15 July 2020

Ander Europa

Subscribe to Ander Europa feed Ander Europa
www.andereuropa.org
Updated: 40 min 32 sec ago

De ‘égalité et fraternité’ volgens Macron

2 hours 52 min ago

15 juli 2020 - De grote Macron heeft zich moeten tevreden stellen met een quatorze juillet in mineur, met een militair defileeke  in verhouding met de ambiance in zijn République en Marche. Maar ook het beeld dat de Franse president van zichzelf wil ophangen van voorvechter van sociale rechtvaardigheid in Frankrijk en de hele Europese Unie kreeg een  een paar opdoffers, toch voor wie daarin nog geloofde. In een lang interview voor France 2 en TF1  tijdens de Franse nationale feestdag ging het o.a. over het economisch herstel. Ja, Frankrijk zal nog een bijkomende 100 miljard euro daaraan besteden, naast de 460 miljard steun en garanties die reeds aangekondigd waren. Maar waar gaat dit geld heen? Er is sprake van vermindering van 'patronale lasten' (sociale zekerheidsbijdragen) voor jongeren, eerste-job-contracten enzovoort, dus allemaal overheidsinspanningen ten voordele van de ondernemers. Maar de werknemers?  Macron hierover: "Men kan  tijdelijke loonsverlagingen toestaan eerder dan afdankingen, want het kan soms jaren duren alvorens men terug een job vindt." De interviewers verwijzen dan naar  Derichebourg, een filiaal van Airbus, waar aan de werknemers een loonsverlaging van 20% gevraagd wordt om zo hun werk te kunnen behouden. De interviewers hebben zelfs de onbeschaamdheid om aan de president te vragen of hijzelf zoiets zou doen, als hij loontrekkende was. Macron repliceert dat dit niet onder dwang mag gebeuren, maar via 'sociale dialoog'... Hij doet verder alsof er een mooie symmetrie bestaat tussen de offers gevraagd van de werkende klasse en die van de kapitalisten en hun aanhang: we hebben ook aan de bedrijven die door de Staat geholpen worden gevraagd om de dividenden 'te milderen'. Men ziet: Macron oefent geen dwang uit.

Of nu toch niet onmiddellijk: gevraagd naar zijn zeer gecontesteerde plannen voor de 'hervorming' van de pensioenen zegt Macron dat hij niet zo koppig is om die nu onmiddellijk te willen doorvoeren. "Zult u het dan niet doen?" vraagt de journalist, maar dat bedoelde Macron nu ook weer niet. Het zal anders gebeuren dan aanvankelijk gepland, maar zou het een goed idee zijn die plannen in te trekken? Ik denk het niet, zegt Macron.

Monsieur le président wordt ook gevraagd of hij bij zijn plannen blijft om de belastingen niet te verhogen, of toch die voor de rijken en superrijken. Coronacrisis of niet, Macron volhardt: "Ik denk niet dat men een crisis als deze overwint door de belastingen te verhogen." Zo is er geen sprake van de herinvoering van een vermogensbelasting (ISF, Impôt sur la fortune). Er is ook de kwestie van de woningbelasting ( taxe d’habitation) die betaald wordt zowel door eigenaars als huurders. Deze lag al lang onder vuur, en Macron kondigde bij zijn aantreden aan die af te schaffen "in het belang van de lage inkomens en de middenklassen" ; bij nader toezien bleek dit echter vooral een cadeautje voor de rijksten te zijn.  Onder druk van de Gele Hesjes werd de woningbelasting tijdelijk behouden voor de 20% rijksten. Zou Macron het aandurven om ook deze bovenlaag vrij te stellen, met een minder-inkomst voor de Staat van ongeveer 2,5 miljard € per jaar? Het is veelzeggend hoe Macron de vele uitdrukkingswijzen van de Franse taal gebruikt om te laten verstaan dat hij, zeer tegen zijn zin maar gedreven door de noden van het uur, misschien zijn rijkere medeburgers een beetje zal moeten tegen de haren strijken. Zo goed mogelijk vertaald luidt zijn antwoord: "Er bestaat een optie, die mogelijk is, dat ligt in de handen van de regering [aha,  niet Macron zal het gedaan hebben!], en die bestaat erin de opheffing van de woningtaks voor de meest gefortuneerden onder ons, een beetje uit te stellen; misschien is dat in een crisisperiode iets legitiems."  Natuurlijk heeft Macron op deze quatorze juillet niet alles verteld wat hij voor de Franse werkende klasse in petto heeft, dat zal wel binnenkort blijken. Maar als het regent in Parijs druppelt het in Brussel, zegt men.  In hoofdsteden zonder Gele Hesjes zou het wel eens kunnen regenen als het in Parijs druppelt. (hm)        

Voorzitter Catalaans Parlement bespioneerd

8 hours 28 min ago

15 juli 2020 - De mobiele telefoon van Roger Torrent, de voorzitter van het Catalaans Parlement, werd verleden jaar gedurende twee weken afgetapt. Hij, en andere slachtoffers, werden daarvan op de hoogte gebracht door WhatsApp, dat door een toenmalige kwetsbaarheid in zijn software potentieel toegang tot alle mobiel verkeer van het slachtoffer verschafte aan spionagediensten. Hiervoor is gesofisticeerde software nodig, en de Whatsapp-diensten wijzen richting het Israëlische bedrijf NSO Group en zijn 'Pegasus' programmatuur als hoofdverdachte. Omdat dergelijke spionagesoftware in principe alleen aan overheden mag verkocht worden in het kader van hun misdaad- en terrorismebestrijding rijst natuurlijk de vraag in hoeverre de Spaanse staat hier de hand in heeft. Roger Torrent is een politicus van de centrum-linkse pro-onafhankelijkheidpartij Esquerra Republicana de Catalunya,(ERC), de partij ook van Oriol Junqueras die tot dertien jaar gevangenis veroordeeld werd wegens 'opruiing en misbruik van publieke middelen'. De spionagezaak komt nu in de media door een onderzoek van The Guardian en El País. Op hun vraag aan de Spaanse geheime dienst (CNI) over het gebruik van Pegasus software kwam alleen als antwoord dat ze steeds strikt de wettelijke bepalingen volgen. (hm) Bronnen:  

Het virus en de shockdoctrine

Tue, 07/14/2020 - 22:48
Bewaren als PDF

14 juli 2020 – In een uitgebreid stuk in de New York Review of Books verhaalt Rachel Shabi hoe de Britse regering van Boris Johnson een shock and awe strategie gebruikte om een verdere privatisering van de gezondheidszorg door te drukken. Johnson maakte niet zomaar een puinhoop van de bestrijding van het virus: hij gebruikte de crisistoestand om de bestaande ingebedde openbare diensten te omzeilen, en rijkelijk betaalde gezondheidsmissies toe te vertrouwen aan private spelers. Daarbij werden bevriende bedrijven goed bedeeld, wat makkelijk was, want gezien de urgentie waren de normale regels voor overheidsopdrachten en aanbestedingen opgeheven. Deze private spelers bakten er niets van. Uitgebreide details vind je in het artikel.

Dit artikel deed bij mij een belletje rinkelen. De crisis ontstaan door het coronavirus lijkt inderdaad een vruchtbaar terrein voor een nieuwe aflevering van de shock doctrine zoals Naomi Klein het noemde.

Het klopt dat één van de lessen die veel mensen trekken uit de crisis het belang is van de publieke sector. Maar gaat dat zo uitpakken? In een eerste reactie op de crisis hebben de overheden massaal veel geld uitgegeven om te redden wat er te redden viel. Onvermijdelijk ging veel geld naar het handhaven van het bestaande, niet naar vernieuwing. Wat we kunnen te horen krijgen in een volgende fase ligt voor de hand: het geld is op! Dus moet de private sector te hulp schieten om de samenleving weer op gang te trekken. En die private sector staat hulpvaardig als steeds al klaar: de technologische reuzen, de farmaceutische industrie, de energiesector, het transport,… Publiek Private Samenwerking en overheidsgeld als ‘hefboom’ om private investeerders over de brug te krijgen worden dan weer de orde van de dag. Krijgen we in een volgende ronde zoiets als in Groot-Brittannië, maar dan dieper en breder, een shock and awe strategie die per saldo de macht van het private kapitaal alleen maar versterkt ten koste van de publieke sector?

Het lukken van een shock and awe strategie vereist echter dat de mensen murw gemaakt zijn. Dat hoeft niet het geval te zijn op voorwaarde dat mensen in beweging komen om de lessen die zij trekken uit de crisis om te zetten in eisen en strijd. Dat ontbrak in het Verenigd Koninkrijk, zo vlak na het uitbreken van de coronacrisis en de electorale triomf van Johnson. (fs)

Hits: 3

Bulgaarse bondgenoot Merkel in nauwe schoentjes

Tue, 07/14/2020 - 21:47
Bewaren als PDF

14 juli 2020 – De Bulgaarse premier Boyko Borisov ligt onder vuur. Duizenden betogers tegen corruptie eisen zijn ontslag.

De aanleiding is een bizarre geschiedenis: een politicus genaamd Ivanov, die zich opwerpt als strijder tegen corruptie, landt met een bootje op een strand aan het hoofdkwartier van het invloedrijke personage Ahmed Dogan. Daar wordt Ivanov opgepakt door agenten van de staatsveiligheid. Het is echter een openbaar strand. Wat staan die veiligheidsagenten daar dan te doen? Eerst wordt ontkend dat het veiligheidsagenten zijn, maar dan bevestigt de president, een tegenstander van premier Borisov, dat het wel degelijk om leden van de staatsveiligheid gaat. Waarop enkele dagen later het kantoor van diezelfde president door openbare aanklagers wordt onderzocht, en twee medewerkers van de president worden aangehouden: in de ogen van de publieke opinie een wraakneming op de president. Het werd allemaal nog erger toen de baas van de staatsveiligheid ontslag moest nemen nadat hij voorgesteld had het strandhuis van Dogan bescherming te bieden op zee en in de lucht. Gans deze bizarre geschiedenis staat in de ogen van veel Bulgaren symbool voor duistere machthebbers die de bescherming genieten van het justitieel apparaat.

Het was niet het eerste schandaal rond corruptie en duistere machten. Meer saillante details vinden de liefhebbers op Politico.

