Borderless

19 November 2019

Balkenende IV: Alleen de toon is anders

Het nieuwe kabinet zag in zijn eerste jaar geen vol Malieveld, boze vakbondsdemonstraties of ander massaal protest. Die stilte is begrijpelijk. Problemen worden gedepolitiseerd, de mildere toon doet de rest. Maar het is ook een gevaarlijke rust. Plus: vier ontwikkelingen waar we ons ontzettend boos over zouden moeten maken.

Rita Verdonk verdient eerherstel. Vier jaar lang is ze neergezet als de vertegenwoordiger van het Kwaad. En nu? CDA-minister Hirsch Ballin van Justitie wil lastige jongeren terugsturen naar de Antillen, een oud plan van Verdonk dat toen werd afgeschoten. Onder haar opvolgster Nebahat Albayrak (PvdA) zitten er nog steeds illegale kinderen in de cel. Dat blijft ook zo, de maatregelen die zij - net als ‘IJzeren Rita’ - hiertegen heeft aangekondigd ten spijt. Ook de rest van het deportatiebeleid is ongewijzigd. Eind vorig jaar opende Albayrak in Alphen aan den Rijn de grootste illegalenbajes van Nederland. Daar was Verdonk niet zo makkelijk mee weggekomen. En wat was er gebeurd als het vorige kabinet tientallen miljoenen had bezuinigd op de sociale advocatuur, zoals Albayrak van plan is?
Natuurlijk, er is het generaal pardon. Tienduizenden uitgeprocedeerde asielzoekers krijgen alsnog een verblijfsvergunning en daarmee een toekomst. Maar dat is op de eerste plaats te danken aan de mensen die hiervoor onder het vorige kabinet consequent de straat op gingen. Hetzelfde geldt voor andere, schaarse verbeteringen onder deze regering. Zoals het stopzetten van de liberalisering van de huursector en de bevriezing van de huren. Ook hier voerden huurdersorganisaties en oppositiepartijen jarenlang campagne voor.
Zulke aantoonbare successen smaken naar meer, zou je zeggen. Niets is minder waar. Sinds het nieuwe kabinet de scepter zwaait over Nederland, is de Dam op zaterdag weer het exclusieve domein van koopgrage consumenten en blowende toeristen. Hoewel velen het niet zullen toegeven, heerst binnen links het idee dat deze regering een stuk socialer is dan de vorige. Ten onrechte wordt gedacht dat de toon de muziek maakt. De eerste is inderdaad drastisch gewijzigd. Minister Vogelaar is daar met haar kritiek op Verdonk en de verruwing van het integratiedebat een treffend voorbeeld van. Maar het deuntje blijft hetzelfde. Dat is er een van neoliberalisme, van de oude welvaartstaat die te duur is geworden en de internationale concurrentiepositie die het Nederland onmogelijk maakt een ander, socialer beleid te voeren.
De gevolgen zijn desastreus. Het leidt niet eens tot asociale politiek, maar tot antipolitiek. Dit kabinet kneedt politieke kwesties zoveel mogelijk om tot morele vraagstukken. Tegenover de exorbitante topinkomens stelt zij niets anders dan een ‘moreel appel’. Het debat over de oorlog in Afghanistan presenteert zij als een keuze tussen de goede gematigden en de kwade radicalen. Klimaatbeleid? Daar zijn we allemaal voor. Van democratie als een botsing van opvattingen over hoe een rechtvaardige samenleving er uitziet, is steeds minder sprake. Tussen PvdA, CDA en VVD zijn de oude links/rechts tegenstellingen verworden tot een verschil van mening over hoeveel ‘sociaal’ en ‘staat’ nodig is om ‘de boel bij elkaar te houden’. Deze ministersploeg denkt anders dan haar voorgangers dat daarvoor naast gewone repressie ook meer socialisatie nodig is, bijvoorbeeld in de probleemwijken. Het ruimt de scherven op van het vorige afbraakkabinet.
Dat belooft weinig goeds voor de toekomst. Als Nederland straks aan het eind van de rit weer samen leeft en samen werkt, heeft een volgend kabinet de handen vrij voor een nieuwe sloopronde. Op het neoliberale verlanglijstje staan naast de - mede door hevig verzet vanuit de vakbonden uitgestelde - versoepeling van het ontslagrecht ook langer werken en een verdere privatisering van zorg, onderwijs en de huursector. Om daar nog iets aan te kunnen doen, moet links ophouden met zich te bekommeren om de toon van het debat. Het is tijd om zelf muziek te maken. Dat begint met wanklanken. In deze Grenzeloos alvast onze, in het geheel niet complete, hitparade.
