|
Na de terugtrekking van Japan uit Korea in augustus 1945, verkeerde het land in staat van revolutie. Deze werd neergeslagen door een massale tussenkomst van het Amerikaanse leger in het zuiden van het land. De VS installeerden een marionettenregime, dat zich alleen zorgen maakte om de belangen van landeigenaren, bureaucraten en de gerehabiliteerde collaborateurs uit de oorlog met Japan. In het noorden vormde zich een tweede staat. Deze werd geleid door de toonaangevende stromingen uit de communistische guerrilla, onder toeziend oog van de Sovjet-Unie. De onbesliste uitkomst van de Koreaanse oorlog (1950-1953) leidde tot de vestiging van twee Korea’s die pal tegenover elkaar stonden. De VS vonden in hun anticommunistische missie een comfortabel excuus om zich permanent in Zuid Korea te vestigen. Noord Korea belandde in een lang, uitputtend proces van economische en politieke stagnatie. Vooral na de introductie van de zogenaamde Juche-politiek, volgens welke het land zoveel mogelijk zelfvoorzienend moest worden, verslechterde de situatie dramatisch. De stalinistische persoonsverheerlijking van voormalig guerrillaleider Kim Il-sung vanaf eind jaren zestig droeg verder bij aan het verval. Voordat de Amerikanen het land onder een bommentapijt verwoestten, bevonden zich in het noorden van Korea de meest geïndustrialiseerde gebieden. Nog in de jaren vijftig en zestig overtrof het noorden Zuid Korea in economische groei. Door het uitblijven van investeringen in kapitaalgoederen en de weigering van de communistische partij deze te importeren, verouderden de fabrieken snel en raakten buiten gebruik. Vooral de energie en kunstmestsectoren – van essentieel belang voor de voedselproductie in het grotendeels bergachtige land - werden zwaar getroffen. Vanaf midden jaren negentig stapelden overstromingen en hongersnoden en sociale en economische ellende verder op elkaar. Zonneschijn politiekVoor de bureaucratie in Noord Korea vormt de instroom van buitenlands kapitaal een mogelijke uitweg uit de huidige economische impasse. Voor delen van de Zuid Koreaanse ondernemers bieden gezamenlijke projecten met het noorden een mogelijkheid aanzienlijk lagere loonkosten te bereiken. Met de verkiezing in 1977 van Kim Dae-jung tot president vond de eis tot hereniging weerklank in de zogeheten 'zonneschijn' politiek van Zuid Korea. Tijdens een gesprek tussen de leiders van de twee Korea's in de zomer van 2000, spraken Kim Dae-jung en Kim Jong-il af zich in te zetten voor een sociale, economische en culturele samenwerking en voor verdere stappen op weg naar hereniging. Dat kreeg zijn bevestiging toen Hyundai een begin maakte met de inrichting van een 'Speciale Economische Zone' dichtbij de stad Kaesong, even ten noorden van de gedemilitariseerde zone. Ook in het toerisme, de mijnbouw en bij de spoorwegen werden gezamenlijke projecten gestart. Midden vorig jaar voerde Noord Korea belangrijke economische hervormingen door om de vorming van een markt georiënteerde economie, op Chinese leest geschoeid, te stimuleren. Kim Dae-jung's partijgenoot en opvolger, Roh Moo-hyun, heeft verzekerd de ‘zonneschijn’ politiek voort te zetten en te verdiepen. In juni 2002 vond een incident plaats waarbij een Amerikaanse soldaten met hun voertuig twee Koreaanse scholieren overreden. Toen een militaire rechtbank de soldaten vrij sprak, gaf dat een verder impuls aan de toch al sterk levende sentimenten van anti-Amerikanisme. Tegen die achtergrond vonden recentelijk presidentsverkiezingen plaats. Daarbij bleek dat een weliswaar krappe meerderheid van de Koreanen nog steeds een voortzetting van de ‘zonneschijn’ politiek steunt. In de dagen na de verkiezingen, lanceerde Roh het plan het 600.000 mensen sterke leger van Zuid Korea in te krimpen. Ook vroeg hij een groep hoge officieren na te denken over een beperking van het contingent VS militairen in het land. Bush doctrineHet vooruitzicht van een Koreaanse eenwording vormt een bedreiging voor de imperialistische belangen van de VS. Volgens de strategen van het Witte Huis, zou het vertrek van de Amerikaanse troepen uit een herenigd Korea de positie van alle andere regionale machten - China, Japan en Rusland - versterken. Reeds in 1994 leidde een openlijke verslechtering in de verhoudingen tussen de VS en Noord Korea bijna tot een militair conflict. Aan de opgelopen spanning kwam pas een einde na een bezoek aan Pyongyang van oud-president en 'makelaar in vrede' Jimmy Carter. Tijdens het bezoek tekenden Carter en de Koreaanse gastheren een document waarmee Noord Korea instemde met het stopzetten van zijn nucleaire programma. Ook kwam men overeen inspecteurs toe te laten tot de nucleaire installaties. In ruil hiervoor verzekerden de VS geen nucleaire chantage tegen het land te gebruiken. Op dit moment is een andere stroming aan de macht in de VS dan die waartoe Carter zich rekent. Rumsfeld en de zijnen belichamen een voortzetting van de Koude Oorlog retoriek en een blijvende vijandigheid jegens Noord Korea, dit maal onder de vlag van de oorlog tegen het terrorisme en de as van het kwaad. In de negen jaren sinds de ondertekening van het verdrag, hebben de VS nog steeds niet publiekelijk verklaard geen nucleaire wapens in te zullen zetten tegen het Noorden. Hierop concludeerde Pyongyang dat de VS het plan om een preventieve nucleaire oorlog te voeren, niet hebben laten varen. Voor Noord Korea een voldoende reden om het eigen nucleaire programma opnieuw op te starten. Zelfs als de huidige, oplopende spanning niet tot een oorlog leidt, dan nog blijft het mogelijk dat in de nabije toekomst een nieuwe crisis tot uitbarsting komt. De Amerikaanse regering blijft hopen dat de huidige problemen zullen leiden tot een ineenstorten van het stalinistische regime in Noord Korea. Een gewapend conflict op het Koreaanse schiereiland zou onvoorspelbare gevolgen kunnen hebben. Het is vrijwel zeker dat ook Amerikaanse militairen grote verliezen zullen leiden. Om die reden wacht de regering van Bush voorlopig af. De crisisdiplomatie tussen de VS en Noord Korea heeft weinig meer opgeleverd dan een versterking van de nucleaire wedloop in de gehele Noord Aziatische regio. Gelet op de steeds krijgshaftiger wordende oorlogsretoriek van Washington sinds 11 september, lijkt een strategisch bombardement van verdachte nucleaire locaties in Noord Korea niet alleen denkbeeldig. De gebeurtenissen op het Koreaanse schiereiland zullen beïnvloed worden door de resultaten van de tweede Golfoorlog. Een snelle overwinning van de VS belooft weinig goeds voor de vrede in Oost Azië. Terry Murphy is politiek activist en woonachtig in Zuid Korea. Vertaling: Simon Kooistra |