Borderless

20 August 2019

Pakistan: Socialisme tegen oorlog en fundamentalisme

Het nieuws uit Pakistan word gedomineerd door de strijd tussen de regering en haar Amerikaanse bondgenoot enerzijds en religieuze fundamentalisten anderzijds. Tegen de stroom in proberen socialisten in Pakistan een derde keus op te bouwen, een voor een democratisch, progressief alternatief. Grenzeloos sprak met Farooq Tariq, een veteraan van de Pakistaanse socialistische beweging en woordvoerder van de Labour Party Pakistan.

De fundamentalistische partijen hebben onlangs veel electorale steun verloren maar blijven sterk. Fundamentalistische aanslagen brengen het hele land in beroering. Wat is volgens jou de bron van de kracht van deze bewegingen? De eerste bron van steun voor deze groepen zijn de religieuze scholen, de madrassa’s. Daarvan zijn er duizenden in Pakistan en veel mensen uit de armste lagen van de bevolking sturen hun kinderen hiernaartoe omdat ze daar eten en een onderkomen krijgen. De fundamentalisten recruteren onder deze jonge studenten. Sinds het leger in juni is overgegaan tot militaire acties tegen de fundamentalisten is het aantal aanslagen alleen maar gestegen. De militaire acties begonnen in de Swat vallei waar slechts een jaar geleden de fundamentalisten in verkiezingen terugvielen naar drie procent, in tegenstelling tot 15 procent in 2002. Omdat de regering na deze uitslag echter een akkoord met hen sloot konden de fundamentalisten in de Swat vallei de dienst uitmaken.
Vijf jaar lang waren er fundamentalistische partijen aan de macht in provincies die aan Afghanistan grenzen en dit is een tweede oorzaak van de kracht van de religieuze fanatici in Pakistan. Na de Amerikaanse aanval op Afghanistan vertrokken veel fundamentalisten naar Pakistan waar deze lokale regeringen hen geen strobreed in de weg legden of hen zelfs hielpen. De militaire operaties hebben de fundamentalisten tijdelijk in het defensief gedrongen maar de prijs daarvoor zijn duizenden doden en 3,5 miljoen vluchtelingen.

Naast de steun van lokale overheden voor de fundamentalisten zijn er ook veel berichten over banden tussen de militaire inlichtingendienst, de ISI, en fundamentalistische groepen. Is deze dubbele rol van de overheid de reden waarom jullie tegen de militaire operaties zijn? Natuurlijk, maar het meest belangrijk is dat militaire operaties de fundamentalisten gewoon niet kunnen verslaan – ze kunnen hen alleen tijdelijk in het defensief dwingen. In Afghanistan vermeden de fundamentalisten directe confrontaties met de NAVO troepen om later guerrilla-aanvallen te organiseren. We zien dat ze eenzelfde tactiek gebruiken in Pakistan waar ze terugtrekken voor het leger en hun toevlucht nemen tot terrorisme in de steden. De bombardementen van het leger en de Amerikaanse aanvallen met onbemande vliegtuigjes hebben talloze onschuldige levens geëist en de woede hierover wordt door de fundamentalisten gebruikt om hun invloed uit te breiden. De militaire optie heeft gefaald in Afghanistan en we zien nu hetzelfde gebeuren in Pakistan.

