Borderless

26 March 2019

De miljonairstaks en zeven andere ideeën

Peter Mertens, de voorzitter van de Belgische PVDA, is in links Nederland vooral bekend als schrijver van de bestseller ‘Hoe durven ze?’, een even leesbare als onderbouwde aanklacht tegen het neoliberalisme. Het boek ’De miljonairstaks’ dat onder zijn redactie verscheen kan als een vervolg daarop worden gezien. In ‘Hoe durven ze?’ stond de aanklacht en de analyse centraal, in ‘De miljonairstaks’ wordt ingezoomd op de alternatieven.

In vergelijking met ‘Hoe durven ze?’(een stevig boek van 350 pagina’s) is ‘De miljonairstaks met 160 pagina’s en een kleiner formaat maar een dunnetje. En ten dele geldt dat ook voor de inhoud. Het eerste hoofdstuk over de miljonairstaks is meteen het meest uitgewerkte en het boeiendste. Daarin wordt het al veel langer door de PVDA gepropageerde voorstel van een belasting voor de zeer rijken nader uitgewerkt: een belasting van de vermogens boven één miljoen euro, boven op de eigen eerste woning met een waarde tot een half miljoen. Waarbij dan een progressieve schaal gehanteerd wordt van één procent belasting op het deel van het vermogen boven de 1 miljoen, twee procent voor het deel boven de 2 miljoenen, en drie procent op het deel boven de 3 procent. (Of die reeks ook verder voortgezet wordt is mij niet duidelijk). In totaal zou dit volgens de PVDA tot een opbrengst van 9,5 miljard leiden.

Het interessante van dit voorstel is dat het heel concreet is en zich duidelijk richt op de zeer rijken. Het gaat niet om een algemene belasting op vermogen of bezit, waardoor ook de kleine spaarders zich bedreigd kunnen voelen, maar expliciet om het aanpakken van de miljonairs. En dan nog op een zeer zachtaardige manier, want zij hoeven er geen boterham met kaviaar minder om te eten. Ook alle tegenwerpingen tegen een dergelijk plan worden deskundig en onderbouwd weersproken.

Ondanks het feit dat volgens de PVDA 85 procent van de Belgen het voorstel steunt zal het gezien de politieke krachtsverhoudingen in België voorlopig niet ingevoerd worden. Maar de kracht van een dergelijk voorstel is natuurlijk dat het de discussie over ongelijkheid en onrechtvaardigheid enorm kan stimuleren. Bij de andere hoofdstukken is dat veel minder het geval.

Het volgende hoofdstuk ‘Ploetermoeders’, een pleidooi voor een 30-urige werkweek, dat zoals de titel al aangeeft vooral vanuit het perspectief van vrouwen en met name moeders is geschreven. Er worden de bekende sociale, psychologische en ecologische argumenten voor een drastisch kortere werkweek aangedragen zonder dat dit nu echt nieuwe gezichtspunten oplevert. Er wordt opgemerkt dat in Duitsland 41,8 miljoen werkende mensen 60 miljard uren per jaar werken, wat een gemiddelde  van een 30 urige werkweek oplevert, maar dan niet als ordentelijke voltijdbanen maar in een wirwar van onzekere en flexibele contracten, maar hoe een drastische verkorting van de arbeidstijd gerealiseerd kan worden blijft in het vage.

Dat geldt in meer of mindere mate ook voor de andere thema’s. Vaak wordt de situatie elders in Europa als voorbeeld genomen. Wenen, met zijn huursector van 60 procent in de bijdrage over wonen, München als voorbeeld van de ontwikkeling naar een klimaat neutrale stad, Finland wat betreft het onderwijs en Amsterdam voor wat betreft de aanpak van discriminatie. ‘Amsterdam heeft een probleem met discriminatie in de horeca’, zo lezen we in het betreffende hoofdstuk. ‘Gekleurde klanten worden vaak geweigerd. De gemeente Amsterdam vond het nodig een duidelijk signaal te geven dat discriminatie niet kon. Vastberaden om discriminatie op te sporen en te bestraffen kondigde de gemeente aan zelf mystery clients op pad te sturen. Na drie vaststellingen kan een zaak haar uitbatingslicentie verliezen,’ schrijven de auteurs van dat hoofdstuk op basis van een bericht in het Parool van 2012. Dat Amsterdamse voorbeeld moet dan dienen als illustratie van een pleidooi voor een gelijkheidsagentschap dat als missie heeft discriminatie te voorkomen door een leger van gelijkheidsinspecteurs op pad te sturen.

Dat hoofdstuk is wat mij betreft het zwakste van het boek dat ook op andere plekken een sterk geloof in overheidsmaatregelen ten toon spreidt en erg weinig in de zelforganisatie en zelfactiviteit van de bevolking.

 

 

Soort artikel: 

Reactie toevoegen

Plain text

  • Toegelaten HTML-tags: <a> <em> <strong> <cite> <blockquote> <code> <ul> <ol> <li> <dl> <dt> <dd>
  • Adressen van webpagina's en e-mailadressen worden automatisch naar links omgezet.
  • Regels en alinea's worden automatisch gesplitst.
Uw reactie zal niet meteen verschijnen, deze wordt eerst goedgekeurd door de beheerder.
To prevent automated spam submissions leave this field empty.
Image CAPTCHA
Vul de tekens uit bovenstaande afbeelding in.

Reageren