|
Bankiers en hun min of meer zelfstandig handelende vertegenwoordigers in de regering proberen natuurlijk om de crisis te benutten om de openbare kas te plunderen en door de opkoop van 'toxic debts' in een grote pedaalemmer te veranderen. De banken moeten nu opeens met openbare middelen levensvatbaar worden gehouden. Hoe erger de 'financiële tsunami' – om de term van de voormalige chef van 's werelds grootste verzekeraar American International Group, Martin Sullivan, te gebruiken – hoe meer publieke middelen er blijken te zijn. Maar waar komt de 700 miljard dollar die in Amerika twee weken lang het onderwerp van hevige strijd was vandaan? 'Het is niet gebaseerd op concrete data, we wilden gewoon een zeer groot getal hebben', verklaarde een medewerkster van de Amerikaanse schatkist. De staat smijt met geld, that's all. Verdedigers van de neoliberale economie hebben de mond vol van 'falend toezicht', 'ongelukken' en van hoe de crisis het systeem reinigt. Ze huilen krokodillentranen en wassen hun handen in onschuld. 'Ik ben er al sinds lange tijd van overtuigd dat de regering te laks is... De huidige crisis was verder te vermijden geweest. De oorzaak is niet een fundamentele fout in het kapitalisme maar de gebrekkige regulering van het Amerikaanse financiële systeem. Ik heb dat nooit voor gezond gehouden', zo verklaarde Hans-Werner Sinn, hoofd van het Duitse Center for Economic Studies. Of; 'We weten toch allemaal dat deze extreem hoge salarissen ons geen vrienden opleveren', aldus Hilmar Kopper, bankmanager en voormalig woordvoerster van de Duitse bank. Echt heel jammer dat. Wat er nu gebeurt is niet de schadeloosstelling van de mensen die daadwerkelijk hun bezit zijn kwijtgeraakt, er wordt geen openbaar geld uitgegeven aan de openbare infrastructuur of aan zinvolle gemeenschappelijke voorzieningen. Spaarders en bejaarden die met de ineenstorting van de financiële markt ook hun persoonlijke voorzieningen voor de oude dag ineen zien tuimelen worden niet geholpen. Amerikaanse pensioenfondsen hebben in de afgelopen 15 maanden meer dan 2 biljoen dollar aan waarde verloren. Dat betekent dat wie nog werk heeft langer en voor minder geld moet werken en wie geen werk heeft sneller en dieper in de ellende raakt. Rond één derde van de belegde vermogens ter wereld steekt in de pensioenfondsen, aldus Michael Schlecht in de Frankfurter Rundschau van 9 oktober. Fundamenten van de crisispolitiekDe huidige crisispolitiek heeft vier fundamentele kenmerken. Ten eerste hebben oude ideologieën de prioriteit. De herverdeling waarover gesproken wordt is grotendeels schijn. De wereld moet op z'n kop blijven staan, investeerders en winsten blijven dus voorrang krijgen. Dat moet alleen beter verpakt worden. Het tweede grote idee is de bevordering en garantie van door de financiële markt gedreven welvaartsaccumulatie door middel van verzekeringen van liquiditeit en zuivering van de markt van 'vergiftigde' waardepapieren. Als er genationaliseerd moet worden, dan met het doel van herfinancieren zodat het afglijden richting bankroet gestopt kan worden. De financiële markt is van 4 biljoen in 1980 opgezwollen tot meer dan 100 biljoen, het bespelen ervan werd de meest gevraagde vaardigheid in de wereldeconomie. En nu gaat het erom naast de 'zelfregulering' de neoliberale financiële economie ook door een sterker overheidsingrijpen te controleren. Er moeten regels zijn, daar is – bijna – iedereen het over eens. Maar de regels zijn niet zonder doel, ze moeten de eigenaren helpen rijker te worden. Als de Frankfurter Allgemeine Sonntagszeitung 'De staat red het kapitalisme' kopt, gaat het eigenlijk om het mobiliseren van de staat voor de reorganisatie van een in chaos verkerend neoliberalisme. Reorganisatie door middel van reddingsfondsen, nationalisatie, overnames van verliezen, borg staan en regulering. Hoezo is dit een terugkeer van de staat? Was deze dan ooit echt weg? In geen geval en deze keer moet de staat het vrije markt fundamentalisme komen redden. Het derde, steeds meer naar de achtergrond geschoven punt is het veilig stellen van de macht van de financiële markten en haar representanten. Ondertussen is een aanzienlijk deel van de wereldwijde heersende klasse behoorlijk nijdig over de ramp waar de snelle jongens van de financiële sector hen mee hebben opgezadeld – sinds 1989 heeft niemand zoveel zand in de kapitalistische machine gestrooid als de fonds-jongleurs en hedge funds-acrobaten. De manieren waarop verschillende regeringen de financiële markt proberen te waarborgen verschillen sterk. De Duitse en Britse regeringen kiezen voor een zo zwak mogelijke interventie; gedeeltelijke overname zonder controlemogelijkheid. In de woorden van de Britse minister van financiën; 'We nationaliseren de banken niet en we willen ook geen publieke controle over de banken.' Deelname zonder stemrecht dus. Opnieuw blijkt dat deze politieke klasse een dienende klasse is. Slechts een handjevol miljardairs onder hen, zoals Blumberg, Berlusconi of Dassaul, behoort tot de echte heren. En tenslotte moet natuurlijk alles zo aangepakt worden dat de samenleving de politiek netjes blijft steunen. 