Borderless

19 August 2019

Drie jaar Amsterdam Anders - Meer dan alleen anders stemmen

'Wie anders wil, moet anders stemmen'. Met die leuze won Amsterdam Anders in 1998 drie zetels in de Amsterdamse gemeenteraad. De SAP, De Groenen en diverse onafhankelijke activisten barstten van de ambities. Nu, drie jaar later, is er nog steeds enthousiasme over de mogelijkheden en deelsuccessen, maar Ernst van Lohuizen, SAP-lid en gemeenteraadslid voor Amsterdam Anders, is ook nuchter: 'In veel opzichten zijn we een "gewone" partij zoals alle andere.'

'Een gewóne partij?' Jupijn Haffmans, voorzitter van de ledenvereniging Amsterdam Anders, reageert geschrokken. Amsterdam Anders wil allesbehalve gewoon zijn. Een bundeling van iedereen die genoeg heeft van de bestuurdersarrogantie, rebels, origineel, links, actief op straat en in de raad. Maar gewoon, een linkse partij die soms leuke dingen voor de mensen doet? Nee, de ambities gaan verder. Haffmans denkt erover na: 'Tja, misschien heeft Ernst wel een beetje gelijk.' De ervaring met Amsterdam Anders leent zich slecht voor simpele conclusies.

Doorbraak
'Eerst een enthousiast applaus, daarna gejuich. Schelto Patijn [...] las pas laat in de nacht [...] de uitslag van de gemeenteraadsverkiezingen voor. Het gejuich volgde op het zetelaantal van Amsterdam Anders: drie zetels - 5,7 procent, 14.800 stemmen.' Zo beschreef Grenzeloos de verkiezingsavond van 4 maart 1998. Roel van Duijn, Hansje Kalt en Ernst van Lohuizen traden toe tot de gemeenteraad, bijgestaan door drie duo-raadsleden. Dertien leden van Amsterdam Anders en De Groenen werden stadsdeelraadslid. Een betere start was niet denkbaar.
Ook GroenLinks en de SP groeiden. Van de 45 zetels kwamen er dertien in handen van links. Samen met de PvdA lag de mogelijkheid open voor een Rood-Groen college, maar daar kwam het niet van: de PvdA zette in op een college met VVD, GroenLinks en D66. De verhoudingen, volgens de Amsterdamse SAP-afdeling: 'de PvdA is soeverein, de VVD krijgt de ruimte, GroenLinks wordt klemgezet en D66 volledig platgewalst.' Platgewalst wordt ook de rest van de gemeenteraad. Van Lohuizen: 'Je kan zeker wat zinnigs doen, maar het blijft beperkt. Bij dit breed samengestelde college worden de echte meningsverschillen binnenskamers uitgevochten.' Voor de oppositie, ook voor Amsterdam Anders, is weinig ruimte.
Niet dat er veel illusies waren, maar het blijft onthutsend hoe weinig verandering de electorale ruk naar links in de stad bracht. IJburg wordt doorgebouwd, kraakpanden ontruimd en werklozen in Zuidoost aan het werk geschopt volgens neoliberaal recept. Tegen een referendumuitspraak in is de aanleg van de Noord/Zuid-metrolijn begonnen, ondanks steeds onheilspellender financieringsproblemen.
Als een linkse raadsmeerderheid geen verandering brengt, wat dan wel? Voor Amsterdam Anders was het antwoord vanaf het begin: verandering komt van de straat. De stadspartij ontstond uit het referendumverzet van eind jaren negentig en blijft zich op dat activistische 'andere Amsterdam' baseren.

