Sinds de Gezi-protesten van 2013 gaat het bergaf met Turkije. De motor van de Turkse economie sputtert steeds meer en dreigt zonder benzine stil te vallen. Dit gaat gepaard met een steeds verdere afkalving van de rechtsstaat en een toenemende concentratie van macht in handen van de president en zijn omgeving. [leestijd 7 minuten]

De AKP mag dan veruit de grootste politieke partij zijn in Turkije, tegelijk is het overleven van de president steeds meer gekoppeld aan de steun van de ultranationalistische, fascistische MHP. De laatste vorm van legitimiteit waarover de Turkse president nog beschikte, was zijn constante verwijzing naar de kiezer. De stembus was de hoogste vorm van democratie.

Hoewel gokken in Turkije verboden is, is de president een vrij verstandige gokker op het politieke schaakspel. Maar op een bepaald moment verblindt de macht en onderschat je de realiteit. De president gokte op de gemeenteraadsverkiezingen van 31 maart 2019, ervan uitgaande dat het moe gestemde kiespubliek hem de zoveelste klinkende overwinning zou bezorgen. Het draaide anders uit.

Het kloppende economische hart van Turkije, de zes belangrijkste steden Istanboel, Ankara, Izmir, Bursa, Adana, Antalya en Mersin, die met uitzondering van Izmir in handen waren van de AKP, kwamen – overigens onverwacht – met uitzondering van Bursa in handen van de CHP. Daarnaast was in Bursa, een stad waar de AKP een comfortabele voorsprong van 15 procent had, het verschil gekrompen tot een schamele 2 procent.

Val van Istanboel even belangrijk als de val van Constantinopel

De val van Constantinopel in 1453 bezegelde het einde van het Byzantijnse Rijk. Het was het begin van een langdurige periode van expansie van het Ottomaanse Rijk. Net zo was de verkiezingsoverwinning in Istanboel in 1994, toen nog door de Refah partij, de belangrijkste mijlpaal in de politieke loopbaan van Recep Tayyip Erdogan, die er burgemeester werd. Het zou de start worden van een ‘veroveringstocht’ van de conservatieve islam als belangrijkste politieke kracht in Turkije. Om het met de woorden van Erdogan zelf te zeggen, ‘wie Istanboel in handen heeft, heeft Turkije in handen.’ Istanboel is overigens niet alleen symbolisch belangrijk, het is het kloppend hart van de Turkse economie dat instaat voor een derde van het Bruto Nationaal Product.

Eigenlijk werd de campagne voor het burgemeesterschap gevoerd door de president. Binali Yildirim, de burgemeesterskandidaat van de AKP, de enige eerste minister ter wereld die tijdens een referendum propaganda voerde voor de afschaffing van zijn eigen positie ten koste van een presidentieel systeem, kreeg als troostprijs het voorzittersschap van het parlement en als toetje het toekomstige burgemeesterschap van Istanboel.

Verloop van de verkeizingsavond op 31 maart

Anadolu Agency, het enige nog toegelaten persagentschap in Turkije, staat zoals zowat alle media-organen onder controle van de AKP. Binali Yildirim was al op TV gekomen en had verklaard dat hij de verkiezingen had gewonnen. Maar met 98 procent van de stemmen geteld bleek duidelijk dat de AKP en CHP steeds dichter bij elkaar kwamen. Het is 23 uur ’s avonds.  Anadolu Agency gaf geen resultaten meer door.

Intussen was het stadspersoneel van Istanbul opgetrommeld. Gedurende de nacht werden overal in Istanboel, in sommige streken tot op iedere elektriciteitspaal en op alle bruggen van Istanboel, affiches en spandoeken gehangen met daarop de beeltenis van Yildirim en Erdogan die de bevolking bedankten voor de verkiezingsoverwinning. Alles met gemeenschapsgeld.

Intussen werd duidelijk dat de AKP niet had gewonnen. De vrijwel onbekende Imamoglu, burgemeesterskandidaat van de CHP, lag op kop. Maar we moesten wachten tot 9 uur ’s morgens ovoordat de YSK (de nationale verkiezingsraad) verklaarde dat Imamoglu de verkiezingen had gewonnen. Daarna publiceerde Anadolu Agency ook de cijfers. Istanboel, het kroonjuweel van de AKP, was verloren.

Waar de president zich eerst leek neer te leggen bij de verkiezingsuitslag veranderde dat vrij snel. Er werden hertellingen geëist. De YSK gaf toe aan de meeste klachten, maar Imamoglu bleef op kop liggen. Bij sommige stembureaus werden tot drie keer toe herteld. Opvallend, de YSK heeft alle klachten van de HDP verworpen, maar meer dan 85 procent van de klachten van de AKP werden ingewilligd.

Tegelijk kende de YSK in zes etnisch Koerdische steden, waar de HDP meer dan 70 procent van de stemmen haalde, de burgemeesterszetel toe aan de AKP. Blijkbaar waren de HDP-kandidaten – hoewel voorheen allemaal goedgekeurd door de YSK – plots niet meer erkend. Van een klucht gesproken.

De YSK kon niet anders dan de burgemeesterssjerp toekennen aan Imamoglu. En plots ontdekte de AKP een complot. De gerechtelijke macht begon met het arresteren van voorzitters van stembureaus. De AKP diende de ene klacht na de andere in.

