Borderless

10 December 2019

First Blood

In 1988, het jaar dat Rambo III uitkwam, liep de Koude Oorlog op z’n einde. Toch weerhield dat de zwijgzame vechtmachine er niet van de Russen er nog een keer flink van langs te geven. Toen was de koude oorlogsretoriek al achterhaald. Toch speelt er nu een vierde deel op het witte doek: John Rambo.

Sylvester Stallone achteraf over Rambo III: ‘Ik wist dat we een probleem hadden met de film, toen Gorbachov Nancy Reagan kuste’. Wat heet: een jaar later viel de Berlijnse Muur. In het dagelijks taalgebruik en in veel woordenboeken is Rambo nog steeds synoniem voor ‘extreem gewelddadig’. Tot ver in de uithoeken van de planeet staat de spierbundel met zijn M60 symbool voor Amerika’s militaire avonturen overzee. Leuk of niet: Rambo liep in de jaren tachtig precies in pas met de tijdgeest.
Outsiders
Wie het over Rambo heeft, heeft het natuurlijk over Vietnam en het trauma dat die oorlog betekende voor de Verenigde Staten. Schrijver David Morrell publiceerde zijn roman First Blood, dat de basis zou vormen voor de eerste Rambofilm, al in 1972. Morell doceerde aan de Universiteit van Iowa en ontmoette daar veel jongemannen die net terug waren. Ze vertelden hem over hun nachtmerries, over hoe ze opschrokken van harde geluiden en van hun frustraties over de ontvangst na terugkeer. Het leidde Morrell tot het briljante centrale gegeven van First Blood: wat als de oorlog naar de VS zou komen, precies zoals die in Vietnam is gevoerd? Het verhaal van John Rambo, een getraumatiseerde Vietnamsoldaat die volkomen door het lint gaat wanneer de sheriff van een Amerikaans stadje hem mishandelt, was niets minder dan een antioorlogsroman.
Dankzij twee ambitieuze outsiders werd het boek in 1982 verfilmd. De Libanees Mario Kassar en de Hongaar Andrew G. Vajna kochten met hun spaarcenten de rechten, contracteerden Stallone, en vonden een getalenteerde scenarist (Michael Kozoll) en een uiterst effectieve regisseur (Ted Kotcheff). De rest is geschiedenis. First Blood bracht in Amerika 23 miljoen op en Kassar en Vajna vestigden er hun reputatie mee. Ze produceerde nadien nog kaskrakers als The Terminator, Terminator 2: Judgement Day, Basic Instinct en alle overige Rambofilms.
‘Niets is voorbij’
Morrell liet in zijn roman het vertelperspectief wisselen tussen Rambo en de sheriff. De makers van de film kozen er voor het verhaal alleen vanuit John Rambo te vertellen. Het maakt de emotionele impact des te groter. We volgen Rambo’s overlevingstocht, die begint met het nieuws dat zijn laatst overgebleven kameraad uit ‘nam gestorven is: aan de gevolgen van Agent Orange.
Als vertelling is het allemaal van een bijna Jungiaanse symboliek. Rambo staat aan het begin van de film te liften. Of, in psychologische duiding: hij maakt een (spirituele) reis. Hij wordt opgepikt door de sheriff die hem duidelijk maakt dat zijn soort hier niet welkom is. Hij zet hem over de stadgrens: gesymboliseerd door een brug over een rivier. De film gaat zijn tweede akte in wanneer Rambo de sheriff uitdaagt door zijn Rubicon weer over te steken. Rambo wordt gearresteerd, ontsnapt en vlucht de bossen in. Het einde lijkt gekomen wanneer hij in een oude mijngang ingesloten raakt. In plaats daarvan beleeft hij in de ondergrondse duisternis zijn ‘wedergeboorte’. Wanneer Rambo weer boven komt is hij klaar voor de laatste confrontatie. Met een gestolen legertruck raast hij door de barricades op de brug en blaast het stadje op. Hij rekent af met de sheriff, maar wat belangrijker is: hij bereikt zijn catharsis in de armen van kolonel Sam Trautman (Richard Crenna), zijn mentor en commandant in Vietnam. Rambo die de hele film bijna niks heeft gezegd, huilt hartverscheurend. Zijn reis is ten einde: hij kan woorden geven aan zijn verdriet:
