Borderless

13 November 2019

Kroniek van oorlog en liefde

De Nicaraguaanse Gioconda Belli publiceerde in het begin van de jaren zeventig haar eerste gedichten en won in 1978 de prestigieuze poëzieprijs van de Casa de las Américas. Haar internationale doorbraak kwam pas in 1998 met de roman De bewoonde vrouw. Daarna publiceerde ze nog twee titels en een kinderboek. In haar nieuwste, autobiografische roman Kroniek van liefde en oorlog geeft ze een indringend beeld van haar leven en ontwikkeling, maar ook van de Sandinistische beweging waar ze vanaf 1970 bij betrokken is.

Belli is afkomstig uit een conservatieve Nicaraguaanse bourgeois familie en kwam al jong in aanraking met het FSLN en de strijd tegen de Somoza dictatuur. De Sandinistische beweging komt uitgebreid aan de orde aan de hand van haar persoonlijke belevenissen: van de ondergrondse acties en de mislukkingen in de jaren zeventig tot de onderlinge strijd tussen de drie stromingen in het FSLN; van de hereniging en het aan de macht komen van de Sandinisten in 1979 tot de oorlog tegen de contra’s in de jaren tachtig en de verkiezingsnederlaag in 1990.

Omdat ze de beweging van binnenuit beschrijft en geen blad voor de mond neemt, geeft ze een indringend en liefdevol beeld van zowel de heroïsche als de kleine, om niet te zeggen kleinzielige kanten van het karakter van de Sandinistische voormannen en de enkele vrouw aan de top. De ijdeltuiterij van de latere minister van Binnenlandse Zaken Thomas Borge, die zo graag ‘gezien’ wordt dat hij in de illegaliteit keer op keer niet alleen het eigen leven, maar ook dat van zijn kameraden in de waagschaal stelt. Het opportunisme van Humberto Ortega, de minister van defensie voor wie het doel alle middelen heiligt en de manipulaties van zijn broer Daniel Ortega om de sandinistische touwtjes in handen te houden.

Feminisme
Belli is een feministische schrijfster. Ze worstelt niet alleen met het machismo van haar mannelijke kameraden maar ook met haar houding daar tegenover. Ze wordt heen en weer geslingerd tussen de liefde voor haar minnaars, de loyaliteit aan de beweging en haar afkeer van de manier waarop zij en andere vrouwen behandeld worden. Haar loyaliteiten brengen haar er toe om veel lang te accepteren. Na de overwinning laat ze zich door haar geliefde, commandant Modesto (Henry Ruiz), bewegen de functie van hoofd van de Sandinistische televisie op te geven om zijn persoonlijke assistent te worden. Als ze met hem op bezoek in Libië is, staat ze toe dat ze als vrouw apart wordt gezet, “ja meisje het is hier nu eenmaal een andere cultuur”, en als ze later een verhouding krijgt met een Amerikaans journalist laat ze zich door Thomas Borge vertellen dat het toch een veiligheidsrisico’s is, wat ze zich als hoofd van het Sandinistische voorlichtingsdienst niet kan veroorloven. Uiteindelijk neemt ze geen genoegen met de haar toebedeelde ondergeschikte rol. Ze verbreekt de relatie met Modesto en negeert het bevel van Borge. Maar niet zonder innerlijke strijd.

Ondanks de feministische invalshoek spelen vrouwen in het boek een bescheiden rol. Terwijl de (voor)mannen van de sandinistische beweging uitvoerig geschetst worden, komen de vrouwen in haar omgeving nauwelijks uit de verf. Een treffend voorbeeld vond ik Christina, een vrouw die, als Belli na haar ballingschap in Mexico in Costa Rica gaat wonen, uit Nicaragua overkomt om voor haar kinderen te zorgen. Behalve dat we één keer lezen dat Christina helpt met wapens in een auto laden vernemen we alleen maar dat ze na een paar jaar terug naar Nicaragua gaat en haar taken door een andere vrouw worden overgenomen.

Afstand
Die afstand tot de gewone Nicaraguaan is niet alleen typerend voor het milieu waarin Belli opgroeide, maar ook in hoge mate voor de (leiding van) de Sandinistische beweging. De strijd wordt gevoerd in het belang van de gewone Nicaraguaan, de boeren, de landarbeiders en de huisvrouwen. Maar de gewone Nicaraguaan kreeg nooit een centrale rol. Ze streden mee met het FSLN, ze organiseerden zich in massaorganisaties die de opbouw van het nieuwe Nicaragua ter hand namen en de oorlog voerden tegen de contra’s. Ze riepen revolutionaire leuzen, maar ze kregen nooit zelf het heft in handen. De Sandinistische leiders bepaalden wat in het belang van de bevolking was. Ook dat beeld rijst op uit Belli’s boek, wat daardoor het hart raakt van de zo dramatisch verlopen Sandinistische revolutie.

Gioconda Belli; Kroniek van liefde en oorlog, de Geus fl 49,90

Dossier: 
Soort artikel: 

Reactie toevoegen

Plain text

  • Toegelaten HTML-tags: <a> <em> <strong> <cite> <blockquote> <code> <ul> <ol> <li> <dl> <dt> <dd>
  • Adressen van webpagina's en e-mailadressen worden automatisch naar links omgezet.
  • Regels en alinea's worden automatisch gesplitst.
Uw reactie zal niet meteen verschijnen, deze wordt eerst goedgekeurd door de beheerder.
To prevent automated spam submissions leave this field empty.
Image CAPTCHA
Vul de tekens uit bovenstaande afbeelding in.

Reageren