|
Zou je om te beginnen kunnen vertellen over je politieke en artistieke ontwikkeling? In januari 1967 werd ik lid van de Black Panter Party (BPP), ongeveer drie en een halve maand nadat deze was opgericht door Huey Newton en Bobby Seale. In die tijd was ik actief in de Black Artists movement en in San Francisco bezocht ik allerlei culturele activiteiten. Ik maakte decorstukken voor straattheater van Amiri Baraka (LeRoi Jones). Activisten uit de buurt kwamen op een dag op het idee om de weduwe van Malcolm X uit te nodigen om te komen spreken. Tijdens de voorbereiding van de bijeenkomst werd gesproken over het belang van een ordedienst – het waren Huey Newton en Bobby Seale die deze toen georganiseerd hebben. Ik wilde meedoen met hun activiteiten. Ik ging op bezoek bij Huey en Bobby, zij stelden me voor aan andere mensen en op die manier ben ik lid geworden van de BPP. De situatie in het land was toen gespannen, er bestond veel frustratie over politiegeweld en discriminatie. Zag je de organisatie als een militaire organisatie? Je spreekt immers over een ordedienst? Het ging om zelfverdediging. Een panter valt niet zomaar aan maar als het met de rug tegen de muur staat verdedigt het zichzelf. Daarom noemde de organisatie zich voluit de Black Panther Party for Self-Defense. We streden tegen problemen als de invloed van het leger en de wapenindustrie op de samenleving of werkeloosheid en gebrekkig onderwijs. Sommige van die kwesties spelen nog steeds! Maar waarom werd je juist van deze organisatie lid? Black Power kwam op als een uiting van het verlangen naar zelf-beschikking voor zwarten in de VS. Huey en Bobby hadden net zoals veel andere leden van de BPP heldere opvattingen over de strijd die daarvoor nodig was. We kwamen in verzet tegen problemen die we elke dag in onze eigen gemeenschappen konden zien, dezelfde kwesties als waarmee andere arme en achtergestelde mensen mee te maken hadden. De meeste onderdrukking in VS was het werk van blanken en je kon je dus voorstellen dat blank zijn, rechts en racistisch betekende te zijn. De Panthers legden echter voortdurend uit dat ze geen hekel hadden mensen met een bepaalde huidskleur, maar aan slecht onderwijs, werkeloosheid, et cetera. De BPP was in staat om dit soort dingen duidelijk te naar voren te brengen. Als we met in coalities samenwerkten bleken er al snel mensen buiten de zwarte gemeenschap te zijn die met dezelfde problemen worstelden. Hoe zie jij je artistieke werk met betrekking tot de ontwikkeling van de organisatie? Mijn werk gaf de politieke oriëntatie van de BPP weer. Kun je ons vertellen hoe je een artiest werd voor de partij? Voor ik als artiest ging werken nam ik al deel andere activiteiten van de Black Panthers. Er was een cultureel centrum, het Black House. Eldridge Cleaver, schrijver van Soul on Ice en later een leider van de BPP, woonde daar en we hielden er meerdere culturele evenementen. Zwarte dichters die betrokken waren bij de Black Arts movement als Amiri Baraka en Sonia Sanchez kwamen over de vloer. Bobby Seale werkte er een avond aan het eerste nummer van de krant van de BPP. Ik stelde voor om oud illustratiemateriaal dat ik nog had te gebruiken. Tot mijn verbazing vroegen ze om als ‘revolutionair artiest’ voor de krant te gaan werken. Ik werkte mee vanaf het het tweede nummer van de krant, geloof ik, tot het laatste nummer in 1978 of 1979. Dat is interessant, want het beeld bestaat vaak dat de organisatie ten einde komt in het begin van de jaren zeventig... Dat denken mensen vooral vanwege de door COINTELPRO, een geheime politie operatie, geprovoceerde splitsingen in de partij. Maar we zijn tot eind jaren zeventig doorgegaan. Wat was de relatie tussen de Panthers en de eerdere burgerrechtenbeweging, het Student Nonviolent Coordinating Committee? Dat waren onze helden. Zij waren de meest vastbesloten activisten in de strijd voor zwarte burgerrechten in het zuiden van de VS. Het symbool van de zwarte panter hebben we ontleend aan het SNCC. In Alabama was de Democratische Partij extreem racistisch en zij gebruikten op stembiljetten een symbool van een haan zodat analfabete blanken op hen konden stemmen. Dat bracht zwarten op het idee om ook een symbool te kiezen. De zwarte panter werd gekozen zodat zwarten zouden weten waarop te stemmen. Er was ook een organisatie met de naam Deacons for self-defense die