De LPP keert zich tegen militaire operaties. Wat zou er wel moeten gebeuren? De bevolking heeft een concreet programma nodig dat de oorzaken van het fundamentalisme aanpakt. Ten eerste moeten alle delen van de staat hun steun aan de fundamentalistische groepen, die ze willen gebruiken in machtsspelletjes als de strijd in Kashmir tegen India, staken. Staat en religie moeten gescheiden worden en de religieuze invloed op het onderwijsprogramma moet verdwijnen. Niet alleen in de madrassa’s leren kinderen nu dat Allah de oorzaak van alles is en dat alle wetenschap aan Allah te danken is – dat soort onderwijs creëert een publiek voor fundamentalistische opvattingen.
De grootste madrassa’s moeten genationaliseerd worden en de mullahs moeten omgeschoold worden tot leraren in dienst van de staat – velen van hen zouden zo’n baan erg op prijs stellen. Het budget voor onderwijs moet omhoog naar minstens tien procent van de begroting – nu is het niet meer dan twee procent.
Sociale bewegingen in gebieden waar de fundamentalisten invloed hebben moeten gesteund worden zodat ze een alternatief kunnen vormen. Er bestaan lokale verdedigingscomités maar deze zijn in de steek gelaten door de overheid – daarom waren ze vaak aan de genade van de goed bewapende fundamentalisten overgeleverd. Deze comités moeten de wapens krijgen die ze nodig hebben om de lokale bewegingen te verdedigen. Wij beschouwen de fundamentalisten als de nieuwe fascisten, ze moeten ook fysiek bevochten worden. Maar dit kan het leger niet doen, de mensen moeten het zelf doen. Een terroristische beweging met aanzienlijke steun onder de bevolking als de fundamentalisten in Pakistan kun je niet verslaan met louter militaire middelen. Om de steun van lokale gemeenschappen te krijgen om dit alles te organiseren moeten ze echter een alternatief hebben voor de fundamentalisten.
Want nu zijn de madrassa’s populair omdat je er tenminste te eten kan krijgen...
Inderdaad. Als Pakistan het minimumloon substantieel zou verhogen zou dat al een hele stap zijn in het ondergraven van de invloed van fundamentalistische ideeën. Economische stappen zijn noodzakelijk maar niet genoeg. Het is ook een strijd om ideeën en politiek. Zolang de regering de bezettingen van Irak en Afghanistan niet afkeurt en aan de leiband van de Verenigde Staten loopt, zullen de fundamentalisten de terechte woede daarover misbruiken voor hun eigen agenda.

De eisen van de LPP zijn duidelijk maar links is zwak in Pakistan. Hoe geven jullie gewicht aan deze eisen? Onze eerste prioriteit is het versterken van de vakbonden en van andere sociale bewegingen. Overal waar sociale bewegingen voor bijvoorbeeld de rechten van vrouwen of voor hervorming van het landbezit sterk zijn, zien we de invloed van de fundamentalisten afnemen. Om de invloed van de fundamentalisten terug te dringen hebben we een breed front nodig, daarom bouwen we organisaties die breder zijn dan onze eigen partij. We bouwen bewegingen op en deze versterken op hun beurt de werking van onze partij.
De feministische beweging heeft een bijzondere rol te spelen in de strijd tegen fundamentalisme. Vrouwen behoren tot de eerste slachtoffers van de fundamentalisten. Zodra een vrouw een publieke rol speelt in bijvoorbeeld een vakbond of in de politiek is dat een aanval op de fundamentalisme. Daarom geven we extra aandacht aan het organiseren en politiseren van vrouwen.
In een gebied als de North West Frontier Province, waar de fundamentalisten sterk zijn, hebben we 2000 leden. We organiseren publieke bijeenkomsten en demonstraties tegen de fundamentalisten. We bouwen campagnes op rond sociale kwesties en proberen zoveel mogelijk mensen daarbij te betrekken. Toen een vrouw werd gegeseld door fundamentalisten en een opname hiervan publiek werd – het incident heeft daadwerkelijk plaatsgevonden, ook al probeerden ze het later te ontkennen – organiseerden we samen met andere groepen een demonstratie van meer dan 5.000 mensen in Lahore tegen dergelijke wandaden. We lieten ons niet afschrikken door de dreigementen van de politie en van de fundamentalisten en de demonstratie leidde tot een verandering in de stemming in de stad.
We hebben ook meegeholpen bij het opzetten van een organisatie die de Women Workers Helpline heet. Deze is actief in het organiseren van vrouwen in de vakbonden en tegen seksueel en huiselijk geweld. De aanpak is om als er zich ergens bijvoorbeeld een geval van geweld voordoet de strijd daartegen zo breed mogelijk te maken; breng de gemeenschap op de hoogte, roep alle vrouwen op voor een bijeenkomst, ga de straat op.
Wat is de reactie van de fundamentalisten op jullie activiteiten? Ze vallen ons aan natuurlijk. Een kameraad van ons werd gedood door een zelfmoordterrorist en vele andere hebben hun huis moeten verlaten. Elke keer als we een bijeenkomst voor vrouwen in de North West Frontier Province organiseren dreigen ze deze aan te vallen. Daarom organiseren we onze zelfverdediging. Al in 1998, toen de Taliban aan de macht waren in Afghanistan, publiceerden we een artikel over de banden van hun voorlopers met het Amerikaanse imperialisme en noemden we hen fascisten. We werden toen bedreigd door iemand die beweerde lid te zijn van Osama Bin Laden’s organisatie – die was toen nog niet zo beroemd als nu – en deze man eiste dat we de publicatie van onze krant zouden staken, anders zou er een aanslag volgen. We organiseerden toen een groep om ons kantoor te verdedigen en stelde iedereen in de bewegingen en ook de politie op de hoogte van de dreigementen – op die manier zou iedereen weten wie de schuldige was als er iets gebeurde. We hebben ons nooit laten intimideren, ook al weten we niet wat er morgen gebeurt. Maar dat is de dagelijkse realiteit voor veel mensen in mijn land.

