Borderless

7 December 2019

Bestrijd de klimaatcrisis, vijf redenen waarom kritiek op consumptie niet genoeg is

‘[De Zweedse premier] liegt! (...) Hij zegt dat wij mensen dit veroorzaakt hebben, maar dat is niet waar. (...) Hij zegt het alleen maar zodat we door kunnen gaan zoals altijd, want als iedereen de schuld heeft, heeft niemand schuld. Maar er zijn schuldigen, dus wat hij zegt is niet waar. Er zijn een paar bedrijven die bijna de totale CO2-uitstoot produceren. En er zijn een paar zeer rijke mannen die miljarden hebben verdiend met het vernietigen van de hele planeet, ook al kenden ze de risico's. Dus de premier liegt zoals iedereen. (...) Niet iedereen heeft [de crisis] veroorzaakt, maar slechts een paar, en om de planeet te redden, moeten we hen en hun bedrijven en hun geld bestrijden en hen verantwoordelijk stellen.’ Fragmenten uit het boek: Scener ur hjärtat (Scenes uit het hart) van Greta en Svante Thunberg, Beata en Malena Ernmann.

Hoe vaak hebben we niet gehoord dat onze consumptie, de bevolkingsgroei, ons gebrek aan milieubewustzijn of het egoïsme van de mens de oorzaken zijn van de klimaatcrisis? Met onze huidige consumptie zouden we 1,7 maal de planeet aarde nodig hebben om de stroom hulpbronnen in stand te houden en om de druk op de planeet te verlichten zouden we onze ecologische voetafdruk moeten verminderen, bijvoorbeeld door veganistisch te eten, minder te reizen, licht uit te schakelen, enzovoort. Deze aanpak, gericht op kritische of ethische consumptie, wordt de laatste jaren gepropageerd als een van de belangrijkste manieren om de milieucrisis aan te pakken. Sommige critici van consumptie geloven zelfs dat onze overmatige consumptie de schuld is van onze mentale stress en dat we uiteindelijk gelukkiger zouden zijn met minder rijkdom 1. Voor hen is onze individuele wil het perfecte instrument om de crisis te beëindigen. Ethische consumptie kan ons niet alleen bevrijden van mentale ellende door een eenvoudiger leven te leiden, maar ook van een ecologische ramp, zo stellen zij. In de volgende punten willen we graag uitleggen waarom we van mening zijn dat deze redenering niet voldoende is in de strijd voor klimaatrechtvaardigheid. [leestijd 16 minuten] 

1. Jij of ik zijn niet het probleem, het is de productie

We worden vaak geconfronteerd met het argument dat ethische consumptie de productie en de effecten ervan, zoals emissies, kan verbeteren. Volgens deze logica bestaan producten alleen omdat mensen ze kopen en wordt de productie dus gedreven door onze wensen. Het punt is dat als we echt tot de kern van de klimaatcrisis willen doordringen, we verder moeten kijken dan de consumptie en vragen durven stellen over de productie. Dit betekent niet alleen van wie de fabrieken en bedrijven zijn, maar ook wat er geproduceerd wordt, hoe en waarom.

We kunnen stellen dat de klimaatcrisis begon binnen de kapitalistische economische orde en op geen enkel ander historisch moment. De introductie van de stoommachine met het gebruik van fossiele brandstoffen ongeveer 200 jaar geleden gaf het kapitalisme een solide basis voor haar reproductie en maakte het systeem volledig afhankelijk van deze energiebronnen 2. Het kapitalisme functioneert zo dat de productie in onze samenleving expansief en concurrerend moet zijn. De enige reden om in het kapitalisme te produceren is winst om kapitaal te vergaren, te groeien en de concurrentie het hoofd te bieden. Dit betekent voor het milieu dat er een oneindige capaciteit aan hulpbronnen en energie voor het productieproces moet zijn om de noodzakelijke uitbreiding van het kapitalisme mogelijk te maken. Door hun eigenschappen zijn fossiele brandstoffen de energiebron die deze onbeperkte uitbreiding mogelijk lijken te maken. Zo ontstaan milieucrises. Het is eigenlijk heel eenvoudig: onbeperkte groei (of accumulatie) in een beperkte wereld is onmogelijk.

