht.
Lees meer
13 december, Amsterdam: Conferentie Links en de Crisis
[25-11-2008] Op zaterdag 13 december organiseren Vóór de Verandering, XminY Solidariteitsfonds, TNI, Ander Europa en Klasse! daarvoor een conferentie over Links en de crisis in Amsterdam. 11.00 tot 18.00 uur, HTIB, 1e Weteringplantsoen 2c, Amsterdam.
Lees meer
Archief nieuwsberichten ->
International Viewpoint

International Viewpoint is het maandelijkse engelstalige magazine van de Vierde Internationale. De SAP is aangesloten bij deze internationale organisatie. IVP geeft een blik op radicale alternatieven wereldwijd; nieuws, analyse en debatten vanuit alle delen van de wereld.

IVP 406 - November
Fourth International - Taking the measure of the crisis
Review - The Communist Manifesto 160 years later
Debate - Revolution and the party in Gramsci’s thought
France - Toward the Foundation of a New Anticapitalist Party
France - The New Anti-capitalist Party shakes up the left
France - The NPA, a new experience of building an anti-capitalist party
United States - Barack Obama: A Campaign with Issues
United States - Barack Obama’s Dual Mandate
Economic crisis - "The climatic crisis will combine with the crisis of the capital…"
Economic crisis - Toxic capitalism
Economic crisis -
"The crisis is combining with the climate and food crises"

IVP 405 - October
Philippines -
The Unfortunate Collateral Damage in the name of Peace
Environment - Consecrated with the Nobel Prize, the IPCC sees its recommendations kicked into the long grass
European Union - 65 hours? We can stop them!
European Social Forum - Looking for a second wind
Fourth International - 70 years ago: the founding of the Fourth International
Peru - Hugo Blanco arrested for supporting farmers' struggle
Peru - "I promise to keep fighting until my last breath"
Economy - Their Crisis, Our Consequences
Third World - Is Another Debt Crisis in the Offing?
Bush’s War Widens Dangerously - Pakistan on the flight path of American power


Mijn reactie op dit artikel ...
Naam:
Email adres:
Reactie:
De inhoud van reacties vallen niet onder verantwoordelijkheid van de Grenzeloos-redactie. Bijdrages van lezers met een sexistische of discriminerende inhoud worden van de Grenzeloos site verwijderd. De schrijver (indien bereikbaar) van de reactie krijgt bericht van de verwijdering.