Kast: Chili's 'democratische weg' terug naar het pinochetisme

Met de overwinning van José Antonio Kast keert het pinochetisme via verkiezingen terug aan de macht, met als antwoord op de crisis in Chili een neoliberale restauratie, moreel autoritarisme en anticommunisme.

Op zondag 14 december won de extreemrechtse politicus José Antonio Kast met een ruime marge (58,2 procent) de tweede ronde van de presidentsverkiezingen tegen de zittende regeringskandidaat en lid van de Partido Comunista de Chile (Communistische Partij van Chili), Jeannette Jara (41,8 procent).

Het resultaat valt binnen de verwachtingen van de belangrijkste opiniepeilers, met name CADEM, waarvan de peiling van 29 november de uiteindelijke uitslag met opmerkelijke precisie voorspelde. Maar het bevestigt ook een bredere politieke trend die al sinds de voorverkiezingen van de regeringscoalitie in juni zichtbaar was. Zoals toen werd opgemerkt: 'De uitdaging voor de kandidatuur van Jeannette Jara is op verschillende niveaus enorm. De eerste en belangrijkste is het omzetten van de 825.835 stemmen uit de voorverkiezingen in de 7 miljoen stemmen die nodig zijn om de tweede ronde van de presidentsverkiezingen te winnen, die voor het eerst sinds 2012 met stemplicht zullen worden gehouden, een modaliteit die volgens alle trends in het voordeel van rechts heeft gewerkt.'

Na de eerste ronde van de presidentsverkiezingen merkten we op: 'De uitslag van zondag 16 november toont duidelijk de omvang van de overwinning van rechts. Bij de presidentsverkiezingen behaalde het rechtse blok 50,3 procent van de stemmen, verdeeld over José Antonio Kast (23,9 procent, Partido Republicano), Johannes Kaiser [1] (13,9 procent, Partido Nacional Libertario) en Evelyn Matthei (12,5 procent, Chile Vamos).'

Met een opkomst van 85 procent van de kiesgerechtigden wist Jeannette Jara tussen de eerste en tweede ronde ongeveer 1,7 miljoen stemmen bij te winnen. Die groei bleek echter duidelijk onvoldoende tegenover de opmars van Kast, die meer dan 4 miljoen nieuwe kiezers wist te winnen en zonder uitzondering in elke regio van het land won.

Een analyse van de stemverdeling naar geslacht en leeftijd geeft een nauwkeuriger beeld van die dynamiek. Kast behaalde zijn beste resultaten onder mannelijke kiezers in alle leeftijdsgroepen, maar scoorde ook bijzonder goed onder vrouwen tussen 35 en 54 jaar. Jara daarentegen won de vrouwelijke stemmen onder de 35-plussers en de 54-plussers, wat wijst op een meer gefragmenteerde en sociaal gelokaliseerde achterban.

Wie is José Antonio Kast?

José Antonio Kast is geen buitenstaander. Hij was meer dan twintig jaar lid van de Unión Demócrata Independiente (Onafhankelijke Democratische Unie, UDI) [2], de historische partij van het pinochetisme, was zestien jaar lang parlementslid (2002-2018) en heeft zich drie keer kandidaat gesteld voor het presidentschap.

In 2016 nam Kast ontslag uit de UDI, pleitend dat de partij haar oorspronkelijke project – ultraconservatief op moreel gebied, katholiek op cultureel gebied en neoliberaal op economisch gebied – had verlaten ten gunste van een strategie van massale aantrekkingskracht en gematigdheid. Kort daarna, in 2017, lanceerde hij zijn eigen presidentiële platform, Acción Republicana, dat zich in 2019 formeel als politieke partij oprichtte onder de naam Partido Republicano (Republikeinse Partij), zijn huidige politieke vehikel. [3]

In lijn met die ontwikkeling was Kast in 2020 een van de ondertekenaars van het zogenaamde Handvest van Madrid [4], een initiatief van internationaal extreemrechts met als expliciet doel 'de opmars van het communisme' in Latijns-Amerika een halt toe te roepen.

