22 September 2020

Links kan niet tegen uiterst rechts vechten als het uiterst rechts niet begrijpt

Vorig jaar was ik aanwezig bij een demonstratie tegen het optreden van Steve Bannon bij de Oxford Union (debatvereniging in Oxford). De menigte riep: 'Nazi-schorem, uit onze straten'; een leus die ook bij andere demonstraties klonk. In de VS wordt 'Geen Trump! Geen KKK! Geen fascistische VS!' steeds populairder. De activist Owen Jones noemt zichzelf 'anti-fascistisch', terwijl Patrick Harvie MSP, mede-convenant van de Schotse Groene Partij, president Trump heeft omschreven als 'steeds fascistischer'. In juni 2019 bestempelde congresvrouw Alexandria Ocasio-Cortez het presidentschap van Trump als 'fascistisch' bij haar kritiek op de detentiecentra voor migranten aan de grens van de VS met Mexico.

Ondertussen worden rechtse politici op Twitter regelmatig als fascisten aangeklaagd. Roger Griffin, auteur van The nature of fascism en een vooraanstaand expert op dit gebied, vertelde me dat hij zelfs Boris Johnson, de European Research Group en Margaret Thatcher als 'fascisten' gelabeld heeft gezien.

Het is voor sommigen aan de linkerkant gebruikelijk geworden om op de opkomst van uiterst rechts te reageren door individuele politici en hun bewegingen te bestempelen als 'fascisten'. De zweem van autoritarisme en xenofobie is genoeg om veroordelingen op te roepen die vaak verschillende politieke ideologieën door elkaar halen. Sommigen behandelen uiterst rechts als een homogeen blok dat zowel verklaard als verworpen kan worden met deze enkele term.

Maar de veronachtzaming van de precisie in het discours rond uiterst rechts verzwakt de politieke analyse en kan contraproductief zijn in de strijd tegen de verschillende ideologieën die er deel van uitmaken.

Er is een steeds duidelijker scheiding tussen het gebruik van 'fascistisch' en de academische en technische definitie ervan. Hoewel er gedetailleerde discussies zijn over de definitie van 'fascisme', vaak tussen marxistische en niet-marxistische analytische kaders, is het nog steeds mogelijk om de term op een precieze en consistente manier te gebruiken.

Dat wil niet zeggen dat het fascisme een concept is met één enkele, heldere definitie. Inspanningen om het fascisme te conceptualiseren schakelen over van een poging om een verslag van het interbellum-fascisme op te stellen naar een a-historisch theoretisch verslag dat verwant is aan de kaders van het socialisme en het conservatisme.

In zijn essay over fascisme schrijft de cultuurtheoreticus Umberto Eco dat het fascisme van het interbellum een 'wazig totalitarisme, een collage van verschillende filosofische en politieke ideeën, een bijenkorf van tegenstellingen' was. Vandaag de dag heeft de studie van het fascisme het concept zo ver ontwikkeld dat het systematisch kan worden toegepast door wetenschappers - iets wat in de twintigste eeuw veel moeilijker was.

Griffin zegt dat de meest algemeen aanvaarde definitie is dat het fascisme een revolutionaire beweging is voor totale maatschappelijke transformatie, uitgedrukt in een grote verscheidenheid aan varianten. Voor hem is het fascisme een bepaald soort ultranationalisme dat gebruik maakt van een mythische component zoals 'zuiverheid van bloed' of rassengeschiedenis om een kunstmatig gevoel van gemeenschappelijke lotsbestemming en identiteit te creëren. Hij stelt dat een verlangen naar de wedergeboorte van de natie na haar mislukking als decadent, zwak en bedreigd, centraal staat in het fascisme.

Zoals de Britse fascist Derek Holland in de jaren tachtig schreef in zijn pamflet The political soldier: 'Als we een verlossende Nationale Revolutie willen hebben, die zal werken als een reinigend vuur van zuivering, moeten we... een heilige broederschap oprichten, toegewijd aan de verlossing van ons volk en aan de redding van het Europese moederland.'

De logica van deze aanpak - het mechanisme waarmee het fascisme zijn doel bereikt - leidt tot geweld, etnische zuivering en oorlog. Anders Breivik, de terrorist die in 2011 in Noorwegen 77 mensen doodde, is een fascistisch archetype. Zijn aanslagen waren bedoeld om een burgeroorlog met moslims te bespoedigen die de wedergeboorte van Noorwegen zou teweegbrengen.

Volgens deze definitie, zo betoogt Griffin, zijn figuren als Trump, Poetin, Erdogan en Farage geen fascisten. 'Zelfs Tommy Robinson... roept niet op tot een rassenrevolutie. Ze mogen dat dan wel in de beslotenheid van hun eigen kroeg zeggen, maar naar buiten toe is hun ideologie geen revolutionair nationalisme, het is nationalisme. Het is racistisch, maar het is geen revolutionair racisme, en daarom is het technisch gezien niet fascistisch.'

