Borderless

19 October 2019

Bolkestein is nog niet dood

Wie dacht dat na het 'nee' in de referenda over de Europese grondwet in Frankrijk en Nederland de omstreden dienstenrichtlijn van Bolkestein van de baan zou zijn, vergist zich. Bolkestein is nog steeds springlevend. We spraken over de richtlijn - de bedoeling, de gevolgen, de gevaren en de strijd ertegen - met Tuur Elzinga, coördinator van XminY en voorzitter van Attac Nederland.

In Frankrijk hoorde je zijn naam tijdens de campagne overal. De richtlijn vormde een sterk argument tegen de Europese Grondwet. 'Maar wat is nu precies de bedoeling van de dienstenrichtlijn van Bolkestein?', vragen we aan Tuur, die nauw betrokken is bij het platform tegen de dienstenrichtlijn.
‘De bedoeling is om de interne markt voor diensten te liberaliseren, deze vrij te maken. Er is in Europa inmiddels een interne markt voor goederen, kapitaal en in zekere mate voor personen. Dat wil men nu ook voor diensten.
De vrije interne markt voor goederen is tot stand gekomen door grootschalige harmonisatie. Allerlei normen zijn op een lijn gebracht. Dat is een proces van jaren geweest. Bij diensten is dat nog veel ingewikkelder. Diensten zijn per definitie mensenwerk. Je heb te maken met kwaliteitseisen van de producten, maar ook met arbeidsomstandigheden, milieueisen, vestigingseisen en dat soort zaken.’

Belangrijke sector
Maar waar hebben we het over als we het over diensten hebben en hoe belangrijk is die sector? Tuur: ‘De dienstensector is zeer breed. Het gaat van de uitzendbureaus en de horeca tot het water en het licht. Van de advocatuur en banken tot de vuilnisdienst en de thuiszorg. In totaal levert de dienstensector ongeveer zeventig procent van het bruto nationaal product in Europa en is zij goed voor zeventig procent van de werkgelegenheid. Het is dus een uiterst belangrijke sector.
De meeste diensten gaan niet makkelijk de grens over. Allerlei verschillende kwaliteitseisen, keurmerken en vestigingseisen maken dat moeilijk. Voor een aantal dienstensectoren, zoals de banken en de financiële diensten zijn er al richtlijnen. Maar dat is maar een klein deel. Met de dienstenrichtlijn wil men nu in een klap vrijwel de hele rest van de dienstensector liberaliseren.’
Wat is volgens de voorstanders het belang daarvan? ‘Binnen het kader van een neoliberaal Europa is dat van groot belang. De EU heeft zich met de zogenoemde Lissabon agenda tot doel gesteld de meest dynamische kenniseconomie in de wereld te worden. Met de liberalisering van de dienstensector moet Europa ook op dat vlak een grote speler worden met een sterke internationale concurrentiepositie. Door een grote thuismarkt te creëren kunnen bedrijven daar groot en sterk worden zodat ze ook op de internationale markt uit de voeten kunnen.
Als de dienstensector geliberaliseerd is kan de EU ook een markt aanbieden binnen de GATS onderhandelingen van de wereld handelsorganisatie WTO, waar ook over liberalisering van diensten wordt gesproken. Dan zal de Europese Commissie daar namens Europa op kunnen treden terwijl ze nu alleen als taak heeft het optreden van de lidstaten te coördineren.’

In een klap
Maar hoe wil men de diensten dan liberaliseren, wat houdt de Bolkesteinrichtlijn eigenlijk in?
‘Als de liberalisering van de dienstensector net zo aangepakt zou worden als de goederen, dus door een proces van harmonisatie van onderop, waarbij alle regels en normen in de lidstaten op een lijn worden gebracht, dan zou dat proces jaren duren.
Daarom heeft Bolkestein toen hij eurocommissaris was een revolutionaire aanpak voorgesteld waarmee de hele sector in een keer geliberaliseerd kan worden. In de eerste plaats moeten de regeringen een heleboel regels met betrekking tot diensten verplicht onder de loep nemen en waar mogelijk moeten de regels afgeschaft worden. Ten tweede zouden de lidstaten, als de richtlijn eenmaal van kracht is, nieuwe regels met betrekking tot diensten eerst aan de Europese Commissie moeten voorleggen die dan toetst of ze wel mogen.
En dan kom je bij het meest omstreden element: het ‘land van oorsprong’-beginsel. Nu is het zo dat als je ergens diensten aanbiedt de regels van het werkland van toepassing zijn. Bolkestein draait dat om. Met zijn richtlijn gelden in principe de regels van het land waar het bedrijf gevestigd is. Een bedrijf dat zijn hoofdkantoor vestigt in Letland of Litouwen zou zich dan aan de daar geldende wetgeving, veiligheidsnormen, milieunormen en dergelijke moet houden. Niet aan die van het land waar gewerkt wordt.
Dat werkt in de hand dat de voor het bedrijf meest gunstige vestigingsplaats wordt gekozen. In Engeland zijn bijvoorbeeld heel lange werkweken toegestaan. Een Engelse dienstenaanbieder kan dan in België iemand veel meer uren laten draaien dan een Belgische dienstenaanbieder. In plaats van het gelijke speelveld waar men het zo vaak over heeft bij de interne markt komt er dus juist een heel ongelijk speelveld. Met als gevolg een geweldige concurrentie op al die punten: milieueisen, arbeidsomstandigheden, consumentenbescherming en dergelijke. Dat leidt dus tot harmonisatie naar beneden, naar het laagste niveau in Europa.’