Kast is de jongste van tien kinderen van het Duitse emigrantenpaar Kast-Rist. Zijn vader, Michael Kast, was soldaat in het leger van nazi-Duitsland (Wehrmacht) en was lid van de Nationalsozialistische Deutsche Arbeiterpartei (nazipartij).

Zowel zijn ouders als verschillende van zijn broers en zussen waren actief in de landbouwsector in het midden van Chili. Bovendien zijn er gedocumenteerde journalistieke en gerechtelijke onderzoeken die leden van de familie Kast in verband brengen met criminele activiteiten van de Central Nacional de Informaciones (CNI) [5] tijdens de dictatuur van Pinochet, waaronder hun deelname aan burgerpatrouilles samen met de repressieve troepen van het regime en aan operaties die gepaard gingen met ernstige schendingen van de mensenrechten, waaronder gedwongen verdwijningen.

José Antonio's oudste broer, Miguel Kast, een econoom opgeleid aan de Universiteit van Chicago [6], bekleedde tijdens de dictatuur belangrijke functies: hij was minister van Arbeid en vervolgens president van de Centrale Bank. In zijn functie als minister van de Oficina de Planificación Nacional (ODEPLAN, Nationaal Planbureau) tussen 1978 en 1980 was Miguel Kast Rist een van de belangrijkste promotors van de statistische categorie 'extreme armoede', die als leidraad diende voor het richten van sociale uitgaven op de meest verarmde sectoren. Die definitie institutionaliseerde een beleid van minimale sociale uitgaven, gericht op louter overleven, volledig in overeenstemming met het structurele aanpassingsprogramma en de ontmanteling van de sociale staat die door de dictatuur werd bevorderd.

Kast, afkomstig uit een ultra-katholiek gezin en met een politieke achtergrond, beschouwt zichzelf als een trouwe volgeling van de belangrijkste civiele ideoloog van de Chileense dictatuur en oprichter van de UDI, wijlen senator Jaime Guzmán [7]. In overeenstemming met dat doctrinaire kader nam Guzmán een extreem standpunt in over abortus: 'De moeder moet het kind krijgen, zelfs als het een afwijking blijkt te hebben, ze het niet wilde, het het resultaat is van een verkrachting, of zelfs als het krijgen ervan haar dood zou betekenen.'

Als afgevaardigde verzette Kast zich systematisch tegen de uitbreiding van burgerlijke en seksuele rechten. Hij stemde tegen het huwelijk tussen personen van hetzelfde geslacht en tegen antidiscriminatiewetgeving, voerde actief campagne tegen uitgebreide seksuele voorlichting, verwierp de gratis verstrekking van de morning-afterpil en verdedigde de intrekking van bestaande wetgeving die abortus in drie gevallen toestaat [8].

Die oriëntatie kwam ook tot uiting in zijn beleidsvoorstellen. Tijdens zijn tweede presidentskandidatuur stelde Kast voor om het Ministerio de la Mujer y la Equidad de Género (Ministerie voor Vrouwen en Gendergelijkheid) af te schaffen, te vervangen door een Ministerie van het Gezin; en bepaalde sociale uitkeringen – die vooral relevant zijn voor arme vrouwen – uitsluitend toe te kennen aan gehuwde vrouwen.

In 2017, tijdens zijn eerste presidentscampagne, vertelde zijn vrouw, Pía Adriasola, in een interview dat, toen ze haar wens uitsprak om een zwangerschap uit te stellen voordat ze hun derde kind zou krijgen – het echtpaar heeft er negen – ze een arts raadpleegde die haar orale anticonceptie voorschreef. Toen ze Kast op de hoogte bracht van die beslissing, reageerde hij volgens haar eigen getuigenis met de woorden: 'Ben je gek? Dat mag niet' en nam haar vervolgens mee naar een priester, die haar vertelde dat het gebruik van dergelijke pillen verboden was.

