Borderless

22 November 2019

Het gevangenis-industrieel complex in de Verenigde Staten, kapitalistische staatsterreur tegen de armste delen van de bevolking

Een van de vele smerige verschijnselen van het moderne kapitalisme is de explosieve stijging van het aantal gevangenen in de VS (en niet alleen daar). Hierbij speelt racisme een grote rol, maar ook alle gevolgen van de langdurige economische crisis en van de bloeiende drugscriminaliteit. [leestijd 8 minuten]

Een deel van die gevangenen zit soms zeer lang op de doodstraf te wachten. Maar zelfs de gevangenis waarin miljardair Epstein verbleef voordat hij zelfmoord pleegde, is berucht. Volgens Amnesty staat de behandeling in dit Metropolitan Correctional Centre bekend als “wreed, onmenselijk en mensonterend”. De overvolle gevangenis is ook bekend als “een goelag in Lower Manhattan”. Volgens Wacquant is het moderne gevangenissysteem in de VS alleen te begrijpen als vervolg op de slavernij, het Jim Crow systeem en de ghetto’s. De oververtegenwoordiging van zwarten achter de tralies is volgens hem een tamelijk recent verschijnsel, met 1988 als omslagpunt. Hij spreekt over de ‘eerste echte gevangenismaatschappij’ in de geschiedenis. Michelle Alexander heeft een invloedrijk boek geschreven met de titel ‘The New Jim Crow: Mass Incarceration in the Age of Colourblindness’. De snelst groeiende groep in de Amerikaanse gevangenissen bestaat nu uit Latino’s. Against the Current geeft als cijfers voor het aantal gevangenen: 252.615 in 1950, 2.232.717 in 2003. In 1950 was 65% van de gevangenen wit, in 2003 was dat 35%. Vanaf ongeveer 1980 tot begin deze eeuw steeg het aantal uitgevoerde doodstraffen snel, vooral in de zuidelijke staten. In dezelfde periode steeg navenant het aantal gevangenen in de dodencel.

Sinds het begin van de jaren zestig is de gevangenisbevolking in de VS met 900 procent toegenomen. Steeds meer spelen kapitalistische gevangenisbedrijven hierin op vele manieren een rol. In 1965 was de gevangenisbevolking nog ongeveer 800.000, nu is dat een zeven miljoen en dat is ongeveer drie procent van de bevolking van de VS. Dat betreft de armste en meest gemarginaliseerde delen van de bevolking. Ook nadat mensen vrij komen, hebben zij nog op vele manieren ernstig te lijden onder hun detentieperiode en dat geldt natuurlijk ook voor hun families en de gemeenschappen waarin zij leven. In 2016 zaten[i] in Japan 45 op de 100.000 inwoners gevangen, in Nederland waren dat er 61, in Frankrijk 101 en in de VS 666. Met ‘gevangenisbevolking’ in de VS worden zowel de mensen bedoeld die achter de tralies zitten, als degenen die onder een vorm van justitieel toezicht en controle vallen.

Hoewel zwarte mensen en Latino’s oververtegenwoordigd zijn in de gevangenisbevolking van de VS, zitten relatief de meeste mensen gevangen in enkele witte staten. De massale gevangenispopulatie in de VS is in de eerste plaats een klassenprobleem. De stijging van het aantal gevangenen vanaf de jaren zestig valt samen met de stijging van de criminaliteit in dat land en met het begin van economische en sociale crisisverschijnselen en het neoliberalisme. Zo steeg bijvoorbeeld de werkloosheid onder zwarte jongeren van 17% in 1954 tot 26% in 1965. Daarom is er volgens Mark Jay voor een marxistische analyse een concreet historisch onderzoek nodig van het politiek-economisch systeem waarvan het gevangenissysteem een onderdeel is. Vier elementen zijn volgens hem daarbij van belang en die hebben een dialectische relatie met het kapitalistische systeem en haar dynamiek als geheel.

Ten eerste moet de grootschalige gevangenisbevolking gezien worden binnen het bredere raamwerk van de repressie door de staat van radicale bewegingen. Een deel van de huidige politiemethoden stamt uit de tijd van de repressie van radicale bewegingen en zwarte activisten uit de jaren zestig en zeventig. Dit heeft ook een acceptatie van de law-and-order politiek door de arbeidersklasse bevorderd. Jay roept nog eens in herinnering dat er tussen 1964 en 1972 in een 300 Amerikaanse steden door zwarten geleide opstanden waren, waarin een half miljoen mensen meededen, ook vele blanke arbeiders. Hierbij werden tienduizenden mensen gearresteerd en vielen er 250 doden. Na de moord op Martin Luther King waren er opstanden in meer dan honderd steden in de VS.