Een interessant aspect van deze geschiedenis is dat Borisov een trouwe bondgenoot is van de Duitse bondskanselier Angela Merkel. Zijn partij is lid van de Europese Volkspartij (EVP), en in de Brusselse machtsverhoudingen tellen alle stemmen mee. Vraag maar aan de Hongaar Victor Orban, ook lid van dezelfde politieke familie. Naar aanleiding van deze gebeurtenissen verklaarde Manfred Weber, de leider van de EVP in het Europees Parlement, dat hij “de strijd tegen de corruptie” van premier Borisov en zijn partij steunt. Borisov verklaarde dan weer dat alleen zijn partij in staat is Bulgarije te verzekeren van een volwaardige plaats in de EU. Zo geven Brusselse machtsverhoudingen rugdekking aan nationale machthebbers, terwijl omgekeerd deze machthebbers het Europees beleid vorm geven. (fs)

Hits: 1

Het glibberige pad naar een EU-herstelplan

Tue, 07/14/2020 - 13:14

door Klaus Dräger (*) 14 juli 2020   De Duitse kanselier Angela Merkel tracht wanhopig de regeringen van de EU-lidstaten te overtuigen van een akkoord over het EU-herstelplan. Tot dusver is Merkel zeer bezorgd dat de voor 17 juli 2020 en volgende dagen geplande Raad van de EU niet in staat zal blijken tot enig resultaat te komen over het door de Europese Commissie voorgestelde pakket. Europese Raad-voorzitter Charles Michel schoof een compromisvoorstel  hierover naar voor met lichte wijzigingen aan het oorspronkelijke plan. Het is afwachten of er hoe dan ook een compromis uit de bus kan komen. En zo ja, dan wordt het ontleden van die inhoud essentiëel ...   Wat betreft de reactie van de EU op de verwachte economische neergang ten gevolge van de ‘Grote Coronalockdown’ werpen we eerst een blik op het groter geheel.   Een globale recessie, de EU het zwaarst getroffen, de EU-economieën wijken verder uiteen Het Internationaal Muntfonds (IMF) voorziet in zijn recente ‘World Economic Outlook’ (juni 2020) dat de Europese Unie het zwaarst getroffen wordt door de economische crisis: een verlies van 10,2 procent van het reële bbp in 2020 voor de Eurozone, te vergelijken met de 8 procent voor de U.S., 5,8 procent voor Japan, maar met nog 1 procent groei voorzien in China. Voorspellingen van de Wereldbank en de OESO gaan dezelfde richting uit.   Kijken we naar de EU dan wijken de economieën van de lidstaten verder uiteen. Slechts enkele voorbeelden uit de prognoses van het IMF: Frankrijk, Italië, Spanje mogen in 2020 ruim boven de 12 procent bbp verlies verwachten. Duitsland zou er beter vanaf komen met een verlies rond de 7,8 procent. Hetzelfde voor de werkloosheidscijfers, die naar verwachting veel hoger zullen liggen in Spanje, Italië en Frankrijk dan in Duitsland, Nederland, Zweden of Denemarken. De bruto overheidsschuld zal in 2020 naar verwachting stijgen tot 125,7 procent van het bbp in Frankrijk, tot 123,8 procent in Spanje, tot 166,1 procent in Italië, maar slechts tot 77,2 procent in Duitsland. [caption id="attachment_19263" align="alignleft" width="320"] De 'swoosh' van Nike: symbool voor het langgerekte Europees herstel?[/caption] De Europese Commissie publiceerde onlangs haar economische prognose voor zomer 2020 , die een optimistischer geluid laat horen dan die van de OESO en het IMF, maar toch al minder optimistisch dan haar eerdere ‘lenteprognose’. Over de globale en Europese economische perspectieven zijn deze instellingen over het algemeen eensluidend: ”Een diepere recessie met grotere divergenties”(de EU Commissie over Europa), “Een crisis als geen andere, een onzeker herstel”(het IMF). Al deze projecties vertellen ons dat er een “V-curve” zal zijn in de economische activiteit(neergang in 2020 gevolgd door een sterke opgang in 2021). Maar zelfs de mainstream economen hebben hun twijfels over deze hypothese. Heterodoxe economen als Michel Husson suggereren dat het ‘herstel’ meer zal lijken op de bekende ‘swoosh’ van het Nike logo. Wat er ook van zij, wat heeft de EU to dusver gedaan om de verwachte recessie tegen te gaan en wat ligt op tafel als “compromis” voor haar herstelplan?   De reactie van de ECB Vooreerst reageerde de Europese Centrale Bank (ECB) snel op het vooruitzicht van een economische neergang. Al in maart 2020 nam ze haar nieuwe Pandemic Emergency Purchase Programme(PEPP) aan, het massaal opkopen van EU overheidsobligaties (om de interesten hierop laag te houden) en van private en openbare effecten. In maart 2020 liep de enveloppe hiervoor al op tot 750 miljard euro. In juni 2020 breidde de ECB het PEPP uit tot in totaal 1350 miljard euro. Heel wat, inderdaad. Zelfs vele ‘progressieve’ macro-economen stellen dat met dit gebaar de ECB goed heeft gedaan door ook de economisch zwakke lidstaten te beschermen tegen een anders toenemende ‘spread’ [efn_note] De ‘spread’ is het verschil in interestvoet voor overheidsleningen in vergelijking met Duitsland, dat steeds aan de laagste rente kan lenen. [Noot van de vertaler] [/efn_note] van hun obligaties op de financiële markten. Maar de ‘progressieve’ economen lijken naar mijn mening te hebben vergeten dat de ECB een naar alle standaarden gemeten ultra-onafhankelijke bank is. Herinner u hoe de ECB reageerde na 2010 (toen op zijn minst de Duitse economie al hersteld was van de financiële crisis in 2007-2009? De onttroning van Giorgos Papandreou in Griekenland (opgevolgd door een ‘technocratische regering van experten’ o.l.v. Loukas Papadimos in 2011), de verwijdering van Silvio Berlusconi in Italië (zelfde procedure, met de installatie van Mario Monti’s ‘regering van experten’ in november 2011). Dit alles met de eis tot het doorvoeren van neoliberale structuurhervormingen – anders zou de ECB het opkopen van Griekse of Italiaanse overheidsobligaties niet langer steunen. Serge Halimi (Le Monde Diplomatique) merkte deze machinaties terecht aan als het opleggen van een ‘burgerlijke junta’ van boven (vanuit het EU-niveau, gewoonlijk georkestreerd vanuit Berlijn, de Europese Commissie en de ECB). Hoe de ECB in 2015 de Syriza-regering op de knieën dwong door de Griekse Centrale Bank niet langer van liquiditeiten te voorzien en door het land na het OXI-referendum in de economische afgrond te storten is wel bekend. Ja, voorlopig volgt de ECB misschien een meer ‘inschikkelijke’ koers tegenover het zuiden van de EU dan in het verleden. Op dit ogenblik is er van de regeringen van Portugal, Italië, Griekenland of Cyprus geen groot protest tegen de fundamentele EU-regels te verwachten. Maar die welwillende houding van de EU en de ECB tegenover hen zou vlug kunnen keren (indien de Duitse economie versterkt uit de recessie zou komen).   Greenpeace Europe wees erop dat het PEPP van de ECB van maart tot mei 2020 in hoge mate bedrijfsobligaties aankocht van de fossiele brandstof industrie. Niet echt in de lijn van de ‘Green Deal’ zoals gepropageerd door commissievoorzitster von der Leyen … Over ‘groene financiering’ kan er natuurlijk nog heel wat meer ter discussie gesteld worden, ook bv. of financiering van private institutionele investeerders wel helpt om te komen tot een sociaal rechtvaardige milieutransitie.   Over het bestaande EU-‘veiligheidsnet’ als antwoord op de Coronacrisis Er is de kredietlijn van 240 miljard Euro van het Europees Stabiliteitsmechanisme (ESM) voor leden van de Eurozone.  Dit biedt goedkope leningen aan op 10 jaar tot maximaal 2% van het BNP van elk land om pandemie-gerelateerde gezondheidskosten te dekken. De door de pandemie zwaarst getroffen landen - zoals Italië, Spanje, Frankrijk – hebben geen beroep gedaan op deze ESM-leningen. Waarom? Een ESM-lening aanvragen zou een signaal kunnen sturen dat het land over zwakke openbare financiën beschikt (‘stigma-effect’) met het opdrijven van de spread op hun overheidsobligaties als mogelijk gevolg. En na de ervaring met de troika vreest men ook de met de leningen verbonden voorwaarden van het ESM. Een kredietlijn dus, maar die niet aangeboord wordt precies omdat ze gebaseerd is op leningen en omwille van de onzekerheid over de eraan verbonden voorwaarden ... Er is, voor alle lidstaten, de 100 miljard tijdelijke "Steun voor het verzachten van Werkloosheidsrisico's in een Noodsituatie"(SURE, Support to mitigate Unemployment Risks in an Emergency). Eenvoudig gesteld is dit de beloofde EU steun voor het financieren van ingekorte werkroosters in de lidstaten om de gevolgen van de crisis op de tewerkstelling te dempen. Door von der Leyen met lof overladen als EU solidariteit met de armere landen. Maar in de meeste lidstaten (en niet enkel in Duitsland) waren dergelijke werkroosters al van kracht. Voor een infomatief overzicht hierover zie hier het rapport van Torsten Müller en Thorsten Schulten van het Europees Vakbonds Instituut (ETUI). Tot dusver schijnt Roemenië het eerste land te zijn dat een SURE-lening vraagt, ten bedrage van 5 miljard euro. De grote meerderheid van de lidstaten deed geen beroep op de SURE fondsen. En waarom niet? Zoals denktank Bruegel eerder opmerkte zal "het effect van SURE op de openbare financiën zeer marginaal zijn omdat het programma te gering is (100 miljard Euro) om tot een significante besparing van interestkosten te leiden". Hetzelfde probleem: niet aantrekkelijk, want op leningen gebaseerd. Noteer ook dat de Commissie bij een beroep op het SURE-fonds "de lidstaten zal raadplegen om de leningsvoorwaarden te omschrijven, gebaseerd op een evaluatie van de stijging van de openbare uitgaven". Als de toename der openbare uitgaven door de Commissie als te hoog wordt beschouwd zullen daar dan misschien minder ‘genereuze’ voorwaarden tegenover staan? Tenslotte is er het programma van 200 miljard euro van de Europese Investeringsbank( EIB) om kleine en middelgrote ondernemingen (KMO's) in moeilijkheden met extra liquiditeit te ondersteunen. Volgens de Bruegel-denktank zou dit instrument de last op de begroting van landen met hoge openbare schuld niet merkelijk verlichten. Dit instrument doet beroep op een sterke ‘hefboomwerking’ (leveraging): de EIB beschikt hiervoor slechts over 25 miljard Euro echt geld en men hoopt dat men met dat bedrag veel private financiering kan aantrekken om aan de geplande 200 miljard Euro te komen. De EIB vraagt nu al meer geld en personeel om de projecten te behandelen, die deel uitmaken van het 750 miljard Euro herstelplan van de Europese Commissie. Het bedrag van 540 miljard voor deze verschillende instrumenten blijft grotendeels onaangeboord, ten gevolge van de gebrekkige, op leningen gebaseerde constructie.   