‘Brood, vrede en vrijheid’ - onder dat motto vindt de oprichtingsconferentie van het IVVV of ICFTU ‘op z’n Engels’, plaats. De toon wordt meteen gezet in de openingsspeech op maandag 28 november 1949 door de heer Bullock van de Engelse TUC: “We hadden goede hoop dat de Wereldfederatie van Vakbonden die hier in 1945 werd opgericht het door haar gestelde doel om alle vakbondsleden van de wereld te verenigen, ongeacht ras, nationaliteit, religie of politieke overtuiging. Dat is nog steeds het doel van de wereld conferentie die we hier vandaag openen.”
De volgende dag voegt de Belg en soon-to-be voorzitter Paul Finet hier aan toe: “In korte tijd bleek honderden keren dat de Wereldfederatie van Vakbonden voor sommige van haar leden slechts een manier was om propaganda te maken voor een ideologie wiens totalitaire natuur nooit in de smaak zal vallen bij de vrije burgers van de westerse democratien.” Het is 1949 en we bevinden ons midden in de Koude Oorlog.
Vier jaar eerder, oktober ‘45, leek de overwinning op nazi-Duitsland ook een overwinning te zijn op de diepe meningsverschillen die de vakbeweging in de jaren ’20 en ’30 uit elkaar hadden gereten. Vol hoop en verwachting was de WFTU ofwel de Wereldfederatie van Vakbonden opgericht. Sociaal-democraten en communisten gingen samen het grootkapitaal een halt toeroepen. Zo hoopte men in ieder geval, maar de ideologische verschillen bleken te groot om eenheid te bewaren in die woelige tijd van wederopbouw. De oorlog had de diepe meningsverschillen over de aard van het kapitalisme en de vakbeweging, de relatie met de partij en de staat niet feitelijk opgelost, enkel uitgesteld zo bleek al snel. Onenigheid over de ware betekenis van het Marshall-plan, het veranderende klimaat voor niet-communistische vakbonden in Oost-Europa en de pogingen om de internationale vakbondssecretariaten te integreren in de structuur van het WFTU brachten de oude breuklijnen weer aan de oppervlakte. Al na een paar jaar liepen de eerste sociaal-democratische bonden weg, met de oprichting van het IVVV in 1949 tot gevolg.
Tot op de dag van vandaag bestaat de WFTU, al is haar relevantie sinds de val van de Muur (nog) minder geworden. Europese leden van betekenis heeft ze niet meer sinds de Franse CGT in 1995 haar lidmaatschap opzegde – bijna twintig jaar nadat de Italiaanse CGIL wegliep. Tegenwoordig is het merendeel van haar geclaimde 145 lidorganisaties met in totaal 42 miljoen leden in het Zuiden geconcentreerd.
De christelijke arbeidersbeweging
De breuklijn tussen de sociaal-democratische en communistische beweging is niet de enige die de internationale arbeidersbeweging decennia heeft gekenmerkt. De christelijke en seculiere internationale vakbeweging is zelfs nooit verenigd geweest in één organisatie - tot afgelopen november dus.
In 1891 had de katholieke kerk erkend dat er zoiets bestond als een sociaal probleem door het opstellen van het 'Rerum Novarum'. Een buitengewoon reactionair document, ook toen al, maar desalnietemin een grote stap voor de katholieke wereld. Centrale boodschap is dat de klassensamenwerking moet worden bevodert in plaats van een klassenstrijd na te streven. Arbeid en kapitaal zijn immers complementair en om dit te bewerkstelligen dient de baas de waardigheid van de arbeider te erkennen en de arbeider de rechten en eigendommen van z’n baas te respecteren. Om die waardigheid van de werkende mens te realiseren werd de vorming van vakbonden toegestaan.
Ondertussen was de anti-klerikale en radicale arbeidersbeweging zich al decennia in golven van verzet aan het uitbreiden en versterken – en konden christenen aan de basis niets anders doen dan dat handenwringend aan zien. Het Rerum Novarum werd dan ook met beide handen aangegrepen om vakbonden geschoeid op christelijke leest te vormen. In 1909 bijvoorbeeld werd het CNV opgericht en drie jaar later het Belgische ACV – dé ruggegraat van de internationale christelijke vakbeweging. Het hoogtepunt volgde in 1920 met de oprichting van de International Federation of Christian Trade Unions, de IFCTU.
In 1949 werd de uitnodiging van het IVVV om zich aan te sluiten na intern beraad afgeslagen en de decennia die daarop volgen probeert de IFCTU haar religieuze basis te verruimen door haar naam in 1968 te veranderen naar Wereldverbond van de Arbeid en zich meer op het Zuiden te richten. De bevrijdingtheologie die op dat moment hoogtij viert in Latijns Amerika heeft diepe sporen nagelaten in de praktijk van het WVA met als gevolg dat ze zich in haar internationale praktijk niet zelden links van de ICFTU positioneerde. Dat ze zich nooit volledig ondergeschikt heeft gemaakt aan het Koude Oorlogsdenken is hier zeker mede debet aan.
Sinds ’49 zijn er verschillende toenaderingspogingen geweest tussen het IVVV en het WVA, maar deze liepen telkens weer stuk op ideologische verschillen, de angst van het WVA opgeslokt te worden of door verzet van de Europese leden van het IVVV. In 2003 heeft de laatste voorzitter van het IVVV en de eerste van het IVV, Guy Ryder, de partijen wél om de tafel gekregen met het voorstel beide organisaties op te heffen en een gezamelijk een nieuwe organisatie te stichten. Een sympathieke geste, maar het verschil in omvang (26 mlj. tegen 157 mlj.) is zo groot, dat het de vraag is of het uiteindelijk in de praktijk van het IVV veel gaat uitmaken.
Waardig werk en georganiseerd verzet Interview met Algemeen Secretaris van de Wereldvakbond Guy Ryder Tijdens het Wereld Sociaal Forum dat onlangs plaatsvond in Kenia heeft Indymedia Belgie de voorzitter van de Wereldvakbond (ITUC) geïnterviewd over deze nieuwe wereldwijde vakbond. Marc-Antoon De Schryver* Wat zoekt de Wereldvakbond op het WSF? Geldt dat ook voor de internationale campagne rond waardig werk die jullie hier lanceren? Hoe draagt dat bij tot een andere, mogelijke wereld? Wat is momenteel voor de wereldwijde vakbeweging de grootste uitdaging? 'For the Union makes us stronger?' *Dit artikel is eerder verschenen op Indymedia en licht bewerkt. |
Add new comment