In de tweede plaats is massale opsluiting een van de vele mechanismen om de arbeidersklasse te disciplineren en om de werklozen (de ‘industriële arbeidsreserve’) onder controle te houden. Tussen 1971 en 1981 verdubbelde het werkloosheidscijfer in de VS en de gevangenisbevolking steeg in die jaren met 45%. In de VS gingen 6,8 miljoen fabrieksbanen verloren en de vakbonden verzwakten aanzienlijk. Mede door de grote bezuinigingen op de geestelijke gezondheidszorg onder Reagan verdrievoudigde tussen 1981 en 1989 het aantal daklozen in de VS. Later zorgde Clinton voor een grote groei van de politiemacht en voor het grootste gevangenisbouwproject uit de wereldgeschiedenis. Tegelijkertijd brak hij sociale zekerheid af.  

In de derde plaats zijn ‘misdaad’ en ‘law-and-order’ belangrijk geweest om de sociale tegenstellingen van het post-Fordisme te framen en te naturaliseren en ideologisch te mystificeren.

In de vierde plaats is het hele gevangenissysteem in de afgelopen decennia een plek geworden door grootschalige private investeringen. Private gevangenissen en onderbetaalde  gevangenisarbeid leveren miljarden op. In 1983, toen de ‘war on drugs’ escaleerde, werd het bestaande verbod op private gevangenissen uit 1925 opgeheven. De particuliere gevangenissen treden ook als lobbygroep op en hebben invloed op wetgeving. Tussen 1980 en 2002 kwamen er 350 nieuwe gevangenissen bij in landelijke gebieden. Naast de politie werken er ook nog meer dan een miljoen particuliere beveiligers in de VS. Taylor en Cooper beschrijven op basis van de ervaringen met de geprivatiseerde gevangenis HMP Kilmarnock in Schotland hoe de geprivatiseerde verhoudingen zowel zeer negatief uitwerken op de gevangenen als op het gevangenispersoneel.

In de jaren zeventig werden programma’s voor gevangenisarbeid (waarvoor in 1865 na de Amerikaanse Burgeroorlog al de basis was gelegd) weer aangezwengeld, deels om de snel stijgende kosten van het exploderende gevangeniswezen te drukken. Staatsbedrijven en particuliere ondernemingen zetten gevangenen aan het werk voor een paar cent per uur, waarvan nog een deel werd afgeroomd voor de gevangenis. Dit gaf ook nog een druk op de reguliere arbeidsmarkt voor laaggeschoolden. Het paste in de neoliberale herordening en ‘shockdoctrine’ van de kapitalistische economie en in de grote reorganisatie van de arbeidsmarkt.  

De vorige groeigolf van de gevangenisbevolking in de VS was in de crisisjaren tussen 1925 en 1939, met een stijging van 73 procent. De overvolle gevangenissen waren het toneel van gevangenisopstanden. In 1930 kwamen in Ohio bij een brand 322 gevangenen op het leven, omdat de bewakers de uitgangen gesloten hielden en met machinegeweren bewaakten. Buiten de gevangenissen was er ook sprake van keiharde repressie van radicale bewegingen en van stakingen. Met de 17 miljoen nieuwe banen van de oorlogsindustrie tijdens de Tweede Wereldoorlog daalde ook meteen de gevangenisbevolking. 

Het was niet vreemd dat de repressie van radicale bewegingen in de jaren zestig en de groeiende gevangenisbevolking hebben geleid tot opstanden van gevangenen, deels georganiseerd door de Panthers. George Jackson benadrukte de eenmakende functie van die opstanden en het socialistische karakter ervan. Het aantal opstanden steeg van vijf in 1968 tot 48 in 1971. De staat antwoordde met ‘low-intensity warfare’ en met de moord op George Jackson. De beroemdste opstand was in september 1971 in Attica. 1300 gevangenen (van de 2400) namen gedurende vier dagen de overvolle gevangenis over en zij presenteerden op de nationale televisie een lijst eisen. Gouverneur Rockefeller van New York sloeg met steun van Nixon en 600 state troopers de opstand neer, waarbij 29 ongewapende gevangenen en tien gegijzelde bewakers de dood vonden. Zij kwamen allemaal om het leven door politiekogels. Gewonde gevangenen werden gemarteld en kregen geen medische verzorging. De ware geschiedenis van Attica werd zoveel mogelijk verdoezeld, vervalst en dood gezwegen. Bijvoorbeeld werd er verteld dat de gijzelaars door de gevangenen gedood waren. De opstand in Attica gebeurde in de tijd van de burgerrechtenbeweging, de opstanden in de getto’s en de Black Power beweging. Politiek actieve gevangenen speelden een belangrijke rol om de opstand zo ordelijk mogelijk te laten verlopen. De opstand is gedetailleerd beschreven in het boek van Heather Ann Thompson. De grootvader van de gouverneur, John D. Rockefeller had in 1913 voor een bloedbad gezorgd dat bekend is als de ‘Ludlow Massacre’. Attica was een voorspel voor Guantánamo Bay en Abu Ghraib. Over de systematische   martelingen op de Amerikaanse basis Guantánamo heeft de gevangene Mohamedou Ould Slahi een gecensureerd dagboek geschreven: ‘Guantánamo Diary’. Alfred W. McCoy gaat in zijn boek over de CIA in op de geschiedenis van martelpraktijken in en door de VS.

