1 June 2020

Ander Europa

Abonneren op feed Ander Europa Ander Europa
www.andereuropa.org
Bijgewerkt: 48 min 36 sec geleden

Manolis Glezos, 79 jaar geleden …

30/05/2020 - 23:16

30 mei 2020 - "Vandaag is het precies 79 jaar geleden dat Manolis Glezos en zijn gezel Lakis Santas de nazivlag van de Akropolis naar beneden haalden. Een paar weken voordien waren de Nazi’s Athene binnen gevallen", schrijft Bruno Tersago op zijn blog Reilen en zeilen in Griekenland. De 'held van de Akropolis' overleed op 30 maart, 98 jaar oud. Tersago verwijst ook naar Periklis Korovessis  die onlangs overleed op 78-jarige leeftijd. Korovessis schreef een boek over zijn ervaringen in de gevangenis van de junta, o.a. de folteringen waaraan hij werd onderworpen. Nu we met onze neus steevast op het corona-heden zitten, is het goed om ons historisch geheugen wat op te frissen!    

MO*: Waar is (kritisch) Europa?

29/05/2020 - 10:24

door Herman Michiel 29 mai 2020   Onder de titel “Waar is Europa? Hier is Europa!” publiceert Pieter Stockmans in MO* van 25 mei een beschouwing over het “moment van de waarheid” waarop de Europese Unie zich bevindt. Het vormt een onderdeel van het dossier #Beternacorona, en de teneur van het artikel is inderdaad dat Europa moet vooruitgaan of “de Unie kan tot stilstand komen”. MO* pakt vaak met degelijke kritische reportages en beschouwingen over de EU uit [efn_note]Zo over de invloed van Blackrock op de Europese Commissie, over TTIP, het EU-beleid in Libië enz. [/efn_note], maar dat kan van hogervermeld artikel niet gezegd worden. Men vindt er nogal wat  argumenten uit het traditionele Europese propaganda- arsenaal (de “gevleugelde woorden van Robert Schuman”, “meer Europa of meer nationalisme”, “redding door het Europees Stabiliteitsmechanisme”,…) en een al te rooskleurige voorstelling van actuele ontwikkelingen. De euro- of coronabonds zouden een “echte doorbraak” kunnen zijn in de Europese integratie, Kathleen Van Brempt (sp.a) citerend “hoor je niemand meer zeggen dat de coronafactuur door de bevolking zal moeten betaald worden” … Men zou natuurlijk wensen dat dit klopte, maar wie gelooft dat? Eerder dan in te gaan op wat in het artikel staat zal ik een paar punten belichten die er niet in staan, en die volgens mij in een kritisch medium een plaats zouden moeten krijgen.   Dubieuze ‘expert’ Laat mij beginnen met de bron die het vaakst aan het woord komt in het artikel en voorgesteld wordt als onderzoeker die de Europese politiek al 20 jaar op de voet volgt: Prof. Sven Biscop van het Egmontinstituut. Er wordt niet bij vermeld dat Biscop een hevig pleitbezorger is van de NATO. Onlangs legde hij nog uit in een talk voor UPV, een door de Vlaamse Gemeenschap gesubsidieerde vorminginstelling, dat het herstelbeleid zal moeten gericht zijn “op de mens”, dat de stichters van Europa ook de stichters waren van de welvaartstaat, en dat de coronacrisis geen reden mag zijn om de investeringen in defensie terug te schroeven. Biscop is ‘honorary Fellow of the EU’s European Security and Defence College’, wat niet veel garandeert voor een kritische voorlichting van de burgers.   Steun voor werklozen? “Vanuit de Europese Commissie kwam er ook steun voor werklozen”, aldus het MO* artikel. “Ze kwam in april op de proppen met SURE, een nieuw instrument voor tijdelijke steun. Het gaat om financiële steun tot 100 miljard euro. Die komt in de vorm van leningen van de EU aan getroffen lidstaten die plots meer overheidsuitgaven moeten doen om de werkgelegenheid te behouden.” NATO-expert Biscop jubelt: “‘Dit is wat we moeten zien. Dit keer moeten we een mensgericht herstelbeleid voeren.” Maar wie een beetje achter de schermen van het SURE-plan gaat kijken is niet meer zo zeker of het dit is dat we moeten doen. Vooreerst moeten de lidstaten erin toestemmen om 25 miljard euro garanties bijeen te brengen opdat de Commissie een lening van 100 miljard zou kunnen afsluiten. Het is niet duidelijk hoever het hiermee staat. Vervolgens moeten de lidstaten die van SURE willen gebruik maken leningen afsluiten … die ze zelf hebben gegarandeerd, en natuurlijk ook moeten terugbetalen. De enige steun bestaat dus in feite uit een lagere rente op de lening, omdat de Commissie goedkoper kan lenen dan lidstaten in moeilijkheden. Maar ook dit is een gevolg van de Europese keuze om lidstaten, in het bijzonder die van de eurozone,  te laten ‘evalueren’ door en dus over te leveren aan de financiële markten. Dit is niet alles. Het is zeer de vraag of hiermee de werklozen gesteund worden, dan wel de bedrijven. Veel bedrijven hebben van de tijdelijke werkloosheid – betaald ten koste van de begroting van de lidstaten – geprofiteerd om op loonkosten te besparen, maar dat belet hen niet om nu massaal af te danken. Maar wat in de berichtgeving over SURE volledig ontbreekt is de vermelding dat dit fonds pas in voege kan treden … op 1 juni. De meeste bedrijven zijn al aan het heropstarten; not so sure wat SURE zal betekend hebben … In feite is de hele voorstelling van de Europese ‘hulp aan de lidstaten’ meer fake news dan wat anders. Zie daarover mijn analyse Het fake news van de Europese Commissie over coronahulp aan de lidstaten.   Tijdelijke opheffing van absurde regels wordt deugd In het hoofdstukje “Staatssteun voor bedrijven” wordt de beslissing van de Commissie om toelating te geven aan de lidstaten om staatssubsidies te geven aan bedrijven als een grote toegeving voorgesteld op “het verbod om de competitie op de vrije markt te vervalsen door staatssteun”. In een eerdere promotiegrafiek stelde de Commissie dit voor als steun aan de lidstaten. Men moet logischerwijze concluderen dat het verbod op staatssteun een boycot is van de lidstaten… Bovendien biedt deze uitzonderingsregel aan Duitsland, de competitiekampioen in Europa, de kans om haar bedrijven nog een extra competitief voordeel te bieden, waardoor de zwakkere economieën mogen vrezen nog meer in de verdrukking te komen… Ook de (tijdelijke) afzwakking van het Stabiliteitspact wordt door de Commissie als een bijdrage aan de lidstaten beschouwd. Veelzeggende erkenning van de rol die de Europese ‘regels’ werkelijk spelen…   Eurobonds: zelfs Macron en Merkel gaan verder Een echt voorbijgestreefde paragraaf in het artikel is die over de ‘eurobonds’, die volgens de auteur “een echte doorbraak zouden kunnen betekenen in de Europese integratie”. Het feit is dat eurobonds leningen zijn die lidstaten moeten aangaan, waardoor hun staatsschuld verhoogt en ze nog meer in de problemen komen. Zelfs Macron en Merkel zijn zich daarvan bewust, wat hen ertoe bracht om ook (niet terug te betalen) subsidies te voorzien, een optie die ook in het voorstel van de Europese Commissie van 27 mei werd opgenomen. Kritische commentaar zou erin bestaan om te wijzen op het pervers gebruik dat de neoliberale leiders daarvan willen maken, door de uitkering van subsidies aan lidstaten afhankelijk te maken van neoliberale hervormingen in hun economie. Dit lijkt voor Pieter Stockmans echter geen probleem te zijn… Al bij al dragen dergelijke artikels meer bij tot de onkritische consumptie van propagandaslogans, dan tot de vorming van kritische burgers.      

Wat gebeurt zoal met Europees onderzoeksgeld?

26/05/2020 - 12:12

27 mei 2020 -  De bekende onderzoeks- en campagnegroep Corporate Europe Observatory (CEO) en Global Health Advocates, een internationale ngo die ijvert voor ontwikkeling en tegen armoede, brengen twee grondige studies uit over de manier waarop Europees publiek onderzoeksgeld veel meer de private winsten van ondernemingen dan het publiek welzijn bevordert. Via 'publiek-private partnerships'  kunnen bedrijfslobbys aan zeer aanzienlijke subsidies van het directoraat-generaal Research & Innovation van de Europese Commissie geraken, maar daar staan zeer weinig onderzoeksprestaties tegenover.  In More private than public: the ways Big Pharma dominates the Innovative Medicines Initiative  wordt aangetoond dat van de 2,6 miljard € onderzoeksgeld voor de farmaceutische industrie in de periode 2008-2020 het grootste deel niet ging naar dringende noden (voorbereidheid op epidemies, HIV/AIDS, tropische ziekten...) maar naar commercieel meer winstgevende projecten.   De tweede studie, Research & destroy: the factories of the industrial bioeconomy threaten the climate and biodiversity  gaat over de agro-business, bosbouw, de chemische en biotechnologische industrie en de fossiele brandstofsector. Een EU-onderzoeksbudget van ongeveer één miljard € kon door de industrie naar eigen inzichten aangewend worden. Maar, zo lezen we in het rapport, het resultaat is dat de voorgestelde technologieën "onbeperkte hoeveelheden biomassa uit bossen en de bodem willen halen, en op die manier een risico betekenen voor de opslag van koolstof, voor de biodiversiteit en de voedselvoorziening". Wie deze lijvige doorwrochte brochures doorbladert ziet dat het niet ontbreekt aan deskundigheid bij kritische onderzoeksgroepen om officieel beleid door te lichten. Sociale en milieubewegingen kunnen vinden hier stevige grond om verder op te bouwen! (hm)        

Strategisch neoliberalisme vs. kruideniersneoliberalisme

25/05/2020 - 16:52

25 mei 2020 -  Naar verwachting maakt de Europese Commissie op 27 mei haar voorstellen bekend voor een post-corona economisch herstelbeleid in de Unie. De Commissie had daarvoor opdracht gekregen van de lidstaten, maar twee ervan, Duitsland en Frankrijk, konden niet zo lang wachten en maakten op 18 mei hun eigen voorstel bekend. Het Merkel-Macronplan komt erop neer dat de Europese Commissie leningen aangaat op de financiële markten ten bedrage van 500 miljard €, gedekt door een verhoogde Europese meerjarenbegroting. Dit geld zou 'gratis', als subsidie en niet als lening, toegekend worden aan lidstaten volgens nog niet gedefinieerde criteria, maar toekenning zou strikt afhankelijk zijn van het doorvoeren van economische 'hervormingen'. Maar zaterdag voegde zich, niet echt onverwacht, een derde stem in het kapittel: de regeringen van Nederland, Oostenrijk, Denemarken en Zweden verzetten zich in een 'non-paper' tegen  'gedeelde schuld' [debt mutualisation] en vinden dat er alleen geld kan uitgeleend worden, niet als subsidie uitgekeerd. Deze 'vrekkige vier' [efn_note]De 'vrekkige vier' [frugal four] is wel een begrip in beweging.  Als tot nog toe Duitsland steevast daartoe gerekend werd en meestal ook Finland, zijn het nu Zweden en Denemarken die zich achter Nederland en Oostenrijk scharen. [/efn_note] komen daarmee in conflict met het 'moederland van vrekkig Europa' waarvan het boegbeeld ten tijde van de confrontatie met Griekenland, Wolfgang Schäuble, zondag verklaarde achter het Merkel-Macronplan te staan... Met welk compromis de Commissie straks voor de pinnen komt valt af te wachten. Wie echter denkt dat het harde-besparingsfront in Europa stilaan aan het wankelen is als zelfs Schäuble al over subsidies spreekt ziet het grotere plaatje niet: als het economisch beleid in alle Europese lidstaten tot op het bot neoliberaal gestroomlijnd kan worden, dan hebben strategische neoliberalen daar graag wat miljarden voor over. Misschien proberen de strategen de kruideniers met een paar miljard te overhalen? (hm)

Het plan van DiEM25 ter bestrijding van de Covid-19 crisis in Europa

23/05/2020 - 15:46

door Eva Betavatzi, Olivier Bonfond en Éric Toussaint (*) 23 mei 2020   De Europese Unie (EU) en haar instellingen versterken, waaronder de Europese Centrale Bank (ECB), de openbare schuld zoveel mogelijk verhogen om de privésector te redden, geen vragen stellen bij de legitimiteit van de openbare schuld, 2000 euro storten op de bankrekening van elke Europese burger, of die nu rijk is of straatarm, betreuren dat de EU haar concurrentiekracht tegenover China en de Verenigde Staten ziet verminderen op het vlak van de technologieën van de toekomst, dat zijn vaststellingen en voorstellen die moeten komen van een neoliberale partij, zult u zeggen. Nee, het gaat over DiEM25. Nochtans is DiEM25 een linkse Europese beweging die heel wat strijd ondersteunt, zoals die voor de vrijlating van Julian Assange, en ze doet ook regelmatig voorstellen die het bediscussiëren waard zijn. Nochtans zou de post-Covid-19 samenleving grotendeels dezelfde zijn als die van voor de huidige crisis als het recente plan van DiEM25 in de praktijk werd gebracht. Dit plan bestaat uit vier vaststellingen en drie voorstellen « om iedereen die in Europa verblijft te beschermen, om een economische depressie te voorkomen en de ineenstorting van de Unie te vermijden »   De ineenstorting van de Unie vermijden? Het voorstel van DiEM25 heeft de bedoeling om « de ineenstorting van de Unie te vermijden » (sic). Een dergelijke doelstelling is zeer problematisch. Is het niet diezelfde Unie die sinds tientallen jaren aan de lidstaten een beleid oplegt met verlaging van de lonen en de pensioenen, de ontmanteling van het recht op werk en de sociale rechten, privatisering van de openbare diensten, enzovoort? Is het niet diezelfde Unie die tussen 2011 en 2018 tot 63 keer toe aanbevelingen deed aan lidstaten van de EU om bepaalde delen van de gezondheidssector te privatiseren of om de overheidsuitgaven voor de gezondheidszorg te verlagen? Is het niet diezelfde Unie die het Griekse volk verhinderd heeft om in 2015 uit de dodelijke bezuinigingslogica te stappen? Het is deze Unie die er alles aan gedaan heeft opdat andere volkeren zich niet van het neoliberalisme zouden bevrijden. Het is dezelfde Unie die geen enkele gemeenschappelijke uitgave doet om de gezondheidscrisis aan te pakken [efn_note] De geplande 750 miljard € van de ECB hebben inderdaad geen betrekking op de gezondheid, het betreft alleen de privébanken en grote ondernemingen van wie de ECB publieke en private schuldpapieren terugkoopt. Zie Eric Toussaint, « Covid-19: Likely financial conflagrations to come », en « Covid-19: stage assessment on the multidimensional crisis and alternative approaches » [/efn_note], terwijl ze fortuinen besteedt om te verhinderen dat mensen haar grondgebied zouden betreden om hun recht op asiel of verblijf aan te vragen.   Zal en moet de overheidsschuld toenemen? Voor DiEM25 is de eerste vaststelling: «De openbare schuld zal en moet toenemen ». Voor ons is het essentieel om zich eerst af te vragen waarvoor die nieuwe schuld zal dienen. De grote bedrijven en de banken redden, of massaal investeren in het sociale en de ecologische transitie? Alvorens men stelt dat de schuld moet toenemen om zich aldus de nodige middelen te verschaffen om de crisis te bestrijden, moet men volgens CADTM eerst voorstellen om de betaling van de openbare schuld op te schorten om zo onmiddellijk financiële middelen vrij te maken en om de tijd te hebben voor een burgeraudit teneinde illegitieme, verwerpelijke, onwettelijke en/of onhoudbare schulden te identificeren. Geen woord daarover bij DiEM25. Het is bovendien uiterst belangrijk om aan te tonen dat het mogelijk is om nieuwe bronnen aan te boren zonder de schuld te verhogen: de strijd tegen de fiscale fraude, een buitengewone belasting op de grote fortuinen en op de inkomens van de rijksten; specifieke belastingen op de grote bedrijven die zich hebben verrijkt gedurende de pandemie (grootwarenhuisketens, internetgiganten, Big Pharma, …),  permanente belastingen op de rijksten met herverdeling van de rijkdom ten voordele van de meerderheid van de bevolking en in het algemeen belang, een aanzienlijke belasting op kerosine … Al deze belastingen kunnen beslist worden door een nationale regering, want belastingen en taksen zijn de bevoegdheid van de Staten en niet van de EU. Waarom stelt DiEM25 zich geen vragen bij de huidige openbare schuld, terwijl we weten dat een groot deel daarvan op illegitieme, illegale en soms verwerpelijke wijze werd aangegaan, met andere woorden tegen de belangen en zonder rekening te houden met de noden van de bevolking?   De uitgifte van euro-obligaties via de ECB DiEM25 stelt voor dat de ECB voor 1000 miljard euro-obligaties uitgeeft. Wat zijn die euro-obligaties (‘eurobonds’) zoals DiEM25 en anderen die voorstellen? In tegenstelling tot de verklaringen van politieke leiders in Duitsland, Oostenrijk of Nederland gaat het er helemaal niet over om aan de ‘rijke’ landen te vragen om de schuld van de ‘arme’ te betalen. Het gaat over schuldpapieren die niet zouden uitgegeven worden door een Staats, maar in naam van de EU in haar geheel, om aan elke lidstaat toe te laten om te lenen aan een zeer laag tarief. Het is juist dat het schandalig is dat sommige Europese landen (Italië, Portugal, Ierland, Griekenland) moeten lenen aan heel wat hogere rente dan het geval is voor landen van het ‘centrum’ (Duitsland, België, Oostenrijk, Frankrijk, Nederland, Finland), en dat terwijl eerstgenoemde landen evengoed, of zelfs nog meer de gevolgen ondergaan van de sanitaire en economische crisis. CADTM is van oordeel dat de uitgifte van collectieve Europese obligaties in de huidige politieke context van de EU met een verpletterende meerderheid van door en door neoliberale regeringen, onaanvaardbare risico’s inhoudt. Dat zou immers de afhankelijkheid en de onderwerping van lidstaten vergroten ten opzichte van de Europese instellingen die in de voorbije jaren voldoende hebben aangetoond een antisociale en neoliberale politiek op te leggen die niet in het voordeel is van de volkeren, maar van het Europees grootkapitaal. Of die eurobonds nu uitgegeven worden door de ECB of een andere structuur van de EU maakt niet veel uit. DiEM25 wil dus « de schuldenlast verdelen » (vaststelling n°2). Is dat werkelijk de bedoeling van DiEM25: ervoor zorgen dat de schuldenlast op een iets eerlijkere manier gedragen wordt door de bevolking? Volgens CADTM is het een ernstige fout om alleen maar te willen de modaliteiten voor ontlening en terugbetaling te veranderen. Ook als deze nieuwe schulden op een iets meer solidaire wijze werden terugbetaald, wie zal er dan uiteindelijk de lasten dragen die door nieuwe soberheidsmaatregelen worden opgelegd? De grote kapitalisten, of opnieuw de volkeren, zoals het geval was in 2008? Het is duidelijk dat de EU zal willen dat het de volkeren zijn die de schuld terugbetalen, om aldus de belangen van de grote kapitalisten te beschermen. Voor CADTM is het van essentieel belang om oplossingen voor te stellen die radicaal breken met de schuldlogica en het soberheidsbeleid . DiEM25 stelt voor om 2000 € te geven aan alle Europese inwoners Zulk initiatief, ook ‘helikoptergeld’ genoemd, stelt eveneens heel wat problemen. Vooreerst zou voor DiEM25 deze bedéling aan elke inwoner toegekend worden, rijk of arm. Heus? En al is het waar dat het nodig is om mensen te helpen waarvan het inkomen verlaagde of zelfs verdween, of die gewoonweg geen inkomen hebben, het is toch zo dat dit voorstel een liberale en individualistische logica volgt, waar ieder individu ondersteld wordt gelijk te zijn aan elk ander, terwijl de crisis de enorme verschillen die deze maatschappij kenmerken duidelijk gemaakt heeft. Volgens CADTM moeten de lonen, de pensioenen, de diverse tegemoetkomingen en sociale uitkeringen verhogen. Het komt erop aan het reële inkomen van de volkse klassen uit te breiden en het openbaar en collectief systeem van sociale zekerheid via bijdragen te spijzen. Ook de openbare uitgaven moeten sterk verhoogd worden, ten gunste van de essentiële openbare diensten, te beginnen bij het systeem voor openbare gezondheid, en dat van het onderwijs. De sanitaire crisis heeft een essentiële zaak duidelijk gemaakt: het zijn de collectieve instrumenten, namelijk de sociale zekerheid en de openbare diensten, die het meest efficiënt zijn om crisissen te boven te komen en tegen de ongelijkheid te strijden. Als er ‘gratis geld’ zou moeten vrijgemaakt worden door de ECB denken wij dat dit op de eerste plaats zou moeten gaan naar een versterking van deze collectieve instrumenten. Ook mensen zonder papieren moeten geregulariseerd worden, en ze moeten toegang krijgen tot sociale uitkeringen of een behoorlijke job met een degelijk arbeidscontract. DiEM25 zou ook beroep doen op de banken om aan de Europese inwoners die 2000 € van de ECB uit te keren. Dat betekent dat de ECB dit geld eerst zou geven aan de banken, die het vervolgens ter beschikking stellen van het publiek. Maar in alle lidstaten van de EU zijn het de grote privébanken die domineren. Dit voorstel zal bijgevolg de privébanken nog wat versterken, terwijl die moeten gesocialiseerd worden [efn_note] Eric Toussaint, “To confront capitalism’s multifaceted crisis the bankers must be expropriated and the banks socialised”, [/efn_note], maar ook hierover rept DiEM25 met geen woord. DiEM25 doet geen enkel positief voorstel om een eind te maken aan de dominantie van de private banken op de financiering van gezinnen en staten. Eerder dan iedereen wat geld toe te stoppen zonder de economische logica echt in vraag te stellen die de crisis uitgelokt en versterkt heeft, moet deze crisis voor alle linkse krachten het ogenblik zijn om eraan te herinneren dat de sociale, economische en culturele rechten absoluut zijn, en dat we bijgevolg een aantal sterke eisen moeten stellen zoals: huisvesting voor iedereen, gezondheidszorg in het bereik van allen, bevrijding van mensen zonder papieren die in gesloten centra opgesloten zijn, een garantie op sociale uitkeringen die iedereen moeten toelaten om op een waardige manier te leven, gegarandeerd gratis openbare diensten zoals gezondheidszorg en onderwijs, en alle openbare diensten die prestaties verlenen aan hulpbehoevende mensen en op het lokaal vlak.   DiEM25 stelt een Europees investeringsprogramma voor om een groene relance te bekostigen Het voorstel van DiEM25 is zeer beknopt. Er zijn positieve punten (betere financiering van de openbare diensten en van het openbaar bezit), maar ook negatieve waar men in het voorwoord van het voorstel leest dat DiEM25 betreurt dat de EU « haar concurrentiekracht heeft zien verminderen tegenover China en de Verenigde Staten op het gebied van de technologieën van de toekomst ». Wat groene investeringen betreft schreven we reeds in een artikel over de voorstellen van DiEM25 voor de Europese verkiezingen dat we helemaal geen deal willen, noch met de bankiers, noch met de verantwoordelijken voor de vernietiging van de planeet.   Besluit CADTM schat de huidige situatie als extreem ernstig in, en linkse bewegingen kunnen het zich niet permitteren om voorstellen te doen die de economische logica die tot deze situatie leidde niet fundamenteel in vraag  stellen. Als we de krachtsverhoudingen niet veranderen zullen volgens CADTM de duizenden miljarden euro nieuwe schulden niet alleen niets bijdragen tot het belang van 99% van de bevolking, maar ze zullen hen nog wat meer ‘verpletteren’. Om de krachtsverhoudingen in het voordeel van de volkeren te wijzigen zouden we met z’n allen de eis voor de onmiddellijke opschorting van de terugbetaling van de openbare schuld moeten ondersteunen, en de opheffing eisen van alle illegale, illegitieme en schandelijke schulden, om op die manier een nieuwe financiële manoeuvreerruimte te creëren die de absolute prioriteit geeft aan de gezondheid en de mensenrechten.   (*) Eva Betavatzi, en Olivier Bonfond zijn medewerkers van CADTM, het Comité voor de Annulatie van de schuld van de Derde Wereld. Éric Toussaint is er de oprichter en bezieler van.