Zoals blijkt uit de bovenstaande grafiek, neemt de CO2-uitstoot alleen af tijdens systeemcrises, zoals de oliecrises van 1973 en 1979/80 of de bankencrisis van 2008/2009. Dit betekent dat de uitstoot afneemt in een tijd waarin de economie stagneert en niet groeit. De relatie tussen economische groei, productie en broeikasgassen is dan ook onmiskenbaar. Zo zien we dat  het probleem de manier is waarop de productie in onze samenleving georganiseerd is en de noodzakelijke dwang tot groei (Marx noemde het de ‘accumulatie van kapitaal’). Een groei die geen grenzen kent, noch menselijke noch ecologische.

Het effect van deze productiewijze blijkt uit de willekeur en de grote hoeveelheid producten en diensten, die op hun beurt onnodig hoge emissies veroorzaken. Bijvoorbeeld de enorme verspilling in de voedingsindustrie, waarbij 30 tot 50% van het voedsel wordt weggegooid voordat het onze tafel bereikt 3. In het kapitalistische systeem wordt de productie niet primair bepaald door vraag en aanbod, maar door de maximalisatie van de winst, dat wil zeggen door de maximalisatie van de productie en dus van de consumptie. Onder deze omstandigheden is  elke rationele intentie om de geproduceerde hoeveelheden te controleren, onmogelijk.

Bovendien worden veel van de emissies veroorzaakt door overbodige industrieën voor uitsluitend lucratieve doeleinden. De reclame-industrie, waarvan de enige bestaansreden is om de winst van andere industrieën te verhogen, produceert volgens CarbonTrack alleen al in het Verenigd Koninkrijk 2 miljoen ton CO2. Een hoeveelheid die voldoende zou kunnen zijn om 364.000 woningen een jaar lang te verwarmen 4. Een ander voorbeeld is het verbruik van olie door het Amerikaanse leger, dat uitsluitend tot doel heeft de geostrategische en economische belangen van de VS aan de wereld op te leggen, en dat met 100 miljoen vaten per jaar de grootste gebruiker van olie ter wereld is. We moeten ook in gedachten houden dat veel producten zodanig zijn ontworpen dat ze verouderen, dat wil zeggen dat ze na een bepaalde periode geprogrammeerd niet meer functioneren. Dat is bedoeld om een constante consumptie te stimuleren en zo meer winst voor bedrijven te genereren, terwijl het milieu de negatieve gevolgen daarvan ondervindt 6. Omdat we overgeleverd zijn aan deze opgelegde economische omstandigheden, kunnen we werknemers niet als actieve veroorzakers van de crisis beschouwen.

Zo zien we dat het kapitalisme als geheel, inclusief wie wat produceert, hoe en waarom, uiteindelijk alleen gericht is op de behoeften van degenen die eigenaar zijn van de bedrijven en fabrieken. Wat is het doel van het kapitalisme? Geld bijeenhalen en groeien. Deze productiewijze biedt niet de mogelijkheid om te handelen volgens de werkelijke behoeften van mens en natuur. Een economie die gebaseerd is op de behoeften van de mensheid en de natuur moet rekening houden met het welzijn van alle mensen en het sparen en niet vervuilen van de natuur, maar beide aspecten zijn nu gewoon essentieel om de kosten te verminderen en het voortbestaan van een bedrijf in de huidige concurrerende markt te garanderen. Het is dus het systeem zelf dat een specifieke vorm van productie vereist. Het concentreren van onze consumptie in een andere niche die wij ethisch gezien geschikter achten, zal dit feit of de historische afhankelijkheid van het systeem van fossiele energie niet veranderen. Onze kritiek en onze acties moeten gericht zijn op de wortel van de milieucrisis en alle andere onrechtvaardigheden in de wereld. Als alternatief hebben we een democratisch geplande economie nodig die de natuurlijke hulpbronnen niet willekeurig overlaat aan de particuliere belangen van enkelen, maar produceert op basis van duurzaamheid en recycleerbaarheid en in het belang van iedereen.

2. De klimaatcrisis is een klassenkwestie

Een van de belangrijkste argumenten van consumptiecritici is dat we allemaal in hetzelfde schuitje zitten en dat we gelijkelijk een bijdrage leveren aan het zinken ervan. Het is duidelijk dat de klimaatcrisis wordt veroorzaakt door mensen, maar dat is een halve waarheid. Als we bijvoorbeeld beter kijken naar de sectoren die vandaag de dag het meest bijdragen aan de uitstoot, zien we dat de industrie en de landbouw verantwoordelijk zijn voor ongeveer ¾ van de totale uitstoot van broeikasgassen. Honderd bedrijven zijn sinds 1988 verantwoordelijk voor een ongelooflijke 71% van de wereldwijde CO2-uitstoot 8.

