Borderless

22 November 2019

Het einde van het asielbeleid

Het asielzoekerscentrum in Amsterdam-Noord veranderde onlangs in een onderdaklocatie voor uitgeprocedeerden. De omvorming maakt symbolisch een cirkel rond: in amper een decennium is de Nederlandse asielpolitiek veranderd in vertrekbeleid. Activiste Petra Schultz (34) van vluchtelingenorganisatie ASKV zag het allemaal gebeuren: ‘het verbaast me iedere keer weer hoeveel harder het beleid nog kan.’

In het gras voor het vroegere asielzoekerscentrum (AZC) aan de Meteorenweg in Amsterdam-Noord ligt een verregende teddybeer ter grootte van een kind, met een oranje sjaal om de nek. Plukjes asielzoekers lopen het centrum in en uit. Ze sjouwen de bekende rode draagtassen van Dirk van den Broek mee, of lopen achter een kinderwagen of rolstoel. In tegenstelling tot hun voorgangers maken ze geen kans meer op een verblijfsvergunning. Het AZC is omgevormd tot een onderdaklocatie. Die is bedoeld als tijdelijke opvang voor uitgeprocedeerde asielzoekers die kunnen aantonen dat zij zelfstandig uit Nederland willen vertrekken.
Vertrekcentrum
De plannen voor AZC-Noord kwamen eind vorig jaar in het nieuws door vragen in de gemeenteraad van GroenLinks, SP en Amsterdam Anders/de Groenen. Aanvankelijk leek het erop dat de gemeente de locatie op den duur zelfs in zou willen richten als vertrekcentrum. Zover lijkt het niet meer te komen, verwacht de Amsterdamse vluchtelingenorganisatie ASKV. Echt reden tot juichen is dat niet: de komst van een vertrekcentrum in de gemeente Vught maakt de Amsterdamse plannen minder nodig.  
Verwarrend is het wel, al die verschillende soorten opvanglocaties, geeft Petra Schultz van het ASKV toe. Zittend in bus 35 richting Amsterdam-Noord legt de activiste nog maar eens uit hoe het Nederlands asielbeleid werkt. Of beter: hoe de overheid zou willen dat het werkt. Op dit moment wordt onderscheid gemaakt tussen twee groepen vluchtelingen. De onderdaklocatie is bedoeld voor ‘nieuw-wetters’: mensen die korter dan drie jaar in Nederland zijn en onder de nieuwe vreemdelingenwet vallen. In de vertrekcentra komen uitgeprocedeerde asielzoekers die al voor 2001 het land binnen zijn gekomen en nog onder de oude vreemdelingenwet vallen.
Stemmingmakerij
Juist tegen de uitzetting van deze groep, die al jaren in Nederland woont en waarvan de kinderen hier naar school gaan, is veel maatschappelijk verzet. Vorig jaar gingen meer dan tienduizend mensen de straat op om te demonstreren voor een generaal pardon. En onlangs organiseerde de SP-afdeling in Vught samen met andere organisaties een protest tegen de komst van het tweede vertrekcentrum van Nederland in die gemeente. Tot nu toe heeft alleen Ter Apel zo’n centrum binnen haar grenzen geaccepteerd. Met weinig succes: slechts een enkele vluchteling verblijft er. Dat is geen toeval, denkt Schultz. ‘Je ziet dat het ministerie heel voorzichtig is met het in gebruik nemen van het vertrekcentrum. De IND brengt alleen mensen naar Ter Apel waar met grote zekerheid van gezegd kan worden dat het lukt om ze uit te zetten.’
Overigens bestaat er helemaal geen ‘groep van 26.000’, zoals de media de vluchtelingen voor wie de vertrekcentra zijn bedoeld doorgaans aanduiden. ‘Stemmingmakerij’, oordeelt Schultz, lopend van de bushalte naar de onderdaklocatie. ‘Van die 26.000 kan het merendeel niet uitgezet worden omdat ze in een procedure zitten. Daar moet de rechter nog over oordelen.’ Drie- tot vierduizend mensen staan daadwerkelijk op de nominatie om gedeporteerd te worden. En die zijn vaak ondergedoken, of ze proberen het in een ander land. Het ASKV zelf geeft aan tien families onderdak.’
Een ander ‘misverstand’ waar ze zich aan ergert, is de wijze waarop over nieuwe groepen uitgeprocedeerde vluchtelingen wordt gesproken, die niet meer onder de oude vreemdelingenwet vallen. ‘Het gaat vaak om mensen die gepakt worden bij grote razzia’s, zoals op tippelzones. Mensen die in de media worden neergezet als criminelen en overlastveroorzakers. Maar je kunt er donder op zeggen dat daar bijvoorbeeld ook veel slachtoffers van vrouwenhandel tussen zitten.’ Toch blijkt het moeilijk om tegen de uitzetting van deze groep vreemdelingen verzet te organiseren. Schultz wijt het aan hun anonimiteit. ‘Mensen kunnen moeilijker sympathie opbrengen voor vluchtelingen die onzichtbaar zijn. Eenmaal opgepakt zijn ze onbereikbaar en geïsoleerd. Doordat ze relatief kort in ons land verblijven hebben ze vaak geen Nederlands sociaal netwerk.’
Successen
Dat neemt niet weg dat Schultz heel blij is met het huidige verzet tegen de uitzetting van de ‘26 duizend’. Het roept herinneringen op aan eerdere succesvolle protesten, waarbij voor even de publieke aandacht uitging naar de volgens haar onmenselijke kanten van het vluchtelingenbeleid. De hongerstaking van de witte illegalen, het kerkasiel van Iraniërs, Schultz was er steeds bij betrokken vanuit diverse organisaties. Dat is ze eigenlijk al vanaf 1992, toen ze in Leiden een fakkeltocht tegen het beleid van toenmalig staatssecretaris Kosto bijwoonde. Daarvoor deed ze vrijwilligerswerk in de Wereldwinkel en hield ze zich bezig met internationale solidariteit. ‘Bij die fakkeltocht dacht ik, “dit is het, dit maakt die hele Noord-Zuidproblematiek eindelijk tastbaar voor mensen.”’
Dat viel achteraf gezien tegen. ‘Het zieligheidsverhaal krijgt meestal toch de overhand in de media. Er is weinig interesse in de achterliggende problematiek, over de politieke en economische oorzaken waarom mensen vluchten. En de mensen waar het om gaat, zitten ook niet te wachten op zo’n verhaal. Die willen gewoon rust, een verblijfsvergunning.’

