14 April 2021

Bijeen, bijeen, allemaal Bij1

Divers of multicultureel kan je het niet noemen, het groepje dat op zondagmiddag via zoom bijeen kwam. Er waren maar twee vrouwen bij, en wit zijn we allemaal.

Met mijn 71 lentes ben ik weliswaar de oudste van het gezelschap, maar zo heel ver boven het gemiddelde zit ik ook weer niet. We zijn allemaal activisten en ons activisme is wel divers. Er zijn mensen vooral actief in de vakbeweging, anderen in de antiracisme beweging, tegen kernenergie en bewapening of in solidariteit met het een of ander. Sommigen richten zich vooral op het organiseren van mensen en activiteiten, anderen zijn meer van het schrijven en scholen.

Eens in de maand komen we bijeen om ervaringen uit te wisselen en de toestand in de wereld te bespreken. Een enkele keer gaat het er hard aan toe, maar meestal is er wel een grote mate van overeenstemming. Dit keer kwam het gesprek al gauw op de verkiezingen. Hoe het toch kan dat Rutte in de peilingen nog steeds torenhoog staat, dat Baudet nog steeds zetels lijkt te krijgen en wat die Wobke Hoekstra toch een lul is.

Maar ook over links was het gezelschap weinig te spreken. De PvdA was voor ons als wereldverbeteraars nooit een optie: linkse praatjes in verkiezingstijd en eenmaal in de regering niks dan narigheid. Ook voor het GroenLinks van Jesse Klaver kan niemand veel enthousiasme opbrengen. ‘Gewoon een neoliberale partij met een groen jasje, eigenlijk net als D66’, merkte Henk op, en daar ging niemand tegen in.

De SP was voor veel van de aanwezigen lange tijd een optie en diverse aanwezigen waren ook jarenlang actief geweest voor die club. Maar nu kan niemand er meer warm voor lopen. Steeds parlementairder, steeds gematigder, steeds nationalistischer. ‘Ze begrijpen gewoon niet dat de wereld veranderd is’, zucht Trudy. ‘Ze denken dat de arbeidersklasse bestaat uit witte mannen op leeftijd met een vast contract, in een middelgrote stad in Brabant, en wat nog erger is, ze passen hun opvattingen aan aan wat ze denken dat die arbeiders – sorry, die ‘gewone mensen’ denken. Ze begrijpen niet dat de kern van de arbeidersklasse al lang bestaat uit mensen met een migratieachtergrond, met een kleur en met name vrouwen. Dat dat de mensen zijn die in dit land het werk doen en de klappen krijgen.’ ‘En dat dat ook de mensen zijn die nu vooraan lopen in de strijd, kijk naar de FNV campagne voor 14’, vult Gerrit haar aan.

Daar zijn ze het over eens. De campagne voor 14 is een voorbeeld van hoe het wèl kan. Dat vrijwel alle partijen nu de verhoging van het minimumloon in hun verkiezingsprogramma hebben staan is natuurlijk geen enkele garantie dat ze dat ook gaan uitvoeren, maar dat het er in staat is een eerste succes. ‘Alleen de strijd loont’, roept Hans enthousiast met zijn vuist omhoog. ‘Natuurlijk’ valt Wander hem bij, ‘alleen de strijd loont, maar verkiezingen zijn ook strijd, dus laten we allemaal voor Bij1 gaan, dat is de enige partij die dat soort strijd serieus neemt, die begrijpt welke rol racisme speelt en hoe je daartegen moet vechten.’

Wander krijgt veel bijval. Over het programma van Bij1 is iedereen enthousiast: eindelijk  weer eens een partij die zegt waar het op staat en een onversneden antikapitalistisch geluid laat horen. Maar Bij1 als partij, heeft die werkelijk toekomst, zo’n nieuwe partij, valt die niet zo weer uit elkaar? En halen ze wel een zetel in de kamer en zo niet is je stem dan niet weggegooid?

Een weggegooide stem

Dat argument van ‘de weggegooide’ stem wordt al snel onderuit gehaald. ‘Dat wordt altijd alleen maar gebruikt tegen kleine en nieuwe partijen. Als je op een gevestigde partij stemt die drie zetels haalt, maar net geen vier, kan je ook  zeggen dat je stem is weggegooid’, zegt Ans. ‘En als een nieuwe partij net geen zetel haalt, is dat een veel duidelijker signaal dan als ze ver onder de kiesdrempel blijft’, vult Gerrit aan. Langzaam verschuift de discussie van de vraag op Bij1 stemmen of niet, naar hoe je je omgeving en met name andere activisten overtuigt om dat ook te gaan doen.