Maar zelfs als we ons beperken tot onze levensstijl, wat de consumptiecritici vaak doen, zitten we niet in hetzelfde schuitje. Oxfam publiceerde enige tijd geleden een rapport waaruit bleek dat de rijkere klassen met hun luxueuze leven veel meer bijdragen aan de klimaatcrisis dan de armste mensen. Iemand die tot de rijkste 1% van de wereld behoort, produceert 175 keer meer uitstoot dan iemand uit de armste 10% van de wereld. 50% van de uitstoot kan worden toegeschreven aan de rijkste 10%. Met andere woorden, de armste klassen van alle samenlevingen worden niet alleen het zwaarst getroffen door de klimaatcrisis, maar dragen er ook het minst aan bij. Zij hebben ook veel meer moeite om zich aan te passen aan en te herstellen van extreme klimatologische omstandigheden, door hun geografische ligging en/of hun materiële omstandigheden. Tijdens de Woolsey branden [in de VS] van vorig jaar bijvoorbeeld konden de Kardashians zich particuliere brandweerlieden veroorloven om hun eigendommen te beschermen, terwijl de arme buren in de regio toekeken hoe de brand hun bezittingen in as legde 9. Als we meer vergelijkingen willen maken, bijvoorbeeld over het verschil in afvalproductie, zien we ook een grote kloof tussen huishoudens en industriële productie. Bouw-, sloop- en bedrijfsafval in Duitsland bedroeg in 2016 278,7 miljoen ton (67% van het totale afval), terwijl het gemeentelijke afval slechts 52,1 miljoen ton bedroeg 10. Het is dus principieel onjuist om te doen alsof we  allemaal in hetzelfde schuitje zitten en ons bovendien schuldgevoelens aan te praten 11; er zijn duidelijke verschillen.

Wat betreft de oplossingen die door consumtiecritici worden verdedigd:  niet iedereen in onze samenleving kan het zich veroorloven om biologische (of andere duurzamere) producten te kopen, omdat ze vaak financieel afhankelijk zijn van goedkope supermarktproducten als gevolg van lage pensioenen, werkloosheid of slecht betaalde lonen. Vliegreizen zijn bijvoorbeeld vaak goedkoper dan reizen per trein of bus, waardoor de armste mensen (als ze zich een vakantie kunnen veroorloven) vaak de beslissing nemen om op de meest vervuilende manier te reizen. Maar laten we ook in dit voorbeeld niet vergeten: het zijn zakenlui, en niet de arbeidersklasse, die het vliegtuig gewoonlijk als dagelijks en gemakkelijker vervoermiddel gebruiken (uiteraard om zakelijke en financiële redenen). Er is meermaals aangetoond dat mensen in principe een bepaalde mate van sociale en materiële zekerheid nodig hebben om te kunnen beslissen om meer ecologisch verantwoord te consumeren 12.

Ook het idee dat mensen vrije consumenten zijn, is niet helemaal juist. Reclame, die bedrijven helpt om hun winst te maximaliseren, heeft een enorme invloed op onze beslissingen 13. Behoeften worden kunstmatig gecreëerd om ons nieuwe stimulansen te geven om bepaalde producten te consumeren. Tegenwoordig worden eerder wensen van consumenten beïnvloed dan dat wij invloed hebben op de productie.

We moeten ons krachtig verzetten tegen het idee dat we allemaal verantwoordelijk zijn, omdat de kapitalisten er voordeel uit kunnen en willen halen. We zien dit nu al terug in de manier waarop de heersende klasse de klimaatcrisis probeert aan te pakken, door op te leggen dat wij, de meerderheid van loontrekkers, alle kosten moeten betalen. Bijvoorbeeld door middel van zogenaamde CO2-belastingen, die een extra belasting heffen op het CO2-gehalte van fossiele energiebronnen om marktstimulansen te creëren die bijdragen aan de ontwikkeling van een productie met een lage uitstoot. In Frankrijk viel het idee dat de bevolking de kosten van de energietransitie voor haar rekening zou nemen heel slecht en veroorzaakte terecht de woede van de Gele Hesjes. Belasting op consumptiegoederen zou betekenen dat in de toekomst slechts een beperkt aantal mensen er toegang toe zou hebben, wat de bestaande sociale ongelijkheid zou verergeren. Kritische consumptie laat geen ruimte voor de klassenkwestie en is daarom een geschenk aan de kapitalisten die ons (bij wijze van uitzondering) gelijk willen stellen en ons willen dwingen te betalen voor een crisis die we niet veroorzaakt hebben. Als het gaat om het betalen voor hun rampen, zijn we plotseling allemaal gelijk, maar als het gaat om de herverdeling van rijkdom, komt het woord gelijkheid niet voor  in het woordenboek van de kapitalist.