Stadsbeweging
'Heeft u destijds ook tegen de Stadsprovincie en de aanleg van de Noord/Zuidlijn en IJburg gestemd? En voor een autoluwe binnenstad? Dan heeft u gemerkt dat stemmen frustrerend kan zijn. De stadsbestuurders trekken zich van de uitslagen van de referenda weinig aan. [...] Amsterdam Anders staat voor grondige veranderingen.' Aldus de aanhef van het verkiezingskrantje in 1998.
'Na de vier referenda,' vertelt Van Lohuizen, ' was er een enorme onvrede in de stad.' Terwijl tegelijkertijd links in Amsterdam al jaren erg zwak was. De SAP-afdeling somde de problemen op: De 'steeds groter wordende afstand tussen het stadsbestuur en de bewoners [...] de sterk verzwakte sociale bewegingen. En [...] het verminderde belang dat GroenLinks en de SP aan de sociale basis lijken te hechten.' Wat er nog aan verzet was noemde zich referendumcomité, was tijdelijk en vaak beperkt tot één thema. Maar, schreef de afdeling, desondanks gaven die initiatieven wel aan dat er 'ruimte [was] om iets tegenover het technocratisch stadsbestuur te stellen.' Een breed verkiezingsinitiatief, was de redenatie, zou die ruimte kunnen benutten 'en de ontevredenheid een politieke stem geven'.
Een eerste poging in 1994 rond de lijst Redt de Stad van Luud Schimmelpennink haalde het niet. Maar vier jaar later was de situatie gerijpt. Ook De Groenen zochten nu een weg uit het isolement. Net als de SAP, enkele actievoerders uit Ruigoord, de Havenpool, de referendumcomités, de alternatieve Eurotop en een aantal actieve studenten en scholieren, bundelden zij hun krachten in Amsterdam Anders. Dat de kiezers de bundeling beloonden bewees dat de initiatiefnemers terecht inschatten dat er behoefte was aan iets nieuws. Als Amsterdam Anders geen drie zetels had gescoord was de politieke premisse van het project weggevallen en was het waarschijnlijk, net als Redt de Stad, een stille dood gestorven.
Maar die verkiezingsdoorbraak schiep ook verplichtingen. Amsterdam Anders moest de verwachtingen waar gaan maken. Al voordien formuleerde de Amsterdamse SAP haar zorgen: 'Twijfel over de mogelijkheden van een goede samenwerking; twijfel over de mogelijkheden daadwerkelijk een groeiende rol voor onafhankelijken in te ruimen; twijfel [...] of er de komende periode wel genoeg strijd in de stad zal zijn, waarop we kunnen aansluiten'. Nu, drie jaar later, zijn de meeste twijfels weggenomen.