Compromisvoorstellen van Michel Voorzitter Charles Michel van de Europese Raad verwacht nu dat de regeringen van de lidstaten zullen akkoord gaan met de meerjarenbegroting voor een EU-budget voor de periode 2021-2027, en met het voorstel voor een Herstelfonds in het kader van Next Generation EU. Aangezien de EU een geopolitieke wereldspeler wil worden met betere militaire inzetcapaciteit (‘Defense Union’) bevat de meerjarenbegroting expliciete posten voor ‘veiligheid’ en ‘defensie’ (officieel ongeveer 14 miljard euro voor beide). De meerjarenbegroting beoogt geen meer fundamentele hervorming van het EU-budget. Zo wordt het Gemeenschappelijk Landbouwbeleid niet geheroriënteerd naar organische landbouw en duurzame ontwikkeling, maar formuleert de EU alleen een doelstelling om tegen 2030 een kwart van de landbouwbedrijven in de EU ‘organisch’ te maken, dit in het kader van de Farm to Fork Strategy (‘van boer tot bord’). Maar er verandert weinig aan de subsidiëring van milieuschadelijke intensieve landbouw. Aangezien er weinig uitzicht is op een handelsakkoord met het Verenigd Koninkrijk na Brexit, stelt Michel een ‘Brexit Adjustment Reserve’ van 5 miljard euro voor ter bestrijding van de gevolgen van de waarschijnlijke ‘no-deal Brexit’ voor de lidstaten en sectoren die er het meest onder te lijden hebben. Wie daar het meest van zal profiteren is waarschijnlijk Ierland, maar ook sommige regio’s en sectoren in Frankrijk, Nederland en Duitsland. Wat betreft de grootte van de meerjarenbegroting werd in 2018 een bedrag van 1134,6 miljard € voorgesteld. In februari 2020 werd dit verminderd tot 1100 miljard, maar om de ‘vrekkige vier’ (Oostenrijk, Nederland, Denemarken en Zweden) aan boord te krijgen stelt Michel nu voor om die begroting te beperken tot 1074 miljard euro, en om een heffing in te voeren op plastic afval, digitale diensten en een CO2-douane-compensatiemechanisme. De inkomsten van deze heffingen zouden een vluggere terugbetaling moeten mogelijk maken (vanaf 2026 in plaats van 2028) van de schulden aangegaan door de Commissie in het kader van Next Generation EU. Het valt af te wachten of de ‘vrekkige vier’ overtuigd zullen worden door deze kleine aanpassingen. In ieder geval moet de ministerraad van de EU unaniem akkoord gaan met het hele pakket (meerjarenbegroting en Herstelplan).   De duistere Recovery and Resilience Facility [efn_note] Men zou dit kunnen vertalen als ‘instrument voor herstel en weerbaarheid’. [/efn_note] De mysterieuze Recovery and Resilience Facility’ (RRF) ter waarde van 560 miljard euro vormt de kern van Next Generation EU en het herstelprogramma. Michel stelt in de eerste plaats voor om 217 miljard euro toe te kennen onder de vorm van subsidies in 2021-2022, en 93 miljard euro als leningen in 2023; die leningen moeten volgens de EU-speak gaan naar projecten van de ‘groene en digitale transitie’. Dit lijkt over minder geld te gaan dan aanvankelijk voorgesteld door de Commissie: 310 miljard in subsidies en 250 miljard als lening. Het valt af te wachten of lidstaten zullen gebruik maken van de leningcomponente van RRF. Ik twijfel daaraan, gezien de ervaring met eerdere reddingspakketten (ESM, SURE, EIB). Er zit in ieder geval veel financiële ‘spitstechnologie’ achter de EU-plannen, want de voorstellen veranderen voortdurend. Een aanzienlijk deel ervan is gebaseerd op een hefboomwerking van EU-gelden door het aantrekken van geld uit de privésector. Dat maakt het moeilijk om uit te maken wat er substantieels aan is, en wat niet. Het criterium voor de ‘verdeelsleutel’ van RRF is wat de subsidies betreft de werkloosheidsgraad in de periode 2015-2019, en voor de leningen is het de daling van het bbp in 2020-2021; voor beide gevallen geldt evenredigheid met de bevolkingsgrootte en omgekeerde evenredigheid met het bbp per hoofd. De denktank Bruegel heeft mijns inziens gelijk dat kijken naar de werkloosheid in de periode 2015-2019 niet zeer zinvol is, aangezien de werkloosheidsdynamiek nu kan verschillen: “Aangezien veel mensen die hun job verloren zich niet meldden als werklozen, schetsen de werkloosheidscijfers slechts een gedeeltelijk beeld van de verliezen op de arbeidsmarkt. Tewerkstellingscijfers zouden adequater zijn.” RRF wordt opgevat als een ‘brandweerbrigade’ tot 2024. De opvatting is de volgende: de lidstaten moeten jaarlijks een ‘nationaal herstel-en weerbaarheidsplan’ indienen, dat door de Raad moet goedgekeurd worden op basis van gekwalificeerde meerderheid. De Commissie zou dan overnemen voor wat betreft de beslissingen over het toekennen van de fondsen, gelinkt aan haar aanbevelingen in het Europees Semester. Noteer dat het Europees Parlement niets te zeggen zou hebben over deze procedures en de toekenning van de gelden. De Raad zou de leiding hebben bij het uitwerken van een intergouvernementeel compromis, en de Commissie zou de ‘fine tuning’ doen van de Raadsbeslissingen.   ‘Recovery and Resilience’ en het Europees Semester Reeds bij de invoering van het Europees Semesterproces had de ‘extreem centrum’-meerderheid in het Europees Parlement niet de bedoeling om betrokken te worden in de beslissingen daarover. Toentertijd was het meer geïnteresseerd in de uitbreiding van de macht van de Commissie. Op die manier zouden mogelijke sancties, voorgesteld door de Commissie tegen een lidstaat die zich niet plooide naar de aanbevelingen van het Europees Semester, ‘automatisch’ in gang gezet worden en alleen maar opgeheven kunnen worden door de Raad via een stemming met ‘omgekeerde gekwalificeerde meerderheid’. Dit betekent dat een aanbeveling of sanctie voorgesteld door de Commissie goedgekeurd en uitgevoerd zou moeten worden ook al was meer dan de helft van de lidstaten er tegen. Deze regeling werd in de EU-wetgeving opgenomen onder druk van het Europees Parlement (sixpack en twopack). Ze werd (gelukkig) nog niet toegepast door de ‘politieke’Commissie Juncker die aantrad nadat deze regelingen goedgekeurd werden. Voor meer informatie over het Europees Semester, de aanbevelingen in de periode 2011-2018 etc., zie het uitstekende overzicht door Emma Clancy.   Andere controversiële aangelegenheden Naast de reeds vermelde twistpunten zijn er nog een aantal andere controverses tussen de regeringen van de lidstaten: de kwestie van de vlugge uitbetaling (‘frontloading’), de terugbetalingen (‘rebates’) en het koppelen van gelden uit de structuurfondsen aan de ‘naleving van de EU-waarden over democratie en de rechtsstaat’. Merkel, Macron en de regeringen van de zuidelijke lidstaten pleiten hartstochtelijk voor een vlug akkoord over het hele pakket, zodat de EU-gelden zo vlug mogelijk zouden vloeien naar de lidstaten die de ‘meeste problemen’ hebben. Maar ten gevolge van het administratieve raderwerk, de manier waarop de programma’s samengesteld zijn en de goedkeuringsprocedures verbonden met het EU-budget zullen betalingen niet vaak in een vroeg stadium gebeuren, maar gespreid worden over een aantal jaren. “De Commissie verwacht dat nauwelijks 24,9% van het totaalbedrag aan subsidies zal uitbetaald worden in 2020 - 2022, wanneer de nood aan herstel het grootst zal zijn”, aldus Zoltan Darvas. Dat betekent dat ongeveer 75% van de betalingen in het kader van Next Generation EU zullen moeten wachten tot 2023, terwijl de Europese Commissie, het IMF en anderen verwachten dat er tegen dan al een sterk herstel onderweg is. Is dat toch geen verbazende timing? De lezer herinnert zich misschien de fameuze speech van Margaret Thatcher gericht aan de EU van vroegere tijden: “I want my money back”. Met succes dwong ze van de EU een terugbetaling (rebate) af aan het Verenigd Koninkrijk, met het argument dat een netto-bijdrage van het VK aan het EU-budget teveel zou vergen. Volgens een beslissing hierover door de Top van Fontainebleau in 1984 kan “elke lidstaat die een buitenmatige begrotingslast draagt in verhouding tot zijn relatieve voorspoed ten gepasten tijde genieten van een correctie”. Hieruit zou men kunnen opmaken dat de terugbetalingen voorbehouden zijn voor de armere lidstaten van de EU. Maar het zijn nu de rijke ‘vrekkige vier’ en Duitsland die, in het voetspoor van Thatcher, terugbetalingen afgedwongen hebben voor hun respectieve landen. En volgens Michel’s compromisvoorstel zal dat zo blijven. Opnieuw een verbazende vaststelling in een EU met een zogezegd herwonnen ‘geest van solidariteit’. Het opleggen van de naleving van de EU-waarden over democratie en de rechtsstaat als voorwaarde voor het ontvangen van gelden uit de structuurfondsen van de EU-begroting is reeds lang een wens van de Europese Commissie, Frankrijk en Duitsland. Vooral Polen en Hongarije liggen daarbij onder vuur. Maar Merkel wil nu eerst een akkoord over de meerjarenbegroting en het Herstelplan, om later op deze kwestie terug te komen. Maar de Hongaarse president Viktor Orban is daarover zeer weinig tot een compromis bereid. Op dat vlak is het zeer waarschijnlijk dat de EU een ‘tandenloze tijger’ blijft. Merkel en Macron hebben eenvoudigweg de regeringen uit Oost-Europa nodig om een compromis over het Herstelplan goedgekeurd te krijgen.   Tot besluit In maart 2020 suggereerde de Europese Centrale Bank dat er in de EU al in 2020 een injectie van 1500 miljard euro nodig zou zijn om de economische gevolgen van de corona-pandemie op te vangen. Vergelijk dat met wat tot nog toe reeds gedaan is en wat er op de tafel ligt. Ik ben het ten zeerste eens met het eerdere standpunt van de Bruegel denktank: “Het globaal pakket van aangekondigde maatregelen blijft onder hetgeen de barre economische situatie zou vereisen.” Laat ons kijken of er een ‘compromis’ kan bereikt worden door de Raad van de EU en hoe dat er zou kunnen uitzien. Ja, ook het Europees Parlement zal een eventueel ‘compromis’ moeten goedkeuren, maar in dit spel is het Parlement geen partij; de historische ervaring is simpelweg dat in situaties waarbij het voortbestaan van de EU in het gedrang zou kunnen komen, het Parlement de Raad volgt, eventueel begeleid met wat kritische commentaar. In Duitsland volgt de regering ook een andere piste: een nieuw elan in de economische betrekkingen en de handel met China. Dit land is verreweg Duitslands belangrijkste handelspartner. De heropbloei van de Duitse economie na de financiële crisis van 2007-2009 was heel sterk gebaseerd op investeringen in de handel met China. De economische dominantie van de EU behouden, en opnieuw een globale economische speler worden, zijn voor het Duits kapitaal de twee zijden van eenzelfde munt, namelijk het overleven van het exportgebaseerde groeimodel. Daarover bestaat niet de minste twijfel, wat ook de officiële retoriek mag zijn over ‘Europese Solidariteit’. (*) Klaus Dräger werkte als adviseur voor tewerkstelling en sociale zaken voor de linkse fractie (GUE/NGL) in het Europees Parlement. Dit artikel verscheen op 12 juli 2020 onder de titel EU Recovery Plan: a rocky road ahead  op de site  Defend Democracy Press. Nederlandse vertaling door Ander Europa. Met dank aan de auteur voor toelating tot vertaling en publicatie. Zie ook zijn vorig artikel (16 juni) Wie zal profiteren van het Europees herstelplan?

