Borderless

22 November 2019

De verlammende angst om rechts te worden

Na vele magere jaren voor progressief Duitsland was zij daar ineens: de eerste in het hele land gewortelde partij links van de SPD in meer dan vijftig jaar. Een half jaar en een enorme verkiezingsoverwinning verder zijn Duitse socialisten binnen en buiten de Linkspartei behalve opgetogen nog steeds in verwarring: wie is dit spook dat volgens leider Oscar Lafontaine door Duitsland waart?

Oscar Lafontaine en George Galloway, de aanvoerder van de succesvolle Britse verkiezingsalliantie Respect, hebben heel wat met elkaar gemeen. Dat komt niet alleen omdat het beide blanke mannen op leeftijd zijn, die enige luxe om zich heen wel kunnen waarderen (Galloway: 'ik zou nog niet van drie arbeiderslonen kunnen leven'). De twee zijn ook behalve progressief op sociaal gebied behoorlijk behoudend als het op andere zaken aankomt. Galloway heeft weinig op met abortus en ziet wel wat in de doodstraf. Lafontaine vindt dat de staat verplicht is 'om te verhinderen dat gezinsvaders en vrouwen werkloos worden, doordat Fremdarbeiter (een term uit de nazi-tijd, red.) voor lage lonen de banen wegnemen'.
Minstens zo interessant is een heel andere overeenkomst. Zowel Galloway als Lafontaine zijn sociaal-democratische beroepspolitici, die in de herfst van hun politieke carrière min of meer uitgerangeerd waren. Beiden wisten dit jaar op de golven van een nieuwe, jonge beweging tegen de oorlog, voor een ander globalisering en tegen sociale afbraak, zichzelf weer terug in het centrum van de macht te brengen.

Bont gezelschap
Dat in de twee machtigste landen van Europa de politieke vertaling van oplevende sociale bewegingen het gezicht heeft van oude, sociaal-democratische apparatsjiks is even opmerkelijk als verontrustend. Maar gelukkig voor links is ook de Linkspartei meer dan het leidersduo Lafontaine-Gysi.
Het is allereerst de uitkomst van een provisorisch huwelijk deze zomer tussen de vooral in Oost-Duitsland gewortelde PDS en de meer West-Duitse Wahlalternative Soziale Gerechtigkeit (WASG). Tussen de PDS'ers (schattingen variëren tussen de zestigduizend en zeventigduizend leden) en de WASG-leden (negenduizend tot vijftienduizend leden) gaapt nog steeds een reusachtige kloof. Niet zozeer in programmatisch opzicht - de overgrote meerderheid hangt een sociaal-democratische koers aan - als wel op het culturele vlak. Het is het verschil tussen de op nostalgie naar Oost-Duitsland terende PDS'ers en de prille WASG, een losse verzameling van boze vakbondsleden, teleurgestelde SPD'ers, radicaal-linkse splinters en andersglobalisten. En uitgerekend dat bonte gezelschap kreeg na een succesvolle verkiezingsstrijd zomaar 8,7 procent van de stemmen.
Nu, enkele maanden later, ziet de partij zich voor vragen gesteld die misschien nog wel moeilijker zijn dan het bewerkstelligen van een vlotte electorale opmars. Iedereen lijkt het erover eens dat het hier om een bijzondere gebeurtenis voor links gaat. Tegen alle verwachtingen in heeft rechts de verkiezingen niet gewonnen. Het tot dan toe enkel op straat aanwezige protest tegen het neoliberale afbraakprogramma Hartz IV drong het parlement binnen. Maar wat vindt de Linkspartei verder eigenlijk? Wie bepaalt wat zij vindt? En, heel moeilijk, van welke politieke dynamiek is zij nu precies een uitdrukking?