Samenwerking
De samenwerking was aanvankelijk omstreden. Binnen de SAP, maar ook uit meer anarchistische hoek, was fikse kritiek op De Groenen. Roel van Duijn was dan wel bekend om zijn milieu-acties, maar niet om zijn sociale standpunten (ondanks bijvoorbeeld zijn steun aan de havenpoolers). De antiracistische organisatie De Fabel van de Illegaal kritiseerde dubieuze uitspraken van leden van De Groenen in andere steden. Ook onder Groenen bestond weerstand tegen samenwerking met 'trotskisten' en zorg om het behoud van de groene identiteit.
Er bestond en bestaat in Amsterdam Anders beslist geen totale ideologische overeenstemming. Dat bleek bijvoorbeeld in mei 1999 toen Roel van Duijn en Joost Kircz (namens de SAP) diametraal tegenovergestelde standpunten innamen over de bombardementen op Servië. Amsterdam Anders organiseerde de discussie zelf, en dat is typerend. Het debat en de tegenstellingen worden niet geschuwd.
Maar op de belangrijke punten in de Amsterdamse politiek, argumenteerden de initiatiefnemers, was overeenstemming. Ze kregen gelijk. De programmatische basis, een gemeenschappelijke visietekst 'voor een democratischer, milieuvriendelijker en sociaal rechtvaardig Amsterdam', bleek solide. Wat de fractie betreft is over de eerste 'twijfel' van de SAP inmiddels geen twijfel meer mogelijk: De samenwerking loopt prima. Groenen, Sap'ers en 'onafhankelijken' kwamen samen op voor de Eurotop-arrestanten, de opstandige Marokkaanse jongeren in West, de Kalenderpanden, de Havenpoolers en de 'witte illegalen'.
Aan de basis van Amsterdam Anders was het minder makkelijk. Na de verkiezingen was er weliswaar een gemeenteraadsfractie, maar er was nog geen partij waarop die kon rusten. Sterker, er waren twéé partijen en een aantal partijlozen. Hoewel de oprichting van Amsterdam Anders was goedgekeurd door afzonderlijke ledenvergaderingen van de deelnemende partijen, bleek er ook daarna nog veel discussie nodig over de precieze aard van de samenwerking. Ook de oprichting van een overkoepelende ledenvereniging Amsterdam Anders, waarin allen - lid van de SAP of De Groenen of partijloos - gelijke stem zouden hebben, maakte geen eind aan de soms verwarde discussie.
De praktijk was dat de meeste Groenen, wél heel actief in de stadsdeelraadsfracties, nauwelijks in de ledenvereniging functioneerden. Het was daardoor erg moeilijk
een slagvaardige buitenparlementaire club te vormen. Van Lohuizen: 'Amsterdam Anders is nu nog teveel rond de fractie opgebouwd. Er is nog te weinig sprake van een bloeiende vereniging, die zich aansluit bij actie-initiatieven of ze zelf neemt.' Het handjevol (wel succesvolle) bijeenkomsten dat de ledenvereniging in drie jaar organiseerde maakte de verwachtingen lang niet waar. Ook de publicatie van De Andere Krant en het betrekken van de stadsdeelraadsleden bij Amsterdam Anders, liepen stroef. Eigen acties heeft Amsterdam Anders niet gevoerd.
Bij de betrokkenen is nu goede hoop dat daar binnenkort verandering in komt. De ledenvereniging Amsterdam Anders en de Amsterdamse afdeling van De Groenen zijn op 26 april jl. samengevoegd tot de partij Amsterdam Anders/De Groenen. 'Voor De Groenen,' vertelt Jupijn Haffmans, ' is nu duidelijk dat ze hun activiteiten gaan ontplooien in het kader van de nieuwe partij. Dat maakt een eind aan de verwarring. Hopelijk zal het er ook toe leiden dat we groener worden. Amsterdam Anders wil sociaal, democratisch én groen zijn, en eerlijk gezegd is dat milieuprofiel er de afgelopen periode wat bij ingeschoten.'
De aanloopproblemen van Amsterdam Anders waren voorzien, maar zijn in het enthousiasme wel eens onderschat. Drie jaar is lang, maar als de samenwerking straks inderdaad aan de brede basis gaat leven, dan ligt er ook wat. Met drie raadsleden en ruim tweehonderd, doorgaans actieve en goed in de buurt ingevoerde leden kan Amsterdam Anders zich meten met menig andere partij en een belangrijke rol spelen in de stad.