3. Kritiek op consumptie kan verlammend werken

Een andere belangrijke reden waarom kritiek op de consumptie, vanuit een individualistisch perspectief, niet voldoende is om de klimaatcrisis aan te pakken, is het mogelijk verlammende effect ervan. De echte veranderingen in onrechtvaardige samenlevingen zijn alleen bereikt door harde strijd. De achturige werkdag, het stemrecht voor vrouwen, het stemrecht voor Afrikaanse Amerikanen in de Verenigde Staten, het minimumloon, het einde van de apartheid in Zuid-Afrika en andere zaken werden alleen bereikt door organisatie en samenwerking. Niet alleen worden mensen zich bewust van hun politieke en sociale positie door middel van een georganiseerde strijd, maar deze praktijken zelf zijn ook manieren om de democratie te veroveren en te beoefenen, iets wat ons in het kapitalisme wordt ontzegd. Als we de sociale strijd organiseren en winnen, is het een manier om onze eigen toekomst te bepalen(en dat is democratie!). In het kapitalisme hebben we niet alleen het gevoel  dat we geen controle hebben over ons leven, maar in feite is dat ook zo, en in het geval van de klimaatcrisis is dat niet anders. Kritische consumptie kan dienen als persoonlijke compensatie voor dit gevoel van onmacht, maar blijft  beperkt tot louter individuele actie. We voelen ons goed en tevreden omdat we denken dat we door het kopen of afwijzen van sommige producten een zekere invloed hebben op onze samenleving. Maar door in deze gedachtegang te blijven en te denken dat de klimaatcrisis te overwinnen is door middel van overtuigings- of wervingscampagnes, zodat iedereen individueel besluit om anders te consumeren, val je direct in de valkuil van de heersende neoliberale individualistische ideologie, die ons isoleert en demobiliseert. Als we verdeeld zijn, kunnen we het kapitaal en de productie niet schaden!

Wel geloven we dat collectieve boycotstrategieën om druk uit te oefenen op bepaalde bedrijven en de aandacht te vestigen op specifieke problemen nuttig zijn, omdat ze gekoppeld zijn aan een bepaald politiek doel in een gemeenschappelijk optreden. Zo werd van 1977 tot 1984 een grote campagne georganiseerd tegen Nestlé-kindervoeding in de arme landen van het Zuiden, in verband met ondervoeding van kinderen. Nestlé werd in 1984 gedwongen  zich aan te sluiten bij een marketingcode voor moedermelk van de Wereldgezondheidsorganisatie en het UNICEF Kinderfonds (die van invloed zou zijn op de verkoop in die landen). Nestlé heeft nu echter opnieuw te maken met schandalen op het gebied van babyvoeding 14. Daarom moeten we ons bewust zijn van de beperkingen van deze strategie. Een selectieve boycot van een bedrijf lost een systemisch probleem niet op. De kansen op duurzaam en omvattend politiek succes zijn beperkt.

4. De strijd voor klimaatrechtvaardigheid is niet zomaar een strijd

Het bovengenoemde probleem, dat de kritische consumptie zich beperkt tot  individuele acties, kan ook een belemmering vormen voor de eenmaking van de belangrijke strijd die tot nu toe afzonderlijk wordt gevoerd. Wij zijn van mening dat de klimaatcrisis veel van de bestaande onrechtvaardigheden zal verergeren. Het oplossen van deze problemen vraagt om het verenigen van de strijd in de praktijk of het begrijpen ervan als onderdeel van een groter geheel. De individualistische oplossing en dus het mogelijke onvermogen om de onderlinge verbondenheid van de strijd, zoals vaak geformuleerd in een apolitieke kritiek op consumptie, te erkennen, kan de verschillende stukken strijd van onze klasse isoleren.