In augustus van datzelfde jaar werd José Antonio Kast door verenigingen van gepensioneerde militairen en door organisaties van familieleden van personen die veroordeeld waren voor misdaden tegen de menselijkheid tot kandidaat uitgeroepen. Tijdens een evenement in het Teatro Caupolicán verklaarde hij: 'Mijn naam is José Antonio Kast en ik verdedig met trots het werk van de militaire regering. Ik ben van mening dat teveel militairen en leden van de strijdkrachten worden vervolgd en ik beloof dat ik, als ik president word, de strijdkrachten zal beschermen' en 'allen die onterecht of op onmenselijke wijze gevangen zitten' gratie zal verlenen.

Een van de veroordeelden is Miguel Krassnoff Martchenko, brigadier in het leger ten tijde van de staatsgreep van 1973 [9], later agent van de Dirección de Inteligencia Nacional (DINA) [10] – de geheime politie van de dictatuur – en veroordeeld tot meer dan 1060 jaar gevangenisstraf in zevenentwintig gevallen van ontvoering, marteling en gedwongen verdwijning. Kast, die Krassnoff in de gevangenis heeft bezocht, werd tijdens deze laatste presidentscampagne herhaaldelijk gevraagd of hij van plan was hem gratie te verlenen. Hij weigerde consequent te antwoorden.

Al het bovenstaande stelt ons in staat om José Antonio Kast te karakteriseren als een expliciete en consistente verdediger van het werk van de dictatuur van Pinochet. Niet alleen in termen van een symbolische rechtvaardiging van de anticommunistische prestaties uit het verleden, maar ook als een bewuste poging om het programmatische kader van Pinochet te herstellen om de vele crises waarmee de Chileense samenleving momenteel te kampen heeft, het hoofd te bieden. Zijn voorstel combineert een harde aanpak om 'de rechtsstaat' te herstellen, deregulering en vermarkting van sociale diensten om 'de voorwaarden voor investeringen en het scheppen van banen te verbeteren', en een visie op de samenleving die gebaseerd is op de centrale rol van het gezin, het voorkeursrecht op privé-eigendom, individueel ondernemerschap en patriarchale controle over vrouwen en kinderen.

Wat kunnen we verwachten van de volgende regering?

In 2023 – na de nederlaag van het constitutionele proces dat voortkwam uit de sociale opstand [11] – vond een tweede poging tot constitutionele hervorming plaats. Dat nieuwe proces was in vrijwel alle opzichten de antithese van het vorige. Het orgaan, de Consejo Constitucional (Constitutionele Raad) genaamd, bestond uit vijftig raadsleden, van wie er tweeëntwintig behoorden tot de Partido Republicano, een kracht die ook het voorzitterschap van het orgaan bekleedde.

Het constitutionele voorstel dat uit dat orgaan voortkwam, opgesteld naar het beeld van de republikeinse ideologie, bestond uit een soort terugkeer naar de oorspronkelijke tekst van de Pinochetistische grondwet van 1980, ontdaan van de hervormingen die tijdens de democratische periode waren doorgevoerd. Het project werd in het referendum van december 2023 met 55,7 procent van de stemmen verworpen. Met dat resultaat kwam er een einde aan de constitutionele cyclus die in 2019 was begonnen. Het proces maakte het echter mogelijk om de mate van dogmatisme van het Republikeinse project te toetsen en bracht verschillende politieke figuren op de voorgrond die naar alle waarschijnlijkheid een belangrijke rol zullen spelen in de komende vier jaar van de regering. [12]

Op 14 december koos Kast in zijn eerste toespraak als verkozen president voor een gematigde toon. Hij verklaarde zijn respect voor de democratie, voor politieke tegenstanders en voor pluralisme, sprak zijn duidelijke inzet uit voor het bereiken van consensus en erkende de bijdrage van de presidenten die hem voorgingen. Soms leek hij zich de zogenaamde 'politiek van overeenkomsten' eigen te maken die kenmerkend was voor het postdictatoriale bestuur: een kader dat werd ondersteund door een centrumlinks dat de sociale markteconomie had aanvaard en door een rechts dat geleidelijk afstand had proberen te nemen van de expliciete erfenis van het pinochetisme om de democratische transitie in goede banen te leiden.

