Twintig onafhankelijke organisaties en vakbonden van Iraanse leraren, arbeiders, vrouwen, studenten en gepensioneerden hebben op 14 februari de volgende verklaring van minimumeisen uitgegeven:
Aan het Eerbare en Openhartige Volk van Iran:
Op de vierenveertigste verjaardag van de Iraanse revolutie van 1979 wordt het economische, politieke en sociale fundament van het land door elkaar geschud door een draaikolk van crises en desintegratie. Binnen het kader van de huidige politieke bovenbouw is er geen duidelijk en haalbaar perspectief voor de beëindiging van deze situatie. Het onderdrukte volk van Iran, de naar vrijheid en gelijkheid strevende vrouwen en jongeren hebben dus met ongekende moed hun leven gegeven om de straten in het hele land te veranderen in historische en bepalende strijdtonelen om een einde te maken aan de huidige onmenselijke omstandigheden. Ondanks de bloedige onderdrukking door de regering hebben ze de afgelopen vijf maanden geen moment stilgezeten.
De fundamentele protesten die vrouwen, universiteits- en middelbare scholieren, leraren, arbeiders, rechtzoekenden, kunstenaars, homoseksuelen, schrijvers en de meerderheid van de onderdrukte bevolking van Iran vandaag de dag overal, van Koerdistan tot de provincies Sistan en Baluchistan, hebben ontketend, hebben ongekende internationale steun gekregen. Het zijn protesten die een vaandel opsteken van verzet tegen vrouwenhaat, genderdiscriminatie, eindeloze economische onzekerheid, onderwerping van de beroepsbevolking, armoede, ellende, klasse-onderdrukking en onderdrukking op basis van nationaliteit en religie. Het is een revolutie tegen elke vorm van religieuze of seculiere dictatuur die ons, de meerderheid van het Iraanse volk, in de afgelopen eeuw is opgelegd.
Deze protesten streven naar ontplooiing. Ze zijn ontstaan uit de bredere context van grote en moderne sociale bewegingen en de opstand van een onverslaanbare generatie die vastbesloten is een einde te maken aan een eeuw van achterlijkheid en marginalisering van het ideaal om in Iran een moderne, welvarende en vrije samenleving tot stand te brengen.
Na twee grote revoluties in de hedendaagse Iraanse geschiedenis [1906 en 1979] bevinden zich nu grote en progressieve sociale bewegingen, de arbeidersbeweging, de beweging van leraren en gepensioneerden, de vrouwenbeweging op zoek naar gelijkheid, universiteits- en hogeschoolstudenten en de beweging tegen de doodstraf, allemaal als massabeweging en van onderop, in een historische en bepalende positie om de politieke, economische en sociale structuur van het land vorm te geven.
Deze beweging is er dan ook op gericht de vorming van elke macht van bovenaf definitief te beëindigen en markeert het begin van een moderne en humane sociale revolutie voor de emancipatie van het volk van alle vormen van onderdrukking, discriminatie, uitbuiting, tirannie en dictatuur.
Wij, de ondergetekende vakbonden en maatschappelijke organisaties, gericht op de eenheid en solidariteit van sociale bewegingen en eisen, en gericht op de strijd voor het beëindigen van de huidige onmenselijke en destructieve omstandigheden, zien de realisatie van de onderstaande minimumeisen als de eerste opdrachten en resultaten van de fundamentele protesten van het volk van Iran. We zien deze minimumeisen als de enige weg naar de opbouw van een nieuwe, moderne en humane samenleving in dit land. We vragen alle fatsoenlijke mensen die geven om vrijheid, gelijkheid en emancipatie, in fabrieken, universiteiten, scholen en buurten op het wereldtoneel, om onderstaande minimumeisen te ondersteunen:
1. De onmiddellijke en onvoorwaardelijke vrijlating van alle politieke gevangenen. Een einde aan de criminalisering van politieke, vakbonds- en civiele activiteiten. Openbare processen voor de daders en agenten van de onderdrukking van de volksprotesten.
2. Onvoorwaardelijke vrijheid van meningsuiting, denken, pers, organisatie, buurt- en nationale vakbonden en volksorganisaties, stakingen, demonstraties, sociale netwerken en audio- en visuele media.
3. De onmiddellijke intrekking van de uitvaardiging en uitvoering van elke vorm van de doodstraf . Het verbieden van elke vorm van mentale of fysieke marteling.
4. De onmiddellijke afkondiging van de volledige gelijkheid van de rechten van vrouwen en mannen in alle politieke, economische, sociale, culturele en familiale gebieden. De onvoorwaardelijke intrekking van alle discriminerende wetten tegen seksuele en genderidentiteiten en -oriëntaties. De erkenning van de LHBTQ+ gemeenschap. Decriminalisering van alle genderidentiteiten en -oriëntaties. Het onvoorwaardelijk vasthouden aan de rechten van vrouwen om over hun eigen lichaam en toekomst te beschikken en het voorkomen van de handhaving van patriarchale controle.