Zelfs de marxisten die het fascisme met het kapitalisme verbinden, zijn het erover eens dat deze figuren ten onrechte als fascistisch worden bestempeld. Daniel Woodley, de auteur van Fascism and polical theory, vertelde me dat hij Tommy Robinson karakteriseert als een xenofobe neo-nationalist. Hij wijst op de intolerantie van Trump ten opzichte van liberaal-kosmopolitische verhalen over wereldwijde onderlinge afhankelijkheid en mensenrechten als reden om hem te zien als een autoritair conservatief met een sterk populisme-instinct. Maar geen van beide, stelt hij, is een fascist.

De socialistische historicus David Renton beschrijft het fascisme als een reactionaire massabeweging die antisemitisme, antisocialisme en een leiderschapscultus omvat. Een van de centrale stellingen van zijn nieuwe boek, The new authoritarians, is dat de term 'fascist' de laatste jaren te losjes wordt gebruikt.

'Noch Donald Trump, noch Steve Bannon of Nigel Farage is een fascist,' schrijft Renton. 'Zelfs het electorale succes van Marine Le Pen is afhankelijk van een 40 jaar durend project waarin het Front [National] zich herhaaldelijk heeft gedistantieerd van het fascisme.'

Hoe moet uiterst rechts dan vanuit een ideologisch perspectief worden gekarakteriseerd?

In zijn nieuwe boek The Far Right Today begint de politicoloog Cas Mudde met het in tweeën delen van uiterst rechts: radicaal rechts en extreemrechts. Dit onderscheid wordt ook gebruikt door een andere historicus van het fascisme, Nigel Copsey. Radicaal rechts ondersteunt de democratie, maar veroordeelt de belangrijkste onderdelen van de liberale democratie, met name de rechten van minderheden en de rechtsstaat. Extreemrechts verwerpt de democratie zelf. Fascisme valt in de tweede categorie.

Zo heeft radicaal rechts betoogd dat in de Brexit-onderhandelingen de rechten van Europese burgers als onderhandelingsmiddel moeten worden gebruikt om de EU de hand te reiken en de soevereiniteit van het volk veilig te stellen. De rechten van minderheden - fundamenteel voor de liberale democratie - worden terzijde geschoven, maar de democratie blijft toch een beginsel.

De wens om de democratie zelf volledig uit te bannen is veel minder gebruikelijk. Het is moeilijk te zeggen hoe groot extreemrechts precies is; haar leden houden vaak een laag profiel of een profiel van radicaal rechts (zoals de BNP dat doet). Maar het is waarschijnlijk dat de omvang ervan wordt overschat.

Woodley zegt dat er in de ontwikkelde wereld geen openlijk fascistische regimes bestaan. Griffin stelt dat er in de VS en Duitsland weliswaar 'een paar duizend neonazi's' zijn, maar dat ze geen ernstige bedreiging vormen voor de burgerlijke democratie.

In de afgelopen jaren, waarin extreemrechts de macht heeft gezocht via verkiezingen, is de impact daarvan gering geweest. De Griekse fascistische partij Golden Dawn was bijvoorbeeld ongewoon succesvol toen zij bij de Griekse parlementsverkiezingen van begin 2010 6 tot 7 procent kreeg - maar in 2019 had zij geen enkele zetel meer. Het is niet zo dat het fascisme geen bedreiging vormt - maar het samenvoegen van het fascisme en uiterst rechts overdrijft de omvang van die bedreiging.

Waarom bestempelen sommigen op links dan ten onrechte rechts als fascistisch?

Waarom geeft een politieke actor zijn tegenstander een verkeerde voorstelling van zaken? Om het argument te winnen. Of, zoals Mudde me vertelde: [voor het] 'Shock-effect. Als je iemand kan linken aan... de Nazi's en de Holocaust, hoef je niet meer uit te leggen of te rechtvaardigen waarom we tegen hen moeten vechten.' Deze historische context plaatst de termen 'fascist' en 'Nazi' bij de meest beladen en emotionele beledigingen in de Engelse taal.

Het is waarschijnlijk ook waar, vertelde Mudde me, dat sommigen aan de linkerkant echt geloven dat hun tegenstanders fascisten zijn. Maar het is aan deze mensen om ofwel een ideologische uiteenzetting van het fascisme te geven waarin iemand als Trump past, ofwel aan te tonen dat Trump niet alleen een nationalist is, maar ook een revolutionaire nationalist.

Het onderscheid maken tussen deze ideologieën en precies zijn met onze termen is niet alleen een kwestie van politieke wetenschap. De manier waarop de taal in het politieke discours wordt gebruikt en de loskoppeling daarvan van technische definities, heeft verstrekkende gevolgen voor de politieke beoordeling en voor de bestrijding van uiterst rechts zelf.