Het endogene karakter van deze gezondheidscrisis

22/05/2020 - 12:44

Door Pascal Petit (*) 22 mei 2020  

Waarom kon de financiële crisis van 2008 de in de jaren 2005-2007 erkende noodzaak van gezondheidsbescherming uitwissen? Wie de huidige gezondheidscrisis ziet als een exogeen proces is blind voor de context waarin dit zich afspeelt en hoe eruit te komen [efn_note]’Endogeen’ betekent ‘van binnenuit ontstaan’; ‘exogeen’ is het tegenovergestelde: ‘ontstaan door oorzaken buiten het beschouwde systeem’. Als de coronacrisis endogeen is, betekent dit dat de oorzaak ervan binnen ons sociaal-economisch systeem moet gezocht worden. [Noot van de vertaler][/efn_note].

  Uitgaande van het idee dat de crisis van het coronavirus een exogene schok is, lopen we het risico dat we ons slecht voorbereiden op het verlaten van deze crisis. Dit is des te meer verontrustend omdat deze ‘stille’ schok tot omvangrijker staatsinterventies leidt dan die bij de wereldwijde financiële crisis van 2008, of zelfs van de crisis van 1929. Deze interventies zullen blijvende gevolgen hebben. De hoofdoorzaak lag zowel bij de crisis van 1929 als die van 2008 duidelijk bij beurscrises. Deze crises maakten duidelijk dat de financiële sector onbeheersbare risico’s was aangegaan. De geschiedenis heeft aangetoond dat dergelijke crises vaak lang kunnen duren en niet volledig worden opgelost. Een deel van de ontwikkelde wereld kwam pas na de Tweede Wereldoorlog uit de crisis van 1929, door het opzetten van projecten die de welvaartsstaat ontwikkelden. De uitweg uit de crisis van 2008 ziet er onvolledig uit; er is weliswaar meer controle op de banken, maar zonder een einde te maken aan de overheersing door de financiële sector, die door velen met de vinger gewezen wordt als de bron van ongelijkheden en bezuinigingsbeleid. Daarom is het belangrijk te begrijpen hoe dit beperkte herstel tot deze gezondheidscrisis heeft kunnen leiden. Het endogene karakter ervan hangt zeker gedeeltelijk samen met de schade die onze wijze van economische ontwikkeling aan het milieu toebrengt. In dit geval gaat het om de toenemende ontbossing en verstedelijking. Hierdoor vermenigvuldigen zich de contacten tussen virusstammen en de menselijke omgeving. Dit zijn bronnen van de besmetting die zich met de toegenomen mobiliteit van mensen en goederen in de huidige fase van de globalisering met een snelheid verspreiden die elke poging tot isolatie illusoir maakt. Maar de belangrijkste oorzaak van de gezondheidscrisis van 2020 is te vinden in de zeer gebrekkige manier waarop we uit de wereldwijde financiële crisis van 2008 zijn gekomen.   De kwetsbaarheid als gevolg van de crisis van 2008 Wat kunnen we leren van de snelle verspreiding van het coronavirus in de eerste maanden van 2020? Aan de ene kant zijn er heel wat gezondheidsstelsels die, geconfronteerd met deze pandemie, geen andere middelen ter beschikking hebben dan een min of meer stringente lockdown, om te voorkomen dat een toestroom van ernstige gevallen niet behandeld zou kunnen worden. Aan de andere kant ontbreekt het vaak aan apparatuur en medicijnen om deze pandemie in te dammen, omdat de voorraden ontoereikend zijn en het aanbod afhankelijk is van enkele landen, zoals China en India, die plots voor een sterke wereldwijde vraag staan. Het is de hoogste tijd om de oorzaken van deze knelpunten te onderzoeken. De gezondheidsstelsels hebben te lijden gehad onder het bezuinigingsbeleid dat na de crisis van 2008 is versterkt door de toegenomen overheidsschuld. Een heel arsenaal aan maatregelen, variërend van vergoedingen voor de dienstverlening tot publiek-private partnerschappen, heeft de druk opgevoerd (bijvoorbeeld het verlagen van het ziekenhuisbudget in Frankrijk met zo'n 12 miljard euro in 10 jaar - zie het infobulletin nr. 40 2019-2020 van de Senaat). De verhalen van het personeel in de gezondheidszorg zijn veelzeggend en werpen een dramatisch licht op de stakingen in Frankrijk in de gezondheidszorg en andere sectoren vóór de crisis. Dezelfde constatering geldt voor de verplaatsing van apparatuur en de productie van geneesmiddelen. In een wereldeconomie met een zwakkere groei na 2008 verplaatsten veel bedrijven, om hun winstgevendheid en de waarde van hun aandelen op peil te houden, hun productie naar landen met lagere lonen en hogere schaalvoordelen. Opnieuw ontbreekt het niet aan bewijzen dat sommige flexibele bedrijven gebruik hebben gemaakt van de wereldwijde waardeketens om hun winsten te behouden, niettegenstaande de context van een wereldwijde economische vertraging na de crisis van 2008 en de toegenomen druk op de uitgaven voor gezondheidszorg. In de meeste landen is min of meer hetzelfde scenario te vinden, met een combinatie van een grotere rationalisatie van de budgettaire keuzes en een herstructurering van de wereldwijde waardeketens. De mensen zien deze bezuinigingsmaatregelen, maar zonder de impact op hun gezondheidszorg volledig te begrijpen. Italië en Spanje zijn twee landen waar de crisis van 2008 de overheidsschuld sterk heeft doen toenemen en leidde tot een bezuinigingsbeleid. Toch is het waar dat de beoordeling van de gezondheidszorg in Italië en Spanje nu verrassend hoog is (volgens de Euro Health Consumer Index EHCI , en Spanjes positie op de ranglijst in Europa wordt ook bevestigd door de Bloomberg-index). In dezelfde periode is de Dow Jones-index verdubbeld (van oktober 2007 tot december 2019), wat onderstreept dat een internationale financiële sector in staat is om de uitdagingen van de wereldeconomie aan te gaan. Het verhaal zou hier dus kunnen eindigen en het endogene karakter van de gezondheidscrisis zou al goed zijn aangetoond door de excessen van een neoliberale ideologie. De ideologie die door haar kortetermijndenken de kwetsbaarheid van onze economieën heeft doen toenemen. Maar het verhaal verslechtert als we rekening houden met het geheugenverlies tijdens deze gezondheidscrisis.   Crimineel geheugenverlies - de deur openzetten voor shocktherapie Hoe kunnen we een dergelijke kwetsbaarheid van onze gezondheidsstelsels verklaren als deze pandemie niet de eerste is? De Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) was het internationale instituut dat zeker aan de alarmbel had  moeten trekken, zowel over de risico's van een pandemie als over de capaciteit van de gezondheidszorg. De vragen die dit oproept, worden terecht gesteld. Maar een terugblik op de ervaring met de pandemieën van rond de eeuwwisseling doet ook andere vragen rijzen. Aan het eind van de twintigste eeuw geloofde men dat het tijdperk van de grote pandemieën voorbij was. Maar met het HIV/aids-probleem in de jaren tachtig, vervolgens het ebolavirus in Afrika in de jaren negentig en ten slotte het SARS-virus in Azië in 2003  begonnen de legerhoofdkwartieren, de internationale instellingen en de bevolking zich zorgen te maken. Dit leidde in het midden van het eerste decennium van de eenentwintigste eeuw tot de oprichting van een reeks instellingen, internationale overeenkomsten en protocollen. [caption id="attachment_18864" align="alignright" width="300"]         Foto Socialisme Be (CC BY-NC-SA 2.0)[/caption] De NAVO-landen hebben in 1998 het Euro Atlantic Disaster Relief Coordination Centre (EADRCC) opgericht. In 2005 heeft de WHO de Internationale Gezondheidsregeling aangenomen, die door de meeste landen is ondertekend. In 2005 heeft de Europese Unie een agentschap opgericht, het ECDC (European Centre for Disease Prevention and Control). Tijdens dit overleg heeft Frankrijk in 2007 een wet aangenomen over "de voorbereiding van het gezondheidsstelsel op grootschalige gezondheidsbedreigingen" met een openbare instelling voor de uitvoering ervan. Het voorzorgsbeginsel werd zelfs besproken met het oog op opname in de grondwet. De financiële crisis van 2008 lijkt deze bewustwording van de risico’s te hebben weggevaagd en daarmee tien jaar later de kwetsbaarheid van onze economieën aanzienlijk te hebben vergroot. Hoe kan deze merkwaardige "flexibiliteit" worden verklaard? Drie factoren lijken bij te dragen aan het gebrek aan actie ten aanzien van deze existentiële risico's. De eerste verwijst naar de stelling van Naomi Klein (The Shock Doctrine, 2007) dat crises gebruikt kunnen worden voor echte verandering. De volgelingen van Milton Friedman, die in 1982 schreef "Alleen een crisis, daadwerkelijk of vermeend, leidt tot echte verandering", volgden dit adagium met het opleggen van een radicaal neoliberalisme na 2008. De tweede factor is van een andere aard. Een factor die de zwakte van de democratische basis van internationale overeenkomsten zoals hierboven genoemd ter discussie stelt. Deze kritiek, ontwikkeld door Aglietta en Leron in hun boek La double démocratie (2017) over de Europese Unie, verklaart in dit geval de zwakte van nationale democratische organisaties die bedoeld zijn om de effectieve uitvoering van internationale gezondheidszorgprojecten te garanderen. De interne rapporten van de WHO, zo'n tien jaar na de Internationale Gezondheidsregeling van 2005, bevestigen deze hypothese (zie WHO, Implementation of the International Health Regulations ). Zo ook het feit dat 80% van het budget van de WHO in handen is van particuliere fondsen. Het derde element is moeilijker te begrijpen, omdat het verwijst naar interne ontwikkelingen binnen elk land. Ze zijn vooral op nationaal niveau te zien en worden gekenmerkt door milieu-uitdagingen (zoals Bruno Latour aangeeft in zijn boek Where to land? How to orient oneself in politics, 2017) en door ongelijkheden in inkomen en toegang tot openbare diensten. Dit heeft geleid tot tal van sociale bewegingen (waaronder de beweging van de Gele Hesjes in Frankrijk) en een groeiend wantrouwen ten aanzien van de openbare diensten.  Vele diensten zijn instrumenten van de centrale overheid geworden in plaats van democratisch open organisaties die inspelen op de behoeften van de burgers (zoals begrepen door Pierre Dardot en Christian Laval in hun bijdrage op AOC). De herpositionering van lokale/nationale/globale verhoudingen, die in deze transformatie in volle gang is, kan de weg vrijmaken voor een reconstructie van sociale compromissen die een antwoord bieden op zowel gezondheids- als klimaatuitdagingen. Daartoe moet deze herpositionering haar eigen politieke uitdrukking vinden. Als de terugkeer van de staat de terugkeer is van strategisch georiënteerde staten die open staan voor democratie en innovatie, kan het een bijdrage betekenen voor deze wederopbouw. De taak is enorm, maar tegelijkertijd geeft de crisis ons vele voorbeelden van nieuwe solidariteit. De ervaring met de in oktober 2019 in Frankrijk gelanceerde Burgerconventie voor het Klimaat laat zien hoe actueel dit besef van de problematiek is. De kans op dergelijke politieke hervorming is echter klein, want het offensief van de neoliberalen om de milieudoelstellingen terug te dringen is al begonnen, en het zijn niet Trump of Bolsonaro die zich daartegen zouden verzetten… (*) Pascal Petit is een Franse econoom (° 1943). Hij was directeur bij het Franse onderzoeksinstituut CNRS; hij publiceerde onder andere over ongelijkheid, technische evolutie, de verhouding publiek-privé, de financialisering van de economie en de crisis in Europa. Dit artikel verscheen op 12 mei in openDemocracy onder de titel Understanding the endogenous nature of this health crisis. Nederlandse vertaling voor Ander Europa door Rob Noort. We danken Pascal Petit voor de toelating tot vertalen en publiceren.  

