Borderless

7 December 2019

Ingrijpen in Libië: imperialistische agressie of humanitaire interventie?

Nadat de Veiligheidsraad het groene licht gaf voor het afdwingen van een no-fly zone vielen deze week de eerste westerse bommen op Libië.

Is militaire actie tegen Libië noodzakelijk om het afslachten van zijn tegenstanders door Gadaffi te stoppen? Of is het imperialistische agressie, gedreven door politiek eigenbelang en zal het slechts leiden tot een verslechtering van de omstandigheden voor de Libische bevolking? Links is verdeelt en deze ingewikkelde kwestie kan niet opgelost worden met kretologie over 'verzet tegen imperialisme' of 'onvoorwaardelijke steun aan de rebellen'. Een concrete evaluatie van de verhoudingen in Libië, niet revolutionaire retoriek of het verkondigen van abstracte principes, is bittere noodzaak.
De dubbele standaarden van het westen zijn overduidelijk. Hoe kunnen we geloven dat politici die tot de laatste snik Mubarak verdedigden en die zelfs weigeren om het dodelijke geweld van de monarchie van Bahrein tegen demonstranten te veroordelen, oprecht begaan zijn met de toestand van mensenrechten in Libië? Net zo duidelijk is de westerse medeverantwoordelijkheid voor het creëren van Gadaffi's monsterlijke regime. De relatie tussen Tripoli en het westen heeft pieken en dalen gekend maar over het algemeen wordt hij al decennialang gesteund en bewapend door verschillende westerse mogendheden. Het is dus duidelijk dat we zeer sceptisch moeten zijn over de beweegredenen van de voormalige koloniale machten en over hun plotselinge goede zorgen voor de Libische bevolking.
Maar geen van deze overwegingen op zich is een argument tegen de no-fly zone. Een afwijzing van westers militair ingrijpen moet gebaseerd zijn op een analyse van de risico's en mogelijke gevolgen - en we moeten onder ogen zien dat de leiders van de rebellen om een no-fly zone gevraagd hebben. We moeten een beter alternatief voorstellen dan blogposts met lege verklaringen van solidariteit en anti-imperialisme.
Als westers links niet ingaat op het feit dat de leiders van de Libische rebellen om een no-fly zone gevraagd hebben geven we blijk van een zeer paternalistische houding tegenover mensen die hun leven wagen in de strijd tegen een meedogenloze dictator. Niemand kan echt beoordelen in hoeverre deze leiders de wil van de bevolking vertegenwoordigen. En toen voor het eerst het idee van een no-fly zone werd voorgesteld, ongeveer een maand geleden, kon dit idee op weinig sympathie rekenen van de kant van de rebellen. Toen leek het erop dat de rebellen op een overwinning afkoersten en gaven hun leiders goede argumenten tegen een no-fly zone: een militaire interventie zou Gadaffi de kans geven zich voor te stellen als het slachtoffer van imperialistische agressie. Bovendien gaven de rebellen zelf blijk van wantrouwen over de beweegredenen van de westerse mogendheden. Aangezien de aanhangers van Gadaffi de laatste weken momentum wonnen moet de ommezwaai van de rebellen gezien worden als een – begrijpelijke – blijk van wanhoop. Hun eerdere argumenten zijn nog steeds geldig maar nu de troepen van Gadaffi het grootste deel van het land onder controle hebben is de situatie veel moeilijker geworden.
Militair ingrijpen afwijzen is moeilijk en doet ons overkomen als mensen die weigeren reële problemen onder ogen te zien en die abstracte principes belangrijker vinden dan mensenlevens. Wat we ten eerste moeten doen is oproepen tot het leveren van luchtafweergeschut en andere middelen om zichzelf te verdedigen aan de rebellen. Dit zou hen een betere kans geven tegen de troepen van Gadaffi die al tientallen jaren lang wapens hebben ontvangen van het westen. Het is toe te juichen dat de huidige Egyptische regering wapens levert aan de rebellen. Maar we moeten ook erkennen dat onze mogelijkheden beperkt zijn en dat westerse mogendheden, terecht, zeer weinig krediet hebben bij de Arabische bevolking. Onze eigen regeringen moeten allereerst hun steun aan dictaturen staken.
Ten slotte is het risico van een grootschalige militaire interventie reëel – als de oorlogsmachine eenmaal op gang is, komt zij maar moeilijk tot stilstand. Als de situatie escaleert en buitenlandse troepen tientallen burgers doden kan de bevolking zich tegen hen keren en de zijde van Gadaffi kiezen. En we weten allemaal dat de regeringen van Frankrijk, Groot-Brittannië en de Verenigde Staten niet het goed van de mensheid maar strategische belangen in de olierijke regio op het oog hebben. Het risico dat westers militair ingrijpen nieuwe problemen zal creëren is groot. Al op de eerste dag berichtten media dat inwoners van Tripoli zich tegen de aanvallen keerden en meer mensen zich achter Gadaffi schaarden. De oude kolonel gebruikt de aanvallen om zichzelf te presenteren als de verdediger van de natie tegen 'barbaarse kruisvaarders' en de oppositie als buitenlandse agenten weg te zetten. Zodra westerse bommen onschuldige slachtoffers eisen – onvermijdelijk tijdens langdurige militaire operaties – zal Gadaffi meer gehoor vinden voor deze beweringen.

Add new comment

Plain text

  • Allowed HTML tags: <a> <em> <strong> <cite> <blockquote> <code> <ul> <ol> <li> <dl> <dt> <dd>
  • Web page addresses and e-mail addresses turn into links automatically.
  • Lines and paragraphs break automatically.
Uw reactie zal niet meteen verschijnen, deze wordt eerst goedgekeurd door de beheerder.
To prevent automated spam submissions leave this field empty.
Image CAPTCHA
Enter the characters shown in the image.

Reageren