Meeregeren
De verwarring die heerst over de identiteit van de Linkspartei kwam al enige malen aan de oppervlakte. Enkele maanden geleden stuurden de zeer actieve radicaal-linkse groepen Antifascistischen Linke Berlin (ALB) en Für eine linke Strömung (Fels) een open brief aan de PDS en de WASG, ondertekend door tal van buitenparlementaire organisaties en individuen. Daarin spreken zij hun waardering uit voor het samengaan van de partijen en de duidelijke stellingname van de Linkspartei tegen het sociale beleid van Schröder. De organisaties hopen dat dit alles bijdraagt aan een sterkere linkse beweging. Maar, zo luidt de boodschap, 'het op de agenda zetten van sociale vraagstukken mag in geen geval over de rug van anderen gebeuren. Racistische, discriminerende en nationalistische ondertonen horen in linkse partijen niet thuis.' Daarmee doelen de ondertekenaars op uitspraken als die van Lafontaine over de "Fremdarbeiter", op pleidooien voor aanscherping van het asielbeleid en tegen een snelle, verdere uitbreiding van de Europese Unie. De brief vervolgt met een oproep aan de Linkspartei om zich duidelijk uit te spreken over thema's als illegalisering van migranten, het onthouden van medische zorg aan deze mensen en deportaties. Uit de wisselende reacties op de brief vanuit de Linkspartei blijkt dat over dergelijke onderwerpen allerminst consensus bestaat.

Veel heftiger gaat het er nog aan toe over de 'bestuursvraag'. Moet de Linkspartei willen meeregeren? Nee, was tot nu toe het antwoord op landelijk niveau. Althans: niet in de huidige regering. Maar in de deelstaten Mecklenburg-Vorpommern en Berlijn bestuurt de PDS al enige jaren mee met de SPD. Het beleid dat daar gevoerd wordt, geeft weinig hoop op een daadwerkelijk links alternatief voor de neoliberale afbraakpolitiek. Elementaire publieke diensten als energie- en watervoorziening worden afgebouwd, geprivatiseerd en boven alles duurder. De kosten voor openbaar vervoer stijgen en tal van werknemers in de publieke sector verliezen hun baan. Tot woede van de Berlijnse afdeling van de WASG, die dreigt gescheiden van de PDS deel te nemen aan de verkiezingen in Berlijn in oktober 2006.

Bureaucratie
Het moet koste wat kost voorkomen worden dat de Linkspartei door een snelle, van bovenaf opgelegde fusie, nog verder naar rechts schuift en in parlementarisme vervalt, stelt de internationale sozialistische linke (isl), een van de twee Duitse lidorganisaties van de Vierde Internationale. Net als de meeste revolutionair-linkse (splinter)partijen is de isl actief binnen de Linkspartei. Samen met andere delen van de WASG stelt zij voor om een open, voor heel links toegankelijk proces van discussie op te starten over de programmatische en organisatorische fundamenten van de partij. Dat is zeker de moeite waard, stelt de isl, want behalve dat zij rechts verslagen heeft, biedt de Linkspartei ook een unieke kans om de sociaal-democratische hegemonie over de vakbeweging te breken. Nu de handen aftrekken van dit door de massale sociale protesten en Maandagdemonstraties teweeggebrachte succes zou idioot zijn.
Over de mogelijkheid om de Linkspartei van binnenuit de veranderen is de andere tak van de Vierde Internationale, de Revolutionär Sozialistische Bund (RSB), heel wat minder optimistisch. Er is geen proces van eenwording van de PDS en de WASG geweest, zegt de RSB in een discussiestuk, en dat zal er ook niet komen. Het programma en de strategie van deze twee partijen zijn eenvoudigweg gekopieerd, zonder enige vorm van ledenraadpleging. 'Bureaucratisering van de Linkspartei is geen dreiging in een verre toekomst; de partij wordt al gedomineerd door een bureaucratie van partijbonzen. Dat de Linkspartei op een dag zal deelnemen aan een bourgeoisregering is niet iets van de toekomst; zij is al present in twee regionale neoliberale regeringen,' aldus de RSB. De organisatie voorspelt dat de Linkspartei de komende vijf jaar van succes naar succes zal gaan, met alle gevolgen van dien: 'Met iedere verkiezing zal zij meer mensen gekozen krijgen. En samen met het electorale succes stromen de publieke gelden binnen. Alleen al voor West-Duitsland komt dat neer op meer banen dan de PDS en de WASG tot voor kort aan leden hadden.'