Na de val van Musharraf vormde de Pakistani People’s Party een nieuwe regering. Wat hebben jullie gemerkt van de verandering? De verandering is beperkt. Beide regeringen zijn nauwe bondgenoten van de Amerikanen in hun ‘war on terror’ en beide zijn voorstander van militaire acties tegen de fundamentalisten. Een verschil is dat er nu iets meer ruimte is om te organiseren en eisen te formuleren.

Obama heeft Pakistan tot een centraal strijdtoneel verklaard. Wat denk jij dat zijn beleid zal brengen? Zullen de fundamentalisten aan invloed winnen? Mijn mening is dat de fundamentalisten gedoemd zijn om te verliezen. De vele burgerslachtoffers die een onvermijdelijk gevolg zijn van hun terroristische methodes roepen veel weerzin op. Als de regering zelf niet verantwoordelijk was voor zoveel onschuldige slachtoffers zou dit een belangrijk zwak punt van de fundamentalisten zijn.
Obama heeft natuurlijk vanaf het eerste begin gezegd dat de oorlog beslist moet worden in Pakistan en voor ons was het duidelijk dat dit een toename van het geweld zou betekenen. Vandaag zijn het aanvallen met onbemande vliegtuigjes maar morgen misschien een directe aanval als ze het Pakistaanse leger zien blijven falen. Op dit moment bouwen de Amerikanen een enorme ambassade in Islamabad voor 700 miljoen dollar. Er zijn Amerikaanse huurlingen aanwezig in het land en de regering laat Amerikanen zonder visum het land in en uit gaan en openlijk wapens dragen. In zekere zin zijn de Amerikanen dus al in Pakistan. Het was Obama die de Pakistaanse regering zo onder druk heeft gezet dat deze is overgegaan tot militaire acties. Ik ben bang dat de Amerikaanse rol in Pakistan nog zal groeien. Aanslagen en bombardementen zijn ondertussen een dagelijkse realiteit in Pakistan, het leven hier kan soms behoorlijk beangstigend zijn.

Reactie toevoegen

Plain text

  • Toegelaten HTML-tags: <a> <em> <strong> <cite> <blockquote> <code> <ul> <ol> <li> <dl> <dt> <dd>
  • Adressen van webpagina's en e-mailadressen worden automatisch naar links omgezet.
  • Regels en alinea's worden automatisch gesplitst.
Uw reactie zal niet meteen verschijnen, deze wordt eerst goedgekeurd door de beheerder.
To prevent automated spam submissions leave this field empty.
Image CAPTCHA
Vul de tekens uit bovenstaande afbeelding in.

Reageren