We kunnen het bijvoorbeeld niet over de klimaatcrisis hebben als we het niet ook over het Europees grensbeleid hebben, dat ertoe leidt dat duizenden klimaatvluchtelingen in het Middellandse Zeegebied sterven, terwijl de geïndustrialiseerde landen verantwoordelijk zijn voor 80 procent van alle CO2-uitstoot in de 20e eeuw. Greenpeace voorspelt ongeveer 200 miljoen klimaatvluchtelingen tegen 2040 als er geen radicale verandering plaatsvindt 16. Dit zal de huidige crisis in Europa verergeren. Een humane en solidaire oplossing voor deze vluchtelingen (die we in de toekomst zelf zouden kunnen zijn) hangt af van de vraag of we een solidaire en antiracistische samenleving opbouwen en extreemrechts niet verder laten groeien.

De nieuwe leerlingen- en studentenstakingen ‘Vrijdagen voor de Toekomst’ markeren een inspirerende, verenigende strijd. Greta Thunberg vraagt zich af waarom ze op school zou moeten zitten als er over een paar jaar geen toekomst voor haar is. Middelbare-   en hogeschoolstudenten uit verschillende landen hebben zich door haar laten inspireren en hebben elke vrijdag stakingen georganiseerd. Het immense belang van internationale samenwerking is en blijft een essentieel onderdeel van de verandering van de wereld. Als we radicale veranderingen in gang willen zetten, kunnen we dat niet alleen binnen de grenzen van onze natiestaten proberen te doen, we hebben een wereldwijde beweging nodig. In de beweging voor klimaatrechtvaardigheid zien we, net als in ‘Vrijdagen voor de Toekomst’, de kristallisatie hiervan.

De historische vraag naar minder uren werk tegen hetzelfde loon zou en bondgenoot van de milieubeweging zijn, want minder werk en meer vrije tijd betekent dat er, naast gezondheid en persoonlijke voordelen, minder wordt geproduceerd en dus minder uitstoot is.

De strijd van inheemse volkeren over de hele wereld wordt ook vaak in verband gebracht met klimaatrechtvaardigheid. De NoDAPL-beweging in de VS heeft tot doel heilige gronden en grondwater te beschermen tegen oliepijpleidingen. Deze beweging mobiliseerde duizenden mensen in Noord-Dakota, van vakbondsleden, milieuactivisten tot veteranen.

De samenwerking van de klimaatbeweging met vakbonden moet verder worden ontwikkeld, omdat het leven van de arbeidersklasse in de samenleving veiliggesteld moet worden tijdens de ecologische omvorming. In Duitsland moeten de bosactivisten en mijnwerkers van Hambach verenigd blijven, omdat beide partijen er baat bij hebben als de eigenaren van het energiebedrijf RWE voor de herstructurering moeten betalen en ook de werkgelegenheid in de sector van hernieuwbare energie of in andere sectoren veilig zouden moeten stellen. We mogen niet toestaan dat de machthebbers ons verdelen en ons dwingen te kiezen tussen een baan vandaag en het milieu van morgen. Op een dode planeet is er geen werk vandaag of morgen. Wij zeggen dat de verantwoordelijken voor de uitstoat moeten betalen! Voorbeelden van vakbondscampagnes zijn onder meer het One Million Climate Jobs-initiatief in het Verenigd Koninkrijk, dat pleit voor werkgelegenheid op het gebied van hernieuwbare energie, een massale isolatie van woningen en openbaar vervoer, en het Trade Unions for Energy Democracy-netwerk, dat zich met zijn inzet voor de productie en distributie van energie in publieke handen, probeert te distantiëren van winstgerichte particuliere belangen. De strijd voor klimaatrechtvaardigheid is breed en we hebben de kans om onszelf te versterken als we alle strijd voor sociale rechtvaardigheid en klimaat verenigen!