Om te kunnen golfen mag het wel (de EU en bijen)

Sat, 07/11/2020 - 20:21
Bewaren als PDF

11 juli 2020 – De Europese Rekenkamer heeft een vernietigend rapport gepubliceerd over het niet bestaand beleid van de Europese Unie ter bescherming van bijen. Het bijenbestand is alarmerend aan het slinken, en dat terwijl het een vitale ecologische schakel vormt in de productie van ons voedsel (het verhaal van de bijtjes en de bloemetjes is u wel bekend).

In het landbouwbeleid, dat veertig procent van het Europese budget in beslag neemt, is helemaal niets voorzien voor de bescherming van bijen en andere insecten.

Sinds 2018 bestaat in de EU wel een verbod op neonicotinoïde insecticiden, die het zenuwstelsel van insecten verlammen. Maar als een oogst dreigt te mislukken en er is geen alternatief voorhanden, dan mag het wel. Sinds 2018 hebben 16 lidstaten in totaal 67 uitzonderingen aangevraagd. Zo was er een Deens verzoek voor een golfterrein dat bedreigd werd door kevers! De vragen om een uitzondering worden door de Commissie niet echt gecontroleerd.

Producenten zoals Bayer en Syngenta houden vol dat de insecticiden onschadelijk zijn voor bijen. Dat ziet Jane Stout, een professor aan het Trinity College Dublin, anders. “Alle insecticide zijn ontworpen om insecten te doden, dus we moeten niet verbaasd zijn als ze dat ook doen”, aldus de professor.

Een gedetailleerd verslag over de kwestie op Politico vind je hier. (fs)

Hits: 1

Unilever gaat naar Londen

Sat, 07/11/2020 - 13:41
Bewaren als PDF

11 juli 2020 – Terwijl Mark Rutte als een calvinistische witte ridder in Europa ten strijde trekt, krijgt het economisch oranjegevoel op het thuisfront rake klappen. De nationale trots KLM (en in één beweging ook Schiphol) werd voorlopig gered, maar de relatie met Air France blijft moeilijk. Het lot van het oer-Hollandse HEMA is in handen van de schuldeisers. Shell verhuist allicht haar hoofdkantoor naar Londen. En ook Unilever vertrekt naar de Britse hoofdstad: het neemt een Britse rechtsvorm aan, en de hoofdzetel komt in Londen.

Unilever ontstond in 1930 uit de fusie van de Nederlandse Margarine Unie en het Britse Lever Brothers. Met merken als Knorr en Calvé is Unilever in de Nederlandse psyché geworteld. Je moet al goed zoeken in je koelkast of tussen je schoonmaakmiddelen om iets te vinden dat niet van Unilever is. Maar maakt het ook uit?

In het FD stond eind deze week een artikel over hoe aandeelhouders hier naar kijken, en die beslissen natuurlijk. Hieruit blijkt dat zij vooral bezorgd zijn dat Unilever verdwijnt uit de Eurostoxx 50, een beursindex die bestaat uit de 50 belangrijkste aandelen in de Eurozone. Institutionele beleggers volgen dergelijke beursindexen om te beslissen in welke aandelen zij investeren. Als je uit dergelijke index verdwijnt weegt dat daarom op de koers en de verhandelbaarheid van je aandeel. De Nederlandse aandeelhouders vragen zich af of dit gecompenseerd zal worden door het zwaardere gewicht dat Unilever verwerft in Britse beursindexen… Zo heeft ieder zijn eigen bekommernissen! Toch wordt volgehouden dat in de discussie echt wel een Nederlands gevoel meespeelt. Dat nationaal gevoel speelt bijvoorbeeld niet bij al die hoofdkantoren die de laatste jaren om zuiver fiscale redenen in Nederland werden gevestigd, zo noteert het FD.

Het artikel meldt wel dat de Britse beurswetgeving zegt dat bij de verkoop van een bedrijf enkel gekeken moet worden naar de belangen van de aandeelhouders, terwijl de Nederlandse regelgeving inhoudt dat bij een verkoop bijvoorbeeld ook de belangen van de werknemers in acht moeten worden genomen. Maar of dat de Nederlandse aandeelhouders een zorg gaat zijn?

Ondanks de Brexit verhuizen dus twee Nederlandse iconen, Shell en Unilever, naar Londen, een psychologische klap voor Nederland maar ook voor al wie het eurofiele hart op de juiste plek heeft. Maar er is toch wat balsem voor de eurofiele zielen: Unilever richt een Nederlands filiaal op, om er obligaties uit te geven die dan in aanmerking komen voor steun van de Europese Centrale Bank, om zo te genieten van de lage rentevoeten op bedrijfsschuld. Dus ze blijven een klein beetje in de EU. (fs)

Hits: 2

Belgische europarlementsleden voor/tegen eerlijke belastingen?

Thu, 07/09/2020 - 22:13

9 juli 2020 - De Belgische vakbonden lieten samen met de ontwikkelingskoepel 11.11.11 en  het Financieel Actie Netwerk (FAN/RJF) een studie uitvoeren over het stemgedrag van de 21 Belgische leden van het Europees Parlement wanneer het gaat over eerlijke(r) belastingen in de EU. De studie, How did Belgian EU Parliamentarians vote? Financial solidarity & Fair taxation werd uitgevoerd door VoteWatch Europe, een ngo gespecialiseerd in het opvolgen van de stemmingen in het Parlement en de Raad van de EU. In het Europees Parlement zetelen voor België: 4 christendemocraten (CD&V, CdH, CSP, behorend tot de Europese Volkspartij) waaronder gewezen Vlaams minister-president Kris Peeters; 4 liberalen (Open VLD, MR behorend tot de groep Renew Europe) waaronder gewezen Belgisch premier Guy Verhofstadt; 3 Vlaams-nationalisten van N-VA (aangesloten bij de Europese Conservatieven en Hervormers)  waaronder een andere Vlaamse minister-president Geert Bourgeois en de gewezen federaal minister van financiën Van Overtveldt (ook bevoegd voor de bestrijding van de fiscale fraude...); en 3 Vlaams Belangers (Identiteit en Democratie); aan de linkerzijde van het politieke spectrum zijn er voorts 3 sociaaldemocraten (sp.a, PS, aangesloten bij S&D), 3 groenen (Groen en Ecolo, The Greens/EFA) en 1 radicaal-linkse (Marc Botenga van PVDA/PTB, aangesloten bij GUE/NGL). [caption id="attachment_19230" align="alignleft" width="320"] (Klikken om down te loaden)[/caption] Er komen tien stemmingen aan bod, die we kort overlopen. Voor meer detail kunt u de studie downloaden (klik op de afbeelding hiernaast). 1. Moet er een Europese instantie komen om belastingsfraude en ontduiking tegen te gaan? De 'linkerzijde' is voor, 2 van de 3 N-VA-ers ook (Bourgeois afwezig), maar  liberalen en Vlaams Belang tegen of afwezig, christendemocraten verdeeld (2 tegen, 1 voor, 1 onthouding). Geen meerderheid dus onder de Belgische europarlementariërs voor minder fraude... 2. Stopzetting van fiscale vrijstellingen op vliegtuigkerosene en scheepsdiesel Allen voor, behalve Vlaams Belang dat tegen is. 3. Moet er een gestroomlijnde heffingsgrondslag ('CCCTB') komen voor de vennootschapsbelasting? (Het gaat niet over het percentage, maar over de omschrijving van wat belast moet worden).  Iedereen voor, behalve N-VA tegen en Vlaams Belang tegen of niet gestemd. 4. Voor de oprichting van een intergouvernementeel belastingsoverleg binnen de Verenigde Naties?  Ook hier: iedereen voor, behalve N-VA tegen en Vlaams Belang tegen of niet gestemd. 5. Voor een vennootschapsbelasting van minstens 20% in heel de EU?  Alleen de linkerzijde voor!! Alle anderen tegen, op 2 onthoudingen na. 6. Voor internationale onderhandelingen over een minimum bedrijfsbelasting ?  Alleen N-VA en VB tegen 7. Zou er niet langer unanimiteit moeten zijn als er in de EU gestemd wordt over belastingen?  Alleen N-VA en VB tegen 8. Voor het opstellen van een zwarte lijst van belastingsparadijzen in de EU en het openbaar maken van de belastingen betaald door multinationals?  Alleen 'links' voor! De meerderheid van de Belgische europarlementariërs vindt het prima dat multinationals ons bedotten! 9. Voor of tegen groene heffingen (zoals een CO2-taks) om klimaatdoelstellingen te halen? Opnieuw zijn het N-VA en VB die zich daartegen verzetten. 10. Mag de EU-begroting verhoogd worden om het herstel van de COVID-19 crisis te financieren? VB tegen, N-VA onthoudt zich, evenals PVDA/PTB. Marc Botenga stelt bij navraag dat - de Gele Hesjes indachtig - het afhangt van de wijze van financieren of men voor of tegen kan zijn. Deze studie bevestigt  wat iedereen eigenlijk weet of toch zeker vermoedt, en dat betreft niet alleen België en niet alleen de europarlementariërs. De meeste politici zeggen dat ze niet tegen meer eenvormigheid van de belastingen op ondernemingen zijn maar dat dit op Europees vlak moet gebeuren, anders  worden we uit de markt geprijsd. Maar  als de kwestie dan op Europees vlak komt, vinden ze wel nieuwe uitvluchten. Zie bv. de stemmingen 5. en 6.: een minimum vennootschapsbelasting in de EU? Nee! Op wereldvlak? Ja, dat komt er toch niet zolang wij leven... De studie is des te interessanter door de aanwezigheid van een aantal gewezen politieke kopstukken (Kris Peeters, Geert Bourgeois, Johan Van Overtveldt, Guy Verhofstadt...) die allen aan het roer stonden van het beleid. Een tweede vaststelling is de standvastigheid van het N-VA/Vlaams Belang-blok, dat vaak nog wat driester stemt dan hun collega's van de andere burgerlijke partijen. Een goede les voor wie nog enig geloof hechtte aan de 'sociale' inslag van die (uiterst-)rechtse partijen. En tenslotte is het wel een opsteker dat, toch over deze materies en in deze politieke setting, er iets bestaat als een 'linkerzijde'. Sociaaldemocraten, groenen en radicaal links volgen een consequent  patroon (al moet gezegd dat de meerderheidshouding van S&D over een minimumbelasting van 20% op de vennootschappen een onthouding was, waar 'de Belgen' vóór waren). Misschien moesten de Nederlandse, Duitse en andere  vakbonden ook wel eens een dergelijke studie laten uitvoeren? (hm)  