Die verzoenende retoriek staat echter in schril contrast met de eerste programmatische voornemens van zijn team. Het plan dat voor de eerste drie maanden van de regering is aangekondigd, sluit aan bij de Kast die we tijdens de campagne hebben leren kennen en is opgebouwd rond vier centrale assen: belastinghervorming, deregulering, een offensief tegen de arbeiders en fiscale aanpassing.

Op fiscaal gebied stelt Kast voor om de hervorming die tijdens de tweede regering van Michelle Bachelet is doorgevoerd, terug te draaien door middel van belastingverlagingen voor middelgrote en grote ondernemingen en de afschaffing van de belasting op de individuele winsten van eigenaren. Dat betekent een koers die de regressiviteit van het belastingstelsel versterkt en een inkomensoverdracht naar hogere inkomensgroepen consolideert.

Op het gebied van regelgeving beoogt het programma van Kast de bestaande beperkingen op de macht van het kapitaal af te breken, met bijzondere nadruk op de deregulering van milieubeschermingskaders en de versoepeling van de beperkingen op de vastgoedsector. Dat is een agenda die al lang door het grootbedrijf wordt gepromoot, dat de afgelopen jaren het neologisme 'permisología' [13] populair heeft gemaakt om milieueffectbeoordelingsprocessen te delegitimeren die worden toegepast op projecten met mogelijke negatieve effecten op activa die door de huidige wetgeving worden beschermd.

Wat de aanval op de arbeid betreft, bestaat de centrale doelstelling erin de inspectie- en sanctiemogelijkheden tegen anti-vakbonds- en anti-arbeiderspraktijken te verminderen door de Dirección del Trabajo (Directoraat Arbeid) te verzwakken. Daar komt nog de expliciete intentie bij om de toepassing van de 40-urige werkweek, die tijdens de huidige regering is goedgekeurd, te beperken, waardoor zelfs de beperkte vooruitgang die die wetgeving betekende voor het centraal stellen van de kwestie van vrije tijd in de strijd van de arbeidersbeweging, teniet wordt gedaan.

Ten slotte is het voorstel met betrekking tot de vermindering van de overheidsuitgaven opzettelijk opvallend: een bezuiniging van 5,7 miljard euro. De omvang van dat bedrag leidde al snel tot wantrouwen en vragen om opheldering. In reactie daarop rechtvaardigde een van de woordvoerders van de campagne expliciet de weigering om de aanpassingen in detail te beschrijven: 'Het is duidelijk dat we niet gaan zeggen welke dat zijn, want dan zouden we de volgende dag lamgelegd zijn. Als je zegt 'Ik stop met programma X', dan staan de straten in brand.'

Afgezien van die cynische openhartigheid, blijven de eerste aangekondigde maatregelen beperkt tot vage formuleringen: beloften om de zogenaamde 'politieke uitgaven' te beperken, de efficiëntie van de overheidsuitgaven te verhogen, de bevoegdheden van de Contraloría General de la República (Algemene Rekenkamer) om de gemeentelijke uitgaven te controleren te versterken, en ambtenaren die als 'politieke functionarissen' worden aangemerkt, te ontslaan. Alles bij elkaar genomen gaat het om een hervormingsagenda waarvan de concrete inhoud opzettelijk vaag blijft, maar waarvan de te verwachten gevolgen betrekking hebben op de werkgelegenheid in de publieke sector, het sociaal beleid en de regulerende bevoegdheden van de staat.

De eerste dag: protocollair en internationaal Kast

Op maandag 15 december, zijn eerste dag als verkozen president, bracht Kast een bezoek aan het Palacio de La Moneda en had hij ontmoetingen met de teams van de partijen die zijn kandidatuur hadden gesteund. In institutioneel opzicht niets bijzonders.