Graaien aan de top
Met een winstbelasting van 25,5 procent is Nederland op een halve procent na een officieel belastingparadijs. In werkelijkheid gelden voor met name grote multinationals tal van speciale regelingen. Bedrijven als Shell, Unilever en Philips dragen daardoor nauwelijks bij aan de publieke kas. Plannen om hier iets aan te doen worden getorpedeerd met dezelfde argumenten waarmee ieder initiatief om de topinkomens af te romen wordt gesmoord. Het zou funest zijn voor het vestigingsklimaat.
Na jaren van keiharde asielpolitiek hebben ondernemers en rechtse partijen zich daarmee bekeerd tot een tolerant migratiebeleid. Althans, zolang het om talentvolle veelverdieners en banenverschaffende bedrijven gaat. Die zouden Nederland wel eens kunnen mijden als de belastingen omhoog gaan. De lagere en middeninkomens kunnen natuurlijk ook hun biezen pakken nu hun koopkracht onder het nieuwe kabinet daalt, maar wie ligt daar wakker van? Mede hierom zag Wouter Bos (PvdA) af van de door hem gewenste, zeer bescheiden, belastingverzwaringen voor hoge inkomens. Niet vreemd dat de vakbeweging spreekt van een ‘werkgeverskabinet’. Zulke redeneringen zijn immers desastreus voor iedere vorm van sociale politiek. Het Engelse voorbeeld toont dat aan zo’n ‘race to the bottom’ geen einde zit. Rijke buitenlanders betalen daar nagenoeg geen belasting. Omdat het toch wat vreemd is dat een werknemer met minimumloon meer bijdraagt aan de samenleving dan een multimiljonair, wilde de Britse regering dit veranderen. Maar onder druk van werkgeversorganisaties en banken krabbelt ze al terug. Het zou de buitenlandse gasten maar afschrikken. Een solidaire minister stelde namens de bedreigde miljonairs de vraag die ieder debat doodslaat: ‘Betekent dit dat jullie ons niet meer willen?’
Oorlogskabinet
Over het onderzoek naar de Nederlandse deelname aan de oorlog in Irak, dat door de PvdA geofferd werd voor deelname aan de coalitie, is veel gezegd. Maar het is niet alleen het verleden waar Balkenende IV in haar buitenlandse politiek mee weigert af te rekenen. Ook nu nog neemt Nederland deel aan de Amerikaanse war on terror. Daarmee draagt zij verantwoordelijkheid voor burgeroorlogen in Irak en Afghanistan, voor vele honderdduizenden doden en voor de terugkeer van martelen als een geaccepteerde praktijk in democratische landen. Ondertussen stapelen de mislukkingen in Afghanistan zich op. Er sterven mensen. Ook aan Nederlandse zijde. Een Afghaanse journalist wordt onder de nieuwe regering ter dood veroordeeld voor het beledigen van de islam.
Genoeg voer voor maandelijkse protesten. Maar ook uit deze kwestie is de politieke angel gehaald. Bij de verlenging van de vechtmissie in Afghanistan werd een beroep gedaan op een patriottisme waarvan Nederlanders graag denken dat het typisch is voor Amerikanen en andere buitenlanders. De uitzending naar Uruzgan is een kwestie van goed en kwaad geworden. Wie niet voor de missie is, heeft niet zomaar een andere politieke opvatting, maar laat ‘onze jongens’ in de steek. Balkenende beschuldigde de oppositie in de Tweede Kamer er zelfs van de Afghanen uit te leveren aan de Taliban. Tja, wie wil dat op zijn geweten hebben?
Wijken voor de rijken
