Een groep activisten dringt er bij de wekelijkse pro-democratie demonstranten op aan om te stoppen met het negeren van de bezetting.
Een paar dagen voor de wekelijkse anti-regeringsdemonstratie op 21 januari in Tel Aviv, nam een organisator van de Beweging voor Kwaliteitsregering in Israël, een van de belangrijkste groepen achter de recente oppositieprotesten, contact op met de Israëlische activist, dichter en komiek Yossi Zabari en nodigde hem uit om op het evenement te spreken. Zabari was geïntrigeerd en vroeg of hij een Palestijnse vlag mocht meenemen naar het sprekerspodium. De organisator zei nee, aldus Zabari. 'We willen dat de boodschappen van ons protest alleen gaan over het democratische karakter van Israël,' vertelde Nadav Lazare, een woordvoerder van de Beweging voor Kwaliteitsregering, aan Jewish Currents.
Als gevolg daarvan weigerde Zabari te spreken. In plaats daarvan ging hij naar het protest met een bord waarop in het Hebreeuws 'vlag van Palestina' stond, wat hij zowel bedoelde als commentaar op de richtlijn van minister van Nationale Veiligheid Itamar Ben-Gvir aan de Israëlische politie om de Palestijnse vlag uit de openbare ruimte te verbannen, als een provocatie tegen het onbehagen van de bredere protestbeweging met de vlag. Het bord trok de aandacht van andere demonstranten. 'Mensen kwamen naar me toe om een foto te maken ‒ geen selfie, maar een foto, omdat ze niet betrokken willen zijn bij de boodschap van het bord zelf,' zei Zabari. 'Eén man kwam naar me toe en zei: 'Ik demonstreer niet voor de Palestijnen.' Ik zei: 'Dat doe ik wel. Ik demonstreer voor democratie en democratie is voor iedereen.' Een andere vrouw zei: 'Ze zullen denken dat het een demonstratie is van linkse mensen.'
De reacties op Zabari's bord ‒ en de afwijzing van zijn verzoek om te spreken met een Palestijnse vlag in de hand ‒ weerspiegelen het heersende sentiment in Israëls anti-regeringsdemonstraties deze maand. De grote wekelijkse zaterdagavondprotesten in Tel Aviv, Jeruzalem, Haifa en andere steden zijn een reactie op de plannen van de rechtse regering om de macht van het Hooggerechtshof in te perken door een meerderheid van de Knesset toe te staan rechterlijke beslissingen terzijde te schuiven en politici, in plaats van juristen, de mogelijkheid te geven rechters te benoemen. In de ogen van veel demonstranten heeft deze extreem-rechtse aanval op de liberale normen in zuiver-Israël weinig te maken met Israëls systeem van controle over de Palestijnen ‒ een houding die Palestijnse burgers van Israël en het bredere anti-bezettings-links vervreemdt, en weerspiegelt de aansluiting van de protesten bij een centrum-linkse politiek die gewoonlijk Israëls 55-jarige militaire bezetting negeert of passief aanvaardt.
'De protesten hebben niets te maken met de Palestijnse kwestie,' zei Sami Abu Shehadeh, een voormalig Israëlisch Knessetlid en leider van de Palestijnse nationalistische partij Balad, in een interview met Jewish Currents. 'De kwesties die naar voren worden gebracht hebben niets te maken met het hoofdprobleem in de regio ‒ rechtvaardigheid en gelijkheid voor alle mensen die hier wonen.' Het oppositieprotest van zaterdag hield een moment van stilte voor de zeven Israëlische Joden die vrijdag werden gedood door een Palestijnse schutter in een nederzetting in Oost-Jeruzalem, maar er werd geen melding gemaakt van de 35 Palestijnen die dit jaar tot nu toe door Israëlische soldaten werden gedood. 'Onze beweging is geen politieke beweging,' vertelde Lazare aan Jewish Currents. 'We hebben geen formeel standpunt over de Israëlisch-Palestijnse kwestie.' In plaats daarvan, zei Lazare, is de beweging voor iedereen die geeft om de democratie in Israël, eraan toevoegend dat 'het protest zo groot moet zijn als maar kan.'