Een soevereine paradox

Thu, 07/09/2020 - 11:56
Bewaren als PDF

9 juli 2020 – Volgens Politico gaat de discussie in de EU over het ‘herstelfonds’ nu vooral over wie beslist: niet alleen over de bedragen waarmee wordt gestart, maar ook over wanneer welke bedragen voor welke landen worden vrijgegeven. De Commissie stelde voor dat de Commissie zou beslissen (verrassing!), en dat enkel een gekwalificeerde meerderheid van de lidstaten een beslissing zou kunnen tegenhouden. Het Duitse voorzitterschap stelt nu voor dat de Commissie voorstellen doet die met een gekwalificeerde meerderheid van de lidstaten moeten worden goedgekeurd.

Nederland eist echter dat gelden enkel kunnen worden vrijgegeven mits unaniem goedgekeurd door de lidstaten. Dus laten we zeggen Nederland zou een vetorecht hebben over elke euro die naar laten we zeggen Italië gaat. Het omgekeerde is natuurlijk ook waar, maar wie het geld het meest nodig heeft staat wel in de zwakste positie.

In deze discussie schuilt een interessante paradox. Nederland is sterk eurosceptisch, maar in deze discussie schroomt het niet de soevereiniteit van een lidstaat zoals Italië stevig onder de voogdij te plaatsen van de EU, met name van het orgaan van de lidstaten de Europese Raad. (fs)

Hits: 1

Een Europese V-curve met winnaars en verliezers

Wed, 07/08/2020 - 20:17
Bewaren als PDF

8 juli 2020 – De Europese Commissie maakte onlangs nieuwe cijfers bekend over de verwachte economische krimp in de Europese Unie. Het valt op hoe sterk deze cijfers in ons ‘verenigd Europa’ uiteenlopen, ook binnen de eurozone. Zo wordt dit jaar in Italië een krimp verwacht van 11,2 procent, in Spanje 10,9 procent, en in Frankrijk 10,6 procent. Dat kan je vergelijken met Nederland (6,8 procent), Duitsland (6,3 procent) of Finland (ook 6,3 procent). België ligt zoals het hoort ergens tussenin (8,8 procent).

Die aanzienlijke verschillen deden me denken aan een recent artikel van Michel Husson, die benadrukt hoe door de aard van de crisis (‘een grote lockdown’) de gevolgen sterk verschillen tussen economische sectoren, landen en regio’s. Sommige sectoren worden erg hard getroffen (restaurants, de luchtvaart,…) terwijl andere sectoren integendeel een boost kregen (Amazon, Zoom,…) of relatief weinig getroffen werden (de overheidsadministratie bijvoorbeeld).

Ook het herstel (de zogenaamde v-curve waarop wordt gerekend) zal ongelijk zijn. We hoeven ons niet te verwachten aan een harmonieus herstel waarin de verschillende economische sectoren en regio’s zich aan elkaar optrekken. Het wordt eerder een keihard gevecht met winnaars en verliezers. Amazon zal zich niet vrijwillig terugtrekken om de winkelstraten weer zuurstof te geven. De strijd voor de toerist (transport en verblijf) is amper begonnen.

Dat geldt ook voor regio’s en landen. Internationale waardeketens worden gereorganiseerd. Ook daar zullen er verliezers zijn die dieper in een economisch dal storten. Tegelijk is de economie internationaal vervlochten. Het herstel zal dus in het beste geval ongelijk, hectisch en tegenstrijdig zijn. Drukken van de loonkosten om zich te handhaven wordt de orde van de dag.

Dat heeft zo zijn gevolgen voor de Europese Unie. Welke landen, sectoren en bedrijven gaan hun gewicht vergroten, en welke worden verder in de economische rand gedrukt?

Naar verluidt gunnen Louis Michel en Ursula von der Leyen elkaar het licht in de ogen niet. Spektakel gegarandeerd dus. Maar op de achtergrond van het spektakel in de Brusselse bubbel zullen harde economische belangen spelen.

Aan heikele punten geen gebrek. Enkele voorbeelden. Duitsland is nu overtuigd dat het concurrentiebeleid moet worden aangepast om ‘Europese kampioenen’ te vormen, die wereldwijd de concurrentie aankunnen. Maar schept de fusie van een Frans en een Duits bedrijf een Europese of een Frans-Duitse kampioen? Italianen zullen daar hun eigen visie op hebben. Staatsinterventie zal meer worden gedoogd als het helpt de klimaatdoelstellingen te halen, maar wie wordt de Europese waterstofkampioen, waar komt de hoofdzetel en waar komen de banen? Gaat het herstelfonds de Italiaanse concurrentiekracht versterken of zal het Noord-Italië verder ombouwen tot een Duits filiaal? Enzovoort. Het ‘Europees belang’ dat nu even doorweegt om de boel samen te houden zal snel moeten wijken voor de vele belangen van de lidstaten. Het gebrek aan democratische legitimiteit van de EU maakt politieke arbitrages dan moeilijk.

Het weinig verheffend spektakel waar we ons aan kunnen verwachten kan wel de nodige ruimte scheppen voor een alternatieve boodschap van waarachtige Europese solidariteit. (fs)

Hits: 0

Moet er nog gas zijn?

Mon, 07/06/2020 - 22:03
Bewaren als PDF

6 juli 2020 – Woensdag maakt de Europese Commissie haar waterstofstrategie bekend. Waterstof speelt een sleutelrol in de klimaatstrategie van de EU naar netto CO2-neutraliteit in 2050. Nederland is fan: met haar expertise en infrastructuur voor aardgas hoopt Nederland koploper te worden op de waterstofmarkt. Ook de verantwoordelijke eurocommissaris Frans Timmermans is enthousiast.

Aardgasleidingen kunnen later ingezet worden voor waterstof. Maar nu ziet het er naar uit dat waterstof ook een argument wordt voor het aanleggen van nieuwe aardgasleidingen. Nochtans is aardgas net als steenkool een fossiele brandstof.

Een en ander bleek in discussies in comités van het Europees Parlement over het ‘Just Transition Fund’, het fonds voor een rechtvaardige energietransitie. Dat fonds van 40 miljard euro moet regio’s ondersteunen die van steenkool af moeten (108 regio’s verspreid over de EU). Het geld moet bijvoorbeeld getroffen werknemers helpen om een nieuw leven op te bouwen. Het geld mag niet gebuikt worden voor investeringen in fossiele brandstoffen, aldus de Europese Raad en eerder ook de Europese Commissie.

In het Europese Parlement gaan echter talrijke stemmen op om het geld ook te gebruiken voor investeringen in infrastructuur voor aardgas! Het argument is dat aardgas minder vervuilend is dan steenkool en dat deze infrastructuur later kan gebruikt worden voor waterstof. De industrie heeft echter al laten weten dat groene waterstof niet voor morgen is (zie een eerder artikel)!

Het fossiele hek is dan wel van de dam. De regels die staatshulp aan bedrijven inperken zullen naar verluidt niet gelden voor investeringen in waterstof. In een soort stuurgroep voor waterstof zitten bedrijven zoals Shell, waarvan de CEO verleden weekend in het Financieel Dagblad nog duidelijk maakte dat fossiele industrie in de nabije toekomst de basis blijft van het verdienmodel van Shell. De Europese Green Deal begint sterk te ruiken naar aardgas en grijze waterstof.

Frans Timmermans vindt het allemaal best: in theorie gaat Europees geld niet naar fossiele energie, maar volgens hem zal aardgas een sleutelrol spelen ter vervanging van steenkool om zo goedkoop de infrastructuur te bouwen voor waterstof. “Op een aantal domeinen van de overgang zal het gebruik van aardgas allicht noodzakelijk zijn om de overgang te maken van steenkool naar duurzame energie”, aldus Timmerman verleden maand. Hij ondersteunt daarmee de strategie van de grote fossiele bedrijven. Als het bedrijfsleven aan het stuur zit betekent dit echter dat de EU CO2-neutraal wordt zodra daar genoeg geld mee te verdienen valt, en geen dag eerder. (fs)

 