Onafhankelijken
Niet alles hangt af van de fusie. Rene Danen, die onlangs Roel van Duijn in de gemeenteraad opvolgde, brengt de tweede twijfel van de SAP-afdeling in herinnering: ‘Het gaat vooral om het politieke signaal dat van de fusie uitgaat, de dynamiek zal toch vooral van nieuwe mensen moeten komen’. Hoe staat het met die zogenoemde 'onafhankelijken'?
Wisselend. Inmiddels zijn twee van de drie gemeenteraadsleden noch lid van de SAP, noch van De Groenen, en wordt de fractie aangevoerd door de 'onafhankelijke' Hansje Kalt. Maar in de ledenorganisatie druppelen nieuwe mensen slechts langzaam binnen. Erger, van het grote aantal onafhankelijken dat in 1998 op de verkiezingslijst stond is het merendeel nooit actief geworden in Amsterdam Anders-verband. Deels zijn de organisatorische problemen de oorzaak, maar er is meer.
Herman Pieterson, SAP-lid en duoraadslid voor Amsterdam Anders: 'Amsterdam Anders is als bundeling half gelukt. Veel mensen blijven op een afstand op Groen Links gericht, of willen van gemeenteraadspolitiek niets weten.' Het lijkt een fundamenteel probleem van linkse hergroepering in Nederland. Er is weliswaar bij veel mensen in meer of mindere mate onvrede met GroenLinks, maar dat betekent nog niet dat ze ook bereid zijn met die partij te breken. Zelfs de activisten die niks van partijen moeten hebben, hopen in de praktijk vaak resultaat te halen door de steun van GroenLinks te zoeken. Zeker in het begin resulteerde dat paradoxaal genoeg vaak in een zeer anti-parlementaire kritiek op Amsterdam Anders, terwijl die nu juist wél vast blijft houden aan het doorslaggevende belang van buitenparlementaire strijd.
Een goed voorbeeld daarvan was de situatie rond de hongerstaking van Turkse vrouwen in 1999. Amsterdam Anders mobiliseerde voor de solidariteitsdemonstraties en Rene Danen stond het actiecomité met raad en daad bij. Desondanks bleef er wantrouwen over de 'partijpolitieke belangen' van Amsterdam Anders. Toen na Danens inspanningen ook de vrouwen van GroenLinks en PvdA zich eindelijk achter de hongerstakers schaarden, resulteerde dat niet in waardering voor de loyale rol die Amsterdam Anders had gespeeld, maar juist in het op de voorgrond schuiven van spreeksters van GroenLinks en PvdA. Tactisch gezien terecht, maar wel frustrerend. Temeer daar later de, met hun steun ingestelde, burgemeesterscommissie weliswaar voor individuele vrouwen een oplossing bracht, maar de angel uit de strijd met het Haagse vreemdelingenbeleid haalde.
Wat Amsterdam Anders voorstelt is niet alleen een verandering van de stad, maar eigenlijk ook een omwenteling in het denken van veel activisten over de rol van 'de politiek'. Dat zich in de gemeenteraad een strijdbare bondgenoot bevindt met respect voor de onafhankelijkheid van bewegingen, dat is wennen. Dat je beter dáárop kunt bouwen dan op GroenLinks en de PvdA, is nog een brug te ver. En dat heeft zijn weerslag op de toestroom van nieuwe leden. Nog steeds zien veel activisten lidmaatschap van een partij niet als een versterking van hun strijd maar als een verlies van onafhankelijkheid. Of ze worden liever lid van een 'echte partij met invloed'.
Ruimte voor 'onafhankelijken' is er volop in Amsterdam Anders, die twijfel is overtuigend weggenomen. De vraag is veeleer of Amsterdam Anders genoeg gelegenheid krijgt om het vertrouwen van stadsactivisten te winnen. Amsterdam Anders lijkt zich inmiddels bij de kraakbeweging wel een soort 'bevriende status' te hebben verworven, wat eigenlijk een verrassend goed resultaat is.

