22 September 2020

Pasokificatie in Groot-Brittannië

De uitslag van de Britse verkiezingen vorige week kwam voor veel mensen als een verrassing, en  een schok. Daar waren twee redenen voor: ten eerste was er de onverwachte zetelwinst van de conservatieve Tories. Dit ging in tegen de voorspellingen van de opiniepeilers en stelde de conservatieven in een staat een regering te vormen zonder een coalitie te hoeven vormen. Ten tweede legde deze verkiezing de diepe kloof bloot tussen politiek in Schotland en de rest van het Verenigd Koninkrijk: in Schotland werden de belangrijkste Britse partijen vrijwel weggevaagd en won de Scottish National Party (SNP) 56 van de 59 zetels.

De afgelopen vijf jaar hebben de Tories in een coalitie met de Liberal Democrats een bezuinigingspolitiek gevoerd die leidde tot massaprotesten van studenten tegen verhoging van studiekosten en tot stakingen in de openbare sector. Groeiende dakloosheid en de manier waarop bezuinigingen op sociale voorzieningen hebben bijdragen aan de dood van gehandicapten en chronisch zieken leidden tot woede.

Labour, traditioneel de partij van de vakbeweging en nog steeds de partij met de steun  van de meeste vakbonden, faalde erin om een geloofwaardige oppositie te vormen tegen deze bezuinigingspolitiek. Bang om de rechtse media tegen zich in het harnas te jagen, accepteerde Labour al snel na hun nederlaag in 2010 de conservatieve lezing van de gebeurtenissen: bezuinigingen zouden noodzaak zijn omdat de vorige Labour-regering te veel zou hebben uitgegeven. Daarbij werd voorbij gegaan aan e wereldwijde kapitalistische crisis die de krachten van de Britse regering te boven ging. Deze misleidende interpretatie bracht Labour ertoe conservatieve standpunten over te nemen en zichzelf te afficheren als 'de partij van fiscale verantwoordelijkheid'. Het manifest van Labour bevatte een aantal duidelijke verschillen met de voorstellen van de conservatieven – maar beloofde ook een voortzetting van de bezuinigingen en nog strenger optreden tegen mensen met een uitkering en immigranten.

In de weken voor de verkiezingen gingen Labour en conservatieven in de peilingen nek aan nek en was het moeilijk te voorspellen wie de winnaar zou worden. De meeste waarnemers verwachtten een parlement waarin geen enkele partij een meerderheid zou hebben en de grootste partij gedwongen zou zijn een coalitie te vormen.

Naarmate het duidelijk werd dat in Schotland Labour weggevaagd zou worden werd er druk gespeculeerd over een regering waarin de sociaaldemocraten afhankelijk zouden zijn van de SNP. In de dagen voor de verkiezingen werd dit scenario het doelwit van de conservatieve campagne; de rechtse pers verklaarde dat Schotland 'het Verenigd Koninkrijk gijzelde' en er verschenen grote reclameborden waarop de voormalige Schotse premier Alex Salmond werd afgebeeld als een zakkenroller en de leus; 'Don't Let the SNP Grab Your Cash.'

De xenofobe anti-Schotse campagne miste zijn effect niet. Onder druk gezet verklaarde Labour dat ze geen coalitie zou vormen met de SNP. Rechtse Engelse kiezers keerden uit angst voor de SNP terug van UKIP naar de Tories en hielpen zo de conservatieven hun kleine meerderheid te winnen. Deze campagne gaat er aan voorbij dat de SNP op het punt stond op democratische wijze de verkiezingen te winnen. Deze partij bij voorbaat uitsluiten van welke coalitie dan ook geeft een duidelijk signaal aan de Schotten; ze zijn welkom als deel van het Verenigd Koninkrijk, op voorwaarde dat ze op de juiste partij stemmen... (En ondertussen, dankzij het archaïsche Britse electorale systeem, vormen de conservatieven een regering terwijl minder dan één op de vier kiesgerechtigde Britten op hen gestemd heeft).