Europees fonds voor het herstel … van de neoliberale orde

20/05/2020 - 15:03

door Herman Michiel 20 mei 2020   Op maandag 18 mei stelden de Duitse kanselier Merkel en de Franse president Macron een ‘herstelplan’ voor om de Europese economie uit het coronadal te halen. Alleen al de timing van hun persconferentie zegt iets over de functionering van de ‘Unie’. Op 23 april hadden de Europese staats-en regeringsleiders op hun videoconferentie de opdracht gegeven aan de Europese Commissie om een dergelijk plan uit te werken, en dit zou op 27 mei bekendgemaakt worden. Merkel en Macron zijn de Commissie dus te vlug af, of zo lijkt het toch, want natuurlijk is hier een uitgebreid driebandenspel tussen Berlijn, Parijs en Brussel aan voorafgegaan. Het Merkel-Macron plan houdt in dat de Europese Commissie leningen aangaat ten bedrage van 500 miljard euro op de financiële markten; de waarborgen die daarvoor vereist zijn komen door verhoogde bijdragen van de lidstaten in de Europese meerjarenbegroting. Ook de terugbetaling van deze leningen zou via de Europese begroting gebeuren. Het ‘revolutionaire’ van het plan is dat het gros van deze 500 miljard niet als lening, maar als subsidie naar lidstaten zou gaan die er om vragen. Voor het zover is moet eerst die meerjarenbegroting nog wel goedgekeurd raken, en moeten de andere 25 lidstaten instemmen met het plan. Waar er geen twijfel over bestaat is dat het krijgen van een subsidie gepaard zou gaan met strikte voorwaarden voor economische ‘hervormingen’. In grote lijnen komt dit herstelplan overeen met wat ik eerder schreef [efn_note] Zie Ander Europa, 25 april 2020, Europees relanceplan in quarantaine [/efn_note]:

“Het water van de Rijn is waarschijnlijk ook minder diep dan men denkt. Het lijkt me niet zo onwaarschijnlijk om in de coronacrisis de gelegenheid te zien waarbij Duitsland de beurs wat meer opent  op voorwaarde dat de andere eurolanden onvoorwaardelijk hun economie op een ‘Duitse’ leest schoeien. Het Duitse voorstel om economische ‘hervormingen’ met een beetje EU-geld te stimuleren is niet van gisteren, en ook in Berlijn zitten momenteel mensen die weten dat dit een crisis is vergelijkbaar met die van de jaren ’30, en dat er bijgevolg kansen zijn om langgekoesterde hoop in realiteit om te zetten. Op die manier zouden Macron en Merkel elkaar wel eens kunnen vinden. (…) Macron behaalt een groot succes, terwijl Duitsland zijn vrekkig imago kan oppoetsen tegen een zeer modeste prijs. “

Neen, de financiering gebeurt niet door de Europese Centrale Bank via de uitgifte van eeuwigdurende obligaties (‘consols’), een idee waar Macron eventjes mee dweepte, maar het kostte Merkel blijkbaar weinig moeite om hem daarvan af te brengen. Ook het bedrag zelf is hoogstens de helft van wat doorgaans als minimum voor een echte relancepolitiek werd vooropgesteld, en maar een derde van de 1500 miljard die de Spaanse premier Sánchez vernoemde. Maar ook deze laatste lijkt niet aan te dringen en spreekt van een stap in de goede richting. Hij en zijn socialistische partij (PSOE) zullen wel niet te zwaar tillen aan de economische hervormingen die als voorwaarde zullen gesteld worden om een deel van de pot te krijgen; wat coalitiepartner Podemos dan zal zeggen valt af te wachten. Dezelfde kwestie zal zich stellen in Italië, waar de Vijfsterrenbeweging misschien niet zo vlug in de pas zal lopen van premier Contes Partito Democratico. En wat  zal men in Oost-Europa denken nu voor Zuid-Europa  mogelijk blijkt wat voor het Oosten ondenkbaar was? Nee, niet alle lidstaten zijn ingenomen met ‘gratis geld voor verkwistende zuiderlingen’. Hoe Rutte en zijn financiële waakhond Hoekstra de Berlijnse ‘lichtzinnigheid’ zullen beantwoorden moet nog blijken; dat is nu eenmaal het verschil tussen kortzichtige neoliberalen die slechts aan hun begroting van volgend jaar denken, en strategische neoliberalen die er wel wat voor over hebben om Europa nog meer naar hun beeld en gelijkenis te kneden. De Belgische regering zegt het plan genegen te zijn, maar vvormalig minister van Financiën Johan Van Overtveldt (N-VA) vindt dat België zich moet aansluiten bij het verzet van Oostenrijk, Nederland, Denemarken en Zweden tegen het Frans-Duitse akkoord ... Wat er zich de komende weken zal afspelen aan woordenwisselingen tussen lidstaten, aan echte en geveinsde conflicten tussen partijen in die lidstaten als het over het Europees recovery plan gaat zal uiterst leerrijk zijn over de state of the union. Maar het zal ook moeten blijken in hoeverre vakbonden en min of meer linkse partijen de manoeuvres doorzien en zich consequent verzetten tegen nefaste hervormingen in ruil voor a fistful of euros.      

Austerity…

19/05/2020 - 23:08

[caption id="attachment_18856" align="alignleft" width="205"] Klikken om down te loaden (1MB, pdf, 86 blz)[/caption] 19 mei 2020 - Het woord austerity is alomtegenwoordig, maar austeriteit bestaat eigenlijk niet in het Nederlands. Je kunt het eventueel vertalen als bezuinigingsbeleid, of soberheidsbeleid, maar de Engelse bijklank van 'gestrengheid' gaat daarbij verloren. Ecologisch bewuste mensen zullen bovendien zeggen dat 'soberheid' een deugd is die we met zijn allen meer zouden moeten beoefenen. Maar dat is niet de bedoeling van neoliberale regeringen die de austerity opleggen. Voor hen is austerity de deugd die erin bestaat om de sociale uitgaven en collectieve voorzieningen zo beperkt mogelijk te houden, zodat - of omdat - bedrijven en vermogenden steeds minder belasting moeten betalen. Een asociaal beleid dus. Maar wil een overheid een asociaal beleid voeren zonder permanent de oproerpolitie te moeten inzetten, dan moet dit beleid gelegitimeerd worden, liefst positief voorgesteld als goed voor iedereen, desnoods als niet zo aangenaam maar 'onvermijdelijk'. Overheden kunnen daarbij putten uit het argumentarium dat 'deskundigen' daarover bijeengedacht hebben: de mainstream economen van de neoklassieke school, met bosjes aanwezig in de economische faculteiten, de studiediensten van banken en internationale instellingen, de Europese Commissie  en de think tanks van allerlei lobby's. Specialisten in het creëren van mythes. Gelukkig zijn er ook academici die zich niet zomaar laten herleiden tot spreekbuizen van de neoliberale ideologie, al was het maar omdat feiten ook hun rechten hebben. De inspanningen van een aantal van deze 'andersdenkenden' vind je terug in de brochure Austerity - 12 myths exposed. Ze werd uitgegeven door Social Europe Publishing . Misschien een goede voorbereiding op het bezuinigingsbeleid waarmee men de kosten van de coronacrisis zal willen afwentelen op de werkende bevolking...  (hm)          

Nu ook linkse voorstellen voor een Europees herstelplan

15/05/2020 - 13:14

15 mei 2020   Als men de respons van de Europese Unie op de coronacrisis in twee lijnen wil samenvatten is het: grote bedrijven krijgen zeer goedkope leningen van de Europese Centrale Bank (ECB), de lidstaten van hun kant moeten het doen met hun eigen begroting en leningen, en desnoods de begrotingstekorten en staatsschuld laten oplopen. Dat het ook anders zou kunnen werd aangetoond in Europees relanceplan in quarantaine. Door middel van eeuwigdurende obligaties of ‘consols’, opgekocht door de ECB, is financiering van de lidstaten mogelijk, zonder dat hun schulden vergroten. Verschillende variaties van deze formule zijn mogelijk: in plaats van eeuwigdurend kunnen de obligaties een langdurige looptijd hebben, bijvoorbeeld 50 of 100 jaar; een nulrente is het beste, maar een zeer lage rente (0,01 of 0,1 % bijvoorbeeld) maakt geen fundamenteel verschil uit. In tegenstelling tot ‘coronabonds’ wordt de openbare schuld er niet door verhoogd. Het idee van eeuwigdurende obligaties in de context van de coronacrisis dook eerst op in Macrons liberale Europese fractie Renew Europe, waar ook Guy Verhofstadt er zich een voorstander van toonde. Het is echter duidelijk dat de liberalen er een wapen zouden van maken om nog meer neoliberale hervormingen door te drukken: wie van de consols wil gebruik maken moet hervormen. Het was nogal merkwaardig dat er vanuit linkse hoek wel gesproken werd over coronabonds, maar niet over consols. Daar blijkt nu verandering in te komen. In de recente position paper Solidarity is the cure - Reimagining a post-pandemic Europe van Verenigd Links, de radicaal-linkse fractie in het Europees parlement (GUE/NGL), worden de coronabonds nu voorgesteld als ‘perpetual and interest free’, en er wordt gepleit voor een Herstelfonds van minstens 1500 miljard euro gefinancierd door eeuwigdurende obligaties met nulrente [efn_note]Zie Solidarity is the cure  pag. 11.  [/efn_note]. Ze moeten toegekend worden volgens objectieve criteria, en ‘zonder enige voorwaarde van macro-economische of andere aard.’ Het zal wel niet toevallig zijn dat de Spaanse premier Sánchez vroeger reeds het idee verdedigde van een relancefonds van 1500 miljard gebaseerd op eeuwige obligaties; als het via zijn regeringspartner Podemos, lid van GUE/NGL, in de linkse Europese fractie is binnengedrongen mag de Spaanse PSOE-Podemos-coalitie deze pluim op haar hoed steken. Ook al is de kans momenteel zo goed als onbestaande dat consols aangewend worden voor het coronaherstelfonds [efn_note] Er wordt verwacht dat de Europese Commissie op 20 mei een Europees herstelplan zal bekendmaken. Alles wat daarover uitlekte wijst op een nieuwe schuldenberg voor de openbare financiën. De lidstaten zorgen voor een waarborgfonds door verhoging van het Europees budget, waardoor de Commissie leningen aangaat op de markt en die dan doorschuift naar de lidstaten. Het is uitkijken naar de ‘conditionaliteit’ die daaraan zal verbonden worden [/efn_note], het zou een belangrijke boodschap zijn aan de publieke opinie dat er financieringswijzen bestaan voor overheden die niet neerkomen op het vetmesten van de financiële markten. Maar ook in buurland Portugal gaan stemmen op om het coronaherstel in te schrijven op de balans van de Europese Centrale bank. José Gusmão is econoom van vorming,  lid van het Portugese Bloco de Esquerda en sinds 2019 verkozen in het Europees Parlement; hij schreef een interessant pleidooi om deze crisis in ieder geval niet te laten ontaarden tot een nieuwe ronde staatsschulden zoals we meemaakten met de financiële crisis. Hieronder zijn artikel If it it comes with interest, it’s no recovery, verschenen op 13 mei 2020 op Social Europe Journal. Nederlandse vertaling door Ander Europa. (Herman Michiel) [spacer size="30"] Als er rente bij komt kijken is er geen herstel José Gusmão   Europa staat, eens te meer, op een kruispunt. De Covid-19 pandemie heeft een buitengewone impact gehad op de lidstaten van de Europese Unie (EU), wat een serieuze bedreiging betekent voor het weerstandsvermogen van onze gezondheidszorgsystemen. Hele sectoren van de economie kwamen in de verdrukking, en de zwakheden van onze steeds ongelijkere samenlevingen kwamen duidelijk aan het licht. Geconfronteerd met een wereldwijde pandemie en haar enorme sociale, economische en menselijke kost, hadden de leiders van de EU het moeilijk om tot een gemeenschappelijk standpunt te komen. De laatste maanden maakten we herhaalde keren het uitstel mee van dringende beslissingen, een teken dat er een grondige verdeeldheid bestaat tussen groepen landen. Men verwacht dat de Europese Commissie later deze maand eindelijk de aankondiging zal doen van het Europees Herstelfonds, dat door hoge ambtenaren bejubeld wordt omwille van meer geld en meer middelen. Maar we mogen niet vergeten dat de EU in het verleden al gelijkaardige aankondigingen deed, waarvan het ‘Junckerfonds’ een van de meest krasse voorbeelden is [efn_note]Over het Junckerfonds, zie bv. Ander Europa, In de aanloop naar de Europese verkiezingen – Deel 3 [Noot van de vertaler] [/efn_note]. In werkelijkheid waren de nieuwe middelen van het plan dat de vorige Commissievoorzitter in 2014 lanceerde beperkt, en afhankelijk van de ‘hefboomwerking’ van private investeringen. Het zou fout zijn aan te nemen dat de EU deze truc een tweede keer kan opvoeren, gezien het de vorige keer mislukte en het er niet goed uitziet voor de private investeringen met de huidige grimmige economische vooruitzichten.   De nood aan radicale vernieuwing in het denken  Links in het Europees parlement lanceert een oproep [efn_note] Er wordt verwezen naar Solidarity is the cure  [/efn_note] voor een radicaal vernieuwd denken over de EU. Onze prioriteit is er voor te zorgen dat het Herstelfonds voldoende is om op te tornen tegen een recessie van historische afmetingen. Als we voortgaan op de vooruitzichten van diverse instellingen, zoals de Europese Centrale Bank, is het bedrag van 1500 miljard euro een absoluut minimum. Maar we mogen het niet alleen hebben over de grootte van het fonds. Het is even belangrijk hoe het gefinancierd wordt. We sluiten ons aan bij de groeiende consensus onder economen van diverse politieke gezindheid over de noodzaak om het herstel te laten financieren door de  centrale banken . Het absurde verbod op  monetaire financiering zoals vastgelegd in de EU-verdragen kan omzeild worden door de Europese Commissie via obligaties, die de ECB dan kan opkopen en op haar balans houden totdat de nodige aanpassingen gemaakt zijn in de Europese wetgeving. De ECB kan ze dan vervangen door eeuwigdurende obligaties met nulrente, of ze kan ze eenvoudig uit de balans laten verdwijnen.   Subsidies, geen leningen Het fonds moet eerlijk verdeeld worden. Om een drijvende kracht te zijn voor het economisch herstel en echte convergentie binnen de EU moet het geld toegekend worden in de vorm van subsidies, niet als lening, en de verdeling moet verlopen zoals het geval is voor de cohesiefondsen [efn_note] Bij de verdeling van de cohesiefondsen wordt rekening gehouden met de armoede van een regio. [Noot van de vertaler] [/efn_note]. Dit is de enige manier om te garanderen dat lidstaten hun economie terug tot ontwikkeling kunnen brengen en de strijd aangaan tegen armoede, ongelijkheid en klimaatverandering, zonder een berg nieuwe schulden toe te voegen aan de reeds bestaande. Nieuwe schuld zou niet alleen betekenen dat de problemen niet kunnen opgelost worden, het zou ook een toenemende financieringskost meebrengen voor de economieën in de periferie, en dat niettegenstaande de aankoopprogramma’s van activa door de ECB, want beleggers zouden het risico van wanbetaling, of zelfs van het uiteenvallen van de eurozone gaan afwegen. Het is bovendien van essentieel belang om er zeker van te zijn dat deze subsidies niet afhankelijk gemaakt worden van enige macro-economische of andere conditionaliteit. Het Stabiliteits-en Groeipact moet opgeschort worden in afwachting dat het definitief kan opgeheven worden. De vorige crisis heeft aangetoond dat soberheidsmaatregelen niet het geschikte middel zijn om een recessie te bestrijden, gezien het economisch basisfeit dat de uitgaven van de ene persoon het inkomen vormen van een andere; de soberheidspolitiek zet daarom een domper op de effectieve vraag. Aangezien de openbare uitgaven tijdens de recessie beperkt werden, versterkten de soberheidsmaatregelen nog de economische neergang; ze deden de openbare schuld stijgen door de dalende economische groei, zodat ook de verhouding staatsschuld/BBP toenam. Europa kan het zich niet veroorloven om dezelfde fouten te maken als bij de vorige crisis.   Een kans voor de transitie Het economisch herstel mag ook niet gezien worden als een ‘reis in de tijd’ terug naar de gewoontes van voor de crisis. Het Herstelfonds moet gebruikt worden voor de financiering van een hervorming van ons economisch systeem, iets wat in ieder geval onvermijdelijk is. Dit betekent dat de financiering moet gericht zijn op het vooruithelpen van de transitie naar een groenere economie, de herverdeling van de inkomens, sterkere openbare diensten en het gevecht tegen de belastingsontduiking en geheime regelingen. Dat betekent een minder geglobaliseerde economie, iets wat natuurlijk enorme implicaties heeft, zowel voor de werking van de EU zelf als haar economische verhoudingen met de rest van de wereld. De vrije beweging van kapitaal en goederen zal moeten plaatsmaken voor de belangrijkste vrijheden van mensen, zoals gezondheid, werk en milieurechten. Maar het is een dergelijke economie die een toekomst heeft.    

Europese Commissie: voor corona bestaat er “gewoonlijk wel een effectieve behandeling”…

14/05/2020 - 22:24

14 mei 2020 – De Europese Commissie klasseerde vandaag Covid-19, de ziekte veroorzaakt door het coronavirus, in de derde categorie voor wat betreft het risico dat er van uitgaat voor werknemers. Er mocht  redelijkerwijze ondersteld worden dat Covid-19 bij de hoogste, vierde risicogroep zou gerekend worden omdat er nog geen vaccin tegen bestaat. Maar neen, de Commissie liet zich voorlichten door de gepaste experten, onder andere van de Wereldhandelsorganisatie, om te besluiten dat het virus weliswaar een ernstig risico betekent voor werknemers, maar dat het tot een categorie behoort “waarvoor er gewoonlijk wel een effectieve behandeling bestaat”. In een (ondermaatse) reactie  drukt het Europees Vakverbond zijn spijt uit over deze houding, en vreest dat ze in het nadeel van de werknemers zal uitdraaien… De houding van de Europese Commissie laat voorzien dat ook de lidstaten (Raad van ministers) en het Europees Parlement dit standpunt zullen overnemen zodat het goedgekeurd wordt. Of zijn er misschien genoeg europarlementariërs die enige waarde hechten aan het welzijn van de werkende bevolking? (hm)    

Openbare diensten zijn de toekomst

13/05/2020 - 16:09

[caption id="attachment_18834" align="alignleft" width="150"] Klikken op de figuur om de brochure down te loaden (9,6 MB, PDF, 258 blz.)[/caption] 13 mei 2020 - Het Transnational Institute (TNI) publiceert een boek over het verzet tegen de privatisering van openbare diensten.  The Future is Public - Towards democratic ownership of public services is gebaseerd op 1400 gevallen uit 2400 steden in 58 landen waar nieuwe publieke diensten werden gecreëerd of  diensten terug in publiek beheer genomen ('re-municipalisation'). "We tonen aan dat openbare diensten belangrijker zijn dan ooit te maken hebben met de klimaatcatastrofe, stijgende ongelijkheid en toenemende politieke onrust. De COVID-19 crisis maakte pijnlijk duidelijk hoe desastreus de gevolgen zijn van het bezuinigingsbeleid, van besparingen en de sociale zekerheid en de privatisering van gezondheidssystemen; terzelfder tijd toonde de crisis aan dat openbare diensten en de mensen die ervoor instaan werkelijk de basis vormen voor een gezonde en weerbare samenleving." U kunt het boek gratis downloaden (klik op de figuur hiernaast) en er is ook een samenvatting van 27 bladzijden.        