activisten en gemeenschappen beschermde tegen de Ku Klux Klan. Zij gebruikten hetzelfde symbool. Toen de SNCC zich ontbond namen wij met hun toestemming het symbool over. Wat inspireerde je het meest als artiest?Dat ik voor de gemeenschap werkte. Ik ben er blij om dat ik een impact heb gemaakt maar toentertijd zag ik mijn werk gewoon als het leveren van mijn bijdrage. Ik wilde de ideeën van de organisatie verspreiden en de gevoelens in de zwarte gemeenschap tot uitdrukking brengen. Maar ik wilde ook kwesties die breder waren dan de zwarte Amerikaanse gemeenschap aankaarten. Veel van je werk gaat over de oorlog in Vietnam en de impact daarvan op Amerikaanse zwarten. Was dat een bijzonder belangrijk thema voor de partij? Het was inderdaad een belangrijke kwestie. We waren volledig deel van de beweging tegen de oorlog. We demonstreerden bij de recruteringscentra van het leger, samen met dienstweigeraars en soldaten die zich tegen de oorlog keerden. We gingen naar Canada en Scandinavië waar veel dienstweigeraars en gevluchte soldaten waren en stuurden we een delegatie naar Noord-Vietnam toen die ons uitnodigden. We organiseerden ook informatiebijeenkomsten voor soldaten over wat je kon doen om niet uitgezonden te worden. We verzetten ons met hand en tand tegen de oorlog. Werd je zelf opgeroepen voor militaire dienst? Ja, maar ik ben niet gegaan. Als ik me slecht gedroeg toen ik klein was zei moeder, net zoals andere zwarte moeders; ‘als je je niet beter gedraagt moet je het leger in!’ Dat was nog voor de oorlog in Vietnam. Tijdens verschillende tests voor het leger gedroeg ik me idioot zodat ik afgewezen zou worden. Maar een keer werd ik toch geschikt bevonden! Eigenlijk had ik moeten gaan. Ik deed toen alsof ik moeite had met lopen en werd toch afgewezen. Wat was volgens jou de meest belangrijk periode van de BPP? Je kunt zeggen dat het hele bestaan van de organisatie belangrijk was. In het begin organiseerden Bobby Seale en Huey Newton burgerpatrouilles om politiegeweld in de gaten te houden, later organiseerden we gratis ontbijtprogramma’s voor kinderen, sociale programma’s, gezondheidszorg, educatie over burgerrechten en alternatieve scholen. Later begaven we ons ook in de electorale politiek. De eerste zwarte burgermeester van Oakland heeft gezegd dat hij dankzij de BPP gekozen is. Barbara Lee, het enige congreslid dat zich tegen de oorlog in Irak keerde, werkte met ons samen toen we student waren. Mis je zoiets als de partij tegenwoordig?We kunnen ons erdoor laten inspireren zonder hetzelfde te willen doen. De sociale dynamiek en het politieke landschap is tegenwoordig anders. Ik zou blij zijn om iets vergelijkbaars tegenwoordig vorm te zien krijgen maar het is belangrijk dat nieuwe initiatieven aansluiten op de veranderende omstandigheden. Zou de partij de verkiezing van Barack Obama gesteund hebben? Er zijn voormalige leden die hem gesteund hebben. Zonder dat ze noodzakelijkerwijs dachten dat hij de Messias was of grote veranderingen teweeg zou brengen maar omdat hij meer progressief was dan de andere kandidaten. Dacht jij op dezelfde manier?Ik herinner me dat hij een oprechte indruk op me maakte maar ik dacht toen ook al dat hij toch binnen een zeer beperkt kader moet werken. Hij is de vierenveertigste president van de VS, al zijn voorgangers hebben hetzelfde circus geleid, misschien wilde hij het veranderen maar daar is niks van gekomen. Hij hoeft maar over gezondheidszorg te spreken en hij wordt ervan beschuldigd een communist te zijn. Elke keer dat hij iets gedaan wilt krijgen, moet hij iets anders doen om zijn tegenstanders tevreden te stemmen. Het is domweg kapitalisme dat bepaalt wat hij kan doen! En activisten moeten iets anders voor ogen hebben dan kapitalisme volgens jou? Mensen noemen zich ‘socialist’, ‘anarchist’ of ‘marxist’ maar hoe belangrijk is dat? De BPP werd geleid door Huey Newton en Bobby Seale, en hun ideologie was leninisme, maar de leden van de organisatie waren heel divers. Toen ik lid werd was dat niet vanwege theoretische overwegingen maar omdat ik me druk maakte om onderdrukking en misstanden. Ik wilde verandering. Dat gold voor een heleboel leden. Het gaat erom mensen samen te brengen om de hindernissen waar ze tegenaan lopen te kunnen overwinnen. Dit is een bewerkte versie van een artikel dat eerder verscheen in het magazine van Tout est à nous. |