Labour zag zichzelf sinds de jaren twintig als de vanzelfsprekende favoriet van arbeiders in de steden, vooral  in Schotland. Er was een bekend gezegde dat in het Lanarkshire district in centraal Schotland dat een hond met een Labour speldje nog de verkiezingen zou kunnen winnen. Enkele van de Labour parlementariërs die afgelopen week hun zetel verloren zaten er al sinds de jaren zeventig en tachtig. Maar er is een lang proces gaande waarin Schotse kiezers zich steeds meer afkeren van Labour. Het neoliberale beleid van Tony Blair, de Irak-oorlog, de halfslachtige oppositie tegen bezuinigingen en ten slotte de Labour campagne tegen Schotse onafhankelijkheid, samen met de conservatieven, tijdens het referendum daarover vorig jaar hebben de Schotten in toenemende mate Labour de rug toe doen keren.

De voortdurende aftakeling van Labour wordt wel Pasokificatie genoemd, naar de voormalige Griekse regeringspartij die naar de electorale vuilnisbelt is verwezen vanwege hun onvermogen zich te verzetten tegen de internationale financiële instellingen. Verspreid over Europa staan sociaaldemocratische partijen voor hetzelfde dilemma. Als deze partijen er niet in slagen oppositie te voeren tegen bezuinigingen en sociale kaalslag, zal hun natuurlijke aanhang hen als irrelevant gaan zien. In Griekenland is de sociaaldemocratische partij vervangen door een partij links van haar, Syriza, maar bijvoorbeeld de opkomst van het Front National in Frankrijk toont aan dat ook uiterst rechts kan profiteren van de teloorgang van de sociaaldemocratie. In het Verenigd Koninkrijk is de afbrokkeling van Labour in Schotland, ooit haar bastillion, verder gevorderd dan in de rest van het Verenigd Koningkrijk. In Schotland was een veelgehoorde leus in de aanloop naar de verkiezingen; 'weg met de rode Tories'.

De SNP is veel gematigder dan bijvoorbeeld Syriza. Het SNP verkiezingsmanifest was in veel opzichten vergelijkbaar met dat van Labour. Maar de SNP campagne concentreerde zich op twee punten; oppositie tegen bezuinigingen, met de eis van een kleine groei van de publieke uitgaven, en tegen de vernieuwing van de Britse nucleaire massavernietigingswapens – alle Britse kernbommen liggen opgeslagen in Schotland, ondanks het feit dat de bevolking dat massaal  afkeurt. In de ogen van het publiek was de SNP duidelijk linkser dan Labour.

Hoe links je de SNP ook inschat, hun opkomst is een nagel aan de doodskist van het gevestigde Britse politieke systeem, in Schotland vertegenwoordigt door Labour. De voorstanders van Schotse onafhankelijkheid verloren het referendum maar zaken als het  Schots zelfbestuur en de machtsverdeling binnen het Verenigd Koninkrijk blijven centraal staan in de Schotse politiek. En nu er in London een hard rechtse regering gevormd wordt die geen steun heeft in Schotland zullen deze kwesties alleen maar meer op de voorgrond komen te staan. De conservatieven hebben een referendum beloofd over het Britse lidmaatschap van de EU. Een dergelijk initiatief zal tot nog meer spanningen leiden en wellicht tot hernieuwde roep van de onafhankelijkheidsbeweging voor een nieuw referendum over de status van Schotland.

Ondertussen vonden in London in Downing Street, waar de ambtswoning van de premier staat, al protesten plaats. Het programma van de nieuwe regering kan bepaald niet op onverdeelde steun rekenen. In het gehele Verenigd Koninkrijk moeten mensen nu verzet organiseren tegen het conservatieve beleid van sociale afbraak, privatisering van de gezondheidszorg en aantasting van de rechten van individuen en vakbonden.

Dossier: 
Soort artikel: 

Reactie toevoegen

Plain text

  • Toegelaten HTML-tags: <a> <em> <strong> <cite> <blockquote> <code> <ul> <ol> <li> <dl> <dt> <dd>
  • Adressen van webpagina's en e-mailadressen worden automatisch naar links omgezet.
  • Regels en alinea's worden automatisch gesplitst.
Uw reactie zal niet meteen verschijnen, deze wordt eerst goedgekeurd door de beheerder.
To prevent automated spam submissions leave this field empty.
Image CAPTCHA
Vul de tekens uit bovenstaande afbeelding in.

Reageren