Borderless

16 July 2019

Vrijheid voor politieke gevangenen in Pakistan

Baba Jan is de langst zittende politieke gevangene in Gilgit-Baltistan, een regio in het noorden van Pakistan. Al zeven jaar lang wordt Baba Jan op basis van valse beschuldigingen onterecht in de gevangenis vastgehouden.  Momenteel heeft hij hartproblemen en wordt hem een medische behandeling geweigerd. Wij eisen dat hij naar Islamabad wordt overgeplaatst, zodat hij gebruik kan maken van medische faciliteiten aldaar en dat hij wordt vrijgelaten.

[leestijd 5 minuten] Op 25 september 2014 werden Baba Jan en 11 andere activisten (waaronder Iftikhar Hussain, Irfan Ali, Aleemullah Khan, Sher Khan, Rashid Minhas Anees, Sher Khan en Salman Ali) veroordeeld tot levenslange gevangenisstraf door een anti-terrorisme rechtbank in Gilgit stad. Baba Jan en de andere veroordeelden zijn echter geen terroristen. Baba Jan is een gerespecteerde politiek activist in Gilgit-Baltistan. Hij werd veroordeeld vanwege zijn aanhoudende activisme ter ondersteuning van de strijd tegen onderdrukten in de regio.

In januari 2010 stortte een berg in de Hunza rivier in, en creëerde wat nu het Attabadmeer wordt genoemd. Toen het meer ontstond overstroomde verschillende dorpen. In totaal raakten meer dan 1.000 mensen ontheemd en meer dan 25.000 mensen werden van de rest van het land afgesneden (het meer had de enige weg die het gebied met Pakistan verbindt, vernietigd). De benarde toestand van de bevolking van Gilgit-Baltistan werd genegeerd door de overheid. Baba Jan trok door het land om bij de autoriteiten te lobbyen om het meer droog te leggen en transportfaciliteiten voor de getroffenen te creëren. De regerende Pakistan Peoples Party handelde te laat. Het meer is nu permanent. Om de protesten van de ontheemden tegen te gaan, beloofde de regering een financiële compensatie voor de getroffen bevolking, en steun bij hun hervestiging.

Vele mensen hebben hun de compensatie echter nooit ontvangen. Een officiële lijst van degenen die compensatie zouden moeten ontvangen noemt 457 gezinnen. Meer dan honderd van deze gezinnen ontvingen tot nu geen compensatie.

Op 11 augustus protesteerden zo'n 200 mensen voor de rechten van de gezinnen die nog geen compensatie hadden ontvangen. Dit protest vond plaats terwijl de toenmalige minister-president van Gilgit-Baltistan, Mehdi Shah, de stad Aliabad bezocht. De politie, die de opdracht kreeg om de demonstranten op welke manier dan ook te verwijderen, begon met wapenstokken te slaan en gebruikte vervolgens traangas alvorens het vuur te openen met scherpe munitie. Hun eerste slachtoffer was Afzal Baig, een 22-jarige student. Toen Baig's vader het lichaam van zijn zoon probeerde op te halen, werd ook hij neergeschoten. Beiden stierven. De bevolking van de vallei barstte uit in woede, en een politiebureau en andere overheidsgebouwen werden door demonstranten in brand gestoken.

Baba Jan kwam zes uur later aan. Hij organiseerde de demonstranten op een vreedzame manier en hun werd beloofd dat er een onderzoek zou komen en er krachtig opgetreden zou worden tegen de politieagenten die verantwoordelijk waren voor de doden. De demonstranten wachtten daarna op actie van de regering.

Een week later trad de regering op: er werden arrestatiebevelen uitgevaardigd voor talrijke demonstranten, waaronder Baba Jan. Terwijl de meeste gearresteerden nu op borgtocht zijn vrijgelaten, werd Baba Jan twee jaar in de gevangenis vastgehouden voordat hij op borgtocht werd vrijgelaten. Een andere activist, Iftikhar Hussain, kreeg geen borgtocht kreeg en zit nu al meer dan zeven jaar in de gevangenis. Twee keer werden Baba Jan en Iftikhar Hussain door paramilitairen van de regering uit de gevangenis gehaald en gemarteld. Eerst werd hij vanaf 12 september 2011 drie tot vier uur lang drie nachten lang met stokken geslagen en werden zijn voeten onder laarzen verpletteren, terwijl bij Iftikhar gesmolten kaarsvet op zijn geslachtsdelen werd gegooid. Op 28 april 2012 werd Baba Jan opnieuw gemarteld. Politie en Pakistans Rangers (paramilitairen) kwamen zijn cel binnen en sloegen hem in elkaar. Ze brachten hem vervolgens naar een onbekende plek waar hij opnieuw op brute wijze werd geslagen, en om hem te vernederen, schoren ze zijn hoofd kaal. Hij liep gebroken vingers op, maar kreeg geen medische behandeling.