De belangrijkste politieke signalen van de dag kwamen echter uit de internationale sfeer. Kast kreeg expliciete felicitaties van centrale figuren van de zogenaamde 'fascistische internationale': Javier Milei [14], Donald Trump en Benjamin Netanyahu vierden openlijk zijn verkiezingsoverwinning en presenteerden hem als een bondgenoot in het offensief tegen het Latijns-Amerikaanse socialisme. The Wall Street Journal sloot zich hierbij aan en interpreteerde de overwinning van Kast als onderdeel van een 'slecht democratisch seizoen voor het socialisme in Latijns-Amerika', waarmee de krant suggereerde dat de golf van 'links geweld' en economische stagnatie aan het afnemen was.

Alles wijst erop dat Kast een van de schakels zal worden in de herschikking van de Latijns-Amerikaanse rechtse machthebbers, met ten minste twee gevolgen die als waarschuwingssignalen fungeren. Ten eerste een onvoorwaardelijke aanhang van de nieuwe koers van het buitenlands beleid van de Verenigde Staten, de zogenaamde 'Trump-uitleg van de Monroe-doctrine', waarvan het directe doel regimeverandering in Venezuela en de toe-eigening van de energiebronnen van dat land is. Ten tweede, het begin van een proces van hernormalisering van de betrekkingen met Israël, zelfs ten koste van het in gevaar brengen van Chili's historische engagement voor het recht van het Palestijnse volk op zelfbeschikking. Dat engagement kwam onlangs tot uiting in Chili's deelname aan de zaak die Zuid-Afrika tegen Israël heeft aangespannen voor het Internationaal Gerechtshof wegens genocide, alsook in de opschorting van bepaalde vormen van diplomatieke en militaire samenwerking met de bezettingsmacht.

In het dissonante concert van het mondiale extreemrechts draagt elk land zijn eigen traditie en specifieke vorm van legitimering bij. In Chili wijst alles erop dat die vorm het pinochetisme is. Daar vindt extreemrechts zijn verheerlijkte verleden, zijn meest succesvolle bestuurservaringen vanuit het perspectief van de heersende klassen, en het strategische geheugen – economisch, militair en cultureel – dat het in staat stelt wortel te schieten in het nieuwe mondiale scenario. [15]

Wat betekent de overwinning van Kast in de historische ontwikkeling van Chili?

De regering van José Antonio Kast zal de eerste democratische regering van het pinochetisme zijn. Met zijn overwinning wordt voor het eerst de lang gekoesterde wens van de oprichters van de Unión Demócrata Independiente, de partij die door Jaime Guzmán samen met Miguel Kast en andere centrale kaders van het autoritaire katholicisme van de dictatuur werd opgericht, verwezenlijkt. Kast belichaamt de terugkeer van dat project, dat nu is geactualiseerd door de ervaring van de internationale reactionaire golf en door de nieuwe gevoeligheden van een jonger, ideologisch samenhangend en politiek ongeremd extreemrechts.

Het is de moeite waard om aandacht te besteden aan de rol die historische UDI-kaderleden spelen bij de vorming van het kabinet en de ministeriële teams. Net zoals een nog onervaren Frente Amplio [16] zich ooit tot de kaders van de Concertación wendde om het functioneren van het staatsapparaat in stand te houden, zal een relatief jonge Partido Republicano waarschijnlijk een beroep moeten doen op zijn oude kameraden: voormalige ministers van de dictatuur en van het Piñerismo [17], dragers van essentiële ervaring voor het regeren in omstandigheden van sociaal conflict en conservatieve restauratie.

Maar de triomf van Kast is niet alleen een uiting van de verkiezingsoverwinning van het pinochetisme. In deze verkiezingen prevaleerde ook het anticommunisme als de verbindende schakel van het politieke gezond verstand. Het lijdt geen twijfel dat de campagne draaide om angst voor geweld, werkloosheid en stijgende kosten van levensonderhoud – verschijnselen die systematisch werden toegeschreven aan criminaliteit, drugshandel, corruptie en migratie. De beslissende vraag is waarom die angsten politiek konden worden georganiseerd rond Kast en tegen Jeannette Jara.

