De SP tegen het neoliberalisme

Het nieuwe boek van globaliseringsactiviste Naomi Klein (De Shock Doctrine) biedt een grondig historisch overzicht van de gruwelijke en succesvolle geschiedenis van het neoliberaal model. Klein beschrijft hoe het neoliberalisme krachtiger werd en de wereld veroverde door een politiek van keiharde aanvallen op vakbonden en linkse activisten en het breken van de macht van de arbeidersbeweging. In Latijns-Amerika gebeurde dat vanaf de jaren zestig door militaire regimes die met steun van de CIA de macht grepen en door middel van terreur iedere oppositie tegen neoliberale hervormingen de kop indrukten. De militairen rekenden op ingenieuze en uiterst gruwelijke wijze af met het georganiseerde verzet tegen de privatiseringen; de afbraak van sociale zekerheid en de rechten van werknemers; en het opleggen van het primaat van de markt in alle publieke sectoren – de kern van een neoliberale economische politiek.
Klein laat ook zien dat marteling een centrale rol speelde in die vroege geschiedenis van het neoliberalisme. En niet alleen de economen die in landen als Argentinië, Brazilië en Chili een keihard economisch model oplegden waren in de VS getraind. Ook de folteraars die het verzet tegen het neoliberalisme moesten breken werden getraind door de CIA.
Het neoliberalisme dat in Latijns Amerika de harten en geesten van de mensen probeerde kapot te maken kreeg in de ‘westerse’ wereld vaste voet aan de grond met het aan de macht komen van Margareth Thatcher in Groot-Britannië, Reagan in de VS en Lubbers in Nederland. De neoliberale politiek was het antwoord op de economische crisis van midden jaren zeventig die het begin van een periode van neergang en stagnatie markeerde, een zogenaamde ‘neergaande lange golf in de economie’. Het neoliberale antwoord was: loonmatiging; stevige bezuinigingen op de sociale zekerheid; vergaande marktwerking in de publieke sector. De macht van de vakbeweging moest worden gebroken. Grote privatiseringen en de afbraak van de verzorgingsstaat waren het gevolg. De positie van werknemers stond onder druk.
De neoliberale agenda domineert politiek en economie tot op de dag van vandaag. De marktwerking in de zorg; de aanval op het ontslagrecht – het komt allemaal uit de koker van het neoliberalisme. Die politiek is door de PvdA eigenlijk vanaf het allereerste moment geaccepteerd. Anders dan enkele sociaal-democratische partijen in andere Europese landen ging de top van de PvdA mee met de neoliberale bezuinigingsdrang. Het toppunt werd bereikt in de tijd dat Wim Kok, de voormalige vakbondsman die overtuigd neoliberaal werd, de partij leidde. Tijdens de periode als minister van Financiën tussen 1989 en 1994 en daarna als premier van twee Paarse kabinetten behoorden Kok en zijn PvdA tot de architecten van de neoliberale revolutie in Nederland. En overigens niet alleen in Nederland. Naomi Klein beschrijft bijvoorbeeld hoe Kok als minister van Financiën in 1992 haarfijn aan Nelson Mandela uitlegde dat iets anders dan een neoliberale ontwikkeling voor Zuid-Afrika ondenkbaar was: ‘We leven in de tijd van globalisering. U kunt niet zomaar uw gang gaan’, was de strekking van zijn woorden.

De neoliberale bekering van de PvdA – een diep verraad jegens de eigen achterban – opende de weg voor de opkomst van de SP. De SP is groot geworden als de stem van het verzet tegen het neoliberalisme. Na jarenlang geduldig werken in die steden en plaatsen waar zowel de PvdA als de CPN (de communistische partij die later opging in GroenLinks) weinig invloed hadden, brak de SP in 1994 electoraal door. Dat gebeurde nadat de PvdA haar ‘ideologische veren’ definitief had afgeschut en het neoliberalisme omhelste en de CPN haar grip op het meest radicale en bewuste deel van de arbeidersbeweging al een tijd kwijt was. De SP werd in toenemende mate het gezicht van anti-neoliberaal sentiment. Meer dan GroenLinks waren Jan Marijnissen en de SP in staat aansluiting te vinden bij ‘gewone mensen’ – de SP wist een brug te slaan tussen de wil de wereld te veranderen en de dagelijkse belangen van mensen.
Dat was ook meer dan nodig. Want het waren en zijn ‘gewone mensen’ die het slachtoffer werden en worden van neoliberaal beleid. Het zijn de vrouwen die in de thuiszorg werken én hun cliënten die de klappen van de marktwerking in deze sector moeten opvangen. Het zijn de werknemers in de bedrijven die straks misschien hun ontslagbescherming kwijtraken. En het zijn de mensen in de oude wijken die door de sloop van de sociale woningbouw straks moeten wijken voor de rijken. De SP heeft als geen ander de weerstand tegen en afkeer van dit onbeschofte en onbeschaafde neoliberale beleid aangevoerd en een gezicht gegeven. Tijdens de campagne rond het referendum over de Europese grondwet koos de SP als enige linkse partij tegen het neoliberale grondwettelijke verdrag. Anders dan andere partijen en een groot deel van het zogenoemde sociale middenveld voelde de SP heel goed aan dat de weerstand tegen het neoliberalisme groeide. Dat vond zijn uitdrukking in het massale ‘nee’ tegen de grondwet en in de enorme opkomst bij de demonstratie tegen de pensioenplannen in 2004 met 400.000 mensen in Amsterdam.
De SP heeft in november vorig jaar kunnen doorbreken omdat ze de politieke uitdrukking was van de weerzin tegen het neoliberalisme. Dáárom is de PvdA als de dood dat de SP de slag om links wint: het gaat om meer dan alleen de vraag wie de grootste partij wordt in zetelaantal. Het gaat om de tegenstelling tussen het sociaal-neoliberalisme van de PvdA en het socialisme als politiek en economisch alternatief, zoals dat door de SP wordt belichaamd.

Reactie toevoegen

Plain text

  • Toegelaten HTML-tags: <a href hreflang> <em> <strong> <cite> <blockquote cite> <code> <ul type> <ol start type> <li> <dl> <dt> <dd>
  • Web- en e-mailadressen worden automatisch naar links omgezet.
  • Regels en alinea's worden automatisch gesplitst.
Uw reactie zal niet meteen verschijnen, deze wordt eerst goedgekeurd door de beheerder.
pagetoptoptop