‘Dat argument van een weggegooide stem, dat hoor ik eigenlijk nooit’ zegt Jan. ‘De activisten waarmee ik samenwerk, gaan bijna allemaal niet stemmen. De wereld verander je niet via het parlementaire systeem, is hun argumentatie, en al helemaal niet door deelname aan regeringen’. ‘Precies’ zegt Hans. ‘Daar hebben ze groot gelijk in. De wereld verander je niet via de parlementaire weg of via verkiezingen, maar dat is juist een argument om op een partij als Bij1 te stemmen. Voor Bij1 is het parlementaire circus geen doel op zich en ze streven zeker niet naar regeringsdeelname zoals de SP’, gaat hij verder. ‘Bij1 zal het parlement gebruiken om zaken aan de kaak te stellen en acties en organisatie te stimuleren, dat hebben ze de afgelopen jaren in Amsterdam in de gemeenteraad ook uitstekend gedaan. Er is voor activisten die streven naar radicale veranderingen en die weten dat je alleen door strijd iets bereikt alle reden om Bij 1 sterker te maken.’

De discussie wordt steeds geanimeerder en er vliegen steeds meer argumenten heen en weer om niet alleen op Bij1 te stemmen, maar om anderen ervan te overtuigen dat ook te doen. Wat betreft de stabiliteit van Bij1 wordt door Ans opgemerkt dat dat voor iedere partij geldt en zeker voor een nieuwe partij, maar dat de kans dat Bij1 zich goed ontwikkelt natuurlijk veel groter is als ze wel in de kamer komen, dan als het niet lukt om tenminste één zetel te halen. En als er weer eens naar voren gebracht wordt dat Bij1 een identiteitspartij is, een zwarte partij, een partij voor en van zwarte mensen? Dan barst Wander los: ‘dat is in de eerste plaats gewoon niet waar, Bij1 is een diverse partij, een partij waarin zwarte mensen ook eens een kans krijgen (of beter gezegd een kans nemen) dan heet je in Nederland al heel gauw zwart, in de tweede plaats is het een racistisch argument, dat gebruikt wordt door mensen die anders altijd zeggen dat 'kleur hun helemaal niet uitmaakt'.

Na twee uur is het tijd om af te sluiten: we kwamen bijeen en kozen voor Bij1. Nu nog de rest van Nederland overtuigen. Volgende maand komen we weer bijeen, en dan weten we het resultaat.

Soort artikel: 

Reacties

Door Frank Slegers op

Ik mag in Nederland niet stemmen, anders had ik wel een fijne kandidate gevonden op de lijst van de SP (ergens halfweg de lijst). Ik ben zelf nog SP-folders gaan bussen hier in de wijk in Zuilen, Utrecht (en merkte dat ook Bij1 hier aan het bussen is geweest).

Maar ik heb wel bedenkingen bij het optreden van Lilian Marijnissen in Nieuwsuur. Zij ging uitgebreid in op de vraag van regeringsdeelname. Nu is daar in de schoot van de SP, als we Rood even buiten beschouwing laten, geen gebenedijd woord over gezegd. In wiens naam spreek je dan? Wat is dat voor een socialistische partij waar dergelijke cruciale vragen in de informele wandelgangen worden afgehandeld? De leden krijgen pas het woord op een congres nadat een regeerakkoord is onderhandeld en de kandidaat-ministers zijn aangeduid. Leuk congres wordt dat.

Ik doe er dus hier maar mijn zegje over.

Volgens Marijnissen is er geen tegenstelling tussen regeringsdeelname en activisme. Daar ben ik het in principe mee eens. Ik denk dat je inderdaad niet als politieke partij moet zeggen dat je sowieso nooit never is een regering zal treden. Dat kan je niet uitleggen. De echte vraag is dus aan welke voorwaarden regeringsdeelname moet beantwoorden om niet haaks te staan op 'activisme'. Met 'activisme' bedoelen we hier de idee dat maatschappelijke verandering afhangt van maatschappelijke krachtsverhoudingen, en dat mobilisatie van de samenleving dus het fundament is van een socialistische strategie. Regeringsdeelname mag niet in de weg staan van je rol als motor van maatschappelijke mobilisatie.

Dus aan welke voorwaarden moet regeringsdeelname dan voldoen? Hier ging Marijnissen niet op in, en de moderator ook al niet, want die is natuurlijk alleen geïnteresseerd in het politieke schaakspel dat coalitievorming heet.