Wij zijn van mening dat deze angsten werden verenigd door een eenvoudig en hardnekkig idee: dat, ongeacht de verontrustende aspecten van Kast, 'het communisme erger is' en dat een communistische regering onvermijdelijk tot meer ellende zou leiden. De ideologische lijm die deze opgewekte angsten bij elkaar hield, was de dreiging – die in werkelijkheid niet bestaat – van een regering onder leiding van een communist, die mechanisch werd geassocieerd met Venezuela, Cuba, de Unidad Popular [18] of de Sovjet-Unie. Op die manier werden kritieken die in veel gevallen redelijk waren – op het regeringsbeleid en op de dagelijkse moeilijkheden waarmee brede sociale sectoren te maken hadden – ondergebracht in een volstrekt irrationeel argument: anticommunisme als een levend erfgoed van de dictatuur, gesmeed in de context van de Koude Oorlog en nog steeds effectief in de Chileense volksverbeelding.

In de weken na de nederlaag zullen er tal van retrospectieve analyses en schuldtoewijzingen volgen. Zodra die eerste fase voorbij is, zal links in Chili zich genoodzaakt zien om opnieuw te beginnen. De tactische aanpassingen die de afgelopen jaren zijn doorgevoerd, zullen niet langer volstaan. Het scenario is zeer complex en zou nog tegenstrijdiger kunnen worden als een toename van de investeringen in de koperindustrie wordt bevestigd, aangedreven door een grotere wereldwijde vraag, waardoor een potentiële supercyclus ontstaat die gunstig is voor de nieuwe regering. Tegelijkertijd geeft het uitblijven van verkiezingen gedurende ten minste drie jaar Kast aanzienlijke ruimte om zijn agenda op te leggen als de centrale as van de nationale politiek.

In die context zullen de onmiddellijke uitdagingen voor de arbeidersklasse in Chili zich concentreren op twee nauw met elkaar verbonden fronten: verzet tegen de regressieve hervormingen van de nieuwe regering en het vermogen om een sociale oppositie te articuleren die niet ondergeschikt blijft aan hetzelfde progressieve leiderschap dat aan het roer stond tijdens wat nu vier verloren jaren lijken te zijn in de strijd tegen de opmars van extreemrechts. De cyclus die nu begint, vereist meer dan gedeeltelijke verdedigingsmaatregelen: hij vereist een strategische herstructurering van links in Chili die past bij het nieuwe historische moment.

Noten

[1] Johannes Kaiser is een extreemrechts politicus en leider van de Partido Nacional Libertario (Nationale Libertarische Partij), bekend om zijn libertarische en ultraconservatieve standpunten.

[2] De UDI is een rechtse politieke partij die in 1983 door Jaime Guzmán werd opgericht tijdens de dictatuur van Pinochet. Het was het belangrijkste civiele politieke instrument van het pinochetisme tijdens de democratische transitie.

[3] Over de presidentsverkiezingen van 2021 en de opkomst van Kast, zie Dave Kellaway, 'Fascist wint eerste ronde van presidentsverkiezingen in Chili', Grenzeloos, november 2021.

[4] Het Handvest van Madrid was een verklaring die in 2020 werd ondertekend door vertegenwoordigers van extreemrechts partijen uit Europa en Latijns-Amerika, waaronder de Spaanse partij Vox, die bijeenkwamen om zich te verzetten tegen wat ze de 'opmars van het communisme' in de Ibero-Amerikaanse wereld noemden.

[5] De CNI was de geheime politie van de dictatuur van Pinochet, opgericht in 1977 ter vervanging van de DINA. Hij was verantwoordelijk voor politieke onderdrukking, waaronder martelingen, verdwijningen en buitengerechtelijke executies, totdat hij in 1990 werd ontbonden.

[6] De 'Chicago Boys' waren een groep Chileense economen die aan de Universiteit van Chicago studeerden onder Milton Friedman en Arnold Harberger. Ze speelden een centrale rol bij het ontwerpen en uitvoeren van het neoliberale economische beleid van de dictatuur van Pinochet.