Ondertussen werd er een gerechtelijk onderzoek ingesteld naar de moord op Afzal Baig en zijn vader. De bevindingen van het onderzoek zijn niet openbaar gemaakt, maar journalisten die het hebben gezien, beweren dat het de schuld voor het incident bij de politie en de lokale bureaucratie legt.

Baba Jan is een gemeenschapsactivist, en hij wordt gestraft voor het organiseren van de gemeenschap om het laten horen van hun stem in het politieke proces. In 2013 kwam Baba Jan op borgtocht vrije, en hervatte hij zijn activisme ter ondersteuning van de bevolking. In 2014 zette hij zich met succes in voor het herstel van de 'graansubsidie' voor de regio. Zijn borgtocht werd ingetrokken en hij werd veroordeeld tot levenslange gevangenisstraf. Niet afgeschrikt hierdoor was hij in de zomer van 2015, vanuit de gevangenis, kandidaat voor verkiezingen voor het regionale parlement in het kiesdistrict Hunza. Zonder geld en gehinderd door zijn gevangenschap, slaagde hij er in om tweede te worden in de verkiezingen. Toen de zetel opnieuw verkiesbaar werd stond Baba Jan op het punt om zich weer kandidaat te stellen. Dit werd echter onmogelijk gemaakt. Zijn goede verkiezingsresultaat had de regering van Pakistan angst aangejaagd. De verkiezingen werden onder verschillende voorwendselen meerdere malen uitgesteld totdat Baba Jan, nadat hij definitief veroordeeld was, zich niet meer kandidaat mocht stellen.

Wij roepen de regering van Pakistan op de bevindingen van het gerechtelijk onderzoek naar de dood van Afzal Baig en Sher Ullah Baig te publiceren en degenen die verantwoordelijk zijn voor het politiegeweld voor de rechter te brengen. Wij doen een beroep op activisten op lokaal en internationaal niveau om te protesteren tegen beslissingen van de rechtbank die onschuldige burgers straffen en de politie vrijuit laten gaan. De regering zet Baba Jan en de andere activisten gevangen om de bevolking van Gilgit-Baltistan te intimideren en ervan te weerhouden om te protesteren en op te komen voor hun politieke en mensenrechten. Wij eisen bovenal dat het vonnis wordt ingetrokken. Het is in strijd met alle concepten van rechtvaardigheid dat moordenaars worden gepromoveerd tot hogere posten binnen de politie, terwijl gerechtelijke rapporten niet worden verstrekt aan de families van de slachtoffers, en dat gemeenschapsleiders voor het leven gevangen worden gezet. Wij verklaren ons solidair met de politieke gevangenen in Gilgit-Baltistan.

Klik hier om de petitie te tekenen:

Eerste ondertekenaars:

Noam Chomsky, professor (emeritus), MIT; Laureate professor, U. of Arizona

Eshan Ali,  Awami Action Tehreek Gilgit-Baltistan

Mir Mohammad Ali Talpur, schrijver

Sadia Abbas, professor, Rutgers University, Newark

Tariq Ali, schrijver

Muhammad Hanif, Journalist/schrijver

Aziz Ali Daad, schrijver

Farooq Tariq, Awami Workers Party

David Graeber, London School of Economics and Political Science

Pervaiz Vandal, architect

David Barsamian, Alternative Radio

Soort artikel: 

Reactie toevoegen

Plain text

  • Toegelaten HTML-tags: <a> <em> <strong> <cite> <blockquote> <code> <ul> <ol> <li> <dl> <dt> <dd>
  • Adressen van webpagina's en e-mailadressen worden automatisch naar links omgezet.
  • Regels en alinea's worden automatisch gesplitst.
Uw reactie zal niet meteen verschijnen, deze wordt eerst goedgekeurd door de beheerder.
To prevent automated spam submissions leave this field empty.
Image CAPTCHA
Vul de tekens uit bovenstaande afbeelding in.

Reageren