Borderless

24 October 2019

Empire: Van het oude imperialisme en de dingen die voorbij gaan

Het tijdperk van natiestaten en imperialisme is over. De oude machten hebben plaats gemaakt voor een globaal controlenetwerk, dat tegelijkertijd overal en nergens is. De nieuwe Star Trek? Nee, Empire, van Antonio Negri en Michael Hardt.

Een Italiaanse politicoloog, met huisarrest op verdenking van activiteiten voor de Rode Brigades, en een Amerikaanse professor in de literatuurwetenschappen. Een boek ontsproten aan een dergelijke combinatie wekt op zijn minst de interesse van de lezer. Het resultaat is omstreden, maar één ding is duidelijk: het boek heeft de tongen in het buitenland niet onberoerd gelaten. In ons land riep Empire vooralsnog weinig discussie op, maar dat kan veranderen wanneer eind november de Nederlandse vertaling verschijnt.

Lang leve de globalisering!
Negri en Hardt beginnen hun boek vanuit de stelling dat ‘soevereiniteit een nieuwe vorm heeft aangenomen’: Empire dus. Wat volgt is een honderden pagina's lang relaas waarin de schrijvers het hoe, wat en waarom van deze nieuwe wereldorde trachten te schetsen. Trachten, want wie een gedegen uiteenzetting verwacht over hoe Empire is ontstaan en functioneert, zal niet tevreden zijn na het lezen van het boek. Negri en Hardt zijn bovenal helder over wat Empire níet is.
Zo is het geen door de Verenigde Staten geleid imperialistisch project; het stadium van het imperialisme is immers voorbij. De VS hebben wel een rol van doorslaggevend belang gespeeld bij het ontstaan van Empire. Dit proces begon na de Vietnam-oorlog, toen het dramatische verlies van de VS de mogelijkheid vernietigde een 'gewone' imperialistische macht te worden, zoals de Europese landen dat waren.
Empire is ook niet de bundeling van supranationale instituties zoals de WHO en het IMF, waar de andersglobalisten tegen te hoop lopen. Deze politieke activisten begeven zich volgens Negri en Hardt ongewild meer en meer in reactionair vaarwater. Links moet ophouden met de hoop te vestigen op achterhaalde instituties als de natiestaat om bescherming te bieden tegen het globale kapitaal. In plaats daarvan zou men zich juist moeten richten op de mogelijkheden die Empire biedt voor een socialistische revolutie: ‘Wij beweren dat Empire beter is op dezelfde wijze als Marx erop stond dat kapitalisme beter was dan de voorafgaande maatschappijvormen en productiewijzen.’

Permanente crisis
Empire is revolutionair en vooruitstrevend, in die zin dat het oude grenzen en nationalistische sentimenten zonder mededogen vernietigt. Hardt en Negri menen dat Empire daarmee de weg vrij maakt voor een echte universalistische socialistische strijd, gevoerd door de zogenaamde 'multitude', de menigte. Net als voorheen het industriële kapitalisme, schept ook Empire zo zijn eigen doodgravers. ‘Dit is de niet te onderdrukken lichtheid en het genot van het communist zijn’, eindigt het boek optimistisch.
Maar Empire heeft ook een duistere kant. De repressie neemt toe en groeit in efficiëntie. Naar buiten toe wordt de orde gehandhaafd door middel van zogenaamde rechtvaardige oorlogen. Deze worden gevoerd aan de ‘grenzen van het rijk’, waar die ook mogen liggen. De interne repressie vindt plaats door middel van 'biopolitiek', een concept dat Hardt en Negri ontlenen aan Foucault. In Empire wordt met deze term het internaliseren van onderdrukkende normen en waarden bedoeld. Dat gebeurt door middel van disciplineringsmechanismen, zoals het onderwijs. We zijn als het ware onze eigen bewaker geworden.

En dan nu: de werkelijkheid...
Dat klinkt allemaal heel interessant, maar wat heeft het te doen met de daadwerkelijke politieke ontwikkelingen die we om ons heen zien gebeuren? Onder het mom van 'terrorismebestrijding' worden volgens ouderwets imperialistisch recept geopolitieke belangen veiliggesteld. En van één Empire lijkt nog lang geen sprake, gezien de toenemende concurrentie tussen de imperialistische machten van de Verenigde Staten en de Europese Unie. Op deze ontwikkelingen hebben Hardt en Negri geen antwoord. Wel geeft Negri in een interview met het Franse weekblad Le Nouvel Observateur aan sinds 11 september minder optimistisch te zijn over de toekomst. Met 'de nieuwe oorlog' ziet hij een nieuwe, ‘byzantijnse fase’, aangebroken in de ontwikkeling van Empire. ‘Aanhoudende paniek en een permanente uitzonderingstoestand zijn ideale chantagemiddelen om de hele planeet te onderwerpen aan een volstrekt corrupt kapitalistische systeem’, aldus Negri.