‘Niets is voorbij. Niets. Je kunt het niet zomaar uitzetten. Het was mijn oorlog niet. Jij vroeg mij, ik vroeg jou niet. Ik deed wat ik doen moest om te winnen, maar iemand wilde ons niet laten winnen. En dan keer ik terug naar de wereld, en zie al dat tuig op het vliegveld die tegen mij protesteren. Spugen! Me een babymoordenaar noemen en allerlei soorten smerige rotzooi. Wie zijn zij, om tegen mij te protesteren, zolang ze mij niet zijn, daar niet geweest zijn en weten waarover ze roepen? (…) Daarginds kon ik in een gevechtsvliegtuig vliegen, een tank besturen, ik was verantwoordelijk voor miljoenen dollars aan materieel. Hier, terug, mag ik niet eens auto’s parkeren om wat geld te verdienen.’
Het is een intense scène, geloofwaardig en vol politieke ambiguïteit. Natuurlijk appelleerde Rambo aan rechtse sentimenten die de vredesbeweging de schuld gaven van het verlies in Vietnam. Maar in het citaat is ook de woede terug te vinden die Morrell in zijn roman legde, over het lot van de terugkerende soldaten uit die verafgelegen zinloze oorlog.
‘Do we get to win this time?’
Maar ook al kun je Rambo’s monoloog nauwelijks uitleggen als propaganda voor het Amerikaanse optreden in Vietnam, hij groeide ontegenzeggelijk uit tot een symbool van Amerikaans rechts. Ronald Reagan liet zich fotograferen met de leuze ‘Rambo is a republican’. Die reputatie dankt hij vooral aan Rambo: First Blood Part II (1985)
Het scenario werd ditmaal door James – Terminator - Cameron geschreven en ging uit van de populaire mythe dat er zich nog steeds Amerikaanse krijgsgevangenen zouden bevinden in Vietnam. Rambo keert terug om ze te bevrijden. Officieel keerden de laatste POW’s uit zuidoost Azië in 1973 terug, maar 2400 soldaten blijven tot op heden vermist. De filmrecensies waren vernietigend, de Vietnam Veterans of America protesteerden tegen de manier waarop ‘hun’ oorlog was afgeschilderd, maar het grote publiek had alleen maar oog voor de bloedstollende actie. De film bracht wereldwijd 300 miljoen dollar op.
Spannend is het zeker, met name de scène waarin Rambo het vijandelijke kamp binnensluipt, maar de uitgerekte folterscènes en het lange ratelen van machinegeweervuur zijn óók erg eentonig. Vanwaar dan het succes? De monotone herhaling heeft meer het karakter van een rituele uitdrijving of van pornografie. Wat er uitgedreven moest worden laat zich raden: ‘Do we get to win this time?’ vraagt Rambo aan het begin. Hij wordt dan wel gekoppeld aan de lieftallige Co Bao (Julia Nickson, geboren in Singapore), maar aan de racistische stereotyperingen in de film doet het niets af. Het is dé definitieve ressentiment-film.
Reagan was president én populair. De contra’s in Nicaragua waren ‘freedomfighters’ en Rusland was het ‘evil empire’. In de jaren tachtig zagen de VS een explosieve toename van privaat wapenbezit. Twee op de drie huishoudens bezat een vuurwapen, waaronder naar schatting 500.000 semi-automatische geweren. Barre tijden voor links. In zekere zin is de vijand in Rambo: First Blood Part II ook helemaal niet Vietnamees. De antagonist mét een gezicht en een scène waarin Rambo de confrontatie met hem aangaat, is Murdock (Charles Napier). Murdock is geen Vietnamees, maar een door het Amerikaanse leger in Vietnam gestationeerde bureaucraat. Om de politiek tevreden te stellen geeft hij Rambo opdracht bewijsmateriaal te verzamelen voor het bestaan van POW’s in Vietnam, hopend dat hij faalt. Wanneer Rambo ze toch vindt - en niet alleen fotografeert, maar terugbrengt! – verandert Murdock’s obstructie in regelrecht verraad.