Als antwoord op Attica werden er nu Supermax gevangenissen gebouwd, met isoleercellen en repressie. Een bewaker in Marion, de eerste Supermax zei in 1973: “Het doel van de controle in Marion is om controle te verkrijgen over revolutionaire houdingen in de gevangenissen en in de maatschappij als geheel”. In een Supermax zou de ervaring van George Jackson een stuk moeilijker zijn geweest. Hij zei: “Ik ontmoette Marx, Lenin, Trotsky, Engels en Mao toen ik in de gevangenis kwam en zij hebben mij gered”.

Een latere en nog langer durende gevangenisopstand was die in 1993 in Lucasville, Ohio. Die opstand duurde elf dagen. Meerdere honderden gevangenen namen een cellenblok over en vermoordden er een bewaker en negen medegevangenen. Volgens historicus Lynd kregen daarna onschuldige mensen de doodstraf. De gevangenis, die in 1972 gebouwd was, werd al snel berucht. Bewakers sloegen drie zwarte Amerikanen dood in de jaren tachtig.

Angela Davis gaat in haar boek dieper in op de kwestie van ras en gender in het Amerikaanse gevangeniswezen en op de geschiedenis van de gevangenissen sinds het vroege kapitalisme.

Een bijkomend verschijnsel is de verdere militarisering van de politie in de VS. Uit de onlangs vertoonde documentaire Do Not Resist bleek dat de politie over hightech wapens en tanks en pantserwagens beschikt. In 2014 verschenen er zwaarbewapende SWAT-teams in de straten van Ferguson, waar de zwarte tiener Michael Brown door een witte agent was doodgeschoten. En dan is er nog het dubieuze predictive policing, het ‘voorspellen’ wanneer mensen een misdaad zullen begaan, een basis voor willekeurige en racistische repressie. Sinds 1982 zijn de politiebudgetten met 445% gegroeid en de politie geeft nu meer dan 400 miljoen dollar per jaar uit aan militaire uitrusting.

Na de piek in 2008 is de gevangenispopulatie ietsje gedaald. Deels door budgettaire problemen na de grote crisis, deels door verzet van sociale bewegingen tegen de politie en de gevangenissen. Er wordt gesproken over ‘alternatieven’ voor celstraffen. Maar daar moet met de nodige argwaan naar worden gekeken, want de private gevangenisindustrie investeert ook in die sector. Onder meer in vormen van elektronische controle en genetische databanken.

Een met dit alles verbonden fenomeen is sinds het begin van de vorige eeuw de massale deportatie van ‘illegale’ migranten uit de VS, die natuurlijk gepaard gaat met racisme, criminalisering en repressie.

Het is de hoogste tijd om na te denken over daadwerkelijke alternatieven voor gevangenissen. Dat wil zeggen over een alternatieve maatschappij.    

[1] Dit stuk is gebaseerd op meerdere artikelen uit het Amerikaanse socialistische blad Against the Current en op onderstaande artikelen.

  • Mark Jay: Cages and Crises: A Marxist Analysis of Mass Incarceration. Historical Materialism 27.1.
  • Loïc Wacquant: From Slavery to Mass Incarceration. New Left Review 13.
  • Genevieve LeBaron: Captive labour and the free market: Prisoners and production in the USA. Capital & Class 95.
  • Phil Taylor and Christine Cooper: ‘It was absolute hell’: Inside the private prison. Capital & Class 96.
  • Zie ook: Angela Y. Davis, 2003, Are Prisons Obsolete?
  • Zie ook: Heather Ann Thompson, Blood in the Water, The Attica Prison Uprisings and Its Legacy.
  • Zie ook: Staughton Lynd, 2004, Lucasville: The Untold Story of a Prison Uprising.
  • Zie ook: Alfred W. McCoy, 2006, A Question of Torture: CIA Interrogation from the Cold War to the War on Terror.
  • Zie ook: Dan Berger, 2014, Captive Nation: Black Prison Organizing in the Civil Rights Era.
  • Zie ook: Dan Berger, 2014, The Struggle Within: Prisons, Political Prisoners, and Mass Movements in the United States.  

[i] NRC van 15-06-2017.

Gedetailleerde informatie is ook te vinden in het maandelijkse Prison Legal News.

 

Soort artikel: 

Add new comment

Plain text

  • Allowed HTML tags: <a> <em> <strong> <cite> <blockquote> <code> <ul> <ol> <li> <dl> <dt> <dd>
  • Web page addresses and e-mail addresses turn into links automatically.
  • Lines and paragraphs break automatically.
Uw reactie zal niet meteen verschijnen, deze wordt eerst goedgekeurd door de beheerder.
To prevent automated spam submissions leave this field empty.
Image CAPTCHA
Enter the characters shown in the image.

Reageren