Rifondazione
Er is alle reden voor het fatalisme van de RSB. Het debacle van Die Grünen ligt Duits links nog vers in het geheugen. In minder dan twintig jaar tijd verviel deze voorheen linkse actiepartij tot een kliek van neoliberale beroepspolitici, met een vaal groen randje. En, zeggen de critici, waarom zou met de nu al parlementaristische en gematigde Linkspartei niet gebeuren, wat zelfs de direct uit een sterke sociale beweging voortgekomen Groenen wel overkwam?
Tegen die waarschuwingen valt weinig in te brengen. Toch moet opgepast worden voor een al te makkelijke keuze voor afzijdigheid en doorgaan met wat iedereen al deed. Want ook dát is een keuze. Geen bewuste, gemotiveerde keuze, met lange discussiestukken en hevige debatten in de kroeg. Maar wel een sluipend besluit: om door te gaan met een buitenparlementair radicaal-links dat al jaren niet meer in staat is boven de eigen subcultuur uit te stijgen, serieus en blijvend verzet te organiseren en een alternatief te bieden voor de verfoeide politici.
En of naar rechts afdrijven in de 'scéne' daadwerkelijk minder snel gaat dan binnen een partij? Het afscheid van al die voormalige autonomen en anarchisten die uit hun kraakpand vertrekken, een vaste baan zoeken en steeds minder politieke activiteiten ontplooien, is hooguit minder zichtbaar dan het met veel tamtam gepaard gaande afschudden van de ideologische veren binnen partijen.
In plaats van zich bang te laten maken door de geschiedenis van de Groenen zou Duits links daarom eens naar het voorbeeld van Rifondazione in Italië moeten kijken, schrijft redacteur Moe Hierlmeier van het - zeer interessante - autonome, verdiepende blad Fantômas. Rifondazione is, onder invloed van buitenparlementair radicaal-links, uitgegroeid van een partij van ortodoxe communisten tot een open linkse organisatie. Zonder bemoeienis van radicaal-links was dat nooit gebeurd. Natuurlijk dreigt ook voor Rifondazione nog steeds institutionalisering en verrechtsing. Bovendien is de Linkspartei niet hetzelfde als Rifondazione, en is er meer dan genoeg aan te merken op haar parlementarisme en politieke standpunten. Maar, voegt Hierlmeier hieraan toe: 'Wie zo argumenteert, sluit zijn ogen voor zowel de tegenstellingen die in het ontstaansproces van de partij opspelen, als voor de maatschappelijke verschuivingen die hun uitdrukking vinden in de Linkspartei. De neoliberale hegemonie heeft een stevige knauw opgelopen.'

Uiteindelijk komen de meeste radicaal-linkse groepen zo toch tot in ieder geval één gezamenlijke conclusie: buitenparlementair links moet zich juist nu niet van de Linkspartei afkeren, maar zich actief mengen in dit proces. Dat hoeft niet eens perse in de vorm van lidmaatschap van de partij, maar vooral door de sociale bewegingen te versterken. Daarin zal de Linkspartei ingebed moeten zijn, wil zij tot een blijvend succes worden. Op die manier blijft links eigenlijk vooral doen wat het al deed. Met als verschil dat die ene vraag blijft knagen: wat zegt het succes van de Lafontaine's en Galloway's nu eigenlijk over het functioneren, de strategie en het politieke perspectief van die nieuwe sociale bewegingen?

Andere recente artikelen:
Organisatie opbouw en politieke partijen
24-09-2005 Het domme Duitse volk
10-05-2005 Heel de Wereld
15-11-2004 Het kabinet Bos, Marijnissen, Halsema?
15-07-2005 ‘Ik ben niet zo links als men misschien denkt’
15-07-2005 ‘Respect biedt nieuwe kansen voor links’
01-06-2004 De politieke hoop van de anti-oorlogsbeweging

Reactie toevoegen

Plain text

  • Toegelaten HTML-tags: <a> <em> <strong> <cite> <blockquote> <code> <ul> <ol> <li> <dl> <dt> <dd>
  • Adressen van webpagina's en e-mailadressen worden automatisch naar links omgezet.
  • Regels en alinea's worden automatisch gesplitst.
Uw reactie zal niet meteen verschijnen, deze wordt eerst goedgekeurd door de beheerder.
To prevent automated spam submissions leave this field empty.
Image CAPTCHA
Vul de tekens uit bovenstaande afbeelding in.

Reageren