De zanderige ondergrond van de Europese rechtsorde

12/05/2020 - 19:32

door Herman Michiel 12 mei 2020   12 mei 2020 – Het Duits Grondwettelijk Hof (het Bundesverfassungsgericht in Karlsruhe) deed op 5 mei een uitspraak die nogal wat stof doet opwaaien, al is dat beperkt tot een eerder kleine kring van diplomaten, grondwetspecialisten, eurocraten en toppolitici. De zaak draait rond een klacht van een aantal Duitsers in verband met het beleid van de Europese Centrale Bank (ECB) in de voorbije jaren. De ECB kocht sinds 2015 aanzienlijke hoeveelheden staatsobligaties [efn_note] Meer bepaald ten bedrage van 2100 miljard  euro; dit was een deel van het ‘quantitative easing’ (QE) programma, waar naast overheidspapier ook aandelen en bedrijfsobligaties en betrokken waren. [/efn_note] van de eurolanden op, het zogenoemd  Public Sector Purchase Programme (PSPP). Dit moest bijdragen tot de versterking van het economisch leven, dat nog steeds niet hersteld is van de gevolgen van de financiële crisis. De staatsobligaties koopt de ECB op de ‘secundaire markt’, het zijn met andere woorden obligaties die reeds opgekocht waren door banken en beleggers. De primaire markt is voor de ECB immers verboden terrein volgens het Europees recht, want artikel 123 van het Verdrag over de functionering  van de EU verbiedt dat: de ECB mag de private banken bedienen, niet de overheden. Het opkopen van overheidsobligaties door de ECB uit de handen van banken en beleggers werd evenwel tot nog toe als verenigbaar met het Europees recht beschouwd. Het is hiervoor dat de Duitse klagers zich richtten tot hun Grondwettelijk Hof. Laat er geen twijfel over bestaan: de klagers komen uit rechtse hoek [efn_note] Diverse bronnen plaatsen de klagers in het kamp van het ultrarechtse Alternative für Deutschland, AfD. [/efn_note]. Hun probleem met het Europees monetair beleid is niet dat overheden onheus behandeld worden in vergelijking met de privésector; integendeel, ze vinden dat PSPP een steun is voor de nationale economieën en daarom onterecht. Het bezwaar komt met andere woorden uit markt-fundamentalistische hoek, een optiek waarin de financiële markten een bestraffende rol spelen tegen elke ‘buitenmaatse’ overheidsuitgave. De uitspraak van het Duits Grondwettelijk Hof van 5 mei [efn_note]Zie de uitleg hierover door Transform! [/efn_note] geeft de klagers grotendeels gelijk. PSPP wordt gedeeltelijk als ongrondwettelijk verklaard; het opkopen van obligaties op de secundaire markt wordt als dusdanig niet afgewezen, maar ‘disproportioneel’ (te groot in verhouding ) genoemd. Het Grondwettelijk Hof betwist hiermee ook een vroegere uitspraak (2018) van het Europees Hof van Justitie, de spreekwoordelijk “hoogste juridische instantie van de EU”, die geen tegenspraak vond tussen het beleid van de ECB en de Europese verdragen. Het Grondwettelijk Hof deelt dezelfde bekommernissen als de klagers: “De verlaging van het algemeen rentepeil zoals ondersteund door PSPP betekent ongetwijfeld een ontlasting van de begrotingen van de lidstaten. Bijgevolg bestaat er een risico dat de noodzakelijke consolidatie-en hervormingsinspanningen niet zullen doorgevoerd of verdergezet worden.” Het Duits Grondwettelijk Hof eist nu dat de Europese Centrale Bank binnen drie maanden het bewijs levert dat haar PSPP niet ‘disproportioneel’ was, zoniet zou de Duitse nationale bank (Bundesbank) niet meer deelnemen aan dergelijke programma’s van de ECB. In de hoogste Europese, juridische en politieke kringen veroorzaakt dit natuurlijk consternatie, want als het Europees Hof van Justitie de hoogste juridische instantie in de EU is, is het Duits Grondwettelijk Hof dit in Duitsland. Kanselier Angela Merkel zei sussend dat het conflict gemakkelijk kan opgelost worden als de Europese Centrale Bank zorgt voor het bewijs van de proportionaliteit. Ursula von der Leyen van haar kant, de Duitse voorzitter van de Europese Commissie, zag haar kans schoon om de ‘onafhankelijkheid’ van de Commissie te bewijzen door te dreigen met een ‘inbreukprocedure’ tegen haar Duitsland. “Het Europees recht primeert op het nationale”, zei ze, en “de uitspraken van het Europees Hof van Justitie zijn bindend voor alle lidstaten.“ Ik wil het hier niet hebben over het beleid van de Europese Centrale Bank, noch over de Duitse klagers, het Duits Constitutioneel Hof of het Europees Hof van Justitie. Wel over de uitspraak van commissievoorzitter von der Leyen: “Het Europees recht primeert op het nationale”, een stelling die men in zowat elk leerboek over de Europese Unie terugvindt. Men spreekt over de ‘hiërarchie van de rechtsnormen’, en elke student die niet weet dat het Europees recht primeert op het nationale zakt voor zijn examen. Het is echter onvoorstelbaar op welke wankele basis dit grondprincipe steunt. Men zou denken dat een zo fundamentele ingreep in de rechtsprincipes van de Europese natiestaten de inzet was van grondige, misschien wel verhitte debatten: de nationale grondwet als pijler van de burgerlijke democratie, waarborg voor de fundamentele vrijheden, enz. Natuurlijk is niets eeuwigdurend, en kan een staatsorde die uit de 19e eeuw stamt een ‘update’ nodig hebben. Je stelt je dan voor dat er ergens een plechtige ceremonie was, bijvoorbeeld in de Spiegelzaal van Versailles of een Capitolijnse zaal in Rome, waar staatshoofden plechtig verklaarden dat hun burgers democratisch besloten hadden om een welomschreven deel van de nationale soevereiniteit naar een hoger, supranationaal vlak te tillen om zo het welzijn van allen te verbeteren. Maar zoiets is nooit gebeurd. De prioriteit van het Europees recht werd niet afgekondigd door staats- of regeringsleiders in een prestigieuze zaal na een democratische beslissing van de volksvertegenwoordiging of na een referendum, maar door onverkozen juristen in een zaaltje van het Europees Hof van Justitie in Luxemburg. Er is in de Europese annalen nergens sprake van een ‘verdrag van de gedeelde soevereiniteit’ of iets in die aard, maar rechtsstudenten weten dat de rechtsorde in Europa veranderde door de arresten Van Gend & Loos en Costa/ENEL uit 1963, resp. 1964.   [caption id="attachment_18826" align="aligncenter" width="690"] Zitting van het Europees Hof van Justitie, kamer van vijf rechters. (Foto EHJ)[/caption]   Als je dan weet waarover deze arresten handelden val je omver dbij de vaststelling dat ze als basis dienden voor de rechtsorde in een heel continent. Van Gend & Loos was een Nederlands transportbedrijf dat betwistte dat er 8% en niet 3% rechten moesten betaald worden op de invoer van een chemisch product uit de Bondsrepubliek. Het Europees Hof in Luxemburg oordeelde dat het verdrag van Rome een nieuwe rechtsorde had in het leven geroepen met een directe werking die door nationale rechters moet worden gerespecteerd. Wat betreft de zaak Costa/ENEL ging het over een Italiaan met aandelen in een elektriciteitsmaatschappijtje die zich verongelijkt voelde bij de nationalisatie ervan. Het Europees Hof vond weliswaar dat de Italiaanse nationalisatiewet verenigbaar was met het Europees recht, maar dat de Italiaanse overheid zich niet kon beroepen op de prioriteit van het Italiaanse recht. Een nieuwe bevestiging dus over de continentale rechtsorde [efn_note] In de jaren 60 bestond de EEG nog maar uit zes lidstaten (Benelux, Duitsland, Frankrijk en Italië) maar bij elke volgende uitbreiding moesten de nieuwe lidstaten het 'acquis communautaire' overnemen, het geheel van de wetgeving, inclusief de uitspraken van het Hof in Luxemburg [/efn_note]… Voor de Duitse klagers en hun grondwettelijke verdedigers kun je moeilijk enige sympathie opbrengen, want hun  bekommernis is dat het land met de kolossale handelsoverschotten ‘bestolen’ wordt door Grieken, Italianen, Spanjaarden… Maar sympathie kun je evenmin hebben voor de tegenpartij van de klagers, de Europese Centrale Bank, nadat we in Griekenland gezien hebben waartoe ze in staat is. Evenmin voor de rechters van het Europees Hof van Justitie, de arbiters van het Europa van de vrije markt; hun legitimiteit berust op slechts twee arresten … die ze zelf velden. Blijft de vraag: welke politici, welke partijen in onze eigen landen hebben het zover laten komen?    

Het fake news van de Europese Commissie over coronahulp aan de lidstaten

11/05/2020 - 17:28

Door Herman Michiel 11 mei 2020   De Europese Unie vreesde dat de Europese verkiezingen van 2019 bedreigd konden worden door moedwillige informatievervalsing door ‘vreemde mogendheden’, waaronder men doorgaans het Rusland van Poetin verstaat. Er werden initiatieven genomen om de verspreiding van fake news en disinformation tegen te gaan, o.a. door het opvolgen van de berichtgeving op de sociale media. “Desinformatie is verifieerbaar valse of misleidende informatie die gecreëerd, gepresenteerd en verspreid wordt omwille van economisch voordeel of om opzettelijk de publieke opinie te misleiden”, schrijft de Commissie. In dit artikel toon ik aan dat de voorstelling die de Europese Unie maakt van haar hulp aan de lidstaten bij deze coronacrisis een misleiding is van de publieke opinie, en dus volgens de definitie van de Europese Commissie zelf als fake news moet bestempeld worden. U ziet hieronder een voorstelling door de Commissie van de fenomenale ontplooiing van financiële middelen ten voordele van de lidstaten in de bestrijding van de coronacrisis.     “De EU mobiliseert alle mogelijke bronnen om snel, krachtig en gecoördineerd op te treden in de coronavirus-pandemie. Het totale bedrag dat tot dusver gemobiliseerd werd bedraagt 3400 miljard €”, schrijft de Commissie. Waaw, 3400 miljard [efn_note] Waar er bijvoorbeeld staat €100 bn betekent dit 100 miljard euro; het Engelse billion (bn)  komt overeen met het Nederlandse miljard, het Engelse trillion met 1000 miljard. Om deze getallen in perspectief te stellen: het BBP van Nederland (2019) bedroeg 812 miljard €, dat van België 473 miljard, dat van Duitsland 3435 miljard. [/efn_note], in goede benadering evenveel als het Duits BBP! Maar laat ons even nagaan hoe men aan dit astronomisch bedrag geraakt, bedrag dat bedoeld is voor de onmiddellijke noden van de overheden die plots geconfronteerd worden met het virus; het gaat dus nog niet over de bestrijding van de economische crisis die zonder enige twijfel op de coronacrisis volgt. We beginnen bij het oranje ‘taartstuk’ van 100 miljard euro bestemd voor ‘SURE’ [efn_note] ‘Support mitigating Unemployment Risk in Emergency’ ofte ‘Steun voor de beperking van het werkloosheidsrisico in een noodsituatie’.  [/efn_note],  waardoor overheden de tijdelijke werkloosheid (die alom werd erkend bij de ondernemingen) kunnen helpen financieren. Dit wordt vaak voorgesteld als de Europese ‘slimme’ aanpak waardoor mensen hun job niet verliezen; het wordt echter steeds duidelijker dat er door de bedrijven massaal misbruik wordt van gemaakt in afwachting van de ontslagen die nog zullen komen. Maar afgezien daarvan blijft de vraag: waar haalt de EU, die zelf maar een jaarbudget van ongeveer 150 miljard heeft, de 100 miljard euro voor SURE? Het antwoord is nogal ontluisterend. Eerst moeten de lidstaten op vrijwillige basis 25 miljard euro op tafel leggen als garantiefonds waarmee de Europese Commissie leningen kan afsluiten ten bedrage van 100 miljard. Vervolgens kunnen lidstaten die hieraan nood hebben een deel van de 100  miljard krijgen maar dan als lening die later moet terugbetaald worden en waarop jaarlijks rente moet betaald worden zoals bij elke staatslening. Het tweede (blauwe) taartstuk van 200 miljard is bedoeld als steun voor ondernemingen (een ‘protection shield’)  maar verloopt grotendeels gelijkaardig als het vorige: de lidstaten zorgen voor 25 miljard euro als garantie (deze keer op vrijwillige basis) waarmee de Europese investeringsbank (EIB) private banken ertoe beweegt om leningen toe te staan aan ondernemingen. Vervolgens het oranje taartstuk van 330 miljard euro. Het gaat helemaal niet over ‘Europees’ geld, maar steun die lidstaten kunnen toekennen (subsidies, schrapping of uitstel van bepaalde belastingen enzovoort) omdat de Europese Unie de budgettaire regels die ze oplegt aan de lidstaten (budget in evenwicht, staatsschuld onder 60% …) versoepeld heeft in deze crisissituatie. Er is opnieuw geen sprake van één euro ‘Europese steun’. Dan komen we bij het groene bedrag van 240 miljard euro, waar in de media al het meest over te doen is geweest. Het geld komt uit het Europees Stabiliteitsmechanisme (ESM), opgericht als fonds waaruit de Grieken verplicht werden te lenen om schulden aan Franse, Duitse en andere banken te kunnen terugbetalen. Dat was dan wel aan een iets lager tarief dan wat de financiële markten zouden gevraagd hebben, maar er waren voorwaarden aan verbonden:  hervormen! Privatiseren, bezuinigen, sociale voorzieningen afbouwen, enzovoort. Dit is men de ‘conditionaliteit’ gaan noemen die gekoppeld wordt aan  leningen door ESM toegekend. Er is nu wel toegezegd dat men voor leningen in het kader van de coronacrisis de conditionaliteit zou minimaal houden (tot groot ongenoegen van de Nederlandse minister van financiën Hoekstra) maar noch Spanje noch Italië, de door corona meest getroffen landen in de EU, zijn geneigd op dit fonds beroep te doen, wegens de barslechte reputatie die eraan verbonden is; zij waren de pleitbezorgers van de 'coronabonds'. Hier staat dus opnieuw een bedrag van 240 miljard aangekondigd waarvan geen cent uitgegeven is, en dat misschien geen cent zal uitgeven. Een klein stukje donkergroene taart (70 miljard) komt direct uit het EU-budget en is dus geen lening. Maar ook hier wordt de publieke opinie misleid, en is er dus volgens de definitie van de Europese Commissie zelf sprake van desinformatie. Want het gaat niet om extra-geld, maar bijvoorbeeld om een versoepeling van de voorwaarden voor het gebruik van structuurfondsen die reeds waren toegekend en die nu als crisisuitgaven kunnen aangewend worden; een deel van het nog niet gebruikte geld uit deze enveloppe komt eveneens ter beschikking. Maar de structuur- en regionale fondsen zijn zowat het enige in de EU waar sprake is van solidariteit en een minieme  bijdrage om de economische kloof tussen landen en regio's te dichten; deze gelden herbestemmen voor corona betekent dat  er minder gaat naar de economische integratie van de armere delen van de Unie. Het grootste deel van de taart, evenwel, is het witte gedeelte ten bedrage van 2450 miljard euro. Dit zijn bedragen die niet door de EU, maar door de lidstaten uitgegeven worden in de vorm van staatssteun aan bedrijven. Zodra de crisis uitbrak moest de EU terugkomen op een van haar fundamentele beginselen, namelijk de principiële afwijzing van (de meeste) staatssteun om aldus de ‘eerlijke en onvervalste concurrentie’ niet in het gedrang te brengen. De EU laat dus  momenteel toe dat lidstaten hun schulden verhogen door staatssteun te geven aan bedrijven, en neemt dit op als belangrijkste element in het lijstje van steunmaatregelen aan de lidstaten. Oordeelt u zelf: is dit informatie of fake news? Het is bovendien zo dat de Duitse regering hier een uitgelezen kans ziet om haar concurrentiepositie in Europa nog te versterken; meer dan de helft van de reeds uitgegeven staatssteun in Europa werd door Duitsland (een kwart van de Europese economie) aan haar bedrijven toegekend (Adidas, TUI Duitsland, Lufthansa…). Andere lidstaten vrezen dat hierdoor het economisch onevenwicht in de EU nog zal toenemen. Twee initiatieven zijn niet opgenomen in de grafiek. Het eerste is ‘PEPP’ [efn_note] PEPP: Pandemic Emergency Purchase Programme[/efn_note] waardoor de Europese Centrale Bank (ECB) tot 750 miljard euro waardepapieren (aandelen, obligaties) van overheden en bedrijven zal opkopen om zodoende de rente laag te houden en geld te pompen in ‘de economie’ (maar zoals bij de vorige ronde van geldinjectie door de ECB bleek is het resultaat daarvan vrij gering en leidt het tot verrijking van de rijken en verhoging van speculatieve fondsen die niet aan de reële economie bijdragen). Het tweede initiatief had onlangs plaats (4 mei) en bestond in een door de Europese Commissie georganiseerde ‘fancy fair’ of fundraising waar vrienden van de mensheid als multimiljardair Bill Gates hun gouden hart konden tonen en een pot  van 7,4 miljard € spijzen bestemd als hulp voor de ontwikkeling van een coronavaccin; Nederland beloofde 192 miljoen, België 27 miljoen. Over de precieze aanwending van het geld is niets bekend. Conclusie Op weinig na zijn alle posten in het taartdiagram uitgaven van de lidstaten, die hun begrotingstekort en hun staatsschuld fenomenaal zullen zien stijgen. Het is schandalig om dit voor te stellen als de ‘EU response’ op de coronacrisis. Bovendien komt het leeuwendeel van deze uitgaven de private bedrijven ten goede, die zeer royaal uit de staatsruiven aan het graaien zijn; de staatsleningen zelf betekenen trouwens nieuwe winststromen voor banken en financiële spelers. zijn Het gaat hier nog niet over de maatregelen die zullen volgen om de economie terug op de sporen te zetten. Daarover bestaat binnen de ‘Unie’ de grootst mogelijke onenigheid [efn_note] Zie Ander Europa, 25 april 2020, Europees relanceplan in quarantaine .[/efn_note] en men kan met quasi zekerheid voorspellen dat hier nog veel diepere putten in de staatsfinanciën zullen gegraven worden. We komen hier ongetwijfeld nog op terug.  