Rambo maakte het allemaal zo aantrekkelijk eenvoudig. Weg met de politici. We get to win this time! De Amerikanen, en hun president, wilden dat het zo was. Op 30 juni 1985 werden, na bemiddeling door Syrië, 39 Amerikaanse gijzelaars vrijgelaten in Libanon. Ronald Reagan liet zich bij die gelegenheid ontvallen: ‘Na Rambo gezien te hebben gisteravond, weet ik wat ik moet doen als zoiets weer gebeurt.’
Fuck the world
Rambo III (1988) bracht Rambo naar Afghanistan waar hij zij aan zij met de islamitische Mudjahedin vocht tegen de Russen. De Sovjetunie was op dat moment verwikkeld in een hopeloze strijd tegen een arm, slecht bewapend volk en het Amerikaanse leedvermaak druipt ervan af: ‘Wij hebben ons Vietnam al gehad. Now you’re gonna get yours,’ grijnst Trautman zijn Russische folteraars toe.
Als film was Rambo III een herhaling van zetten, al bracht het nog steeds een respectabele 189 miljoen op. Meest opvallende aspect aan de film, zeker in het licht van de huidige situatie in de regio, was de opnamelocatie. Het verhaal over Rambo en de heldhaftige strijders van Allah werd namelijk opgenomen in Israël! En ‘het is een eer te sterven voor Allah,’ klinkt twintig jaar later toch heel anders.
Op 21 februari keert John Rambo dus terug, en ditmaal neemt hij het op tegen het leger van Birma. Niet verbazingwekkend dat de militaire junta daar de film verboden heeft. Evenmin is het opmerkelijk dat er illegale kopieën op iedere straathoek koop zijn. Rambo leidt, twintig jaar sinds zijn laatste optreden, een teruggetrokken bestaan in Thailand - tot een groep christelijke missionarissen in de problemen komt in buurland Birma. Ze kwamen gebedsboeken en medicijnen brengen. Ze vonden gevangenschap in handen van sadistische militairen die handgranaten laten ontploffen temidden van de boeren in de rijstvelden. Met een stel huurlingen trekt Rambo erop uit om ze te bevrijden. De blanke christenen dus, hoe het met de Birmezen afloopt vertelt het verhaal niet.
Zoals we inmiddels gewend zijn, is het geweld niet misselijk. De wrede soldaten onthoofden onschuldige dorpelingen, molesteren jonge vrouwen en gooien kindertjes in het vuur. Dat alles maakt het natuurlijk geheel legitiem om een zee van groot kaliber kogels door hun armen, benen en hersenpan te jagen. Het is nog steeds een simplistische wereld van goeie en kwaaien, en je vraagt je af wie daar twintig jaar later nog op zit te wachten.
Toch is er ook iets de moeite waard aan deze vierde Rambo, die trouwens ook door Stallone geregisseerd werd. Rambo is weer een beetje die solistisch antiheld uit First Blood. Weg is het patriottistisch trompetgeschal uit deel II en III. Rambo is ouder en somberder geworden en vecht voor geen enkel land meer. ‘It’s thinking like this that keeps the world the way it is,’ verwijt missionaris Sarah (Julie Benz) hem zijn gewelddadigheid. ‘Fuck the world’ antwoordt hij. John Rambo is nog steeds geen groot spreker, maar sluit wel af in stijl. Maar na een lange gewelddadige carrière overzee heeft hij z’n rust nu ook wel verdiend: Johnny Go Home.

Soort artikel: 

Reactie toevoegen

Plain text

  • Toegelaten HTML-tags: <a> <em> <strong> <cite> <blockquote> <code> <ul> <ol> <li> <dl> <dt> <dd>
  • Adressen van webpagina's en e-mailadressen worden automatisch naar links omgezet.
  • Regels en alinea's worden automatisch gesplitst.
Uw reactie zal niet meteen verschijnen, deze wordt eerst goedgekeurd door de beheerder.
To prevent automated spam submissions leave this field empty.
Image CAPTCHA
Vul de tekens uit bovenstaande afbeelding in.

Reageren