Hits: 1

Bisschoppen tegen straffeloosheid multinationals  

Mon, 07/06/2020 - 13:30

6 juli 2020 - Sinds 2014 worden binnen de Verenigde Naties pogingen ondernomen om tot een bindend verdrag te komen waardoor multinationals niet langer ongestraft mensenrechten kunnen vertrappelen en onmetelijke schade aanbrengen aan het milieu [efn_note]Zie Mensenrechten vs. bedrijfswinsten: en de winnaar wordt …   [/efn_note]. Die pogingen gaan vooral uit van landen uit het Zuiden, waar de misbruiken vaak hemeltergend zijn; van Westerse kant, onder andere vanwege de EU en haar lidstaten, was er enkel tegenkanting en regelrechte boycot. De morele verontwaardiging daarover en de machteloosheid van hele bevolkingsgroepen vond onder andere een spreekbuis bij (sommige) kerkelijke leiders. Zo kwam de Peruviaanse bisschop Pedro Barreto in september 2018 naar Brussel “om de EU-leiders aan te sporen om een constructieve houding aan te nemen bij de onderhandelingen binnen de Verenigde Naties voor een bindend verdrag over transnationale bedrijven.” En vandaag doen de aartsbisschoppen Hollerich van Luxemburg en Maung Bo van Myanmar in een open brief een nieuwe oproep voor bindende wetgeving ter zake; ze verwijzen expliciet naar ISDS, het “geheim wapen” waarover multinationals beschikken wanneer hun belangen op het spel staan, en dat door de EU al in tal van vrijhandelsverdragen werd ingebouwd. Hollerich en Maung Bo zijn mede-ondertekenaars van een vandaag verschenen nieuwe  oproep door 110 bisschoppen voor bindende wettelijke maatregelen tegen schendingen van mensenrechten door bedrijven. Ze zien een positieve evolutie in een verklaring van eurocommissaris Reynders voor justitie die zich eind april uitsprak voor een wetgevend initiatief; diverse Belgische ngo’s en vakbonden zijn op deze verklaring gesprongen en willen dat de EU zich ook aan deze intentieverklaring houdt. De ervaring leert natuurlijk dat de EU nooit om een verklaring meer of minder verlegen is, en dat zeker ‘gladde aal’ Reynders een allesbehalve betrouwbare partner is wanneer het gaat over optreden tegen bedrijfsbelangen. Het zou echter dwaas zijn deze kans niet te grijpen om de EU voor haar verantwoordelijkheid te stellen. Veel hangt af van de publieke druk ter ondersteuning van een bindend verdrag tegen de straffeloosheid van de multinationals. Een bisschoppelijke verklaring, hoe welkom ook, zal niet volstaan; het zijn zeker niet de Europese ‘christendemocraten’ die er zich zullen door aangesproken voelen. Het Europees Vakverbond tekende wel een steunbetuiging voor een initiatief in die richting, maar veel meer gewicht dan een verklaring vanaf de bisschoppelijke kansel gooit dit niet in de weegschaal. Is deze zaak niet evenveel inzet waard vanwege sociale bewegingen als het verzet tegen de vrijhandelsverdragen? (hm)    

Iedereen houdt van Vucic

Sun, 07/05/2020 - 18:45
Bewaren als PDF

5 juli 2020 – De Servische president Aleksandar Vucic is erg geliefd. Iedereen houdt van hem: Rusland, de VSA, China, de EU, allen zoeken ze zijn vriendschap om zo geopolitiek voordeel te verwerven in de Balkan. Dat is nog meer het geval nu de partij van Vucic met vlag en wimpel door de oppositie geboycotte parlementsverkiezingen won.
Dat de man steeds meer autoritaire allures krijgt doet er even niet toe. Dat hij verantwoordelijk is voor een uitbraak in Servië van het coronavirus evenmin. Tegen beter weten in werden zowat alle maatregelen tegen het virus opgeheven: cafés, nachtclubs, voetbalstadia draaiden weer als vanouds. Het tennistoernooi van Djocovic haalde de internationale pers nadat Djocovic zelf besmet raakte. Volgens critici was dit alles nodig opdat de verkiezingen konden doorgaan die de macht van Vucic moesten consolideren. Volgens een onderzoek werden de coronacijfers in de aanloop naar de verkiezingen vervalst.
Maar zoals het gezegde gaat: God straft onmiddellijk. Het blijkt dat een aantal vooraanstaande politici, waaronder de parlementsvoorzitter en de minister van defensie, nu zelf besmet zijn nadat zij de verkiezingsoverwinning al te innig gevierd hadden. Inmiddels werden weer strenge maatregelen tegen het virus ingevoerd, maar te laat.
De moraal van het verhaal: Europa lijkt toch wel een vruchtbare voedingsbodem voor autoritaire autocraten, en het weerwerk van de EU is niet echt overtuigend. Vucic kondigde al aan dat hij nu graag in gesprek gaat met de EU over Kosovo, om zo de weg te openen naar Servisch lidmaatschap. (fs)

Hits: 0

De grijze tijger Poetin

Sat, 07/04/2020 - 19:01
Bewaren als PDF

4 juli 2030 – Drie op vier van de inwoners van Rusland wil dat Poetin president blijft tot hij 83 is (hij is nu 67). Dat is in elk geval wat het Kremlin ons wil doen geloven, zich baserend op het referendum waarvan de uitslag enkele dagen geleden bekend werd gemaakt.

Wat een bizar referendum! Terwijl het referendum nog moest plaatsvinden lag de nieuwe grondwet gedrukt en wel al in de boekhandels. Het referendum was dan ook enkel raadgevend, en ging over van alles en nog wat.
Maar Poetin had het referendum nodig om zijn populariteit te bewijzen. Die is tanende, onder meer na een onpopulaire pensioenhervorming. Het coronavirus dat in Rusland hard toesloeg terwijl de overheid passief toekeek heeft ook niet geholpen.

Toch gingen dus veel mensen stemmen en haalde Poetin een stevige meerderheid. Dat heeft hij niet zozeer te danken aan fraude, dan wel aan het feit dat zoveel mensen in Rusland voor hun positie of inkomen rechtstreeks of onrechtstreeks afhankelijk zijn van het Kremlin. Dat speelt des te meer mee nu miljoenen mensen door het coronavirus door de mazen van het versleten sociale zekerheidsnet dreigen te vallen.

Maar alles is zeker niet koek en ei voor Poetin. De New York Times bericht hoe bloggers, influencers en andere internetsterren weigerden Poetin in het referendum te steunen, uit vrees hun publiek voor het hoofd te stoten, en dus hun advertentie-inkomsten kwijt te raken. Het internet heeft weinig last van censuur in Rusland. De hip hop ster Timati die toch het risico nam een nummer met lof op Poetin op te nemen kreeg op internet 1,4 miljoen duimpjes naar beneden, en moest de clip van het internet halen. Poetin is niet cool meer. Hij zakt in peilingen, meer nog bij jongeren.

Per Leander en Alexey Sakhnin schreven op Jacobin een verhelderend artikel over de breekbare toestand waarin Poetin zich bevindt. Sakhnin is lid van het Links Front in Rusland en lid van de Progressieve Internationale Raad, waarvan Varoufakis de trekker is.

Zo heeft de EU in Europa en aan de rand ervan met Rusland en Turkije twee autoritaire maar niet zo stabiele regimes, die garant staan voor nog heel wat geopolitieke hoofdbrekens. Wij zijn echter meer geïnteresseerd in de veerkracht van de mensen daar om in verzet te komen tegen deze autoritaire en corrupte regimes. (fs)

Hits: 0

Doel humanitaire hulp Syrië niet gehaald

Thu, 07/02/2020 - 09:54
Bewaren als PDF

2 juli 2020 – Op een donorconferentie wilden de EU en de VN 10 miljard dollar ophalen voor humanitaire hulp aan Syrië. Dat doel werd niet gehaald. Als excuus werd de coronacrisis aangehaald, die weegt op de overheidsfinanciën. De EU vond 2,6 miljard dollar, en lidstaten over twee jaar nog eens 3,8 miljard dollar. Als het om Syrië gaat is geld blijkbaar toch niet gratis.

Het land kent al tien jaar oorlog, met 380.000 burgerslachtoffers en de helft van de bevolking op de  vlucht. Let wel, het is geen ‘binnenlands’ conflict, terwijl de rest van de wereld zich beperkt tot humanitaire hulp. Bijna iedereen vecht er mee, al dan niet via onderaannemers (proxy wars), want het is een strategische regio. Ook Nederland stuurde gevechtsvliegtuigen, die boven Irak en Syrië 2500 missies uitvoerden in het kader van een coalitie. Daarbij vielen 7000 burgerdoden (volgens Amnesty International).

Humanitaire krokodillentranen zijn een Europese specialiteit. (fs)

Hits: 1

Noorwegen gaat voor ondergrondse opslag CO2

Thu, 07/02/2020 - 09:33
Bewaren als PDF

2 juli 2020 – Dank zij de oliewinning heeft Noorwegen een aardig spaarpotje. Daarvan wil het nu 2,6 miljard dollar investeren in een project voor ondergrondse opslag van CO2. De CO2 wordt uitgestoten door een cementfabriek en een energiecentrale die draait op afval. De CO2 zou worden opgevangen, getransporteerd met een schip, en enkele honderden kilometers verder worden opgeslagen onder de zeebodem.
Per opgeslagen ton CO2 kost dit project 140 dollar, dat is vijf keer zoveel als een ton waard is op de Europese emissiehandel. Maar het is nog steeds een stuk minder dan de 1350 dollar die Noorwegen per uitgespaarde ton uitgeeft aan subsidies voor elektrische auto’s. Noorwegen wil tegen 2030 al CO2-neutraal zijn. Neutraal is dan een netto-begrip. Het betekent niet per definitie dat geen CO2 meer wordt uitgestoten, maar kan ook betekenen dat uitgestoten CO2 wordt gecompenseerd door CO2 uit de lucht te halen (bijvoorbeeld door het planten van bomen), of dat CO2 wordt opgevangen en ondergronds opgeslagen.
Met zijn investering hoopt Noorwegen koploper te worden in de technologie van ondergrondse opslag. Het is dan wel geen lid van de EU, maar wel van de EER (Europese Economische Ruimte). Het project wordt voor 80 procent gefinancierd door de overheid, maar ook private spelers doen mee, waaronder uiteraard Shell. Zo wordt geleidelijk de Europese groene taart verdeeld: Noorwegen ondergrondse opslag, Nederland waterstof,… (fs)

Hits: 0

Britten willen het speelveld vervalsen!