Als reactie op deze aanpak hebben anti-bezettingsorganisaties zoals Standing Together en Looking the Occupation in the Eye een paar honderd demonstranten georganiseerd ‒ voor het merendeel Israëlische Joden ‒ die met Palestijnse vlaggen en anti-bezettingsspandoeken zwaaien. 'Het gebruik van de Palestijnse vlag bij demonstraties is een symbool geworden voor verzet tegen een regime van Joodse suprematie,' zei Dana Mills, een oude anti-bezettingsactiviste die werkt voor de mensenrechtengroep Gisha maar op persoonlijke titel sprak. Hoewel Lazare zei dat zijn organisatie geen bezwaar heeft tegen demonstranten die met de Palestijnse vlag zwaaien, hebben andere demonstranten er aanstoot aan genomen. Sommige mensen met vlaggen werden vastgegrepen of aangevallen, volgens een verslag van +972 Magazine; bij anderen werden de vlaggen afgepakt. Een video van een protest in Jeruzalem op 14 januari, gedeeld door een activistisch Twitter-account, toont hoe de Israëlische politie een demonstrant aanvalt die volgens de tweet met de vlag had gezwaaid.
Sommige demonstranten zeggen dat ze zich verzetten tegen het gebruik van de Palestijnse vlag, niet omdat ze fel gekant zijn tegen de anti-bezettingszaak, maar omdat ze vrezen dat Israëlisch rechts beelden van demonstranten van de Israëlische oppositie die met de vlag zwaaien, zal gebruiken om hun beweging te delegitimeren. In een incident waarvan een verslaggever van Haaretz getuige was, vroeg een demonstrant aan iemand die een bord met Israëlische en Palestijnse vlaggen erop omhooghield om 'alsjeblieft [de borden] naar beneden te doen' omdat anderen 'er een foto van zouden maken en zouden zeggen dat het een Palestijnse demonstratie is.' Rechtse gebruikers van sociale media in Israël hebben inderdaad foto's en video's geplaatst van demonstranten met Palestijnse vlaggen om de oppositie af te schilderen als verraders. 'De vlag wordt gelijkgesteld met terrorisme, met geweld,' zei Mills. 'Het probleem is dat de oppositieprotesten meegaan met de mainstream die dat discours leidt, in plaats van zich ertegen te verzetten.'
Gezien de Israëlisch-Joodse nationalistische teneur van de protesten, hebben weinig Palestijnse burgers van Israël deelgenomen, zei Sally Abed, een Palestijnse burger in Israël en lid van het nationale leidersteam van Standing Together, een progressieve Joods-Palestijnse groep die het eerste oppositieprotest in Tel Aviv organiseerde op 7 januari. 'De Asjkenazim, de academici, de middenklasse, de centristen, de seculieren ‒ de mensen die nu de straat op gaan hebben een heel sterk gevoel eigenaar te zijn van dit land,' zei Abed. 'Palestijnen hebben dat gevoel van zeggenschap niet, vooral niet in een gedeelde ruimte, waar we gewoon niet het gevoel hebben dat we deel uitmaken van de Israëlische samenleving. Het voelt alsof dit een strijd is voor Joodse democratie ‒ niet voor democratie [voor iedereen].' Toch vindt Abed het nog steeds de moeite waard om te proberen Palestijnse burgers nu te organiseren, want, zei ze, 'De Palestijnen zijn het eerste en meest beoogde doelwit van deze nieuwe regering.'
Ook Avner Gvaryhau, mededirecteur van de anti-bezettingsgroep van Israëlische veteranen Breaking the Silence, bracht naar voren dat dit een moment is voor anti-bezettingslinks om hun politiek in te brengen in de oppositieprotesten. 'Spreken over de bezetting is in mijn ogen essentieel omdat er geen wereld bestaat waarin zich ooit een liberaal of progressief kamp in Israël zal vormen zonder de Palestijnse Israëli's erbij te betrekken, zonder de wensen en verlangens van links, zowel Joods als niet-Joods, te erkennen,' zei hij. 'Het is zowel het juiste om te doen vanuit moreel oogpunt ‒ we hebben het over 20 procent van de samenleving die een plaats moet hebben op de marktplaats van ideeën ‒ als vanuit politiek en tactisch oogpunt [om de aanhang van dit kamp] te vergroten.'
Hoewel sommigen ter linkerzijde vrezen dat de protesten alleen maar bedoeld zijn om een al onrechtvaardig systeem te versterken ‒ het Hooggerechtshof heeft soms de Israëlische bezettingstactieken gelegitimeerd, door bijvoorbeeld onlangs te beslissen dat het leger meer dan 1.000 Palestijnen in Masafer Yatta mocht verdrijven ‒ zei Gvaryahu dat de demonstraties nog steeds een kans vormen. 'Ik geloof in het betreden van plaatsen waar een barst is,' zei hij. 'Als er eenmaal een gesprek is over democratie, is het niet zo'n grote sprong om te gaan praten over het gebrek aan democratie voor anderen. We moeten de punten verbinden tussen de militaire dictatuur die we hebben over miljoenen Palestijnen en de angst voor een rechtse dictatuur over de rest van Israël.'
Dit artikel stond op Jewish Currents. Nederlandse vertaling redactie Grenzeloos.
Reactie toevoegen