Borderless

23 August 2019

‘Het gaat over rechten’

Naar aanleiding van een verbod op het dragen van hoofddoekjes door ambtenaren in Antwerpen richten een verzameling feministes een nieuwe actiegroep op: BOEH – Baas Over Eigen Hoofd. Grenzeloos sprak met een van de initiatiefnemers, Ida Dequeecker, over feminisme, religieuze symbolen en de creatie van een nieuw wij.

Om bij het begin te beginnen: wat is BOEH? Hoe is de groep ontstaan?
BOEH is een feministische actiegroep van vrouwen met allerlei achtergronden: allochtoon en autochtoon, als we die termen willen gebruiken, moslims, niet-moslims et cetera. Het verbod op het dragen van de hoofddoek werd ingevoerd in 2007. Het Vrouwen Overleg Komitee (VOK), een organisatie die stamt uit de tweede feministische golf, was de enige feministische organisatie die hier protest tegen aantekende. Wij hebben toen contact opgenomen met allochtone vrouwenorganisaties om samen actie te voeren. Van daaruit is BOEH opgericht. De naam is natuurlijk naar analogie van ‘baas in eigen buik’ – het is een naam die we samen gekozen hebben.

Waarom besloten jullie juist rond dit verbod actie te voeren?
Er gaat natuurlijk het een en ander aan vooraf. Vooral na 11 september 2001 is ook in België een zogenaamd ‘integratiedebat’ opgelaaid dat vergelijkbaar is met dat in Nederland. Feministische kwesties en vrouwenemancipatie zijn daarin gekaapt door gevestigde politici, van rechts naar links, om een verhaal neer te zetten waarin de ‘bevrijdde, westerse vrouwen’ tegen ‘de onderdrukte, islamitische vrouw’ wordt gezet.
Het VOK sprak zich daar altijd al tegen uit. Wij wilden ons niet voor dat islamofobe karretje laten spannen. Wij hebben een brochure uitgebracht over feminisme en multiculturaliteit om het feminisme, zoals dat ons voor ogen stond, opnieuw naar voren te brengen. Autonomie, solidariteit, vrijheid en gelijkheid zijn daarin kernbegrippen.
Er is in België natuurlijk niet veel overgebleven van de tweede feministische golf, maar er zijn nog wel enkele organisaties en vooral individuen met een zekere bekendheid. Een heleboel vrouwen zijn nog steeds door de tweede golf beïnvloed. Veel van hen gaan jammer genoeg mee in het verhaal van de bevrijde westerse vrouw en de onderdrukte moslima. Uit die hoek krijgen wij veel weerstand.
Maar deze brochure van VOK vond ook veel weerklank. Na de invoering van het verbod werd het voor ons tijd om onze ideeën in de praktijk te brengen. BOEH wordt gesteund door het VOK, een aantal migrantenvrouwenorganisaties en Poppesnor, een groep jonge feministes. Het verbod van de hoofddoek wordt met twee argumenten gerechtvaardigd: we horen telkens dat het vrouwen moet bevrijden. En daarnaast zou het gaan om de neutraliteit van de overheid. Wat betreft het eerste argument gaan wij uit van het feministische principe dat een vrouw zelf moet kunnen beslissen, dus ook over de keuze om al dan niet een hoofddoek te dragen. Wat betreft het tweede argument: als ‘neutraliteit’ de afwezigheid van religieuze symbolen betekent, waarom wordt de hoofddoek nu verboden terwijl het jarenlang geen probleem was dat er een tiental vrouwen met een hoofddoek bij de gemeente werkte? Waarom is er nooit iets gezegd over het dragen van kruisjes? Dat laat zien dat het verbod om de hoofddoek gaat, ook is het officieel een verbod op alle religieuze symbolen.
Neutraliteit is een geen eeuwig gegeven dat zomaar uit de lucht is komen vallen. Het betekent de samenleving zo te organiseren dat de rechten en vrijheden van iedereen gerespecteerd worden. Als de samenleving veranderd moeten we nadenken over hoe we neutraliteit vorm geven. In een multiculturele, multireligieuze samenleving betekent neutraliteit individuen in staat te stellen uit te komen voor hun geloof en de symbolen daarvan te dragen als ze dat willen. Maar als ambtenaar moeten ze zich aan een gedragscode houden – dat is eigenlijk niet meer dan vanzelfsprekend.

Heeft het succes van het verhaal over de bevrijdde westerse vrouw niet te maken met wat tegenwoordig vaak onder feminisme wordt volstaan? Namelijk dat individuele vrouwen zo vooral zo hoog mogelijk op de ladder moeten kunnen klimmen?
Ja, en dit soort feminisme is de toon kunnen gaan zetten als gevolg van de neergang van de feministische beweging in de jaren tachtig. Bij gebrek aan een beweging die zelf eisen stelde en veranderingen kon afdwingen is de nadruk komen liggen op overheidsbeleid. Het voordeel was dat vrouwenemancipatie hiermee erkend werd. Maar het nadeel was dat emancipatie geïntegreerd raakte in de status-quo en dat alleen maatregelen doorgang vinden die hierin passen. Van verdergaande verandering van de samenleving is dus geen sprake meer. De structurele ongelijkheid in de maatschappij verandert wat van vorm, maar de ongelijkheid zelf blijft in stand.