In Nederland met zijn dichtgetimmerde regeerakkoorden betekent regeringsdeelname alvast dat je het globale regeringsbeleid verdedigt, niet alleen het beleid van je eigen ministers. Daarmee ligt de lat voor regeringsdeelname dus best hoog. Politiek links in verschillende Europese landen gaat daarom de valstrik van regeringsdeelname uit de weg door gedoogsteun voor sociaaldemocratische regeringen, zodat je niet verantwoordelijk bent voor het aan de 'macht' komen van een regering van rechts, maar tegelijk je handen vrij houdt voor inzet in de maatschappelijke strijd.

De keuze tussen regeringsdeelname en oppositie kan overigens een valstrik zijn. Want de ene oppositie is de andere niet. Oppositie kan er ook enkel op gericht zijn de weg te banen naar regeringsdeelname. Oppositie wordt dan een soort wachtkamer, een tweede keuze, omdat je er niet in geslaagd bent je in de regering te murwen. Zo wordt de idee zelf van 'oppositie' gedevaloriseerd. De PVDA is hier meester in: linkse oppositie om de weg te banen naar rechtse regeringsdeelname. Ook de SP dreigt in dat straatje terecht te komen.

Dat is jammer, want zowat elke fundamentele maatschappelijke vooruitgang blijkt gerealiseerd te zijn door 'oppositie' van grote maatschappelijke bewegingen. Of kijk maar hoe extreem rechts alles behalve machteloos opereert vanuit de 'oppositie'.

In landen met een lange parlementaire traditie, waar de strijd voor democratisch stemrecht bovendien historisch in de hoofden verbonden is met de strijd voor sociale vooruitgang, kan je regeringsdeelname niet principieel uitsluiten. Dat klopt. Het schema van de 'dubbele macht' en de 'radendemocratie' geeft hier geen soelaas. Er zijn zeker omstandigheden denkbaar waarin regeringsdeelname niet alleen het resultaat is van maatschappelijke krachtsverhoudingen, maar deze krachtsverhoudingen in een extra versnelling brengt. Een historisch voorbeeld daarvan was de Chileense regering van Salvador Allende. In België had een socialistische regering in de jaren '30 op basis van het Plan van de Arbeid een soortgelijke dynamiek op gang kunnen brengen, ware het niet dat Hendrik de Man en de zijnen eenmaal minister op spectaculaire wijze kazak draaiden.

Het is op zich dus een reële en belangrijke discussie. Maar dat lijkt niet wat er met de SP aan de hand is. Daar gaat het niet echt over. Zoals iemand op jullie bijeenkomst zei lijkt de SP in een structurele crisis te zitten, omdat zij de hedendaagse wereld niet begrijpt. Om de demoraliserende malaise te overwinnen, en nieuw leven in de brouwerij te brengen, moet er dan maar eens geregeerd worden. Een slechtere uitgangspositie lijkt niet denkbaar. Maar daar gaan we het in de schoot van onze partij dus niet over hebben.

Door r.lubbersen ( ) op

Volgens de Stemwijzer staat bij mij op 17 maart Bij1 op de eerste plaats. Toch wordt het de SP. De belangrijkste reden is de rol van de SP in de sociale kwesties. De SP is de afgelopen jaren overal in het land de kampioen van de Zorg geweest. Bijvoorbeeld op plaatselijk vlak voor het behoud van een ziekenhuis als dat nodig was. En op landelijk vlak tegen de Eigen Bijdrage en de groeiende marktwerking in de zorg. Een marktwerking waarvan we nu in de coronacrisis de desastreuze gevolgen ondervinden. Ook heeft de SP met Rinske Leijten voluit gestreden in de Toeslagenaffaire en gezorgd dat het schandaal boven tafel is gekomen. Hierdoor kunnen de gedupeerden, veelal uit de armere lagen van de bevolking, eindelijk gecompenseerd worden. De SP heeft zich bewezen in de sociale strijd, BIJ1 nog niet. Daarom stem ik SP.

Reactie toevoegen

Plain text

  • Toegelaten HTML-tags: <a> <em> <strong> <cite> <blockquote> <code> <ul> <ol> <li> <dl> <dt> <dd>
  • Adressen van webpagina's en e-mailadressen worden automatisch naar links omgezet.
  • Regels en alinea's worden automatisch gesplitst.
Uw reactie zal niet meteen verschijnen, deze wordt eerst goedgekeurd door de beheerder.
To prevent automated spam submissions leave this field empty.
Image CAPTCHA
Vul de tekens uit bovenstaande afbeelding in.

Reageren