Wed, 07/01/2020 - 17:09

1 juli 2020 - De Financial Times schrijft dat een van de grote struikelblokken in het vinden van een Brexit-akkoord draait rond de regels voor de staatssteun ('State aid question remains stumbling block in Brexit talks'). De EU wil dat Groot-Brittannië zich schikt naar de Europese regels terzake, wat erop neerkomt dat het Europees Hof van Justitie een blijvende zeg heeft in een deel van de Britse economische politiek. Londen daarentegen zegt dat het zich aan de regels van de Wereldhandelsorganisatie wil houden.  'Onaanvaardbaar', zegt EU-onderhandelaar Barnier, als de Britten een vrijhandelsakkoord zonder quota en zonder tarieven willen. Een geschil dus over onliberale praktijken tussen twee prominente neoliberale spelers. "We dulden geen compromissen over onze waarden!", waarschuwde Barnier, voor wie het principe van het level playing field [vlak speelveld, gelijke kansen voor iedereen in de grote Olympische concurrentiespelen] niet te koop is! Maar waarom moet dat vlak speelveld er enkel zijn met niet-EU concurrenten, terwijl regeringen binnen de EU er alles mogen aan doen om het speelveld  in hun voordeel, of beter gezegd: dat van hun grote bedrijven, om te woelen? Zo mogen ze de vennootschapsbelasting halveren, vierendelen of elimineren, een vorm van 'staatssteun' die door bedrijven ten zeerste geapprecieerd wordt. Ze mogen, of beter gezegd: ze worden door de EU verzocht, om pensioenen en uitkeringen te verlagen; hoe lager, des te aantrekkelijker hun speelveld voor investeerders. Ze mogen zelfs miljoenen mensen tot de bedelstaf veroordelen door een hongerloonbeleid , zoals Schröder met zijn coalitie van SPD en Grünen introduceerde in Duitsland met Agenda 2010 en Hartz-IV. Het al niet zo vlakke Europese speelveld helt in ieder geval vervaarlijk richting kapitaal...  (hm)      

Het EU-herstelprogramma vs. de Europese Green Deal

Wed, 07/01/2020 - 15:32

1 juli 2020 Alfons Pérez en Nicola Scherer oorspronkelijk verschenen op Open Democracy  (4 juni) Nederlandse vertaling Globalinfo.nl   De Europese Centrale Bank en de Europese Investeringsbank ondersteunen grote bedrijven middels ondoorzichtige procedures, waarbij geen rekening gehouden wordt met sociale, milieu- of klimaatcriteria en zonder daaraan bindende voorwaarden te verbinden om een einde te maken aan belastingontduiking en dividenduitkeringen door die bedrijven. Op 4 juni kwam de Raad van Bestuur van de Europese Centrale Bank (ECB) bijeen die naar verwachting de verlenging van het Pandemic Emergency Purchase Program (PEPP) aankondigde. Dit zou een goed moment zijn om na te denken over de manier waarop de EU-overheidssteun in  de context van de COVID-19-crisis,tot dusver gekanaliseerd is naar enkele van de machtigste spelers van onze economie . De verspreiding van COVID-19 en de daaruit voortvloeiende noodsituatie op gezondheidsgebied hebben geleid tot een ongekende economische vertraging. Bijgevolg hebben overheidsinstellingen plannen, mechanismen en instrumenten geactiveerd die ogenschijnlijk gericht zijn op het stoppen van de schok, het reactiveren van de economie en het herstellen van de pre-pandemische normaliteit. In deze context spelen grote ondernemingen een centrale rol die vergelijkbaar is met die van het bankwezen tijdens de financiële crisis van 2008: in een tijd van grote onzekerheid profiteren enkele machtige actoren van overheidssteun, terwijl de overgrote meerderheid op de tweede plaats komt. Om de geschiedenis niet te herhalen, is het noodzakelijk de publiek-private overeenkomsten die momenteel worden gesloten te analyseren en een werkelijk democratisch crisisbeheer te eisen. We hebben transparantie en verantwoording van onze openbare instellingen nodig en eisen crisisbeheersing die sociaal en ecologisch eerlijk en duurzaam is.   Wat doet Europa voor de grote vervuilende bedrijven? In 2014 heeft de ECB een programma voor de aankoop van activa opgezet, bekend als Quantitative Easing (QE), om staatsschulden te kopen van nationale overheden in de eurozone. Kort daarna breidde de bank het programma uit door bedrijfsobligaties aan te kopen, wat slechts een selecte club van 300 bedrijven ten goede is gekomen, waaronder ACS, Adecco, Allianz, Arcelor Mittal, AXA, BASF, Bayer, Coca Cola, Danone, Deutsche Telekom, Enagás , ENEL, ENI, Heineken, Michelin, Nestlé, Novartis, Peugeot, Renault, Ryanair, Siemens, Unilever, Volkswagen en nog veel meer. Op 24 maart 2020 heeft de ECB vanwege de effecten van COVID-19 toestemming gegeven voor een uitbreiding van het programma voor de aankoop van staatsobligaties en bedrijfsobligaties tot € 750 miljard, het Pandemic Emergency Purchase Program (PEPP) genoemd. Met deze stap wil de ECB de toegang tot krediet voor staten en bedrijven verder vergemakkelijken. Sinds 27 maart heeft de ECB via PEPP een speciaal programma voor bedrijven opgezet, het Corporate Sector Purchase Program-CSPP, dat 167 nieuwe transacties heeft gedaan voor de aankoop van bedrijfsobligaties, waarvan 94 Europese transnationale ondernemingen profiteerden. De meeste van deze bedrijven maakten deel uit van de door de ECB geselecteerde club van 300 QE-gegadigden en profiteren nu van de COVID-19-noodsituatie. Deze lijst bevat: Repsol, Shell, Total Capital, E.ON, Airbus en BMW. Dit zijn enkele van de meest vervuilende bedrijven in de Europese Unie. Andere centrale banken hebben soortgelijke maatregelen genomen. De Amerikaanse Federal Reserve heeft bijvoorbeeld zojuist 750 miljard dollar aangekondigd voor het kopen van bedrijfsschulden als onderdeel van de financiering die beschikbaar is gesteld via de Coronavirus Aid, Relief and Economic Security Act (CARES Act). Friends of the Earth beweert dat dit notoire vervuilers als ExxonMobil, Chevron en Conoco zou kunnen ondersteunen. De Centrale Bank van Brazilië past ook kwantitatieve versoepeling toe door de aankoop van bedrijfsobligaties om de COVID-19-impact op grote bedrijven te verzachten.   Wat zijn de voordelen voor grote bedrijven? Het concept van PEPP maakt het alleen beschikbaar voor grote bedrijven: obligatie-uitgiftes zijn dure procedures en worden alleen gerealiseerd in bedragen variërend van honderden tot miljarden euro's. Bovendien verkrijgen grote bedrijven goedkope en langetermijnfinanciering in een context van extreme onzekerheid. In deze logica is het de rol van een openbare instelling om haar geloofwaardigheid ten dienste te stellen van de grootste bedrijven, zodat beleggers erop kunnen vertrouwen dat het kopen van schulden bij een bedrijf veilig is omdat een entiteit als de ECB dit garandeert. Dit feit wordt des te relevanter als we bedenken dat de ECB binnen het PEPP voor het eerst "niet-financieel handelspapier" koopt, dat wil zeggen kortlopende bedrijfsschulden (minder dan anderhalf jaar) omdat investeerders ophielden met ze te kopen. Op deze manier wordt het aanbod van bedrijfsschuldproducten, waaronder schulden van mindere kwaliteit, uitgebreid, wat de particuliere entiteit ten goede komt, maar de overheidsinstelling dwingt om het hogere risico van niet-terugvordering van ons geld op te vangen. In een tijd van pandemie is het merkwaardig om te zien hoe de ECB operaties heeft uitgevoerd om obligaties te kopen van 's werelds meest vervuilende bedrijven. Ondanks de historische daling van de olieprijzen kocht de ECB obligaties van Shell, de Nederlands-Britse olie- en gasmaatschappij, die sinds het begin van het jaar een daling van haar marktwaarde van 45% heeft geleden. Het rendement op de obligaties van Shell na afloop na 4, 8 en 12 jaar is afhankelijk van de veerkracht van het bedrijf. Dat betekent dat de ECB een risicodelingsrelatie aangaat, of een financiële alliantie met de fossiele sector, en dat de bedrijven voldoende tijd nodig hebben om de nominale waarde van de obligaties plus rente terug te betalen.   Hoe en onder welke criteria werken de obligatieaankopen? De ECB delegeert de taak om te kiezen welke bedrijven moeten worden gefinancierd aan de centrale banken van Duitsland, Frankrijk, Spanje, Italië, België en Finland, die financiële medewerkers in dienst hebben die de aankoop van de obligaties voorstellen en uitvoeren, zowel op primaire als op secundaire markten. De centrale banken van Duitsland, Frankrijk, Spanje en Italië kopen alleen bedrijfsobligaties van hun eigen transnationale ondernemingen, terwijl de centrale bank van België en Finland ook obligaties van andere Europese bedrijven kopen. De criteria die de medewerkers van de centrale banken hanteren zijn de financiële stabiliteit van de bedrijven en de kwaliteit van hun schulden. De ECB verplicht hen niet om obligaties te selecteren op basis van sociale, milieu- of klimaatcriteria. Wat betreft de vraag op haar website: "Zullen er 'groene criteria' in het PEPP worden opgenomen?", verwijst de ECB naar de criteria die zijn vastgelegd in het programma voor de aankoop van activa in 2014 en zegt dat ze "rekening houden met financiële risico's maar niet positief of negatief discrimineren door de economische activiteit van de uitgevende entiteiten". In de volgende paragraaf probeert de ECB zich te rechtvaardigen door de aankoop van groene obligaties, maar erkent direct daarna dat er een gebrek aan garanties is in de normalisatie en vereisten voor deze obligaties en dat ze in totaal minder dan 1% van alle aankopen vertegenwoordigen.   Wat is de rol van de Europese Investeringsbank? De Europese Investeringsbank (EIB), de openbare investeringsbank van de EU, zal een belangrijke rol spelen in de pandemische herstelplannen. Evenals de ECB missen haar verrichtingen echter transparantie en openbare controle en functioneren zij zonder bindende milieu- en sociale criteria. De EIB heeft een noodpakket van 40 miljard euro gecreëerd dat al operationeel is en de EU-regeringen hebben de oprichting goedgekeurd van een garantiefonds van 25 miljard euro dat kapitaal tot 200 miljard euro moet mobiliseren; de details van de opzet worden nog uitgewerkt. Deze twee EIB COVID-19-crisismechanismen zullen in principe worden gebruikt om leningen en garanties te vergemakkelijken om kleine en middelgrote ondernemingen (kmo's) via openbare en particuliere banken te helpen. De EIB verstrekt geen directe leningen aan kmo's, aangezien haar gebruikelijke minimumlening 25 miljoen euro bedraagt. De EIB heeft echter de reputatie verworven grote infrastructuurprojecten te financieren (zie het voormalige plan-Juncker) en aan te dringen op privatisering van openbare diensten, zoals gezondheid, vervoer en energie, door publiek-private partnerschappen te bevorderen. We zouden dus kunnen verwachten dat kleine en middelgrote ondernemingen niet noodzakelijkerwijs zullen profiteren van het noodgeld van het EIB-coronavirus.   Welke bedrijven profiteren van de COVID-19-noodprogramma's van de EIB? Overeenkomstig haar beleid verstrekt de EIB alleen gedetailleerde informatie over de geselecteerde ondernemingen als de projectpromotor geen juridische bezwaren heeft ingediend tegen de vertrouwelijkheid ervan. Met de verstrekte informatie geeft de lijst van gefinancierde projecten sinds de aankondiging van het EIB-noodpakket op 16 maart 2020 ons een idee van de sectoren waar ons geld naartoe gaat: sinds het begin van de pandemie heeft de EIB de 30 goedgekeurde en ondertekende projecten voor kredietlijnen voor banken, 16 projecten voor de energiesector, 12 voor transport maar slechts 4 voor gezondheidsprojecten. In het kader van haar herstelplannen voor COVID-19 zal het merendeel van de EIB-verrichtingen worden bemiddeld, wat betekent dat de EIB kredietlijnen of garanties zal verstrekken aan andere financiële instellingen (commerciële banken of nationale openbare banken). In deze gevallen delegeert de EIB het besluit over welke bedrijven toegang krijgen tot de leningen en garantieprogramma's aan de intermediaire banken zonder strenge en bindende sociale, milieu- en klimaatcriteria. Dat betekent dat een entiteit als een commerciële private bank, buiten het bereik van de overheid, haar eigen criteria bepaalt voor welke bedrijven overheidssteun krijgen en welke niet.   Redden we bedrijven? Allereerst betekent 'redding' dat het bedrijf waarschijnlijk zonder publieke steun failliet zou gaan. Als mensen en kmo's failliet kunnen gaan, waarom zouden we dan de grote vervuilers in onze economie niet laten vallen? Omdat het redden van de grote bedrijven in werkelijkheid het redden van de aandeelhouders betekent. En in veel gevallen zijn de aandeelhouders van de grote bedrijven machtige banken en investeringsfondsen, zoals het Amerikaanse fonds Black Rock. Dit fonds is 's werelds grootste investeerder in fossiele brandstoffen, betrokken bij de wapenindustrie en is verrassend genoeg de nieuwe adviseur geworden van de Europese Commissie voor milieu-, sociale en bestuurskwesties (ESG) voor het bankentoezichtproces.