Heel opvallend: er grepen tijdens de gemeenteraadsverkiezingen eigenlijk vier verkiezingen plaats. Enerzijds voor de burgemeester van de metropool, anderzijds voor de lokale burgemeesters van de districten en voor de dorpsoversten, de muhtars en tenslotte voor de gemeenteraden. Het rare is, in de districten heeft de AKP een meerderheid. Er werden enkel klachten ingediend tegen de burgemeestersverkiezing van de metropool. Maar overal waren de kiescommissies dezelfde.

De YSK is proportioneel samengesteld. In de praktijk betekent dit dat van de elf leden er zeven zijn die lid zijn van de AKP of MHP en vier van de CHP of IYI (1) De HDP is niet vertegenwoordigd. Dat is democratie op zijn Turks.

Intussen vielen de schandalen uit de kast. De groote steden zitten met enorme schulden. De Koerdisch etnische steden, waar de burgemeesters werden afgezet en vervangen door AKP-vertrouwelingen, zijn leeg geplunderd. Miljarden euro’s werden uitgegeven aan ‘religieuze stichtingen’, de belangrijkste hiervan, de Ensar-stichting, waar Bilal, de zoon van Erdogan, de invloedrijkste figuur is, heeft een aantal aanklachten van kinderverkrachtingen in de Ensar-internaten in de doofpot gestopt. (2)

De YSK annuleerde op 6 mei de verkiezingen in Istanboel, de kiezers moeten opnieuw naar de stembus op 23 juni.

Als de verkiezingen in Istanboel illegaal zijn, zijn alle vorige verkiezingen illegaal

De YSK keurde tijdens het referendum over het presidentieel systeem 2,5 miljoen niet afgestempelde kiesbrieven goed. Met dit verschil was er nooit een meerderheid geweest voor het presidentiële systeem. Dan had de neen stem gewonnen. Het grote probleem is, Erdogan verliest hiermee zijn legitimiteit, zoals in een eenvoudig schema links hiervan wordt uitgelegd.

Is dit wat Erdogan echt wil of wilde?

Als de nieuwe verkiezingen in Istanboel een meerderheid geven voor de AKP, blijven ze discutabel. Zelfs moest er geen fraude gepleegd worden, en alles eerlijk zou verlopen, weet, dat blijkt uit peilingen, dat ook een deel van de AKP-kiezers deze verkiezingen niet wilde. Zelfs binnen de AKP is een meerderheid ervan overtuigd dat de verkiezingen eerlijk zijn verlopen. In het tegengestelde geval, als de AKP niet wint, wat onwaarschijnlijk is, dreigt een ramp voor de AKP. Dan heeft Erdogan een tegenstander geschapen die een groter gewicht in de schaal zal werpen dan Ince (3).

De adder in de volkscoalitie

De president staat steeds onder grotere druk van de MHP. Zoals in het verleden is gebleken, toen de AKP in 2015 tijdens de verkiezingen in juni geen meerderheid meer had, kreeg hij de reddende handschoen toegeworpen van Bahceli (4).

De MHP wil haar steun verzilveren en meer invloed op het regeringsbeleid. Dat wil zeggen dat de politiek van de president steeds meer in handen zal komen van haviken, dit terwijl de buitenlandse politiek van Turkije nu al een complete ramp is.

Naast politieke, wil de MHP ook meer economische macht verwerven. Dit ten koste van het AKP-machtsbastion, de president zal eieren voor zijn geld moeten kiezen.

Door de nieuwe verkiezingen in Istanboel wordt Turkije steeds meer naar de economische afgrond gedwongen. De verklaring van de TUSIAD, de werkgeversorganisatie van Turkije, die heel braafjes reageert maar tegelijk duidelijk maakt dat zij niet gelukkig zijn met deze nieuwe verkiezingen, is een teken aan de wand. Dat gisteren verantwoordelijken van de KOC-holding, de belangrijkste holding in Turkije, de nieuwe burgemeester van Istanbul de hand gingen schudden is tekenend.

Het patronaat wil heel duidelijk dat Turkije in een IMF-programma stapt. De Turkse economie is immers zo goed als bankroet en het patronaat wil garanties. Met nieuwe verkiezingen zijn die er niet en het Turkse patronaat snakt naar nieuwe leningen en consolidatie van haar leningen. Nu kan je denken dat enkele weken het verschil niet kunnen maken, maar de dag dat Turkije haar schuldverplichtingen niet kan nakomen, stort alles in elkaar. De zoveelste daling van de Turkse lira maakt de schuldverplichtingen enkel zwaarder. De grote vraag is wie zal de kortlopende kredieten financieren, ze bedragen 180 miljard dollar dit jaar.

Een kankerpatient die geen infuus meer krijgt, sterft. Het infuus voor de Turkse economie is opgedroogd. De Turkse president beseft dit maar al te goed, hij is aan handen en voeten gebonden en zoekt koortsachtig naar een nationale eenheid, die hij, juist door de nieuwe verkiezingen in Istanboel, niet meer kan realiseren. Daarmee heeft hij zichzelf in de voet geschoten. Een flater van jewelste.

Voetnoten

1. De ‘Goede Partij’, een afsplitsing van MHP die een meer centrumrechts profiel aannam. De partij vormde een alliantie met de CHP.
2. De parlementair die de vinger op de wonde legde is Kamer Genc, een intussen overleden linkse Alevitische CHP-verkozene uit Tunceli-Dersim. Hij legde ook de banden bloot tussen islamitische stichtingen in Turkije en Duitsland, waar giften van moslims in de al goed gevulde zakken van de AKP terecht kwamen en waar kindermisbruik werd toegedekt.
3. Ince was de presidentskandidaat van de CHP tijdens de laatste presidentsverkiezingen.
4. Bahceli is de voorzitter van de MHP.