'Ook de stabiliteit van de politieke orde werd bedreigt', zo schreef de Frankfurter Allgemeine Zeitung op 14 oktober, 'De wereld stond aan de afgrond van een algemeen onvermogen om te betalen'. Het einde van Wall Street zoals wij het kennenTot nu toe lijkt het verzekeren van de voorgang van winsten en investeerders goed te lopen. Ook de sterke staatshand is onderweg en zal nog wel luidkeels uitgenodigd worden. In de globale kapitalistische elite is er een hevige strijd gaande over de kwestie van overheidsingrijpen maar het einde van Wall Street zoals wij het kennen is duidelijk. De structuur en concentratie van het Amerikaanse bankkapitaal heeft zich sterk gewijzigd en de Aziatische banken hebben hun positie in het internationale financiële systeem sterk verbeterd. Dat de Amerikaanse dollar zijn karakter als waarborg verliest is een stuk waarschijnlijker geworden. Nog waarschijnlijker is het dat de financiële crisis de looptijd van een uitzonderlijke, zeer riskante en dramatisch a-sociale variant van het kapitalisme sterk verkort heeft. Sinds 2006/2007 zijn centrale elementen van het vrije markt-fundamentalisme – banken, investeringsmaatschappijen, financiële fondsen – tot en met economische ministeries en de overheidsbanken steeds meer uit de pas gaan lopen. De kredietmarkten hielden ermee op, de banken staakten het wederzijds verlenen van krediet, internetbanken werden duurder. En bovenal brokkelde de financiering van ondernemingen af. Dit raakte het hart van het financiële systeem; tot dan ging het om crises, niet om ineenstorting, zelfs niet als meer dan twee biljoen dollar aan fictief kapitaal vernietigd werd. Maar deze crisis is nog op steeds op weg om met een zoals die in 1929 te kunnen concurreren. De voornaamste oorzaak van de crisis in de Verenigde Staten – huishoudens en een financiële sector die in het rood staan - is tot nu toe nauwelijks aangepakt. In september was de totale schuldenlast, welke bij het aantreden van Bush 5,7 biljoen dollar bedroeg, gegroeid tot meer dan 10 biljoen – en dat is nog voor het reddingsplan. Het begrotingstekort van de VS steeg tussen 2006 en 2007 van 162 miljard tot 455 miljard. Schattingen voor 2009 liggen tussen de de 750 miljard en een biljoen, zo schreef de Frankfurter Allgemeine Zeitung. De komende jaren zal crisismanagement nog volop het beeld beheersen. Parallel daarmee zal er met de opbouw van een nieuwe structuur voor van de financiële sector worden begonnen, een re-regulering dus. Bepaalde praktijken als verreikende hegdefunds en de handel in derivaten die in de tussentijd praktisch opgeschort zijn, zullen terugkeren in de nieuwe structuur. De oude, liberale (non-)interventie is ten einde. De markt zal in toenemende mate door de politiek vorm worden gegeven. Staatseigendom zal in waarde toenemen – of, en in welke mate, het kenmerken krijgt van openbaar of publiek bezit zal afhangen van de strijd om het sociale en politieke karakter ervan. De om zich heen grijpende financiële crisis lokt steeds heviger overheidsingrijpen uit dat, in tegenstelling tot het tijdperk van het vrije markt fundamentalisme, nu ook momenten van herverdeling naar onderen oproept. Het dictaat uit het verdrag van Maastricht over begrenzing van de staatsschuld werd binnen luttele weken ter zijde geschoven. Maar er blijft één fundamenteel probleem bestaan; vooral grote Amerikaanse banken zijn te groot om ze, zoals gebeurde met Lehmann Brothers, om te laten vallen maar ze hebben ook zo'n omvang dat ze niet gered kunnen worden zonder een overheidsbankroet te riskeren. Einde van een tijdperkEn de positie van de VS? Er zijn nog drie pijlers waarop het Amerikaanse imperium rust; de financiële markt, die met sprongen afneemt, de militaire macht - de VS is sinds 1945 onbetwist de grootste militaire macht maar politiek nemen de kosten van de inzet van deze macht steeds verder toe - en ten slotte de binnenlandse, honderd jaar oude consumentenmarkt; een markt waarin de Chinese concurrenten dagelijks terrein winnen. Uit het barsten van de dot-com bubbel kwamen de ontroerend goed en krediet-bubbels voort en deze bleken geen nieuwe mogelijkheden voor kapitaalaccumulatie te bieden. De vooruitzichten voor het Amerikaanse imperium worden slechter. John Gray schreef in de Guardian van 28 september dat 'het tijdperk van de wereldwijd leidende rol van de VS, begonnen na de tweede wereldoorlog, voorbij is'. Hoe kan links de zelfmoordkoers van blind vertrouwen in overheidsingrijpen vermijden? Hoe kan links de praktische verschillen tussen haar agenda en het huidige overheidsingrijpen duidelijk maken? Tot nu toe pleit links voor een sterker ingrijpen in de financiële markt en de grootschalige herverdeling van welvaart naar onder. Maar een radicale realpolitiek mikt op meer; op garantie van de sociale infrastructuur en wereldwijde sociale rechten. Als er miljarden zijn om de financiële markten te garanderen, kan ook de sociale gelijkheid gegarandeerd worden. Rainer Rilling onderwijst sociologie aan de Universiteit van Marburg. Dit artikel verscheen eerder in de Sozialistische Zeitung Zie ook: dossier antikapitalisten over de crisis |