De conclusies van Hardt en Negri mogen dan buitengewoon contra-intuïtief zijn, het boek als geheel is zeker de moeite waard. Dat komt doordat de auteurs zich wagen aan een combinatie van talrijke linkse disciplines en inzichten van de laatste twintig jaar, die tot dusver slechts afzonderlijk besproken werden binnen de hoge muren van de universiteit. Postkolonialisme, biopolitiek, anti-nationalisme, het zijn allemaal slechts bekende theorieën voor beoefenaars van specifieke vakgebieden, zoals antropologie of gender-studies. Hardt en Negri proberen dit alles bij elkaar te halen en te combineren. Daardoor is met Empire voor het eerst sinds tijden weer een poging tot een omvattend links verhaal verschenen.

Alles en niets
Maar omvattende linkse verhalen zijn niet populair in deze tijden. Het is met name het postmodernisme geweest dat voeding gaf aan deze afkeer. Vreemd genoeg is het juist dit paradigma, waar Hardt en Negri het meeste van lenen. Dat hoeft in principe geen probleem te zijn. Het postmodernisme kan uitstekend dienen als correctie op een vastgeroest positivistisch marxisme. Dat geldt onder andere voor de kritiek op de Verlichting als een eurocentrisch, mannelijk concept. Of voor de idee dat objectieve wetenschap niet bestaat, maar altijd gekleurd zijn door een specifieke afkomst, gender en klasse. Maar net als met een medicijn, kan een overdosis postmodernisme dodelijk zijn voor iedere poging om de wereld om ons heen te begrijpen en te verbeteren. Dat gebeurt bijvoorbeeld wanneer onrecht en onderdrukking worden afgedaan als subjectieve ervaringen. Zo kan terechte postmodernistische kritiek leiden tot totale passiviteit en daarmee vervallen in een stilzwijgende legitimatie van de bestaande politieke verhoudingen.

Vrouwen bestaan niet
Hardt en Negri zien dit gevaar weliswaar, maar schieten niettemin bij tijd en wijlen door in hun postmodernisme. Bovendien lijken zij niet alleen enkele kritische punten van het postmodernisme te hebben overgenomen, maar ook het onleesbare en ronkerige discours. Deze macho schrijfstijl gaat op den duur irriteren. Net als het feit dat vrouwen niet voorkomen in Empire. In het bijna vijfhonderd pagina's tellende manifest van de ‘Marx en Engels van het internet tijdperk’ (Le nouvel observateur) kon men blijkbaar niet de ruimte vinden om ook maar één enkele zin vuil te maken aan de helft van de wereldbevolking. Hoewel zij het doen lijken alsof zij alle boeken op aarde hebben gelezen, zijn honderd jaar linkse feministische theorievorming ogenschijnlijk voorbij gegaan aan deze kiene intellectuelen. De eerlijkheid gebiedt overigens te zeggen dat hetzelfde geldt voor vrijwel alle (linkse) critici van Negri en Hardt tot nu toe.

Perspectieven?
Wat overblijft zijn interessante ideeën, maar zonder veel onderlinge samenhang en met te weinig binding met de werkelijkheid. Het imperialisme, het industriële kapitalisme, de traditionele arbeidersklasse en de klassenstrijd, ze hebben allen afgedaan. Maar daarvoor in de plaats geeft men slechts vage begrippen als Empire en multitude.
De lezer blijft achter met de vraag wat het perspectief is van deze analyse van Hardt en Negri.
Over het verzet tegen Empire blijven de auteurs vaag. Alles dat zich buiten de vaste kaders van Empire begeeft beschouwen zij als een potentieel gevaar voor deze orde. Zo ziet men mogelijkheden in ‘desertie en nomadisme’, in migratie als verzet. In een videoconferentie met Naomi Klein over de toekomst van de globaliseringsbeweging oreerde Negri: ‘We zullen het aanpakken als de eerste christenen die het Empire afwezen. We zullen de desertie opwekken om deze wereld leeg achter te laten, zodat er geen enkel persoon meer zal zijn die zich buitengesloten kan voelen.’
Een andere manier om het systeem te ontvluchten en daarmee te dwarsbomen is door te spelen met traditionele gender patronen, met seksualiteit, door een nieuw lichaam te construeren. Empire kan immers overal aangevallen worden, het kent geen 'zwakkere punten', zoals het imperialistische systeem dat kende. Dat is een erg magere conclusie voor een boek dat zo rijk is aan ideeën. Empire mag dan een dappere onderneming en de moeite van het lezen waard zijn, het maakt zijn opgeklopte pretenties niet waar.

Soort artikel: 

Reactie toevoegen

Plain text

  • Toegelaten HTML-tags: <a> <em> <strong> <cite> <blockquote> <code> <ul> <ol> <li> <dl> <dt> <dd>
  • Adressen van webpagina's en e-mailadressen worden automatisch naar links omgezet.
  • Regels en alinea's worden automatisch gesplitst.
Uw reactie zal niet meteen verschijnen, deze wordt eerst goedgekeurd door de beheerder.
To prevent automated spam submissions leave this field empty.
Image CAPTCHA
Vul de tekens uit bovenstaande afbeelding in.

Reageren