De stad bleef rustig
Herman Pieterson: 'We hebben ons duidelijk kunnen opstellen als spreekbuis van groepen die de stad minder aangeharkt voor het grote geld willen laten zijn. Het geld voor de ‘broedplaatsen’ waar wethouder Stadig nu goede sier mee maakt was er zonder de inzet van Hansje Kalt nooit gekomen.' De fractie wist gedaan te krijgen dat de Eurotop-arrestanten schadevergoeding kregen; dat Amsterdam de Kosovaarse stad Pancevo steunde bij de heropbouw na de oorlog; dat haar voorstellen werden aangenomen inzake klachten over politieoptreden. Straks hoef je niet meer naar het politiebureau om over de politie te klagen.
Goede hervormingen, maar natuurlijk geen fundamentele verandering. Pieterson: 'Het grootste probleem is dat het met de sociale beweging niet super gaat, al gebeurt er meer dan je soms zou denken. Vooral de creatievere kraakkringen blijven bezig. Dat heb je gezien rond de kalenderpanden, maar ook met de filmacademie. In beide gevallen hebben we als fractie goed de raad en de acties kunnen verbinden. Datzelfde gold voor de acties rond de witte illegalen en de toestand rond de arrestaties bij de Eurotop. Van Lohuizen bevestigt dat: 'Als er dingen in de stad spelen komt Amsterdam Anders het best tot haar recht.'
Wie kijkt naar de belangrijkste actiemomenten van de afgelopen drie jaar, moet wel concluderen dat er weinig gemist is. Beter dan de SP of GroenLinks toonde Amsterdam Anders zich solidair met het stadsverzet. Maar, zeker vergeleken met de periode van referenda waarin Amsterdam Anders ontstond, blijkt de derde twijfel die de SAP-afdeling destijds formuleerde, gerechtvaardigd: 'twijfel [...] of er de komende periode wel genoeg strijd in de stad zal zijn, waarop we kunnen aansluiten.'
Reden dus om nooit helemaal tevreden te zijn over de bereikte aansluiting. Pieterson: 'We hadden ondanks alle aandacht voor referenda, democratie en het stadsdeel binnenstad ons al veel eerder en beter moeten profileren als vertegenwoordiger van de directe democratie. Onze pogingen in die richting zijn halverwege blijven steken.' En: 'rond de havenpool heb ik na het kort geding in de commissie iets kunnen doen, maar daarvoor hebben we er te weinig aandacht aan gegeven.'
Reden ook om na te blijven denken over hoe Amsterdam Anders een duurzaam alternatief in de stad kan helpen opbouwen dat minder afhankelijk is van losse actiemomenten. Pieterson: 'We moeten meer onze eigen punten brengen. Dat doen we ook wel, maar meestal niet met groot publicitair resultaat. Dus hebben we een opzet gemaakt om ons rond een aantal grote lijnen duidelijker te profileren. Maar je kunt dat nooit los zien van wat er in de stad gebeurt. Je plannen moeten gedragen worden door actieve mensen.' Jupijn Haffmans benadrukt dat een betere profilering niet ten koste mag gaan van de verhouding met de buitenparlementaire strijd: 'Juist omdat we ons behulpzaam opstellen en actievoerders erop vertrouwen dat we onze partijbelangen ondergeschikt maken, hebben we veel krediet. Alleen onze partijvlag planten levert misschien meer naamsbekendheid en stemmen op, maar daar gaat het niet om. Op de langere duur is wats wij doen nuttiger voor de opbouw van een alternatief. Dan maar wat minder stemmen.'

Verdieping
In drie jaar is met vallen en opstaan bewezen dat het politieke concept van Amsterdam Anders vruchtbaar kan zijn: de combinatie van strijdbaarheid en het formuleren van antwoorden in de gemeenteraad. Een efficiënte ledenstructuur is er nog niet en dat is jammer, maar lid worden van Amsterdam Anders is in veel opzichten een moeizame breuk in het denken van vele activisten over de rol van politiek partijen. Dat vergt vertrouwen en tijd, maar ieder nieuw lid is een stap richting het politiek alternatief dat Amsterdam Anders niet namens hen, maar mét hen wil opbouwen.
Hoe het Amsterdam Anders verder zal vergaan, hangt niet zozeer af van fusies, ledenaantallen of het aanscherpen van het soms nog te bescheiden optreden in de gemeenteraad, maar van een verdere verdieping van het project van linkse samenwerking. Pieterson: 'Wat mij betreft komt er weer een open lijst, dus niet alleen met mensen uit Amsterdam Anders/De Groenen. Juist nu weer proberen met anderen samen te werken. Als het een beetje wil, zitten we er dan de komende raadsperiode weer met 3 of zelfs 4 zetels, en kunnen we onze ideeën over radicale democratie en solidariteit verder vorm geven.'
Zo 'gewoon' is dat niet voor een partij en verdient daarom alle steun.

Reactie toevoegen

Plain text

  • Toegelaten HTML-tags: <a> <em> <strong> <cite> <blockquote> <code> <ul> <ol> <li> <dl> <dt> <dd>
  • Adressen van webpagina's en e-mailadressen worden automatisch naar links omgezet.
  • Regels en alinea's worden automatisch gesplitst.
Uw reactie zal niet meteen verschijnen, deze wordt eerst goedgekeurd door de beheerder.
To prevent automated spam submissions leave this field empty.
Image CAPTCHA
Vul de tekens uit bovenstaande afbeelding in.

Reageren