Van de 6 vervuilers van de EU (Repsol, Shell, Total Capital, E.ON, Airbus en BMW) is Black Rock aandeelhouder in 4 van hen, evenals de Noorse Norges Bank Investment Management en het Amerikaanse investeringsfonds Capital Research & Management Co. (wereldwijde investeerders). De Franse vermogensbeheerder Amundi Asset Management SA (Investment Management) heeft aandelen in 5 van deze bedrijven en in het Amerikaanse investeringsfonds The Vanguard Group. Natuurlijk zijn deze wereldspelers geïnteresseerd in het ontvangen van hun aandeel in de gunsten aan het bedrijf, ondanks het feit dat de wereld lijdt aan een wereldwijde pandemie.

[caption id="attachment_19173" align="aligncenter" width="680"] Aandeel van BlackRock, Norges Bank Investment Management, Capital Research & Management, Chamundi Asset Management, The Vanguard Group in Repsol, Shell, Total Capital, E.ON, Airbus en BMW | Bron: ODG[/caption] Hier is nog een van de vele problemen: dividenden. Hoewel de ECB alle onder haar toezicht staande entiteiten heeft geadviseerd banken te verplichten om pas in oktober 2020 dividend uit te keren, is deze verplichting niet van toepassing op ondernemingen die overheidsmiddelen ontvangen. Voor onze 6 vervuilers betekent dit dat ze dividenden kunnen blijven uitkeren aan hun aandeelhouders, terwijl ze openbare noodfondsen aanvragen. Shell keerde inderdaad dividenden uit voor het 4e kwartaal van 2019 tijdens de COVID-noodsituatie op 23 maart en keert de volgende dividenden uit op 22 juni. Hetzelfde geldt voor Total, dat de volgende dividenden betaalt op 29 juni, Repsol op 8 juli, BMW op 19 mei en E.ON op 28 mei. We mogen ook niet vergeten dat Chief Executive Officers (CEO's) vaak een aanzienlijk aantal aandelen van een bedrijf bezitten en rechtstreeks profiteren van de goede werking van de onderneming en de uitkering van dividenden. Zo bezit Antonio Brufau, president van Repsol, 566.803 aandelen. Ben van Beurden, de CEO van Shell, verdiende in 2017 € 1,3 miljoen door dividendbetalingen door Shell. Op deze manier kunnen CEO's 100 tot 300 keer meer verdienen dan het gemiddelde salaris bij de onderneming. Daarom bestaat er een reëel risico dat overheidsgeld, dat erop gericht is de gevolgen van de pandemie te verzachten, door de uitkering van dividenden naar de portemonnee van investeerders wordt overgemaakt. Een ander probleem ten slotte is dat openbare noodfondsen naar bedrijven gaan die hun dochterondernemingen in belastingparadijzen hebben. Frankrijk, Denemarken en Polen hebben een goede start gemaakt om bedrijven die grote bedragen in het buitenland in de belastingparadijzen hebben gestald, uit te sluiten van de stimuleringsfondsen. De Europese instellingen, zoals de ECB en de EIB, dienen dit voorbeeld te volgen en te verbieden dat deze bedrijven profiteren van openbare middelen of hulp. Volgens de organisatie Tax Justice heeft Shell inderdaad 8 dochterondernemingen in Zwitserland. Volgens Total's registratiedocument 2019 heeft het bedrijf 166 dochterondernemingen in belastingparadijzen, op een totaal van 1191. En volgens een recent rapport van Intermon Oxfam heeft Repsol 81 dochterondernemingen in belastingparadijzen. Uit hetzelfde rapport blijkt dat sinds 2004 het totaal van de Spaanse vennootschapsbelasting met 11% is gedaald, terwijl het dividend van de vennootschap met 83% is gestegen.   Op weg naar een democratisch, transparant en eerlijk beheer van de crisis De ervaring met het beheersen van de crisis van 2008 is nog steeds erg aanwezig. Helaas is het pad dat openbare instellingen in 2020 volgen, vergelijkbaar. Om een democratisch beheer van deze huidige crisis te garanderen, moeten we aandringen op transparantie en openbaarmaking van mechanismen voor openbare financiële steun. Europese burgers moeten kunnen bespreken en weten waar de hulp op is gericht. Gebrek aan informatie verslechtert alleen maar de reputatie van Europese instellingen en hun rol bij crisisbeheersing. Het Europees Parlement heeft op 28 november 2019 een klimaatnoodsituatie afgekondigd, maar hoe worden hun verklaringen weerspiegeld in het COVID-19-beleid ten aanzien van grote vervuilende bedrijven? Het is belangrijk om rekening te houden met de tijdsdimensie van de beslissingen die nu worden genomen. Door zich ertoe te verbinden grote vervuilende bedrijven te steunen door hun bedrijfsschuld op te kopen, zullen de EU-instellingen moeten aandringen op beleid dat deze bedrijven in staat stelt nog minstens tien jaar beter te presteren om het geld terug te krijgen. Maar dit is totaal onsamenhangend met elk beleid ter bestrijding van de klimaatnoodsituatie. In die zin hebben we duidelijke en bindende milieu- en sociale criteria nodig om te voorkomen dat grote vervuilers profiteren van overheidssteun. Bovendien bereidt de Europese Commissie volgens een uitgelekt document van april 2020 een voorstel voor over de beperking van de dividenduitkering voor bedrijven die overheidssteun ontvangen. In afwachting van de details die de reikwijdte en de doeltreffendheid van het voorstel bepalen, moeten we ons tegen zulke uitkeringen verzetten en eisen dat er in tijden van crisis geen uitkering van dividenden mag plaatsvinden. Hetzelfde geldt voor bedrijven met dochterondernemingen in belastingparadijzen: overheidsgeld mag niet naar belastingontduikende bedrijven gaan, maar in plaats daarvan ten goede komen aan de mensen die het geld het hardst nodig hebben.  

Groene volmachten voor Timmermans?

Wed, 07/01/2020 - 12:59
Bewaren als PDF

1 juli 2020 – Mocht dat nog niet het geval zijn, dan heeft u – als door de wol geverfde EU-watcher – er belang  bij vertrouwd te raken met het begrip “gedelegeerde handeling”. In Europese wetgeving is een “gedelegeerde handeling” de bevoegdheid gegeven aan de Europese Commissie om delen van een Europese wet verder uit te werken. In de regel gaat het dan om technische zaken zonder politieke draagwijdte. De Commissie pleegt overleg met vertegenwoordigers van de lidstaten, en de Raad en het Parlement beschikken over controlemogelijkheden achteraf.

De Commissie heeft in het voorstel van Europese klimaatwet, ingediend bij het Europees Parlement in maart, dergelijke bevoegdheid voor zichzelf voorzien. Het gaat hier niet om een detail. Via “gedelegeerde handelingen” zou de Commissie, in de praktijk dus Frans Timmermans, het traject van het Europese klimaatbeleid tussen 2030 en 2050 sturen. In artikel 3 van de klimaatwet staat wel opgesomd waar de Commissie rekening mee moet houden, maar het rijtje bevat zowat alles wat je maar kan bedenken (het concurrencievermogen van de Europese economie ontbreekt natuurlijk niet).

Het zal je niet verbazen dat de eurosceptische Nederlandse Tweede Kamer nogal wat vragen had bij deze groene machtsgreep van hun landgenoot in Brussel. (fs)

Hits: 0

Ierse Groenen scheep met centrumrechts

Tue, 06/30/2020 - 21:38
Bewaren als PDF

30 juni 2020 – In de Ierse parlementsverkiezingen van februari 2020 haalden Fianna Fail en Fine Gael samen minder dan de helft van de stemmen. Dat gaf een schok, want sinds de Ierse onafhankelijkheid hadden deze centrumrechtse partijen elkaar afgewisseld aan de macht. Ditmaal kwam het linkse Sinn Fein als grootste partij uit de stembus.
Toch gaan Fianna Fail en Fine Gael nu samen de regering vormen, en wel dank zij de steun van de Green Party. In de Green Party was hier discussie over, maar uiteindelijk stemde 76 procent van de leden voor regeringsdeelname. Ondanks de electorale ruk naar links, onder meer te verklaren door de wooncrisis, de crisis van het gezondheidssysteem, en de plannen de pensioenleeftijd te verhogen van 66 naar 67 jaar, krijgt Ierland dus opnieuw een regering met een duidelijk neoliberaal programma.
De groenen argumenteren dat zij geen keuze hebben: de klimaatcrisis eist dat zij snel regeringsverantwoordelijkheid opnemen. Het regeringsprogramma voorziet dat tot 2030 de CO2-uitstoot gemiddeld per jaar met zeven procent moet dalen. Jammer genoeg gaat het hier om een gemiddelde, en wordt het zwaartepunt van de vermindering in de tweede helft van het decennium gelegd, wanneer de nieuwe regering alweer geschiedenis is. Het is ook maar de vraag hoe een ingrijpend klimaatplan kan werken als het niet sociaal rechtvaardig is. Zoals tegenstanders van regeringsdeelname schreven: to be fast climate action must be fair. Een gedetailleerd overzicht van de recente politieke ontwikkelingen in Ierland in het Engels  vind je in dit artikel. (fs)

Hits: 1

Pages