5. Beleidsbeslissingen zijn doeltreffender

Vanwege de omvang en de urgentie van de crisis is het niet voldoende, zoals veel critici van consumptie denken 17, om te wachten tot grote sectoren van de samenleving hun gedrag veranderen door morele oproepen (en dus, volgens hen, op de een of andere manier de productie verandert). De meeste mensen leven onder financiële druk, moeten met de auto reizen omdat het openbaar vervoer onvoldoende is enzovoort. Daarom duurt het wachten op een massale popularisering van ethische consumptie te lang en is het vooral voor veel huishoudens financieel onmogelijk. We hebben een snelle en duidelijke breuk met de op koolstof gebaseerde industrie nodig en een snelle heroriëntatie van het individuele vervoer naar openbaar lokaal- en langeafstandsvervoer. We hebben in deze gevallen overheidsingrijpen nodig, omdat we niet verantwoordelijk zijn voor de twee eeuwen van structurering die het kapitalisme aan alle aspecten van ons leven heeft opgelegd. Dit komt bijvoorbeeld tot uiting in de bestaande, op individuele auto's gerichte infrastructuur. Autoreuzen zoals General Motors in de Verenigde Staten hebben in het verleden het openbaar vervoer actief vernietigd om hun winst veilig te stellen 18. Een positief voorbeeld van echte maatregelen om de klimaatcrisis te verzachten, werd gegeven in de Deense hoofdstad Kopenhagen. Een groot aantal werknemers gebruikt de fiets nadat de stad het aantal fietspaden sterk heeft uitgebreid. De fietsen hebben ook voorrang gekregen op ander verkeer. Hetzelfde gebeurde in de Galicische stad Pontevedra (Spanje), waar het autoverkeer werd verboden en voetgangers voorrang krijgen in het verkeer. Deze maatregelen hebben de CO2-uitstoot in de binnenstad met 70% verminderd 19. Als socialisten weten we natuurlijk dat dergelijke maatregelen niet voldoende zijn, maar het zijn noodzakelijke stappen (en strijd) in de goede richting. Daarom moeten we de oorlog verklaren aan de manier waarop en hoe er geproduceerd wordt, en natuurlijk ook aan degenen die daarvan profiteren. In Duitsland zou dit vooral een focus op de automobiel- en energiesector betekenen. We kunnen er zeker van zijn dat ze er alles aan zullen doen om de structurele en ideologische status quo te handhaven.

Conclusie

Als laatste punt willen we duidelijk maken dat we ons niet verzetten tegen beslissingen die ieder mens neemt vanuit een ecologisch geweten. Wij juichen deze acties zelfs toe en onderstrepen het belang ervan voor een toekomstige duurzame socialistische samenleving. We weten dat het onmogelijk zal zijn om bijvoorbeeld dezelfde vee- en landbouwproductie in stand te houden die nu verantwoordelijk is voor 51 procent van alle emissies, of dezelfde aanzienlijke toename van het luchtverkeer die in de afgelopen 45 jaar vertienvoudigd is. Dit is noch in het kapitalisme, noch in het socialisme houdbaar. Wij zijn er echter van overtuigd dat een focus op individuele consumptie en slogans als ‘word veganist’ geen brede politieke basis bieden voor het mobiliseren van degenen die de macht hebben om de wereld te veranderen. Klimaatrechtvaardigheid heeft een duidelijke politieke dimensie nodig, dat wil zeggen vooral een georganiseerde en gearticuleerde politieke strijd die verreikende positieve veranderingen kan garanderen.

Bovendien is het onze taak als socialisten niet alleen alles in het werk te stellen om de klimaatcrisis en de gevolgen ervan het hoofd te bieden en op te lossen, maar ook om ‘alle relaties waarin de mens een vernederende, slaafse, verlaten en verachtelijke essentie is, af te breken’, en zo een einde te maken aan de klassenmaatschappij en de uitbuiting van de mensheid. Zoals we eerder al zeiden, veranderingen in het bewustzijn treden op wanneer mensen samenkomen en samen vechten. Daarom verzetten wij ons tegen een exclusieve positie waarin met de vinger wordt gewezen vanuit een positie van morele superioriteit naar de verkeerde vorm van consumptie. Dit verzwakt de echte strijd en blijft binnen een elitaire academische ruimte.

We willen iedereen aanmoedigen om zich te organiseren en samen te werken voor politieke verandering. Als we de bestaande sociale en ecologische problemen in de wereld bekritiseren, moeten we het daar niet bij laten, maar proberen onze realiteit te veranderen, dat is democratie! Alleen als we met velen zijn en samen strijden, kunnen we op zijn minst de hoop behouden dat we de klimaatcrisis kunnen verzachten en een wereld kunnen creëren die gebaseerd is op solidariteit, rechtvaardigheid en duurzaamheid. Wij geloven in verandering, omdat de geschiedenis heeft aangetoond dat sommige veranderingen uit het verleden als utopisch en onwerkelijk zijn bestempeld, maar nog steeds gewonnen kunnen worden en kunnen zegevieren.

