Sinds de vorming van Israëls nieuwe extreemrechtse regering, eind december 2022, zijn we getuige van een massale golf van anti-regeringsprotesten. Deze demonstraties richten zich vooral op de door de nieuwe coalitie voorgestelde herziening van het gerechtelijk apparaat, waardoor de regering meer controle krijgt over de benoeming van de rechters van het Hooggerechtshof en beslissingen van het Hooggerechtshof met een eenvoudige meerderheid van 61 van de 120 stemmen in de Knesset (het parlement) terzijde geschoven kan worden. Elk weekend gaan meer dan 100.000 Israëli's de straat op en het aantal neemt alleen maar toe.
Toch stelt deze indrukwekkende mobilisatie de anti-bezettings- en socialistische bewegingen voor een strategisch dilemma. Aan de ene kant zou de herziening van het gerechtelijk apparaat, als die wordt doorgevoerd, de onafhankelijkheid van het Hooggerechtshof aantasten en het hof veranderen in een instrument van een steeds racistischer en antidemocratischer Knesset. Bij uitbreiding [van de bevoegdheden] zou de neoliberale regeringscoalitie die voor nederzettingen is, meer macht krijgen om de bezetting te verdiepen en de Palestijnse rechten binnen de Groene Lijn (de staatsgrenzen van vóór de Zesdaagse Oorlog in 1967) te onderdrukken. Aan de andere kant bieden de opzet en de retoriek van het mainstream anti-regeringsprotest geen adequaat antwoord op die bedreigingen.
In de eerste plaats stellen deze demonstraties zich op als verdedigers van de 'democratie', zonder te erkennen dat Israël voor de Palestijnse burgers nooit echt democratisch geweest is. De oproepen van linkse activisten om anti-bezettingsboodschappen op te nemen worden doorgaans afgewezen als 'verdeeldheid zaaiende' of 'afleidende' boodschappen. Ten tweede steunen de reguliere demonstraties over het algemeen de juridische status quo. Hoewel het Hooggerechtshof af en toe individuele Palestijnen heeft geholpen in hun strijd voor hun rechten, heeft het hof over het algemeen vijfenvijftig jaar bezetting en uitbreiding van nederzettingen juridisch gedekt.
Bijgevolg is de kritiekloze verdediging van het Hooggerechtshof door deze beweging eenvoudigweg onverteerbaar voor anti-bezettingsbewegingen. Ten slotte, als gevolg van deze gapende ideologische en strategische verdeeldheid, blijft de protestbeweging gedomineerd door een enkele demografische groep: Joods-Israëliërs met een hoog en gemiddeld inkomen uit het geografische centrum, die meestal stemmen op Centristische partijen. Palestijnse burgers in Israël en Israëliërs met een laag inkomen uit de geografische periferie ontbreken meestal bij deze protesten.
Als reactie op de flagrante veronachtzaming van de bezetting door de mainstream protestbeweging, is het aan anti-bezettings- en socialistische groepen, zoals ‘Standing Together’, om deze kwestie op de voorgrond te plaatsen. Kort na de vorming van de nieuwe regering organiseerden we het eerste anti-regeringsprotest in Tel Aviv, op 7 januari, waaraan wel 30.000 demonstranten deelnamen. Er waren verschillende sprekers, waaronder een ultra-orthodoxe feministische activiste, vertegenwoordigers van de LHBTQ+-gemeenschap, anti-bezettingsactivisten en het oudste Palestijnse lid van de Knesset, Ayman Odeh.
Door ook anti-bezettings- en Palestijnse stemmen te laten horen, onderstreepten we dat de strijd tegen de nieuwe regering een strijd voor democratie voor iedereen moet zijn. Een paar dagen na onze demonstratie in Tel Aviv organiseerden we een parallel protest in Rahat, de grootste Palestijnse stad in Israël en het centrum van de bedoeïenisch-Palestijnse gemeenschap van de Naqab/Negev. We hielden deze demonstratie om te benadrukken dat de anti-regeringsbeweging niet in het stereotype liberale Tel Aviv kan blijven, maar ook de gemeenschappen moet bereiken die er het meest tastbaar door worden geraakt.
Sinds onze eerste demonstraties in Tel Aviv en Rahat zijn veel activisten, binnen en buiten Standing Together, doorgegaan met het uitdragen van anti-bezettingsboodschappen in de protesten. Bij de wekelijkse zaterdagavondmarsen in Tel Aviv, Jeruzalem en Haifa zien we regelmatig een luidruchtig 'anti-bezettingsblok', het resultaat van samenwerking tussen verschillende organisaties, dat de andere demonstranten eraan herinnert dat de bescherming van de onafhankelijkheid van het Hooggerechtshof geen democratische toekomst garandeert ‒ alleen het beëindigen van de bezetting zal dat doen.
In de afgelopen weken hebben enkele ontwikkelingen de zichtbaarheid van de bezetting binnen de bredere protesten vergroot. Ten eerste hebben Israëlische kolonisten op 26 februari met steun van het leger een pogrom gepleegd in de Palestijnse stad Huwara op de Westelijke Jordaanoever. Als reactie daarop zijn demonstranten uit de reguliere blokken tegen de politie gaan roepen: 'Waar waren jullie in Huwara?'. Hun roep verbindt hun demonstraties met de stilzwijgende (en in toenemende mate expliciete) steun van de regering aan het geweld van kolonisten tegen Palestijnen op de bezette Westelijke Jordaanoever.
Ten tweede hebben vooraanstaande activisten uit de Palestijnse samenleving binnen Israël, waaronder veel leden van Standing Together, onlangs een video uitgebracht waarin ze hun gemeenschap oproepen zich aan te sluiten bij de anti-regeringsprotesten. Hun oproep erkent dat de Palestijnse burgers in Israël de eersten zullen zijn die lijden onder de voorgestelde justitiële revisie en dat hun betrokkenheid bij de protestbeweging dus noodzakelijk is. Ze dringen er echter ook op aan dat zelfs als ze zich aansluiten bij de grotere protesten, de Palestijnen nooit hun eigen belangen mogen opgeven.
Naar alle waarschijnlijkheid zullen de protesten tegen de regering nog vele weken doorgaan. Het is essentieel dat de bezetting en de voortdurende systematische discriminatie van Palestijnse burgers in Israël bij deze strijd worden betrokken. Het is niet genoeg om het Hooggerechtshof te verdedigen. We moeten vechten voor democratie voor iedereen.
Rula Daood is de nationale mededirecteur van Standing Together ‒ een grassroots politieke beweging die Joodse en Palestijnse burgers in Israël organiseert in de strijd voor vrede, gelijkheid en sociale en ecologische rechtvaardigheid.
Dit artikel stond op de site van de ‘Association Belgo-Palestinienne’. Nederlandse vertaling redactie Grenzeloos.
Reactie toevoegen