Als links rechts en zijn aanhangers fascistisch noemt, staat het rechts vrij om nepnieuws te claimen. Een verkeerd gelabelde, overtrokken beschuldiging is makkelijker af te wijzen dan genuanceerde kritiek. Dit gebeurde in 2006, toen David Cameron Ukip afwees als een stelletje 'dwazen, gekken en stiekeme racisten'. Verre van Ukip's astronomische opkomst, leken de beschuldigingen van racisme de ontluikende partij te helpen. Het etablissement had zijn toevlucht genomen tot karikaturen en daarmee had het alleen maar de positie van Ukip als partij buiten het politieke establishment geplaatst.

Steve Bannon begrijpt dit effect duidelijk. In 2018 vertelde hij activisten van het Front National: 'Laat ze jullie racisten noemen. Laat ze jullie xenofoben noemen. Laat ze jullie nativisten noemen. Draag het als een ereteken.'

Deze retoriek lijkt ook het beeld van links te beschadigen, waardoor het hysterisch en overgevoelig lijkt en zich bezighoudt met marginale kwesties. Dit ondermijnt op zijn beurt de kritiek van links op uiterst rechts.

Renton wijst op het verzet van Italiaans links tegen de pensioenhervormingen van de toenmalige Italiaanse premier Berlusconi in de jaren negentig, die zich concentreerden op het feit dat Berlusconi leden van de Nationale Alliantie, die zijn wortels had in de neofascistische Italiaanse Sociale Beweging, in zijn eerste kabinet had opgenomen. Toen links vervolgens soortgelijke wetten invoerde toen het aan de regering deelnam, werd het van oneerlijkheid beschuldigd.

'Het probleem met het gebruik van de term tegen mensen die niet echt fascist zijn, is dat links een publiek heeft,' zei Renton, 'en als mensen zien dat een term herhaaldelijk wordt misbruikt, gaan ze links wantrouwen.'

Het grootste gevaar is dat de overdrijving over uiterst rechts ertoe leidt dat mensen de ideologieën die erin schuilgaan negeren en dat we een cruciale kans missen om een kracht te bestrijden die onze vrijheden bedreigt. Elke poging om verkeerde informatie en de krachten die deze verspreiden tegen te gaan, moet uitgaan van een positie waarin de waarheid, zelfs ten opzichte van de tegenstanders, wordt gerespecteerd.

Dit artikel verscheen op NewStatesman. Nederlandse vertaling redactie Grenzeloos.

Soort artikel: 

Reacties

Door Rene ( ) op

Dit is wetenschappenlijke muggezifterij die los staat van iedere realiteit. Het zal de betreffende minderheden niets uitmaken of ze worden uitgesloten buiten de democratie of binnen de democratie (is het dan nog een democratie?). Het onderscheid "radicaal-rechts" en "extreemrechts" valt niet te maken. Ze zijn allebei racistisch en pakken hetzelfde uit voor links en minderheden als ze aan de macht komen. En vergeet niet dat fascisten altijd zullen liegen over hun bedoelingen. De Nazi's hadden de holocaust niet in hun partijprogramma staan en achteraf wisten ze allemaal van niets. Fascisme is een vage term die onhandig is om te gebruiken, beter is het om het racisme (en anti-links) te benoemen.  Een categorie racisme-light (radicaalrechts) bestaat niet.

Door Federico Lafaire op

Dag Rene,

Persoonlijk vind ik dit artikel van Freddie Hayward niet wetenschappelijk, noch radicaal links. Het is echter een behoorlijk simpel stuk, geschreven uit een breed progressieve standpunt. Volgens mij is de kern boodschap: "Linkse mensen: noem niet alle rechtse, authoritaire leiders fascisten."

Verder ben ik het erg met je eens met wat betreft de reeele gevaren voor geracialiseerde mensen  en andere gemarginaliseerden. Als je een diepgander stuk hierover wil lezen, raad ik wat Peter Drucker schreef in "De opkomst van uiterst rechts in Europa" https://www.grenzeloos.org/content/de-opkomst-van-uiterst-rechts-europa. "een echt fascistisch regime in Europa lijkt relatief onwaarschijnlijk in de nabije toekomst. Wanneer men zich daarop concentreert, riskeert men de aandacht af te leiden van de talrijke en ernstige gevaren van het aan de macht komen van uiterst-rechts, vooral voor raciale en seksuele minderheden en voor de arbeidersbeweging. De uitdagingen waar links voor staat in de strijd tegen de reactie zullen al groot genoeg zijn."