Voetnoten

1 Smithers, Rebecca (2013): Almost half of the world’s food thrown away, The Guardian: https://www.theguardian.com/environment/2013/jan/10/half-world-food-waste.

2 Malm, Andreas (2017): Fossil Capital.

3 Reinhard Bütikofer, Sven Giegold: Der Grüne New Deal. Klimaschutz, neue Arbeit und soziale Ausgleich, blz. 16.

4 Ala-Kurikka, Susanna (2015): Lifespan of consumer electronics is getting shorter, The Guardian: https://www.theguardian.com/environment/2015/mar/03/lifespan-of-consumer-electronics-is-getting- shorter-study-finds.

5 Ward, Michelle (2010): Business can now measure the carbon impact of adversiting, The Guardian: https://www.theguardian.com/sustainable-business/business-measure-carbon-impact-advertising.

6 Union of concerned scientists (2014): The U.S. Military and Oil: https://www.ucsusa.org/clean_vehicles/smart-transportation-solutions/us-military-oil-use.html.

7 Intergovernmental Panel on Climate Change (2014): Climate Change 2014 Synthesis Report Fifth Assessment Report. Topic 1, 2014: https://ar5-syr.ipcc.ch/topic_observedchanges.php.

8 Fibieger Byskov, Morten (2019): Focusing on how individuals can stop climate change is very convenient for corporations, Fast Company: https://www.fastcompany.com/90290795/focusing-on-how-individuals-can-stop-climate-change-is-very-convenient-for-corporations.

9https://archive.epa.gov/epawaste/nonhaz/municipal/web/html/.

10https://web.archive.org/web/20150901133354/http:/www.epa.gov/wastes/nonhaz/industrial/guide/index.htm.

11 Müller, Tadzio (2016): Globaler Widerstand gegen den fossilen Kapitalismus: https://www.degrowth.info/wp-content/uploads/2016/06/DIB_Klimagerechtigkeit_02.pdf? .

12 Klein, Naomi (2014): Das ändert alles, blz. 148.

13 https://www.handelsblatt.com/unternehmen/handel-konsumgueter/unternehmensethik-nestle-geraet-wegen- babynahrung-erneut-in-die-kritik/22603548.html?ticket=ST-1355734-tIGgqwpKLH1xfnQ4qeiW-ap3.

14 Tanuro, Daniel (2015): Klimakrise und Kapitalismus, p. 71.

15 Greenpeace (2014): 200 Millionen Klimaflüchtlinge bis 2040: https://www.greenpeace.de/presse/presseerklaerungen/200-millionen-klimafluchtlinge-bis-2040.

16 Tanuro, Daniel (2015): Klimakrise und Kapitalismus, p. 62.

17 Urban, Thomas: So funktioniert eine Stadt ohne Autos, en periódico alemán: Süddeutsche Zeitung: https://www.sueddeutsche.de/wirtschaft/pontevedra-fussgaenger-autos-1.4259542, 21.12.2018.

18 Brand, Ulrich/ Wissen, Markus: Imperiale Lebensweise. Zur Ausbeutung von Mensch und Natur in Zeiten des globalen Kapitalismus, Munich 2017, p. 104.

19 Marx, Karl: Zur Kritik der Hegelschen Rechtsphilosophie (1844), Marx/Engels/WerkeBand 1, Berlin 1981, p. 385.

Dit artikel verscheen eerder op VientoSur. Nederlandse vertaling redactie Grenzeloos.

Soort artikel: 