Feministes zoals in BOEH moeten dus tegen twee stromingen opboksen: islamofobie en de neoliberale invulling van feminisme.
De twee zijn dan ook met elkaar verbonden. De logica van islamofobie is culturalistisch: alle verschillen in de samenleving worden aan cultuur geweten. De sociaal-economische ordening wordt stilzwijgend als een natuurlijk gegeven geaccepteerd, net zoals in het neoliberalisme. De samenhang tussen verschillende vormen van ongelijkheid wordt daarmee verdoezeld.

En de vrouwen waar het om gaat wordt niets gevraagd…
De vrouwen die een hoofddoek dragen wordt elke handelingsmogelijkheid afgenomen, als ze zeggen er voor te kiezen worden ze niet serieus genomen. Ook wij in BOEH worden bejegend alsof we geen eigen keuzes kunnen maken. Filip de Winter heeft eens tegen mij gezegd; ‘U prostitueert zich voor de islam’. Andere mensen stellen het niet zo grof maar ze bedoelen in wezen hetzelfde als ze zeggen dat wij ons door de islam laten gebruiken. Gelukkig is er aantal zeer mondige moslima’s, met hoofddoek, naar voren gekomen die in staat zijn hun mening naar voren te brengen in de media. Dat is een schok voor mensen die zijn gaan geloven in het beeld van de onderdrukte islamitische vrouw.

Wat heeft BOEH tot nu bereikt?
Onze laatste actie was het indienen van een klacht bij de Raad van State tegen het verbod van het dragen van een hoofddoek door leerlingen in het openbaar onderwijs. Daar hebben we een succesje mee geboekt, want als gevolg van onze klacht is het verbod opgeschort tot het grondwettelijk hof zich erover heeft uitgesproken – dat kan wel een jaar gaan duren. Je ziet trouwens al weer dat wij niet geacht worden op eigen initiatief te handelen. Het indienen van die klacht kost namelijk veel geld - we hebben daarvoor een gerenommeerd advocatenkantoor in de arm genomen - en ik ben er trots op dat we dit kunnen betalen met giften uit verschillende hoeken. Maar ondertussen duiken er allerlei beschuldigingen op dat wij stiekem geld zouden krijgen uit Saudi-Arabië of weet ik veel waar.
Ondanks de weerstand en het feit dat we eigenlijk maar een vrij kleine actiegroep zijn, slagen we erin onze standpunten te laten horen. We organiseren allerlei acties, schrijven brieven naar kranten, reageren op ontwikkelingen in de actualiteit. Maar in mijn lange leven als linkse feministe is het de eerste keer dat mijn standpunt voor sommige mensen in mijn eigen kring een probleem vormt.
Er wordt ons wel verweten dat we ons met een thema bezig houden dat eigenlijk niet zo belangrijk is, maar blijkbaar zijn hoofddoekjes toch belangrijk genoeg om te verbieden. Achter het verbod op hoofddoeken gaat veel meer schuil. Het verbod was de daad van een sociaal-democraat, maar het is duidelijk dat hij dit deed onder druk van uiterst rechts, van het Vlaams Belang. Zij hebben het verbod gevierd als een overwinning. Onze uitgangspunten zijn eigenlijk heel vanzelfsprekend voor feministes; het verdedigen van de keuzevrijheid van vrouwen, van het recht op onderwijs van vrouwen – want dit verbod zou een aantal meisjes beperken in hun onderwijskansen – en het recht op werk. Het gaat om de rechten van vrouwen.

Uit welke hoek krijgen jullie de meeste steun?
De steun die wij krijgen komt uit allerlei hoeken. Als je feminisme invult op de manier zoals wij dat doen zijn de reacties altijd verdeelt; maatschappijkritiek is immers controversieel in elke bevolkingsgroep. BOEH is het levende bewijs dat er verschillende soorten feminisme bestaan en dat er ook een islamitisch feminisme bestaat. Er zijn ongetwijfeld meningsverschillen maar we zijn het eens over de uitgangspunten en dat een vrouw zelf moet bepalen waar haar bevrijding uit bestaat. BOEH is wel beschreven als deel van het vormen van een ‘nieuw wij’: we delen eenzelfde visie en strijd en die binden ons, wij zijn nader tot elkaar gekomen doordat we samen optrekken. Eerst beschreven we ons altijd als een actiegroep van allochtone en autochtone vrouwen, van moslims en niet-moslims et cetera – daar hadden we op een gegeven moment genoeg van, we noemen ons nu in de eerste plaats een feministische actiegroep.

Website BOEH: www.baasovereigenhoofd.be

Reactie toevoegen

Plain text

  • Toegelaten HTML-tags: <a> <em> <strong> <cite> <blockquote> <code> <ul> <ol> <li> <dl> <dt> <dd>
  • Adressen van webpagina's en e-mailadressen worden automatisch naar links omgezet.
  • Regels en alinea's worden automatisch gesplitst.
Uw reactie zal niet meteen verschijnen, deze wordt eerst goedgekeurd door de beheerder.
To prevent automated spam submissions leave this field empty.
Image CAPTCHA
Vul de tekens uit bovenstaande afbeelding in.

Reageren