We zijn een jaar verder. En als we in de peilingen van de burgelijke media moeten geloven, kan de FvD op een electorale winst rekenen. Maar zoals we laatst hebben gezien (b.v. Maarten Kluit's "nazi" tweet mbt Baudet), zijn er veel mensen binnen linkse en progressieve kringen die niet verder komen dan een niveau van "fascisme! fascisme! fascisme!" met betrekking tot analyses van uiterst rechts.

Maar theorie en analyses zijn belangrijk. Niet omdat er plezier te halen is met "wetenschappenlijke muggezifterij". Maar omdat theorie en analyse bijdraagt aan de actie-, organisatie- en coalitievormen van activisme. Als linkse internationalist, kan je niet zomaar zeggen: Pinochet, Erdogan, Modi, en Kaczyński zijn allemaal hetzelfde, met hetzelfde gevolgen voor links en voor minderheden. Analyse doet er aan toe. (zie ook: interview met Enzo Traverso: "Fascisme en postfascisme" - https://www.grenzeloos.org/content/fascisme-en-postfascisme.

Door Rene ( ) op

Beste Federico, Ik begrijp je punt. Het gaat mij ook niet om het gebruik van de term fascisme. De definties daarvan lopen zo ver uiteen dat het gebruik in de praktijk onwerkbaar is. Ik heb wel bezwaar tegen het onderscheid dat sommige wetenschappers maken tussen radicaalrechts en extreemrechts. Dat is in de praktijk, zeker in Nederland, nauwelijks aanwezig. Het creeert een ongewenste racisme-light categorie. Het lijkt mij dat iedere partij die zich schuldig maakt aan racisme of andere vormen van discriminatie zich buiten de (democratische) orde plaatst en dus extreemrechts is. Zo moeten we dat dus ook benoemen. Alle andere termen zoals onfatsoenlijk, populistisch of radicaalrechts zijn eufemismen die in de praktijk racisme normaliseren.

Door Willem Bos op

Beste Rene.

Ik geloof niet dat ik het met je eens ben dat er geen gradaties zijn in racisme. Witte mensen die van mening zijn dat anderen ‘untermenschen’ zijn die vernietigd moeten worden, die betreuren dat Hitler zijn werk niet af heeft kunnen maken, en die graag mee zouden helpen dat alsnog te doen, dat is toch een andere categorie dan huizenbezitters die hun huis niet wil verhuren aan iemand met een buitenlandse naam, werkgevers die allen maar ‘onze’ mensen aan willen nemen of iemand in een zorginstelling die niet geholpen wil worden door een Turkse of Marokkaanse hulp, of iemand die nog steeds vind dat zwarte Piet ‘moet kunnen’. Dat is allemaal racisme, dat moet allemaal betreden worden, dat kan van het ene in het andere overlopen, maar het is niet volstrekt het zelfde, en we moeten het niet behandelen alsof het het zelfde is.

Dat geldt ook voor de politiek. Tegenover partijen die expliciet racistisch zijn zoals de PVV en Forum (ook al is de term ras al lang vervangen door afkomst, cultuur, of religie) staat maar één partij die expliciet antiracistische is: Bij1. Alles daar tussen in gaat soms wel, soms niet, soms sterker soms minder sterk, mee met racistische stereotypen en beleid. Je kan m.i. dan ook niet zeggen dat die partijen “zich buiten de (democratische) orde plaatst en dus extreemrechts zijn.” Dan heeft die term weinig inhoud meer.

Het probleem van racisme is veel omvattender dan het bestaan van rechtse en uiterst rechte groepen. De Nederlandse cultuur is al eeuwen doordrenkt met racisme (de ideologie die diende als rechtvaardiging van de slavenhandel en het kolonialisme waar Nederland rijk mee is geworden) en dat zien we dagelijks. Terwijl er nu ‘Nederlanders’ uit China worden geëvacueerd, omdat ze wel eens ziek zouden kunnen worden, creperen er elders ‘Nederlandse’ kinderen omdat ze de pech hebben dat hun ouders bij de IS zaten. Nederland werk volop mee met het Europese beleid waardoor er jaarlijks duizenden mensen (Afrikanen) in de Middellandse zee verdrinken. Ook dat is racisme. Ook dat moeten we bestrijden ook al wordt dat door de ‘democratische orde’ volop gesteund.

Groet Willem.

Reactie toevoegen

Plain text

  • Toegelaten HTML-tags: <a> <em> <strong> <cite> <blockquote> <code> <ul> <ol> <li> <dl> <dt> <dd>
  • Adressen van webpagina's en e-mailadressen worden automatisch naar links omgezet.
  • Regels en alinea's worden automatisch gesplitst.
Uw reactie zal niet meteen verschijnen, deze wordt eerst goedgekeurd door de beheerder.
To prevent automated spam submissions leave this field empty.
Image CAPTCHA
Vul de tekens uit bovenstaande afbeelding in.

Reageren