Reacties

Door Wendela de Vries ( ) op

Socialisten die de wereld binair indelen in dikbuikige mannen met sigaren en de arbeidersklasse slaan een groot deel van de werkelijkheid over. Ook in dit artikel zijn het weer de schatrijke 1% die de schuld krijgen van de milieucrisis. Laten we ook even melden dat op wereldschaal gezien de meeste Nederlanders bij die schatrijke 1% horen. Dat geldt natuurlijk niet voor wie in de bijstand of op minimuminkomen zit, maar vanaf de gemiddelde schooljuf zitten we bij de rijken der aarde, die de wereld opconsumeren.
Nee, we moeten het niet alleen over consumptie hebben, maar we moeten ook niet net doen alsof anders consumeren een zwaar offer is in het schatrijke Noorden van Europa. De groote groei in de luchtvaart op Schiphol zit in pretvluchten van de modale en bovenmodale vakantievierder. Het gros van de kleuters heeft een eigen ipad. Om een bekende VVD-er te citeren: Niet alles kan. En heel veel kan anders, heel gemakkelijk zelfs. Vegetarisch eten, wat een enorme bak CO2 en een hele hoop Amazonewoud zou schelen, is eerder goedkoper dan duurder dan beest eten. Alle technische vooruitgang in de ontwikkeling van zuiniger automotoren is teniet gedaan doordat er steeds zwaardere auto's worden verkocht. Doen alsof de arme weerloze consument uitsluitend onder druk van reclame kiest voor een SUV is echt onzin. Begeerte heeft ons een eeuw geleden aangeraakt maar is ernstig doorgeschoten. Een klimaat-actiestrategie die zich beperkt tot het promoten van bamboe tandenborstels staat de plank mis. Maar een klimaat-actiestrategie die zich alleen richt tegen Shell en Schiphol zonder het verwende consumentengedrag ter discussie te stellen is echt onvoldoende.Wij zijn de 1%, de 99% woont in Afrika en India
 

Door Lonneke ( ) op

De grote groei van Schiphol zit m niet in pretvluchten. Volgens Rene Danen wordt het grootste deel van de stoelen ingenomen door zakenreizigers en andere veelvliegers.Hij doet dan ook een goed voorstel zie: https://www.parool.nl/columns-opinie/verdeel-vliegtuigstoel-hetzelfde-als-parkeerplek-via-vergunningen~b2c6b92...  Verder ben ik het erg eens met het idee dat een groot deel van de burgers van dit land wel een stapje terug kan doen.

Door Gerrit Zeilemaker ( ) op

Het grootste deel van de vluchten op Schiphol zijn transitvluchten, mensen die op Schiphol overstappen op een ander vliegtuig. Terwijl de lasten voor gewone mensen in dit land toenemen, daalden volgens de website Follow the Money de "aeronautical opbrengsten, dat wil zeggen de inkomsten uit luchthavengelden, overheidsheffingen en ATC-heffingen, tussen 2008 en 2017 met 37 procent." Dat betekent dat zoals een andere expert m.b.t. Schiphol op FTM opmerkte 'alleen het langparkeren nog winst oplevert.' Maar ik denk dat men ook bang is dat bij een krimp van Schiphol ook het vastgoed snel in waarde daalt en de winkeltjes niets meer opleveren.
En het is de rijke 10% die 49% (!) van de CO2 emmissies veroorzaakt, de rijkste 20% veroorzaakt 68% van de emmissies. Zie hier: https://rwer.wordpress.com/2019/11/09/income-levels-and-emissions/ Het klimaatvraagstuk is dus in belangrijke mate een klassenvraagstuk en alleen een maatschappelijke verandering, waarmee een uitschakeling van de individuele accumulatie (zeg maar winstzucht) bereikt wordt kan dit afdoende oplossen. Zo niet, zal iedere technologische verbetering ingehaald worden door een kwatitatieve uitbreiding en wordt het probleem erger. En dan nog vergt dat een gigantische ombouw en aanpassing van het productieapparaat: andere en anders samengestelde werkelijk duurzame producten. Producten die ook langer meegaan, dat wil zeggen weggooimateriaal onmiddelijk verbieden, plastic zoveel mogelijk uitfaseren, megainvesteringen in duurzame energie, stoppen met om te beginnen kolengebruik, uitbreiding en goedkoper maken van het openbaar vervoer, enz., enz., enz. Dit gaat sneller en massaler dan consumptieverandering, die zeker zal moeten plaatsvinden, maar om meerderheden voor een ecosocialistisch beleid te vinden, zal vooral een sociaal beleid geformuleerd moeten worden om de mensen die nu in al deze industrien werken mee te krijgen en een toekomst te bieden. Consumptie zal zich grotendeels aan een ten goede veranderde productie aanpassen!

Reactie toevoegen

Plain text

  • Toegelaten HTML-tags: <a> <em> <strong> <cite> <blockquote> <code> <ul> <ol> <li> <dl> <dt> <dd>
  • Adressen van webpagina's en e-mailadressen worden automatisch naar links omgezet.
  • Regels en alinea's worden automatisch gesplitst.
Uw reactie zal niet meteen verschijnen, deze wordt eerst goedgekeurd door de beheerder.
To prevent automated spam submissions leave this field empty.
Image CAPTCHA
Vul de tekens uit bovenstaande afbeelding in.

Reageren