De vlam in de pijp … of uit de pan?

08/05/2020 - 15:44

door Herman Michiel 8 mei 2020   Het bericht "Met de vlam in de pijp"  wees op een interessante reportage door Euronews over het leven van Oost-Europese truckers. Deze reportage is ook aan de Bulgaarse europarlementariër Petar Vitanov niet onopgemerkt voorbijgegaan. In een commentaarstuk op Euractiv schrijft dit lid van de sociaaldemokratische fractie (S&D) van het Europees Parlement:

"De vooropgezette doelstelling van  het 'European Mobility Package' was  de verbetering van de werkomstandigheden van de truckers en te zorgen voor een vlotte en niet-discriminerende functionering van de  interne markt. Maar het wordt steeds duidelijker dat veel West-Europese politici het tegenovergestelde nastreven en dit als een kans zien om de concurrentie uit het Oosten onderuit te halen met een protectionistische agenda. De werkzaamheden [rond het Mobility package] waren tot nog toe gesteund op verouderde en foute percepties over de transportsector en negatieve, bevooroordeelde berichtgeving in de media, die ongecontroleerde en vaak verkeerde data gebruiken. Dit was nog het duidelijkst bij een recente reportage van Euronews."

[caption id="attachment_18815" align="alignleft" width="290"] Protest Bulgaarse truckers, Brussel januari 2019 (Foto Arvydas Anušauskas, publiek domein) [/caption] Het gaat wel degelijk om de video vermeld in "Met de vlam in de pijp". Petar Vitanov , lid van de Bulgaarse Socialistische Partij, wijst erop dat [Bulgaarse] transportbedrijven opdracht hebben gegeven aan consultancybureaus om een onderzoek in te stellen naar de economische, sociale en milieu-impact van het Mobility Package, met de bedoeling "deze agressieve campagne te counteren". Zo heeft consultant KPMG gevonden dat de verplichte terugkeer, minstens eens per 8 weken, van de vrachtwagens naar de lidstaat van oorsprong tot 0,8% toename van de uitstoot van broeikasgassen door de Bulgaarse transportsector zal leiden "en dat niettegenstaande onze 26.000 vrachtwagens gemiddeld maar 3 jaar oud zijn, tegenover de 11,7 jaar van het Europees gemiddelde." Verre van mij om me nu vrolijk te maken over het lobbyen van deze Bulgaarse sociaaldemocraat. Ik geloof  hem waar hij het heeft over de Bulgaarse transportsector die voor 6% van het bbp  instaat en voor 42.500 jobs zorgt. Drie kwart van de 12.700 transporteurs zijn kleine bedrijven met hoogstens 5 vrachtwagens. Een chauffeur  zou gemiddeld 1751 € per maand verdienen, "drie keer het nationaal gemiddelde"; dat is dan wel een heel stuk hoger dan lonen die in de reportage genoemd worden. In ieder geval  verdedigt dit europarlementslid gerechtvaardigde belangen van tienduizenden hardwerkende Bulgaren. Maar dat doen ook vakbonden en politici in West-Europa die iets proberen te doen aan de neergaande loonspiraal  en werkomstandigheden alhier, ten gevolge van de concurrentie door lageloonlanden als Bulgarije, Roemenië, en blijkbaar zelfs de Filipijnen. Ik laat nog buiten beschouwing dat het, in het geval van politici, niet altijd even duidelijk is of het de belangen van de truckers dan wel van hun werkgevers zijn die primeren, maar we staan hier blijkbaar voor een onoplosbaar belangenconflict, nee? [caption id="attachment_18816" align="alignright" width="300"] Klikken voor het artikel uit het ABVV-vakbondsblad De Nieuwe Werker [/caption] We staan in de eerste plaats voor een duidelijk voorbeeld van de manier waarop de Europese Unie functioneert. Eerst komt de vrije markt, het vrij verkeer van goederen, diensten, kapitaal en arbeidskracht , de 'vier vrijheden',  opgenomen in het DNA van de Unie. De behartiging van de sociale gevolgen daarvan zijn grotendeels nationale materie gebleven. Gevolg, zeker sinds de Unie uitgebreid werd met de Oost-Europese landen die een heel ander 'economisch weefsel' hebben: botsing van 'nationale belangen', wrijvingen tussen partijen en vakbonden, successen van xenofobe partijen en demagogen, m.a.w. precies het  tegengestelde van 'integratie'. Het moet toegejuicht worden dat vakbonden van Oost en West proberen hierover te overleggen en gemeenschappelijke initiatieven nemen in deze moeilijke context. Terwijl de functionering van de vrije markt tot in detail vastgelegd is in bindende verdragen, en het vrijhandelsbeleid de exclusieve bevoegdheid is van EU-instanties, terwijl zelfs nationale begrotingen eerst aan de Commissie voorgelegd moeten worden vooraleer ze bij het nationaal parlement  belanden, is er geen spoor van een Europese arbeidsinspectie, wordt de naleving van de reglementering voor uitzendkrachten aan het uitzendland overgelaten. De EU is een grenswacht (Frontex) van 10.000 man aan het uitbouwen tegen de inval door Afrikaanse en Aziatische horden, en wil dat de lidstaten miljarden méér uitgeven aan de NAVO om voorbereid te zijn op de 'inval van Poetin', maar voor de inval van een dodelijk virus lijkt er heel weinig in stelling gebracht te kunnen worden. Met de vlam in de pijp , nu ja, maar wat als de vlam in de pan slaat?  

Corona is geen rem op het Europees vrijhandelsbeleid

05/05/2020 - 11:34

5 mei 2020 - Op 28 april kondigde de Europese Commissie aan dat ze de onderhandelingen afgerond heeft voor een handels-en investeringsakkoord met Mexico. De corona-pandemie maakt zonneklaar hoe kwetsbaar we geworden zijn op economisch, sociaal en sanitair vlak ten gevolge van de mondialisering, en elke dag gaan er stemmen op om de productie meer in Europa te laten gebeuren. Maar alsof er niets aan de hand is  gaat de Commissie door met haar agressieve agenda van nog meer neoliberale mondialisering en onderhandelt vrijhandelsakkoorden aan de lopende band. ATTAC-Frankrijk roept samen met haar partners op om deze onderhandelingen onmiddellijk stop te zetten en over te gaan naar een ecologische en solidaire relokalisatie van de economische activiteit. Hieronder vindt u het perscommuniqué dat ATTAC-Frankrijk uitgaf (Nederlandse vertaling door Ander Europa).  De gemeenschappelijke verklaring van een reeks Europese ngo's (waaronder het Transnational Institute) sluit hier helemaal bij aan.  Zie ook de reactie van europarlementslid Emmanuel Maurel (La France Insoumise, schaduwrapporteur in dit dossier voor de parlementsfractie GUE/NGL) . Natuurlijk luidt de Europese Commissie een heel andere klok. [spacer size="40"] Perscommuniqué van ATTAC-Frankrijk, 29 april 2020 De nieuwe overeenkomst tussen de EU en Mexico bevat de liberalisering van nieuwe sectoren, zoals energie, grondstoffen en landbouw, en de openstelling van de markt voor overheidsopdrachten van veel Mexicaanse lokale overheden voor Europese multinationals. De overeenkomst voorziet ook het opzetten van een procedure voor geschillenbeslechting tussen investeerders en staten (bekend als ISDS, ICS enz.), alhoewel deze aanpak fel bekritiseerd wordt omdat ze aan multinationale ondernemingen een vorm van straffeloosheid toekent en uitgebreide mogelijkheden om zich te verzetten tegen lokale of nationale initiatieven ten voordele van een ecologische en sociale transitie. Het akkoord, dat de opvolger zou worden van het handelsakkoord dat sinds 2000 in voege is, moet nog wel vertaald worden alvorens men het kan ratificeren, maar het is een duidelijke illustratie van de weigering van de Europese Commissie om haar doctrine over handel en investeringen grondig te herzien. Terwijl de EU onmiddellijk een beleid zou moeten invoeren dat gericht is op een vermindering van onze afhankelijkheid van import op het gebied van energie en landbouw, is dit akkoord gericht op nog meer import, ten nadele van een versterking van de autonome voedselvoorziening voor Mexicanen en Europeanen en weerbaarheid bij pandemieën en klimatologische en  ecologische ontwrichting. Handelscommissaris Phil Hogan zou er beter aan doen om zijn energie aan te wenden om de arme landen te verzekeren van alle medische apparatuur waar ze nood aan hebben, maar de aankondiging van deze handelsovereenkomst is een illustratie van het wereldwijd verschil tussen de woorden en de daden van de Europese leiders. Ja, Thierry Breton, commissaris voor de interne markt, heeft onlangs gezegd dat we “te ver gegaan zijn in de mondialisering”, maar Phil Hogan heeft niets veranderd aan het beleid van zijn voorgangers: zevende ronde van de onderhandelingen met Nieuw-Zeeland begin april, onderhandelingen met Australië in mei, en er is nog steeds de hoop op een handelsakkoord met de Verenigde Staten onder Donald Trump. Eind maart heeft de ministerraad van de EU, met onder andere Frankrijk, groen licht gegeven voor het handelsakkoord EU-Vietnam. Nochtans had Emmanuel Macron op 31 maart gezegd dat hij “meer wil produceren in Frankrijk en Europa”: dat zal een ijdele beloften blijven als de Commissie en de Raad blijven onderhandelen en steeds meer handels-en investeringsakkoorden afsluiten die net als doel hebben om meer landbouw-en industriële producten te importeren, die nochtans in Europa kunnen geproduceerd worden. Met meer dan 250 organisaties wereldwijd roept ATTAC-Frankrijk op alle lopende onderhandelingen over handel stop te zetten, of het nu gaat om bilaterale en regionale akkoorden, of multilaterale in de Wereldhandelsorganisatie. De huidige toestand noodzaakt ons om de lessen te trekken uit een crisis die zonneklaar onze kwetsbaarheid op economisch, sociaal, ecologisch en sanitair vlak ten gevolge van de onhoudbare neoliberale mondialisering aan het licht brengt. Het is hoog tijd om de stroom van kapitalen en handelswaren te doen afnemen, en de sectoren die de biosfeer verpesten af te bouwen, dit door een ecologische en solidaire relokalisatie gesteund op samenwerking en internationale solidariteit.    

Met de vlam in de pijp…

03/05/2020 - 22:21

3 mei 2020 - EU-speak zoals "European Mobility Package" zegt je niks? Misschien verandert dat als je naar de korte video "Inside Europe's secret truck war"  (26 minuten) kijkt. Het gaat over de Oost-Europeanen die een hondenleven in een truckerscabine doorbrengen voor 700 euro. Of omkomen in de brand van een loods waarin ze moeten slapen. Of over de concurrentie die ze krijgen van Filipino's die zelfs het hele jaar rond  in hun cabine doorbrengen.  Het gaat ook (een beetje) over de Europese politiek die verantwoordelijk is voor deze toestanden.    