Vergeleken met de huidige politiek was het asielbeleid onder Kosto nog aan de zachte kant, vindt Schultz. ‘Toen werden vluchtelingen tenminste nog vaak toegelaten tot asielprocedure, met bijbehorend recht op financiële ondersteuning. Het verbaast me iedere keer weer hoeveel harder het beleid is geworden.’ Ze kijkt naar het voormalige AZC, dat met zijn vlaggemasten en binnenplaats veel weg heeft van een universiteitscampus. ‘Ik herinner me nog het eerste opvangcentrum waar ik kwam, in Leiden. Dat was echt waanzinnig. Een oud schoolgebouw waarin meerdere families in één lokaal werden gezet, met lakens ertussen als afscheiding. Zo slecht heb ik het daarna niet meer gezien.’
Gewenning
Vergeleken daarmee zien de in fris geel geschilderde barakken aan Meteorenweg in Noord er netjes uit. Met dien verstande dat het tegenwoordig niet meer dient om mensen op te vangen die kans maken op een verblijfsvergunning, maar voor het huisvesten van hen die vertrekken. Symbolisch voor het einde van het Nederlandse asielbeleid? ‘Misschien wel. Over tien jaar zal het heel anders zijn. Dan moet waarschijnlijk iedereen in de eigen regio asiel aangevraagd hebben voor ze hier de procedure in kunnen. Er zal een veel grotere groep illegalen zijn, want vluchtelingen blijven toch wel komen.’ Ook de rol van de ondersteuners zal volgens Schultz drastisch veranderen. ‘Je loopt het risico dat je werk gecriminaliseerd wordt. Dat is in andere Europese landen al het geval. In Duitsland worden van tijd tot tijd artsen aangeklaagd wegens hulp aan illegalen.’
De luchtige toon waarmee Schultz alles vertelt suggereert een hoge mate van berusting. ‘Als je dit werk twaalf jaar doet merk je inderdaad wel dat je verandert. Dat heeft met gewenning te maken. De eerste keer dat ik het verhaal van een vluchteling hoorde, merkte ik echt dat het me raakte. Maar als je jarenlang min of meer dezelfde verhalen hoort, raakt het je niet meer op dezelfde manier. Het puur sentimentele meeleven gaat eraf.’ Ze aarzelt. ‘Nou ja, niet helemaal hoor. Toen ik een tijdje geleden sprak met iemand die het slachtoffer was geweest van vrouwenhandel, was ik opnieuw diep onder de indruk.’
Sneeuwbal
Ja, ze weet ook wel dat asielzoekers vaak niet de hele waarheid vertellen over hun motief om naar Nederland te komen, maar eigenlijk interesseert haar dat niet zoveel. ‘Als je ziet hoe zwaar het leven in de illegaliteit is, moeten ze in ieder geval wel een hele goede reden hebben. En het is niet zo vreemd dat asielzoekers soms liegen. Ze moeten van alles bewijzen met documenten die een verstandig mens op de vlucht niet meeneemt. Je gaat niet op pad met een bewijs op zak dat je gezocht wordt, om maar iets te noemen. Dictatoriale regimes geven die bewijzen over het algemeen ook niet mee.’
Cynisch wil ze zichzelf niet noemen. Eigenlijk mist ze zelfs wel de acties of campagnes waar mensen blind instappen. ‘Veel activisten en organisaties beginnen al niet eens meer ergens aan, omdat ze denken dat er toch niets te halen valt. Maar er zijn genoeg voorbeelden die bewijzen dat dat een misvatting is. Neem nu het verzet tegen de vertrekcentra en de roep om een generaal pardon, dat werkt als een soort sneeuwbaleffect. Een paar kleine groepen beginnen ermee. Dan sluiten kerken en vluchtelingenwerk zich aan en krijgt een campagne zijn eigen dynamiek. Het is toch geweldig dat je met een klein groepje mensen soms zoveel invloed uit kunt oefenen!’

Op 22 maart organiseert het ASKV samen met andere organisaties een ‘nacht van de vervanging’. Bekende Nederlanders en politici zullen voor een nacht onderdak geven aan een vluchteling die geen opvang meer krijgt. Later in het jaar zal platform Keer het Tij een lokale actiedag organiseren, voor een generaal pardon.

Dossier: 

Reactie toevoegen

Plain text

  • Toegelaten HTML-tags: <a> <em> <strong> <cite> <blockquote> <code> <ul> <ol> <li> <dl> <dt> <dd>
  • Adressen van webpagina's en e-mailadressen worden automatisch naar links omgezet.
  • Regels en alinea's worden automatisch gesplitst.
Uw reactie zal niet meteen verschijnen, deze wordt eerst goedgekeurd door de beheerder.
To prevent automated spam submissions leave this field empty.
Image CAPTCHA
Vul de tekens uit bovenstaande afbeelding in.

Reageren