5. Religie is een privézaak voor individuen en mag niet voorkomen in politieke, economische, sociale en culturele wetten en regels.
6. Het bewerkstelligen van arbeidsveiligheid, werkzekerheid en de onmiddellijke verhoging van de lonen van arbeiders, leraren, kantoorpersoneel en alle werkende en gepensioneerde arbeiders, met de aanwezigheid, tussenkomst en instemming van de gekozen vertegenwoordigers van hun onafhankelijke en landelijke organisaties.
7. De intrekking van wetten en opvattingen die discrimineren op basis van nationaliteit of religie. De opbouw van een goede ondersteunende infrastructuur voor een rechtvaardige en gelijke verdeling van de overheidsmogelijkheden voor de ontwikkeling van cultuur en kunst in alle delen van het land en het creëren van noodzakelijke en gelijke faciliteiten voor het leren en onderwijzen van alle in onze samenleving gangbare talen.
8. Afschaffing van alle organen van onderdrukking. Beperking van de bevoegdheden van de regering. Directe en permanente inmenging van het volk in het bestuur van het land via lokale en nationale raden. Verwijdering van alle gouvernementele en niet-gouvernementele ambtsdragers door de kiezers op elk moment moet een van de basisrechten van de kiezers zijn.
9. De onteigening van de eigendommen van alle natuurlijke en rechtspersonen en overheids-, door de overheid opgerichte en eraan gelijkgestelde (semi)overheidsbedrijven en particuliere instellingen die rechtstreeks hebben geroofd of gebruik hebben gemaakt van overheidshuur [door de overheid verleende monopolisering van economische mogelijkheden] om de eigendommen en sociale rijkdom van het volk van Iran te plunderen. De uit deze onteigeningen voortvloeiende rijkdom dient onmiddellijk te worden besteed aan modernisering en wederopbouw van het onderwijsstelsel, pensioenfondsen, het milieu en de behoeften van de regio's en bevolkingsgroepen die tijdens het bewind van de Islamitische Republiek en de [Pahlavi] monarchie zijn achtergesteld en minder kansen hebben gekregen.
10. Beëindiging van de vernietiging van het milieu. Tenuitvoerlegging van fundamenteel beleid voor het herstel van de milieu-infrastructuur die in de afgelopen honderd jaar is vernietigd. Het tot gemeengoed maken van delen van de natuur zoals weilanden, stranden, bossen en berghellingen. Dit zijn delen van de natuur die in naam van de privatisering aan het publiek zijn ontnomen.
11. Het verbod op kinderarbeid. Het voorzien in het leven en onderwijs van kinderen, ongeacht de economische en sociale status van hun families. Het creëren van openbaar welzijn door middel van een werkloosheidsverzekering, een sterke sociale zekerheid voor alle personen van wettelijke leeftijd die kunnen werken en degenen die niet kunnen werken. Onderwijs en gezondheidszorg moeten gratis zijn voor iedereen.
12. Normalisatie van de internationale betrekkingen op het hoogste niveau met alle landen op basis van rechtvaardigheid, wederzijds respect, het verbod op de toegang tot kernwapens en de bevordering van het streven naar wereldvrede.
We geloven dat bovenstaande minimumeisen onmiddellijk realiseerbaar en uitvoerbaar zijn, gezien het bestaan van potentiële en feitelijke ondergrondse rijkdom en het bestaan van een bewust en capabel volk, een generatie jongeren en tieners die zeer gemotiveerd zijn om een gelukkig, vrij en comfortabel leven te hebben.
Bovenstaande eisen vormen de algemene parameters van de eisen van de ondergetekenden. Met de voortzetting van de strijd en de solidariteit zullen we ze meer in detail behandelen.
Ondertekenaars:
De Coördinatieraad voor Onderwijsbonden in Iran
De Vrije Unie van Iraanse Arbeiders
De Unie van universitaire studentenorganisaties
Het Centrum voor verdedigers van de mensenrechten
De vakbond van Haft Tapeh-suikerrietarbeiders
De Raad van Protesterende Petrochemische Contractarbeiders
De vereniging van Iraanse onderwijzers
Bidarzani (feministische website)
De Stem van Iraanse Vrouwen
De onafhankelijke stem van de arbeiders van de nationale staalgroep van Ahvaz
De vereniging van verdedigers van arbeidersrechten
De vereniging van elektriciteits- en staalarbeiders van Kermanshah
Het Coördinatiecomité voor hulp bij de oprichting van arbeidsorganisaties
De Unie van gepensioneerden
Raad van Iraanse gepensioneerden
Organisatie van progressieve universiteitsstudenten
De Raad van Vrijdenkende Middelbare Schoolstudenten van Iran
De vakbond van schilders van de provincie Alborz
Het Comité voor de oprichting van arbeidersorganisaties in Iran
De Raad van Gepensioneerden van de Sociale Zekerheid
Dit artikel stond op Radiozamaneh.com, vertaling in het Engels: Frieda Afary. Nederlandse vertaling redactie Grenzeloos.
Reactie toevoegen