Vergrijzing als beschavingssucces

30/04/2020 - 15:56

door Gerrit Zeilemaker 30 april 2020   [caption id="attachment_18780" align="alignleft" width="230"] Uitgegeven door EPO, 2020, 288 blz., 22,50€ [/caption] Het komt als een tsunami op ons af, de kosten zijn niet te dragen. Er moet dus bezuinigd worden. Nee, het gaat hier niet over het coronavirus, maar over de vergrijzing. Hoewel je het heden ten dage niet zou zeggen, maar vergrijzing is een succes. Een bewijs van maatschappelijke ontwikkeling. Van beschaving. Dat is de boodschap van Patrick Deboosere, demograaf aan de Vrije Universiteit Brussel, in vraaggesprek met Marijke Persoone, voormalige  verantwoordelijke bij de bediendencentrale LBC-NVK van de christelijke vakbond ACV en sinds altijd geëngageerde activiste.  Onder de inspirerende titel: Lang Leve de Vergrijzing  worden vakkundig een aantal heilige huisjes gesloopt en mythes doorgeprikt. Verhogen van de pensioenleeftijd is geen ‘kwestie van gezond verstand’, maar een succesvolle  geschiedenis terugdraaien. Integendeel, stelt Deboosere, de pensioenleeftijd kan beter naar 60 jaar! Ouderenzorg en pensioenen zijn de oudste vormen van menselijke solidariteit en waren niet voor niets het de eerste doelwit in de neoliberale proeftuin onder dictator Pinochet van Chili. Voor de eerste, maar niet de laatste keer bewees het neoliberale kapitalisme dat ongebreidelde economische vrijheid met grove onderdrukking van bevolking en democratie gepaard gaat. Centraal in de neoliberale ideologie staat ondermijning van solidariteit, gemeenschapszin en organisatie van de werkenden. De in jaren van bittere strijd afgedwongen sociale voorzieningen waren vooral het succes van de arbeidersbeweging en zijn  vakbonden en partijen.     Klassenstrijd en vervolging Patrick Deboosere  verwijst naar die strijd, zoals de algemene staking in België van 1886, maar ziet het ontstaan van sociale voorzieningen die de noden op het gebied van ziekte, honger, koude, armoede en dood probeerden te lenigen vooral als het ‘resultaat van een gemeenschappelijke inzet van de mensheid’. Echter beschouwden de laissez-faire-economen van de negentiende eeuw armoede en gebrek als wetmatig, als een natuurlijk en onvermijdelijk gevolg van de maatschappelijke vooruitgang. Er zat voor de behoeftigen niets anders op dan hun lot te dragen. De economen bestreden het opkomende socialisme door zich op universele en tijdloze natuurwetten te beroepen, en als dat niet hielp werd God in stelling gebracht. Zijn wetten zijn tenslotte onfeilbaar en onaantastbaar. Het zoeken naar een oplossing voor armoede en gebrek was in deze zienswijze dan ook zinloos en zelfs absurd. De miezerige  armenzorg moest dan ook in diepe dankbaarheid ontvangen worden. Maar zoals de ‘gematigde’ conservatief De Bosch Kemper stelde: ‘Eene schamele gemeente door honger en ellende bewogen is een zeer gevaarlijke vijand voor den staat.’ [efn_note] Auke van der Woud, Koninkrijk vol Sloppen, Achterbuurten en Vuil in de negentiende eeuw, uitgeverij Bert Bakker, 2012. Nederland was het koninkrijk vol sloppen, waar tot ver in de jaren zestig van de vorige eeuw woningen met een bordje aan de muur onbewoonbaar verklaard waren, maar toch door grote gezinnen bewoond werden. [/efn_note]De logica van de armenzorg was dus om de maatschappelijke orde te bewaren. De burgerij in de tweede helft van de negentiende eeuw was doodsbang voor de opkomende arbeidersbeweging die zich hardnekkig probeerde te organiseren. De historicus Jacques Giele vond in de politiearchieven talloze verslagen van politieagenten die op vergaderingen van werkers of als ‘stillen’ spioneerden of in uniform intimideerden en ook verslag aan werkgevers uitbrachten. Bekende socialisten of communisten kwamen op zwarte lijsten terecht en sommige waren gedwongen te emigreren om niet van honger om te komen [efn_note] Rond de Eerste Internationale, Jacques J. Giele, uitgeverij Kelder, 2016 [/efn_note]. De sociale voorzieningen kwamen dus allerminst uit de gemeenschappelijke lucht vallen, maar vooral het gevolg van een bittere strijd om het bestaan.   Groeiende levensverwachting binnen stabiele levensduur Het bannen van hongersnoden en epidemieën, de toegenomen hygiëne door aanleg van rioleringen en waterleiding voor schoon drinkwater en verbeterde woon- en werkomstandigheden drongen vroegtijdige sterfte terug. De kindersterfte nam af door pasteurisering van melk, borstvoeding en toegenomen hygiëne tijdens bevallingen. De spectaculaire stijging van de levensverwachting was dan ook in eerste instantie niet aan de geneeskunde te danken, maar later speelden vaccinaties, penicilline en antibiotica, een grote rol. Nu gaat het vooral om medische ingrepen zoals kankerbehandelingen en hartchirurgie. Tot nu toe is vooral verhinderd dat mensen vroegtijdig overlijden, het ging om het verbeteren van levenskansen van jongeren en volwassenen, het verbeteren van hun levensverwachting. De levensverwachting wijst op het aantal jaren dat iemand nog te leven heeft op een bepaalde leeftijd. Maar dat is volgens Deboosere iets anders dan mensen in leven houden na hun normale houdbaarheidsdatum, dat wil zeggen na hun normale levensduur, voorbij hun fysieke en biologische grenzen. De moderne mens is genetisch en lichamelijk niet verschillend van zijn verre voorouders en genetisch zijn we nauwelijks geëvolueerd in de afgelopen tienduizend jaar. Het verleggen van de levensduur voorbij de tot nu toe oudste mens, die 122 jaar geworden is, vindt Deboosere nogal voorbarig. Voorspellingen m.b.t. de levensverwachting zijn gebaseerd op de evolutie van de levensverwachting tot nu toe en er wordt zonder rekening te houden met de redelijk vaststaande levensduur geëxtrapoleerd naar de toekomst. Maar die evolutie van de levensverwachting speelt zich af binnen de limieten van de biologisch-fysiologische verouderingscapaciteit van de mens. Patrick Deboosere verwacht dan ook dat de stijging van de levensverwachting zal afnemen. Zelf hebben we al eerder gesignaleerd dat de groei van de levensverwachting in Europese landen vertraagt en zelfs afneemt. Korte metten maakt Deboosere met verlegging van de levensduur door genetische veranderingen of technologie als bron voor een eeuwig leven. "Veroudering (...) gaat om een reeks zeer fundamentele en complexe processen die samen aan de basis liggen van celdegeneratie en geleidelijke degeneratie van diverse lichaamsfuncties." Hij sluit het niet uit, maar het zal lange tijd vergen en "in een volkomen andere context van technologische ontwikkeling en maatschappelijke mogelijkheden gebeuren." Bovendien staan de technologie-fanaten niet stil bij de ‘catastrofale’ gevolgen op sociaal, ecologisch en economisch gebied die een eeuwig leven zou hebben. Het technologiegeloof als een soort omgekeerde wederopstanding.   Levensverwachting en democratie De toegenomen levensverwachting is het resultaat van een sociaal, collectief proces, het resultaat van het verloop van alle afzonderlijke levens van alle mensen in een maatschappij, betoogt Deboosere en is daarom ten diepste een maatschappelijk en democratisch proces. De tegenstelling met de superrijke eeuwige-jeugdzoekers uit de technobusiness als miljardair Peter Thiel, oprichter van PayPal, wordt dan duidelijk. Peter Thiel is tegen ‘excessieve’ belastingen en gelooft dat vrijheid en democratie niet langer te verzoenen zijn. De ‘excessieve’ belastingen, die sociale voorzieningen financieren, zijn democratisch vastgesteld en beperken Thiel’s winst en macht. Hiermee is de democratie voor Thiel totalitair geworden. De technische zoektocht naar middelen om veroudering tegen te gaan, de verjongingsindustrie van plastische chirurgie, botox, enz. en verjongingskuren door bloedtransfusies is niet weggelegd voor postbodes, verpleegkundigen en vuilnisophalers waar nu zo voor wordt geklapt, maar slechts voor de rijken en daarmee ondemocratisch. En het helpt niet eens!   Nederland als neoliberale voorloper in Europa Het is wel even slikken als Nederland vanuit België als voorhoede van het neoliberalisme in Europa gezien wordt, maar het is maar al te waar. Het werd uitvoerig gedocumenteerd door Merijn Oudenampsen met in de hoofdrol de econoom Frans Rutten, secretaris-generaal van Economische Zaken, die zich na zijn pensionering ontpopte als vurig rooms-katholiek. Hij organiseerde een busreis naar een plaatsje in Noord-Spanje, omdat hij met een "100 procent betrouwbare econometrische methode" had berekend dat daar de Wederopstanding zou plaatsvinden en wel op 11 april 2002 om half negen. Met dezelfde ‘econometrische’ betrouwbaarheid stelde hij de markt boven de overheid.  De rol van Wim Kok van criticus van het neoliberalisme als vakbondsleider tot uitvoerder als minister van Financien en als verzamelaar van bedrijfscommissiariaten [efn_note]Zie Wim Kok, Frans Rutten en de informatiepolitiek van het neoliberalisme [/efn_note]was opmerkelijk en wordt terecht door Deboosere uitgelicht.   De teloorgang van de sociaal-democratie en de keynesiaanse economische politiek Wim Kok is een symbool voor de teloorgang van de sociaal-democratie en de overgang van een meer keynesiaanse naar een neoliberale economische politiek. Verklaarde Wim Kok in 1987 het in Nederland ontluikende neoliberalisme eerst nog tot ‘negentiende eeuwse zakelijkheid, gepresenteerd als vernieuwing’, als minister van Financiën startte hij grote bezuinigingsoperaties. Een huurverhoging van 5,5%, tariefverhogingen in het openbaar vervoer, verhoging van accijnzen en motorrijtuigenbelasting, het beruchte ‘kwartje van Kok’, bezuinigingen in de gezondheidszorg en snijden in de arbeidsongeschiktheidsregeling (WAO). In 1995 verklaarde Kok tijdens een Den Uyl-lezing dat “een werkelijke vernieuwing van de PvdA begint met een definitief afscheid van de socialistische ideologie; met een definitieve verbreking van de ideologische banden met andere nazaten van de traditionele socialistische beweging". De lezing was getiteld: “We laten niemand los”, maar alles werd op losse schroeven gezet. Tony Blair (het grootste succes van Margaret Thatcher!), Bill Clinton en de Duitse Gerhard Schröder erkenden ruiterlijk het vooroplopen van Wim Kok. De sociaaldemocraten in Europa wierpen Keynes in de vuilnisbak, pakten Hayek uit de kast en verloren verkiezing op verkiezing.   Neoliberalisme is welbewuste politiek ter verhoging van de winst Deboosere schetst uitvoerig de opkomst en het verloop van het neoliberalisme, de harde, vaak smerige ideologische strijd, de denktanks en de propagandaindustrie, maar waarom Keynes werd ingeruild voor Hayek wordt niet zo duidelijk. Hij noemt de neoliberale denkbeelden en argumenten foutief, maar  "ze sluiten wel aan bij de belangen van de grote financiële instellingen, de grote internationale monopolies en de grootverdieners in onze moderne kapitalistische economie" en leiden tot een toenemende winstmarge van bedrijven, de verschuiving van arbeidsinkomen naar kapitaalinkomen. Zou het kunnen dat deze kapitaalgroepen de neoliberale ideeën helemaal niet fout vinden en toen de druk van de arbeidersbeweging afnam en het sovjet-socialisme als alternatief, hoe onvolkomen ook, verdween, ze hun (geveinsde) steun aan de welvaartsstaat introkken? Voor het kapitaal stond het herstel van de winstvoet, die in de jaren zeventig van de vorige eeuw sterk onder druk stond, centraal en vanuit hun oogpunt zijn de neoliberale ideeën verre van fout! Voor het kapitaal zijn de lonen kosten en is het beperken van de lonen winst. Dat levende arbeid de bron van alle waarde is geven ze niet graag toe.   Wordt Keynes of Marx de econoom van de 21ste eeuw? Het is duidelijk dat Deboosere Keynes als een goede kanshebber als econoom van de 21ste eeuw ziet, maar ook het keynesiaans denken is geen oplossing voor alle problemen van vandaag, stelt hij terecht. Volgens Deboosere moeten we voor de 21ste eeuw twee fundamentele doelstellingen voor ogen houden: de grenzen van de planeet respecteren door te stoppen met de groei als einddoel van het economisch handelen te beschouwen,  en ten tweede een eind maken aan de ongelijkheid. Ten eerste dienen we dan te begrijpen waarom ongebreidelde groei binnen het kapitalisme en ook bij keynesianen centraal staat, en moeten we definiëren welke groei schadelijk is. Dan moeten we toch te rade gaan bij de econoom die de accumulatie, de groei van kapitaal tot in detail onderzocht en beschreven heeft en die 150 jaar voor Piketty aangetoond heeft (en beter!) dat juist die accumulatie ongelijkheid produceert. Die econoom en filosoof is niemand minder dan Marx, de intellectuele inspirator van de socialistische en communistische arbeidersbeweging van de 20ste eeuw. Het was Marx die de tegenstellingen binnen het kapitalisme benadrukte en betoogde dat deze onvermijdelijk in crises eindigden en daarmee het evenwichtsdenken binnen de economie verwierp. Het is een gemiste kans van Deboosere dat hij de ideeën van de grondlegger van het socialisme niet bij zijn analyse van neergang van de welvaartsstaat  en bij zijn visie voor de 21ste eeuw betrekt. Het had zijn betoog krachtiger gemaakt, want hij heeft natuurlijk groot gelijk dat een verder herstel en uitbouw van de welvaartsstaat een groot goed en teken van beschaving is, waarin de mens centraal staat en niet de winst. Maar de vraag is of dat te bereiken is binnen het kapitalisme, en zo niet dan moeten we voorbij het kapitalisme denken. Dat heeft Deboosere jammer genoeg (nog?) niet gedaan. Een ‘volkomen andere context van technologische ontwikkeling en maatschappelijke mogelijkheden’ in een democratisch socialisme is dan een goed alternatief.   Tot slot het meest waardevolle en unieke wat we bezitten: tijd! Deboosere benadrukt dat tijd ons meest kostbare goed is. Het geloof dat ‘we almaar langer leven’ creëert volgens hem een valse realiteit die maakt dat we te lichtzinnig met onze levenstijd omspringen. Zo in de trant van ‘we leven langer dus waarom zouden we niet wat langer werken. Tot plots het leven voorbij is.’ Hij noemt de lof der luiheid, het recht op nietsdoen als denkbeelden voor de toekomst, met pleitbezorgers als Bertrand Russell en Paul Lafargue [efn_note] Lafargue, een schoonzoon van Marx, was het onderwerp van een beroemd citaat van Karl Marx. Kort voordat hij in 1883 stierf, schreef hij Friedrich Engels in verband met Franse marxisten als Lafargue en Guesde: "Wat voor mij vaststaat is dat, als zij marxisten zijn, ik geen marxist ben"). [/efn_note] en Keynes met zijn 16-urige werkweek. Wij hebben niets tegen luiheid, maar werken is echter het probleem niet. Zinloos werk, het produceren van overbodige en wegwerpgoederen, vervuiling en uitputting van de aarde is het probleem. Arbeid in overeenstemming met de fundamentele doelstellingen van Deboosere zal veel tijd, inspanning en creativiteit kosten. Daar valt nog veel werk te verrichten. Met deze kritische kanttekening moeten we de bespreking beëindigen. Het gaat om een helder en inspirerend boek met een vraag-en-antwoordstructuur die overzicht biedt en de lezer vasthoudt. In tijden van pandemie, waarin duidelijk wordt hoe de gezondheidszorg geteisterd is door de neoliberale kaalslag is het lezen van dit boek een verademing!

Geld, steeds bron van polemiek!

29/04/2020 - 10:09

Frank Slegers - Herman Michiel 29 april 2020  

Het artikel  Europees relanceplan in quarantaine van Herman Michiel kreeg een eerder uitgebreide reactie van Frank Slegers, redacteur van Ander Europa, net als Herman die daarop ook nogal uitgebreid reageerde. Het leek beter de twee commentaren als artikel te presenteren, wegens de leesbaarheid, en ook omdat we bij Ander Europa de polemiek niet schuwen. Lees eventueel eerst het vermelde artikel, en vorm uzelf een opinie. Nieuwe commentaren/opinies zijn welkom!