[7] Jaime Guzmán (1946-1991) was een advocaat en politicus die als belangrijkste ideoloog van het regime van Pinochet fungeerde. Hij was de belangrijkste auteur van de grondwet van 1980 en richtte de UDI op. Hij werd in 1991 vermoord door het Frente Patriótico Manuel Rodríguez.

[8] De Chileense wet van 2017 decriminaliseerde abortus in drie specifieke omstandigheden: als het leven van de moeder in gevaar is, als de foetus niet levensvatbaar is, en als de zwangerschap het gevolg is van verkrachting.

[9] Op 11 september 1973 wierp het Chileense leger, onder leiding van generaal Augusto Pinochet, de democratisch gekozen regering van Salvador Allende omver. De staatsgreep luidde zeventien jaar militaire dictatuur in, die gekenmerkt werd door systematische schendingen van de mensenrechten. Zie Oscar Mendoza, 'Chile 1973 — The Original 11 september', ESSF, september 2023.

[10] De DINA was de geheime politie van de dictatuur van Pinochet van 1973 tot 1977, verantwoordelijk voor de systematische vervolging, marteling, verdwijning en moord op politieke tegenstanders in Chili en in het buitenland.

[11] In oktober 2019 beleefde Chili de grootste sociale opstand sinds de terugkeer naar de democratie, die werd veroorzaakt door een verhoging van de metrotarieven, maar al snel uitgroeide tot een brede afwijzing van het neoliberale model dat was geërfd van de dictatuur. Zie '¡Fuera Piñera! — Revolt in Chile', ESSF, 2020.

[12] Over het constitutionele proces en de inzet van de tweede ronde, zie Soumya Sahin, 'Chile's Presidential Election: A Political Future Oscillating Between Fear and Promise', ESSF, november 2025.

[13] Een samentrekking van 'permiso' (vergunning) en 'ología' (studie/proces van), term gebruikt door het bedrijfsleven om milieu- en ruimtelijke ordeningsvoorschriften te bekritiseren als buitensporige bureaucratie.

[14] Javier Milei is de extreemrechts libertaire president van Argentinië, gekozen in november 2023, bekend om zijn radicale vrijemarktstandpunten en zijn alliantie met internationale extreemrechtse bewegingen.

[15] Over de historische betekenis van het pinochetisme, zie '11 september 1973: de door de VS gesteunde staatsgreep van Pinochet in Chili', Grenzeloos, september 2023.

[16] Het Frente Amplio (Breed Front) is een coalitie van linkse partijen die in 2017 is opgericht en die de succesvolle presidentscampagne van Gabriel Boric in 2021 heeft gesteund.

[17] Sebastián Piñera was twee termijnen president van Chili (2010-2014 en 2018-2022) en vertegenwoordigde de traditionele rechtse coalitie.

[18] De Unidad Popular (Volksunie) was de coalitie van linkse partijen die de regering van Salvador Allende (1970-1973) steunde.

Pablo Abufom is een Chileense filosoof en politiek activist, lid van Movimiento Solidaridad, redacteur van Posiciones, Revista de Debate Estratégico, en deel van het redactieteam van Jacobin América Latina.

Karina Nohales is een Chileense arbeidsrechtadvocaat en feministisch activist, woordvoerder van de Coordinadora Feminista 8 de Marzo (8M Feministisch Coördinatiecomité).

Dit artikel stond op Jacobin América Latina. Nederlandse vertaling reactie Grenzeloos.

Dossier

Reactie toevoegen

Plain text

  • Toegelaten HTML-tags: <a href hreflang> <em> <strong> <cite> <blockquote cite> <code> <ul type> <ol start type> <li> <dl> <dt> <dd>
  • Web- en e-mailadressen worden automatisch naar links omgezet.
  • Regels en alinea's worden automatisch gesplitst.
Uw reactie zal niet meteen verschijnen, deze wordt eerst goedgekeurd door de beheerder.
pagetoptoptop