Hoe vorm je probleemwijken om tot prachtwijken? Over die vraag breekt minister Vogelaar (PvdA, Wonen, Wijken en Integratie) haar hoofd. In de praktijk is het antwoord al gegeven. Probleemwijken bestrijd je door mensen met problemen te bestrijden. De cijfers spreken voor zich. De komende vijf jaar zal één op de tien huizen in de veertig Vogelaar-wijken tegen de vlakte gaan. In plaats daarvan komen koopwoningen. Veel oorspronkelijke bewoners hebben te weinig geld om daarin terug te keren. Dat is ook niet de bedoeling. Nieuwe, rijkere bewoners moeten de wijken leefbaarder maken. De recente discussie over een heffing voor de woningbouwcorporaties, die meer moeten meebetalen aan de wijkaanpak, maakt de druiven nog zuurder. Indirect betalen de huurders in de wijken mee aan hun eigen verjaging.
Het trieste is dat de wijkenaanpak aanvankelijk kansen bood om het leven van mensen aan de onderkant van de samenleving werkelijk te verbeteren. De laatste jaren is uit studies van onder meer het Sociaal en Cultureel Planbureau gebleken dat herstructurering de leefbaarheid van een wijk niet bevordert. Met de gebouwen verdwijnt het laatste restje sociale samenhang. Het oude grotestedenbeleid moest daarom op de schop. In plaats van slopen en stenen stapelen waren sociale maatregelen nodig. Toch gaat de afbraak door. De financiële belangen van projectontwikkelaars, corporaties en gemeenten blijken simpelweg te groot. En de beoogde sociale investeringen? Die worden verspild aan een nieuw beschavingsoffensief. De voorgestelde projecten zijn vooral gericht op ordehandhaving, de wijk netjes maken en de opvoeding van de onderklasse tot fatsoenlijke, hardwerkende burgers. Met emancipatie heeft dat niets te maken.
Zorgen om de zorg
De tragiek van dertig jaar neoliberalisme komt tenslotte samen in de afbraak van het zorgstelsel. De Wet Maatschappelijke Ondersteuning (WMO) is slechts één voorbeeld. Gemeenten bezuinigen op de thuiszorg, werknemers worden ontslagen of gedwongen een dumpcontract te tekenen. De patiënt - of om het modern te zeggen: de klant - krijgt minder en slechtere zorg.
Of de wet als platte bezuinigingsmaatregel wel het gewenste effect heeft, is nog niet duidelijk. Dat is al wel het geval elders in de zorg. Onlangs werd bekend dat de invoering van marktwerking het aantal behandelingen en daarmee de kosten explosief heeft doen stijgen. Het is een opmerkelijke verklaring voor de gestegen uitgaven in de ziekenhuiszorg. Die gingen de laatste acht jaar omhoog van 10 naar 18 miljard. Eerder was gebleken dat door de onder het vorige kabinet geïntroduceerde hervormingen de tweedeling in de zorg toeneemt, de premies stijgen, het aantal onverzekerden groeit en de kwaliteit te wensen overlaat. Nu blijkt marktwerking zelfs niet tot kostenbesparing te leiden.
Hoe verkeerd dat allemaal is, ziet het overgrote deel van de kiezers. Maar voor een werkelijk ander beleid, dat breekt met het neoliberale denken, is blijkbaar meer nodig dan onvrede. Daarvoor moet duidelijk worden dat er ook andere, socialere keuzes gemaakt kunnen worden. In de postpolitieke wereld van het kabinet zijn er geen werkelijke alternatieven. Ondanks lippendienst aan de kritiek op doorgeschoten marktwerking heeft dit kabinet de ziekenhuiszorg dit jaar verder geliberaliseerd. Het aantal behandelingen waarvoor vrije prijsvorming geldt is flink toegenomen. De reactie van de directeur van patiëntenfederatie NPCF op de mysterieuze stijging van de kosten van de ziekenhuiszorg is tekenend voor het gebrek aan creatief politiek denken. Als de overheid nóg meer behandelingen zou vrijgeven aan de krachten van de markt, zou de transparantie volgens hem vanzelf toenemen.

Reactie toevoegen

Plain text

  • Toegelaten HTML-tags: <a> <em> <strong> <cite> <blockquote> <code> <ul> <ol> <li> <dl> <dt> <dd>
  • Adressen van webpagina's en e-mailadressen worden automatisch naar links omgezet.
  • Regels en alinea's worden automatisch gesplitst.
Uw reactie zal niet meteen verschijnen, deze wordt eerst goedgekeurd door de beheerder.
To prevent automated spam submissions leave this field empty.
Image CAPTCHA
Vul de tekens uit bovenstaande afbeelding in.

Reageren