  Frank Slegers  27 april 2020 Als ik dit artikel goed begrijp suggereert Herman hier dat de Europese Centrale Bank geld kan scheppen "uit het niets", door "de geldpersen te laten draaien", zonder dat iemand daarvoor hoeft op te draaien. Dat lijkt zo een voor de hand liggende oplossing om de nodige fondsen te verzamelen voor een economisch herstelplan. Voor inflatie hoeven we niet te vrezen, want daar hebben we al jaren geen last meer van. Toch? Dat lijkt me toch wat kort door de bocht. Veronderstel een economie met een geldhoeveelheid van 1000 euro. Als de Centrale Bank in die economie 1000 euro extra in circulatie brengt, zodat het totaal op 2000 euro komt, is elke euro nog maar de helft waard. In de praktijk gaat dat als volgt: omdat er meer geld in circulatie komt stijgt de vraag, de prijzen gaan dan stijgen (in ons voorbeeld verdubbelen), je krijgt dus inflatie, wat betekent dat elke euro de helft aan waarde verliest, Voorheen betaalde je voor bijvoorbeeld een WC-rol één euro, nu twee. Je kan denken: iedereen heeft dan twee maal zoveel euro's, die elk de helft waard zijn, er is dus niets veranderd. Maar in werkelijkheid treft inflatie niet iedereen op dezelfde manier. Mensen met lonen of uitkeringen die de inflatie niet volgen zijn de pineut. Mensen met vastrentende waardepapieren ook. Bezitters van waarden waarvan de prijs sneller stijgt dan de inflatie (immobiliën, aandelen, ...) zijn de winnaars van de inflatielotto. Inflatie veronderstelt wel dat de extra euro's inderdaad de vraag doen toenemen. Dat is in de praktijk niet altijd het geval. De VS hebben bijvoorbeeld het geluk dat veel van hun extra gecreëerde dollars door andere landen (China) worden opgepot, als reserves, met als 'positieve bijvangst' dat die landen van de weeromstuit net zoals de VS er belang bij hebben dat de dollar niet aan waarde verliest. Meer in het algemeen zijn veel van de enorme extra monetaire middelen die de laatste jaren "uit het niets" werden gecreëerd niet in de "reële economie" terecht gekomen om daar de vraag en dus de economische activiteit aan te zwengelen, maar in een apart circuit, namelijk de financiële markten. Daar zijn de prijzen van aandelen en andere financiële producten geëxplodeerd, met als gevolg een opstapeling van enorme hoeveelheden 'fictief kapitaal'. Dit kapitaal is fictief in die zin dat dit kapitaal zou verdwijnen als sneeuw voor de zon zodra het wordt omgezet in "vraag" naar goederen in de reële economie. Dat zou immers leiden tot hyperinflatie. Maar dat gebeurt dus niet. De financiële markten blijven zichzelf voeden. En dit 'fictieve' kapitaal heeft wel de kracht om bedrijven op te kopen, investeringen te sturen, en dus uiteindelijk de richting van de maatschappelijke ontwikkeling te bepalen. Het aandeel van dit 'fictieve' kapitaal in de totale economie bepaalt wel degelijk de krachtverhoudingen tussen maatschappelijke groepen. Het punt dat ik hier wil maken is dus dat de "uit het niets" geschapen monetaire middelen niet tot inflatie hebben geleid omdat zij niet in de "reële economie" zijn terecht gekomen, en er dus ook niet in geslaagd zijn die "reële economie" uit de lange stagnatie te halen. Het alternatief is daarom: ofwel lukt het ditmaal met extra monetaire middelen de economie weer op gang te trekken, maar dan gaat dit ten koste van inflatie, ofwel lukt het niet, en dan krijg je ook geen inflatie, misschien zelfs deflatie, maar dan ben je dus niets opgeschoten met je herstelplan. Na de financiële crisis van 2007-2008 was de overheidsschuld in de rijke landen met ongeveer een derde toegenomen. Dat is deels weer weggewerkt door een combinatie van bezuinigingen en hogere belastingen. Het ziet er niet naar uit dat dezelfde recepten ditmaal politiek haalbaar zijn: na corona zijn bezuinigingen in de openbare sector vast niet populair, en oneerlijke fiscale maatregelen ook moeilijk te verkopen. Daarom lijkt het me niet op voorhand uit te sluiten dat gepoogd gaat worden via inflatie uit de schuldenberg te groeien. Makkelijk zal dat inderdaad niet zijn, omdat niet duidelijk is hoe het kapitalisme de uitzonderlijke groei van na WO II zou kunnen herhalen. Maar het lijkt me niet slim het gevaar van hoge inflatie nu al te bagatelliseren. Het alternatieve scenario is overigens een verdere groei van het 'fictief kapitaal', dus van de maatschappelijke ongelijkheid, als "het nieuwe normaal". Een pijnloos geld scheppen uit het niets zit er volgens mij niet in. [spacer size="20"]  Repliek van Herman Michiel 28 april 2020 Beste Frank, Als mijn artikel aanzet tot meer debat over de rol en de aard van geld zou dat al een goede zaak zijn. “Alles draait rond geld”, zegt men, maar waar alles dan rond draait blijft vrij mysterieus. Laat mij vooreerst stellen dat mijn artikel niet de pretentie heeft een  ‘pijnloos herstelplan’ van eigen makelij uit de doeken te doen. Ik heb het over voorstellen in verband met ‘eeuwigdurende obligaties’ (‘consols’) zoals die momenteel verdedigd worden door de Spaanse premier Sánchez met steun van Italië, van liberale kopstukken als Macron en Verhofstadt en de meester-speculant Soros. Ik stel daarbij vast dat Verhofstadt spreekt van een obligatierente van 2,5%, en ik vermoed dat hij de obligaties daardoor aantrekkelijk genoeg acht voor private beleggers (die momenteel toch zo goed als gratis kunnen lenen).  Soros spreekt van 0,5%, en in dit zeer lage tarief ziet de geciteerde Peter Franklin (voetnoot 4) een aanwijzing dat Soros denkt aan de ECB als enige of voornaamste opkoper van de consols. Dit (volledig of bijna volledig) gratis geld ter beschikking stellen van de lidstaten zou natuurlijk tegen de Europese verdragen ingaan, maar zoals Paul De Grauwe schreef: daar vinden juridische bollebozen van de EU wel iets op. Toch als die EU voldoende in het nauw gedreven is door haar eigen regels. ‘Out of the box’ maatregelen als ECB-gebaseerde EU-consols zijn onder normale omstandigheden ondenkbaar, maar zijn we ons al wel voldoende bewust van de abnormale omstandigheden die het virus gecreëerd heeft?  Maar zelfs als de consols naar alle waarschijnlijkheid bij het stadium van de blauwdruk blijven kunnen ze een rol spelen in de politieke strijd. Straks werpen Macron en Verhofstadt zich nog op als de ‘linkse’ voorvechters die aan sociaaldemocraten en radicaal links verwijten dat ze de staatsschuld nog willen verhogen… Ik denk niet, Frank, dat het voor jouw bedenkingen veel uitmaakt of die obligatierente nu 2,5%, 0,5% of 0,0% bedraagt. Nul procent spreekt natuurlijk tot de verbeelding (‘gratis geld!’) maar de essentie is dat er geld ter beschikking komt van overheden zonder dat hun deficit of staatsschuld stijgt. Een tweede punt dat je aansnijdt in je reactie betreft ‘geld uit het niets’, ex nihilo. Je zet het begrip vaak tussen aanhalingstekens, en het is niet zo duidelijk of je bedoelt dat geld niet uit het niets kan verschijnen, of dat je dit een gevaarlijke toestand zou vinden, gezien de inflatiegevaren (waarover straks meer). Het moet duidelijk zijn: geld wordt vandaag de dag absoluut zeker ‘uit het niets’ gecreëerd. Wanneer een bank jou of een bedrijf een lening toestaat komt dit neer op een manipulatie van tabellen (weliswaar onderworpen aan bepaalde regels die door een centrale bank kunnen aangepast worden); tegenover een lening van 1000.000 € staat geen goudhoeveelheid of deposito’s  van spaargeld van dezelfde omvang. Private banken en centrale banken creëren geld uit het niets. In het andere geval zouden bedrijven alleen kunnen investeren met opgepotte winsten, en welke particulier zou nog een huis kunnen bouwen zonder hypotheeklening? Niet de geldcreatie ex nihilo is problematisch an sich,  maar de manier waarop dit voorrecht toegekend wordt, en dit is des te meer waar in de EU. Komen we nu tot het gevaar op inflatie. Ik vind, Frank, dat je deze kwestie op een nogal gewaagde manier aanpakt. Je begint immers met de argumenten van de ‘kwantitatieve geldtheorie’ waarvan Milton Friedmann de voortrekker was: dubbele geldhoeveelheid, dubbele prijzen. Naderhand relativeer je deze theorie natuurlijk wel (“ Inflatie veronderstelt wel dat de extra euro’s inderdaad de vraag doen toenemen”) en wijs je er terecht op dat het door de ECB geïnjecteerde geld niet in de reële, maar voor een groot deel in de speculatieve economie terechtkwam als ‘fictief kapitaal’. Eigenlijk ontgaat mij de logica van het argument: wat is de band tussen het gratis zijn van geld gecreëerd door de ECB en de aanwending ervan als fictief kapitaal? De kernvraag is waartoe het geld zou gebruikt worden, en daar kom ik nog op terug. Je kunt toch onmogelijk bedoelen dat geld dat niet gratis is, waarvoor bijvoorbeeld regeringen miljarden euro’s rente moeten betalen aan private banken, oordeelkundiger en direct gericht op de ‘reële economie’ zal aangewend worden? Dat is eigenlijk de kern van het moral hazard argument waarmee Duitsland, Nederland en de andere FANGs ons om de oren slaan. Het hele Griekse drama bestond erin dat Athene verplicht werd dure leningen aan te gaan om ze aan Duitse, Franse en andere private banken door te storten, zonder enige garantie dat dit in de ‘reële’ economie terechtkwam. Wat het inflatoir effect van geldinjecties betreft hangt mijns inziens veel af van de aanwending ervan. Moest inderdaad het warenaanbod hetzelfde blijven terwijl de geldhoeveelheid verdubbelt, dan is het aannemelijk dat de prijzen tendentieel naar het dubbele evolueren (al is ook de omloopsnelheid van het geld een parameter en geen constante). Maar als extra geld gaat naar extra projecten, bijvoorbeeld het bouwen van windmolens op zee, het isoleren van huizen of de uitbreiding van de ziekenhuiscapaciteit (infrastructuur, personeel…) is er geen duidelijke reden waarom de inflatie zou toenemen. Laten we ons hier niet teveel leiden door het beeld van de ‘galopperende inflatie’ in Weimar-Duitsland waarmee de Duitse leiders nog steeds een streng budgettair beleid verantwoorden? Een kenmerk van demagogische argumenten is dat ze alleen ‘heel veel’ en ‘heel weinig’ kennen; heel sterke inflatie, net zoals deflatie overigens,  werkt inderdaad ontwrichtend voor de hele economie, maar tussen heel veel en heel weinig ligt nog een heel spectrum, en in de EU of de eurozone zitten we ongetwijfeld aan de ‘te weinig’-kant van het spectrum. Nog in dit verband vind ik je situering van inflatie en haar uitwerkingen niet zo geslaagd. Je zegt terecht dat inflatie niet iedereen op dezelfde manier treft, maar je vernoemt in één adem mensen met uitkeringen, mensen met vastrentende waardepapieren en mensen met aandelen. We moeten natuurlijk niet meteen loontrekkenden die wat spaargeld in aandelen belegden gelijkstellen met professionele speculanten, maar als er een vuistregel kan geformuleerd worden is het dat hoe lager men op de inkomensschaal staat hoe minder er te beleggen valt, omdat het maandinkomen op het eind van de maand, of reeds daarvoor, volledig opgebruikt is. Voor die mensen speelt inflatie een geringe rol. Hoge inflatie zorgt er ook voor dat de staatsschuld geleidelijk wegsmelt (zoals je zelf opmerkt) zonder dat er offers moeten voor gebracht worden, behalve door de beleggers in staatsobligaties. Zo’n drama is dat toch niet? Ik stel trouwens vast dat mainstream, maar toch niet volledig ideologisch benevelde economen als Paul De Grauwe een veel rustiger houding aannemen ten opzichte van het inflatiegevaar dan de Duitse Prinzipienreiter. Ik besluit met de belangrijkste overweging. Eeuwigdurende obligaties (‘consols’) houden de potentiële belofte in om ingezet te kunnen worden in de bestrijding van de nakende economische crisis zonder de staatsschulden te verhogen. De cruciale vraag is echter waarvoor, en onder welke modaliteiten, die zouden aangewend worden. Je maakt de nogal scholastieke redenering dat het alleen kan fout gaan: ofwel wordt het geld aangewend als fictief kapitaal en komt het de reële economie niet ten goede, ofwel wordt geïnvesteerd in die reële economie, maar dan gaat het ten koste van de inflatie. Laat ons voor het gemak van het argument aannemen dat het zover komt, dat dus  middels een of andere vorm van ‘consols’ de regeringen van de economisch meest getroffen lidstaten over gratis geld beschikken dat hun staatsschuld niet verhoogt. Waarop moeten linkse krachten (bijvoorbeeld Podemos in Spanje) dan aandringen? Er zijn vooreerst de sociale noden: door de lockdown verarmde gezinnen, kleine zelfstandigen die hun handel sinds maanden moesten sluiten, overbevraagde werkloosheidskassen, ziekenhuizen die extra uitgaven hadden door de coronabestrijding, enzovoort. Ten tweede zijn er de kleinere bedrijven die zonder steun dreigen onderuit te gaan. Grote bedrijven daarentegen, met aanzienlijke financiële middelen, vaak met een stuitende aandeelhouderspolitiek, of bedrijven die hun plaats niet hebben in een ecologisch transitiebeleid (vuile energieproductie, onverantwoorde vormen van vliegverkeer enzovoort) kunnen slechts steun genieten voor zover dit sociaal verantwoord is en er de nodige voorwaarden aan gekoppeld worden. Hetzelfde geldt voor banken en financiële instellingen, waar nationalisatie en/of de ontmanteling van gigastructuren moet overwogen worden. Naast de net vermelde modaliteiten voor de toekenning van steun door nationale overheden, zijn er ook de modaliteiten voor de verdeling van de middelen door de Europese Unie over de lidstaten. Het lijkt me vooreerst vanzelfsprekend dat er geen onderscheid wordt gemaakt tussen eurolanden en niet-eurolanden, want het virus maakt dit onderscheid ook niet. Er moeten dan criteria opgesteld worden voor een verdeelsleutel, een aangelegenheid waarmee links zich in detail zou moeten bezighouden. Maar cruciaal is dat aan de toekenning geen enkele voorwaarde van macro-economische (zeg maar: neoliberale) hervorming wordt gekoppeld, een dreiging die zeer duidelijk uitgaat van RISP, het Reform and Investment Support Programme, waarvan sprake in mijn artikel. Als ik het goed begrijp vindt Frank de risico’s daarvoor niet erg groot waar hij schrijft: “na corona zijn bezuinigingen in de openbare sector vast niet populair, en oneerlijke fiscale maatregelen ook moeilijk te verkopen”. Was het maar waar dat maatregelen niet getroffen worden omdat ze onpopulair zijn… Terwijl van de neoliberale voorstellen voor de ‘consols’ dus een sterke dreiging uitgaat, zou een linkse versie ervan volgens mij een hoop mogelijkheden inhouden. Zelfs als het bij een ideeënstrijd blijft zou men op zijn minst kunnen aantonen dat er alternatieven zijn voor het verstikkende bezuinigingsbeleid dat steevast met een beschuldigende vinger naar de staatsschuld wordt verdedigd. Eurobonds of coronabonds lijken nu de horizon van links uit te maken, alhoewel ze op toenemende staatsschuld berusten. Is het Griekse voorbeeld dan nog niet afschrikwekkend genoeg? Op het vlak van alternatieven klinken je argumenten nogal defaitistisch: ofwel krijgen we meer fictief kapitaal, of de inflatie slaat om zich heen. Maar van een reactie mag je natuurlijk niet alles verwachten, en heb je het over alternatieven wel in een aparte bijdrage? [spacer size="20"] Reacties zijn welkom. Korte reacties kunnen hieronder geplaatst worden en verschijnen na moderatie door de redactie. Langere reacties in de vorm van een artikel kunnen naar ons contactadres gestuurd worden. [spacer size="20"]  

Hoe kwam het tot de Berlijnse huurprijsbevriezing?

28/04/2020 - 00:18

door Herman Michiel 28 april 2020  

In Berlijn werden de huurprijzen voor vijf jaar bevroren [efn_note] Zie Ander Europa, 24 februari 2020, Berlijn bevriest huurprijzen. [/efn_note]. Hiervoor verdient de rot-rot-grüne (SPD-Die Linke- Grünen) regering van deze Duitse deelstaat (3,6 miljoen inwoners) ongetwijfeld een pluim; het biedt enig soelaas aan het scherpe huurdersprobleem in de stadstaat, en het is ook niet iedere dag dat mooie verkiezingsbeloften effectief gerealiseerd worden.

 

Toch is dit maar één zijde van de medaille, die teveel de indruk wekt dat het volstaat een ’progressieve’ regering te kiezen om een progressieve politiek te bekomen. De andere zijde van deze medaille wordt op een schitterende manier uit de doeken gedaan door een klein collectief van Belgische (Franstalige) activisten van Tout va bien. Ze produceren sinds 2018 korte filmpjes, van enkele minuten tot een half uur, over uiteenlopende actuele thema’s: racisme, COVID-19, Belgische landbouw, migratie, Syrië, Trump en Palestina, het omstreden gevangenisproject in Haren (zéér interessant!) en onlangs ook over de huurblokkering in Berlijn. Confinement et crise du logement : la victoire berlinoise (Opsluiting en huisvestingscrisis: de Berlijnse overwinning) duurt maar 12 minuten en is bovendien Engels ondertiteld.

    Tout va bien medewerker Paul Mosseray nam, nog even voor de lockdown, de trein van Brussel naar de Duitse hoofdstad en sprak er met verschillende actiegroepen die zich sinds jaren bezighouden met betaalbaar wonen in Berlijn. Uit de interviews leer je bijvoorbeeld dat het woningbestand er de laatste decennia massaal geprivatiseerd werd, met als gevolg dat de huurprijzen de voorbije 10 jaar verdubbelden. Een van de grote spelers is het beursgenoteerde Deutsche Wohnen, dat 161.200 woningen beziti, waarvan meer dan 100.000 in Berlijn. “Van elke euro huurgeld gaat een derde naar de aandeelhouders”, zegt Ingrid van de campagne Deutsche Wohnen & Co enteignen (trouwens in uitstekend Frans; de taalbarrière tussen activisten uit verschillende landen is vaak kleiner dan je zou vermoeden. Met andere Duitse activisten verliep het gesprek in het Engels.) Dat enteignen is niet zomaar een krachtterm. Alleen de socialisatie van de woningen zou een echte oplossing kunnen bieden, want zoals de actievoerders terecht opmerken: vijf jaar huurbevriezing geeft wat ademruimte, maar wat na die vijf jaar? Deutsche Wohnen & Co enteignen stelt de niet eens zo radicale eis dat woonbedrijven die meer dan 3000 logementen bezitten gesocialiseerd worden. Dat zou meteen over 250.000 appartementen gaan! De eis voor de onteigening van de immobiliënkapitalisten is nog in een ander opzicht belangrijk.”De tijdelijke bevriezing van de huurprijzen was een initiatief van de politiek om ons initiatief dat van onderuit komt te bestrijden”, zegt de reeds genoemde Ingrid, die ook vermeldt dat verleden jaar bleek dat een meerderheid van de Berlijners voor onteigening was. Als we dan kijken naar het bestuur (‘Senat’) van de Duitse deelstaat Berlijn in de laatste decennia blijkt de SPD er minstens sinds 2001 onafgebroken aan het hoofd te staan; Grünen namen deel in 2001-2002 en in de huidige coalitie sinds december 2016. Die Linke (of voorloper PDS) bestuurde mee van 2002 tot 2011 (periode waarin o.a. de beruchte Thilo Sarrazin SPD-Senator voor financiën was) en van december 2016 tot heden. Interviewer Paul Mosseray van Tout va bien concludeert dat drie dingen belangrijk waren voor het Berlijnse succes: de veelheid aan lokale initiatieven, de radicale eis van onteigening en het inzicht dat het de openbare macht was die de privatiseringen organiseerde. Het woonprobleem beperkt zich natuurlijk niet tot Berlijn; in het filmpje legt de Brusselse architecte (en medewerkster van CADTM) Eva trouwens uit dat het woonprobleem in Brussel in feite nog prangender is dan in Berlijn, met een nog groter deel van het inkomen van gezinnen dat naar wonen gaat.  Biedt dit filmpje van 12 minuten geen schat aan inzichten voor al wie begaan is met betaalbaar wonen, en meer algemeen met actievoeren tegen de vermarkting van het hele leven? Toont het bovendien niet aan dat  ‘sociale problemen’ ook op een boeiende, sprankelende manier aan de man en de vrouw kunnen gebracht worden?  

Europees relanceplan in quarantaine

25/04/2020 - 21:50

door Herman Michiel 25 april 2020   Ik ben Multatuli niet, en durf mijn lezers niet waarschuwen dat mijn verhaal eentonig is. Verhalen over de EU hebben al geen te beste naam, en als je een nieuw bericht als eentonig aankondigt kun je het beter niet schrijven. Maar feiten zijn feiten: opnieuw heeft de top van de EU-leiders van 23 april over het economisch herstel in Europa besloten dat er nog niks besloten is. Er kon zelfs geen gemeenschappelijke eindverklaring bereikt worden zodat Europees ‘president’ Charles Michel in zijn eentje de ‘besluiten’ moest samenvatten. Ja,  de leiders zijn het eens over een aantal dingen: “We waren het allen eens dat de gezondheid en veiligheid van onze burgers op de eerste plaats komt” en “We waren het ook eens om de situatie nauwkeurig te blijven opvolgen”, wat natuurlijk een hele geruststelling is. Naast de staats-en regeringsleiders was ook ECB-voorzitter Christine Lagarde aanwezig en Mario Centeno, de voorzitter van een informele club Eurogroep genoemd, maar de voorzitter van het Europees parlement David Sassoli moest het stellen met “de traditionele gedachtenwisseling“ voor het begin van de videoconferentie.   Dringende maatregelen: haast u rustig! Wat nog vlot passeerde was de goedkeuring van wat reeds op 9 april goedgekeurd was binnen de ‘informele’ Eurogroep en bedoeld voor de onmiddellijke noden:  200 miljard goedkoop geld voor de bedrijven via de Europese Investeringsbank,  een lening van 100 miljard op de kapitaalmarkt (gegarandeerd door 25 miljard die uit de lidstaten moet komen) in het kader van het zgn. SURE-plan (lidstaten kunnen  eruit lenen om de werkloosheidsvergoedingen te betalen) en  tot 240 miljard van het Europees Stabiliteitsmechanisme (ESM) om goedkope leningen te verschaffen aan landen van de eurozone in het kader van de coronabestrijding. Maar ook in deze crisissfeer lijkt het motto te zijn: haast u rustig. De maatregelen gaan pas in op 1 juni, wat onmiddellijk na de conferentie op ontgoocheling (en misschien een nieuwe protestbrief) onthaald werd door het Europees Vakverbond. Maar de eigenlijke bedoeling van de videoconferentie van 23 april was de basis te leggen voor een Europees economisch herstelplan op langere termijn. In de voorbije weken waren daarover uit diverse hoofdsteden al uiteenlopende geruchten gekomen, die lieten vermoeden dat discussie over een Europees relanceplan tot nieuwe confrontaties zou leiden. Men zou het heel schematiserend kunnen voorstellen als de tegenstelling tussen de FANG’s (Finland, Oostenrijk, Nederland, Duitsland, of de ‘vrekkige vier’ zoals ze door Michael Roberts genoemd werden, en waaraan Zweden eventueel kan toegevoegd worden) en de PIGS (Portugal, Italië, Griekenland, Spanje). Men kan ook spreken over de ‘kern’ en de ‘periferie’ van de EU,  maar dan is de vraag waartoe Frankrijk behoort. Dit kernland lijkt nu eerder de kant van de periferie te kiezen, waarover verder meer. Er is onenigheid over de benodigde omvang van een herstelplan, over de financiering ervan en over de modaliteiten waarmee de middelen zullen ter beschikking gesteld worden. Omdat de Europese Raad, het hoogste gezagsorgaan in de EU, niet in staat bleek iets te beslissen, werd de beslissing overgelaten aan de Europese Commissie. Deze moet een plan uitwerken, maar wanneer dit op een nieuwe Europese Raad zal besproken worden ligt nog niet vast, het wordt misschien 6 mei.   Denkkaders Als we iets zinnigs willen vertellen over de Europese economische herstelinitiatieven, kan dit dus voorlopig alleen op basis van de ‘denkpistes’ die verschillende regeringen gelanceerd hebben. Ook hier dus enige speculatie, maar wie de Europese aanpak van de financiële crisis, van het Griekse drama enigszins gevolgd heeft, wie de rol van de Duitse en Franse protagonisten en Spaanse en Italiaanse antagonisten in het oog houdt, kan allicht vermoeden welke richting het uitgaat; uiteindelijk verschijnen ijsberen ook niet plots op de evenaar. Een beetje vooruitziendheid op wat komen zal is niet onbelangrijk, aangezien de beslissingen van de komende maanden doorslaggevend zullen zijn voor het volgende decennium en daarna. Maar het is goed het vooraf eventjes te hebben over het feitelijk en conceptueel kader waarbinnen de discussies plaatshebben. Het kader van de confrontatie tussen FANG’s en PIGS (nog eens: dit is een schematische aanduiding om het beknopt te formuleren) is het volgende [efn_note] Noteer dat FANG’s en PIGS allebei tot de eurozone behoren, die toch maar 19 van de 27 lidstaten van de EU bevat. Meer dan 100 miljoen inwoners van de EU bevinden zich buiten de eurozone.  [/efn_note]. Terwijl de eersten doorgaans een overschot op de handelsbalans en de laatsten een tekort hebben, een weerspiegeling van hun respectieve productiviteit, hebben de FANGS over het algemeen minder budgettaire tekorten en lagere staatsschuld; bovendien kunnen ze voor die staatsschuld lenen op de financiële markten aan lage tarieven. Voor de PIGS geldt precies het omgekeerde. Een illustratie van deze toestand is dat men bij de rente op staatsleningen meestal niet spreekt over het precieze percentage, maar over de spread, het renteverschil met Duitsland dat aan de laagste tarieven leent. Natuurlijk vinden de PIGS het onnatuurlijk dat ze, zodra een crisis dreigt, aan hogere tarieven moeten lenen terwijl ze het over het algemeen al moeilijker hebben. Een spread van 1% op een lening van 10 miljard betekent op een looptijd van 10 jaar een meerprijs van 1 miljard… Nochtans behoren die PIGS tot dezelfde muntzone, en wordt hun monetaire politiek door dezelfde Europese Centrale Bank bepaald. De PIGS willen bijgevolg dat hun staatsleningen in naam van de muntunie aangegaan worden, waardoor ze van een gunstig tarief zouden genieten. Dit is ook wat in andere muntunies het geval is, maar dus niet in de Europese. De FANG’s willen hier niet van weten omdat ze er een ‘transfer-unie’ in zien met alle gevaren van een ‘moral hazard’. Ook al zouden niet onmiddellijk schulden van de ene lidstaat naar de andere getransfereerd worden (elke lidstaat moet instaan voor zijn eigen staatsschuld), het risico wordt wel getransfereerd, want als staat X bankroet gaat moeten de anderen ervoor opdraaien. En dat brengt  ‘moral hazard’ met zich mee, het ‘moreel risico’ dat overheden het geld door de ramen gooien omdat het toch de anderen zijn die zullen betalen. Om het met het fraaie beeld van de voormalige voorzitter van de eurogroep Jeroen Dijsselbloem te zeggen: “Ik kan niet al mijn geld aan drank en vrouwen uitgeven en vervolgens bij u om bijstand vragen.” Het is natuurlijk bizar dat men ooit een muntunie heeft willen aangaan met partners die zo diep gewantrouwd worden. Maar hiervoor hadden de FANG’s - toentertijd nog niet als dusdanig bekend, op de G van Germany na - een remedie bij de oprichting van de muntunie: de financiële markten. Lidstaten zouden niet kunnen lenen bij hun centrale bank, de ECB, want dat zou aan één en hetzelfde tarief zijn. Lenen bij de ECB is voorbehouden voor bedrijven en banken die van nature niet verspillen, maar lidstaten moeten lenen op de markt. Ongepast gedrag zal er meteen afgestraft worden door hogere tarieven. Blootstelling aan de markt vermijdt het probleem van de moral hazard. Dat is het fundamentele principe waarop de muntunie gebouwd is, en dat goedgekeurd werd door de lidstaten, ook deze die er nu de dupe van zijn.   Denkpistes De concrete denkpistes in deze crisissituatie situeren zich binnen het hoger geschetste denkkader. Zo is het verzet tegen het PIGS-voorstel van ‘coronabonds’ [efn_note] Zie De markt als medicijn. [/efn_note] helemaal te herleiden tot de vrees voor het ‘moreel risico’. De FANG’s verkozen daarom het ESM (Europees Stabiliteitsmechanisme) omdat bij leningen daaruit eisen kunnen gesteld worden (‘ conditionaliteit’)  van sociaal-economische aard (hervorming van de arbeidsmarkt, privatiseringen enz.). Maar voor zover het ging over noodmaatregelen in een acute crisissituatie zou conditionaliteit als al te harteloos overgekomen zijn bij een publieke opinie die toch al niet zo tuk is op haar Europese Unie. Leningen uit het ESM voor strikte coronacrisismaatregelen zouden dus niet vergezeld worden van opgelegde hervormingsprogramma’s, maar zowel in Italië als Spanje is er weinig animo om op het ESM beroep te doen. Maar nu de discussies niet over de acute crisissituatie, maar over een herstelprogramma over een langere periode gaan, is er geen sprake meer om de conditionaliteit te laten vallen. Bovendien is de maximale leencapaciteit van het ESM 500 miljard €, terwijl een herstelprogramma een veelvoud daarvan vereist; de Spaanse premier Sanchez spreekt van 1500 miljard. Er moet dus gezocht worden naar andere pistes. Over de richting die het zou uitgaan deed Yanis Varoufakis, gewezen Grieks minister van financiën onder Tsipras en nu kopstuk van de Europese hervormingsbeweging DiEM25, een duidelijke voorspelling. Hij had nog wel het wat te optimistische idee dat er op 23 april al iets uit de bus zou komen, maar het is best mogelijk dat zijn voorspelling binnen enkele weken zal uitkomen:

 “Ze zullen een Groot Europees Fonds voor Post-Pandemisch Herstel en Reconstructie aankondigen om indruk te maken op de inboorlingen. Ze zullen enkele indrukwekkend grote eurobedragen noemen die dat in theorie moeten financieren. Maar in werkelijkheid zal het volgende gebeuren: de reeds met schulden overladen lidstaten van de EU zullen borg staan voor leningen die de Europese Commissie aangaat en die ze dan zal toebedelen aan de lidstaten …  als leningen. Kortom, leningen aangegaan door de lidstaten en die bovenop hun schuld zullen komen worden via de Europese Commissie doorgesluisd om zo de indruk te wekken dat de Europese Unie een rol speelt.”

Varoufakis legt hier heel beeldend uit welk soort meel er doorgaans in de EU-molen gemalen wordt. Het is echter des te merkwaardiger dat het alternatief dat hij voorstelt eveneens op een massale verhoging van de overheidsschuld berust. Hij wil voor 1000 miljard € ‘eurobonds’, en ook al zou in zijn plan de ECB daarvoor garant staan, eurobonds blijven leningen die de lidstaten moeten aangaan en die hun schuld nog meer dan bij de bankencrisis de hoogte zullen injagen [efn_note] Voor een uitgebreide kritiek van de voorstellen van DiEM25 over de coronacrisis, zie Eric Toussaint en Eva Betavatzi, Critique du plan de DiEM25 pour faire face à la crise du Covid-19 en Europe. [/efn_note]. Zijn er dan alternatieven om de nakende economische crisis te bestrijden zonder de staatsschulden te verhogen? Die zijn er zeker, en Spanje heeft voorstellen in die richting, gesteund door Italië en door niemand minder dan de prins van het Elysée, Emmanuel Macron. Het fonds van 1500 miljard euro waarover Sánchez het heeft (zie hoger) zou financiële transfers (geen leningen) naar de meest getroffen landen inhouden; de financiering ervan zou berusten op obligaties met een ‘eeuwige’ looptijd, ze zouden met andere woorden niet moeten terugbetaald worden. Maar wie zou een dergelijke obligatie dan wel financieren? Hier zijn er verschillende mogelijkheden. Als de rente aantrekkelijk is kunnen investeerders het beschouwen als een eeuwigdurende inkomstenbron. Maar dat houdt in dat de EU, in de huidige constellatie nog veel waarschijnlijker: de lidstaten die erop beroep doen, ook een eeuwigdurende rente moeten betalen. De rente moet dus laag, en in het ideale geval nul zijn. Ook dat behoort perfect tot de mogelijkheden. De Europese Centrale Bank kan onbeperkt euro’s creëren, en kan bijgevolg de eeuwigdurende obligaties met nulrente opkopen door het nodige geld te creëren zoals ze het zo vaak doet. Eeuwigdurende obligaties met nulrente betekenen een daadwerkelijke hulp in een crisissituatie, waarbij de staatsschuld noch het begrotingstekort met één euro toenemen [efn_note] Voor meer uitleg over ‘perpetual bonds’, zie bv. Peter Franklin, Will a desperate EU resort to ‘perpetual bonds’? [/efn_note].   Ex nihilo? Een van de traditionele bezwaren tegen geldcreatie ‘ex nihilo’ (‘uit het niets’, of via de mythische ‘geldpersen’, ook wel ‘monetarisering van de schuld’ genoemd) is dat het tot een hollende inflatie zou leiden. Zelfs de linkse econoom Michael Roberts lijkt hiervan overtuigd te zijn, [efn_note]Zie zijn recent artikel Kiezen tussen leven of levensonderhoud? [/efn_note]. Deze vrees is in ieder geval zeer twijfelachtig in het geval van de eurozone, waar de ECB er nog steeds niet in slaagt om de gemiddelde inflatie op 2% te brengen. en er leningen verstrekt worden aan… negatieve interest, niettegenstaande dat er duizenden miljarden euro’s geïnjecteerd werden in het financieel systeem middels quantitative easing (QE). Wie het idee van ‘geld uit het niets’ absurd vindt, denkt waarschijnlijk nog steeds dat banken geld van spaarders bijeengaren om het uit te lenen aan bedrijven, hypotheekleners of overheden. Dit idee is even fout als zou de zon rond de Aarde draaien, of de Aarde een platte schijf zijn. ‘Geldcreatie’ is bijna uitsluitend een kwestie van tabellen bij (centrale en andere) banken, waar een lening toestaan niets méér inhoudt dan getallen aanpassen in de gepaste kolommen. De monetarisering van schuld (in bepaalde gevallen) is ook geen extreem-links plan om ‘het geld uit de wereld te helpen’. Een van de pleitbezorgers is de allesbehalve marxistische econoom Paul De Grauwe [efn_note] Zie zijn recente artikels in MO, CEPS of De Standaard.[/efn_note]. Nog krasser is het pleidooi van de meester-belegger George Soros [efn_note] George Soros, 23 april 2020, The EU should issue perpetual bonds to fund the economic recovery from coronavirus [/efn_note]. Hij denkt wel aan een rente van 0,5%, wat het Europees budget 5 miljard per jaar zou kosten (minder dan 3% van zijn budget). Zoals reeds vermeld is ook de Franse president Emmanuel Macron te vinden voor directe subsidiëring van zwaar getroffen lidstaten door de ECB. Dit kan verbazing wekken, maar is het niet nog verbazender dat ‘radicaal links’ hier voorbijgestoken wordt door traditionele economen en liberale politici? Gabi Zimmer, gewezen fractieleider van de radicaal linkse fractie in het Europees Parlement (GUE-NGL) was  toch onlangs nog een van de ondertekenaars van het EuroMemo-pleidooi voor schuldverzwarende coronabonds? De commentaren van deze fractie tijdens een crisis die voor die van de jaren ‘30 niet moet onderdoen zijn totaal ondermaats en een zware ontgoocheling voor wie dacht hier de stem van strijdend links in de EU te zullen horen.   Macron de rebel? Onder die omstandigheden is het niet zo verbazend dat sommigen in Emmanuel Macron een lichtpunt zien in de Europese politiek. Een van hen is Heiner Flassbeck, de vrij bekende eurokritische Duitse linkse keynesiaanse econoom die op zijn blog een ode brengt aan de recente stellingnamen van de Franse president. Deze strijkt inderdaad op een aantal punten tegen de haren van Berlijn in, en het monetariseren van staatsschulden is vloeken in de Duitse Kerk van de Onbevlekte Begroting. Toch geloof ik niet dat we aan de vooravond staan van de grote clash tussen Parijs en Berlijn. Vooreerst wijzen meningsverschillen tussen verschillende burgerlijke leiders of fracties op een verschil in appreciatie van de toestand en niet op een andere maatschappijkeuze. Men kan zich gemakkelijk inbeelden dat Macrons ervaringen met de Gele Hesjes, en de periodieke roerigheid van de Fransen in het algemeen, hem gevoeliger maken voor sociale onrust dan zijn collega’s aan de andere kant van de Rijn, waar centrum-links en centrum-rechts in goede verstandhouding de grote exportmachine sinds jaar en dag draaiende houden. De Franse economie is ook niet de meest florerende, en de Fransen hebben ook nooit dezelfde verering van hun franc gehad als de Duitsers die van hun Mark. Macron is zich waarschijnlijk beter bewust dan Merkel dat de EU door de huidige crisis dreigt uiteen te vallen; hij ziet misschien ook meer kans om zijn gewicht in de Europese schaal te leggen nu Merkel verzwakt is door de tribulaties rond haar opvolging en de dramatische verzwakking van haar sociaaldemocratische partner. Het water van de Rijn is waarschijnlijk ook minder diep dan men denkt. Het lijkt me niet zo onwaarschijnlijk om in de coronacrisis de gelegenheid te zien waarbij Duitsland de beurs wat meer opent  op voorwaarde dat de andere eurolanden onvoorwaardelijk hun economie op een ‘Duitse’ leest schoeien. Het Duitse voorstel om economische ‘hervormingen’ met een beetje EU-geld te stimuleren is niet van gisteren, en ook in Berlijn zitten momenteel mensen die weten dat dit een crisis is vergelijkbaar met die van de jaren ’30, en dat er bijgevolg kansen zijn om langgekoesterde hoop in realiteit om te zetten.   Corona als buitenkans voor nog meer neoliberale hervormingen? Op die manier zouden Macron en Merkel elkaar wel eens kunnen vinden. Een aantal ontwikkelingen passen in deze speculatie. Het is niet enkel Macron die het Spaanse idee van eeuwigdurende obligaties goedgezind is, het leeft algemener in de liberale Europese parlementsfractie Renew Europe. Deze  was vroeger bekend onder de naam ALDE en werd geleid door Gie Verhofstadt. Opnieuw zal het velen verbazen, maar ook Verhofstadt is voorstander van eeuwigdurende obligaties om er de gevolgen van de coronacrisis mee bestrijden [efn_note] Gie Verhofstadt, 15 april 2020, Toward a European Reconstruction Fund. Hier is sprake van de uitgifte van consols, wat de historische naam is van de eerste dergelijke obligaties. Net zoals Soros heeft hij het over een bedrag van 1000 miljard euro, maar de rentevoet zou wel vijf keer hoger liggen (2,5%) dan wat de multimiljardair voorstelt. [/efn_note]. Tot zover lijkt alles wel een beetje merkwaardig, maar anderzijds toch ook hoopgevend. Van waar de voorstellen ook mogen komen, ze zouden een relancepolitiek mogelijk maken zonder de lidstaten in diepe schulden te steken. Maar waar zouden deze liberale kopstukken, ook al vóór de coronacrisis bekend voor hun social distancing, hun motivatie plots halen om de liberale verknochtheid aan de markt te doorbreken? Een hint wordt gegeven door Dragoș Pîslaru, een ander lid van het liberale Renew Europe, en binnen het Europees Parlement mederapporteur voor het RISP-dossier. RISP staat voor Reform and Investment Support Programme, dat helemaal kadert binnen het reeds vermelde opzet om ‘structurele hervormingen’ in de lidstaten te stimuleren door er wat geld tegenaan te gooien. RISP stond al voor de crisis in de steigers, maar Dragoș Pîslaru legt uit welke richting men het programma sinds de coronacrisis wil laten uitgaan:

“Gedurende de laatste maanden, te midden de crisis, is het Europees Parlement blijven werken aan de herdefiniëring van een instrument dat een paar jaar geleden gecreëerd werd om structurele hervormingen te stimuleren, zowel binnen als buiten de eurozone.”

Pîslaru legt verder uit dat er daarvoor aanvankelijk maar 17 miljard euro voorzien was in het EU-budget 2021-2027, maar dat dit in het licht van de huidige crisis totaal onvoldoende is. Opnieuw valt het cijfer van 1000 miljard euro, en opnieuw worden eeuwigdurende obligaties als de oplossing vernoemd. Deze obligaties zouden dan wel nooit moeten terugbetaald worden, maar er zou wel jaarlijks rente moeten op betaald worden [efn_note] We vermeldden reeds het percentage van 2,5% vernoemd door Verhofstadt, dus een stuk hoger dan wat Soros insinueerde, en in ieder geval niet de nulrente die mogelijk zou zijn als de ECB de ‘consols’ opkocht. Dit wijst er meer dan waarschijnlijk op dat in het liberale plan de obligaties op de financiële markten zouden aangeboden worden, die op die manier het niet onaantrekkelijke vooruitzicht zouden hebben van een eeuwigdurende jaarlijkse geldstroom van 25 miljard € uit het Europees budget, wat momenteel neerkomt op zowat 15% daarvan.  [/efn_note]. Die extra uitgaven zouden bekostigd worden door een verhoogde bijdrage van de lidstaten in het Europees budget. Is het dan volledig toeval dat  Angela Merkel onlangs aankondigde dat er geen sprake kan zijn van coronabonds, maar wel van een verhoogde Duitse bijdrage in het Europees budget? Of het binnenkort zover komt staat natuurlijk helemaal niet vast, maar voor het liberaal Europees project lijkt zulk scenario over heel wat troeven te beschikken. Macron behaalt een groot succes, terwijl Duitsland zijn vrekkig imago kan oppoetsen tegen een zeer modeste prijs [efn_note] Stel dat de extra inbreng in het Europees budget proportioneel is met het BBP, zou dit Duitsland 5 miljard kosten, een bescheiden bedrag, waarvan een deel kan terugkeren uit de pot van 1000 miljard. [/efn_note]. Het sterke ongenoegen van Madrid en Rome over de Europese aanpak van de coronacrisis zou verstillen, terwijl er geen sprake is van ‘moral hazard’ of schuldentransfer. En dan is er nog de hoofdprijs: een pot van 1000 miljard [efn_note] 1000 miljard of meer; de Spaanse premier sprak van 1500 miljard, en ook het cijfer van 2000 miljard was al te horen. [/efn_note]  is heel wat anders dan de schamele 17 miljard (over 7 jaar te verdelen!) die voorzien waren voor RISP om er de gewenste structurele hervormingen mee te stimuleren. Een grote pot geld die kan uitgedeeld (niet: uitgeleend) worden fungeert natuurlijk als wortel, maar de fenomenale crisis die alle lidstaten meemaken maakt er ook een stok van. De hervormingseisen die zouden gesteld worden om een deel van de pot te krijgen zouden door regeringen veel gemakkelijker kunnen verantwoord worden onder de zware economische crisis die zal volgen. Waarschijnlijk zal het allemaal nog anders verlopen, maar het zou vanwege vakbonden, linkse partijen en burgers in het algemeen een zware fout zijn te geloven dat het liberale Europa nu wel zijn lesje geleerd heeft en de EU een nieuwe, socialere richting inslaat. De plannen met RISP zijn maar één uiting van never waste a good crisis…  

Pagina's