Openbare diensten
‘Een ander belangrijk punt,’ gaat Tuur verder, ‘zijn de openbare diensten. Er wordt een onderscheid gemaakt tussen diensten van ‘algemeen belang’ en diensten van ‘algemeen economisch belang’. Onder algemeen economisch belang worden collectieve diensten verstaan waar op de een of andere manier voor wordt betaald. Dat kan dus naast gas, licht en water ook onderwijs, gezondheidszorg of arbeidsbemiddeling zijn. Een heel groot deel van wat vroeger als de collectieve sector werd beschouwt valt daar onder.
Diensten van algemeen belang zijn diensten waar niet op de een of andere manier voor wordt betaald. De dijken, de politie en dergelijke. Maar de grenzen tussen die twee zijn niet altijd duidelijk. Diensten van algemeen economisch belang moeten in principe aan marktwerking onderhevig zijn. Daar mogen dan geen belemmeringen worden opgeworpen. Dat betekent dat die diensten niet meer door de overheid ingericht kunnen worden op de manier zoals zij dat wil. Dat geldt ook voor de lokale overheid.
Nu kan een gemeente bepalen hoe ze het vuilnis wil laten ophalen. Dat ze in verband met overlast niet wil dat de vuilniswagens voor zeven uur de straat op gaan, dat het vuilnis gescheiden op wordt gehaald en op een bepaalde plaats wordt verwerkt. Als de markt vrij is kan dat niet meer. Dan kan er ook een bedrijf komen dat, omdat het voordeliger is, de afval tweeduizend kilometer verder in Europa verwerkt omdat het daar goedkoper is.’

Stand van zaken
Wat is de stand van zaken nu met de richtlijn? Voor het referendum over de Grondwet leek het alsof er grote weerstand tegen was, nu hoor je daar veel minder over?
‘Dat klopt’, beaamt Tuur. ‘De richtlijn is onder de bevolking niet populair en maakt Europa er ook niet populairder op. Vooral in de campagne in Frankrijk speelde het schrikbeeld van Bolkestein een belangrijke rol. Daarom werd er door velen afstand van genomen. Nu de campagne achter de rug is, is dat weer veel minder. Daar komt bij dat in de huidige crisis van Europa en de verwarring die er heerst de neiging bestaat om te zeggen: hoe het verder moet met Europa weten we niet, maar de economische eenwording moet in ieder geval doorgaan. De dag na het referendum in Nederland riep ‘onze’ Eurocommissaris Nelie Kroes bijvoorbeeld dat Europa niet verlamd mocht worden door het ‘nee’ en dat vooral de dienstenrichtlijn door moest gaan.
De richtlijn wordt nu behandeld in het Europese parlement en dat leidt ook tot een afwachtende stilte op het actiefront. Hij is in verschillende commissies behandeld en er liggen inmiddels zestienhonderd amendementen. De verwachting is dat de meest scherpe amendementen het niet zullen halen. De richtlijn zal wel wat afgezwakt worden, maar er is een kans dat er een groot deel van overeind blijft.
Maar de procedure is nog lang. De verwachting is dat het Europese Parlement er in januari over stemt. Dan gaat het naar de Europese Raad (van ministers). Daar moet een gekwalificeerde meerderheid voor zijn, waarna de richtlijn weer voor een tweede ronde naar het Parlement gaat. Er zijn dus nog allerlei momenten waar het mis kan gaan en waar mobilisaties roet in het eten kunnen gooien. Er zijn een aantal landen, met name Frankrijk en Duitsland, die er flinke bezwaren tegen hebben en ook in andere landen is er veel verzet. Er zijn dus nog mogelijkheden om de zaak tegen te houden.’

In Nederland
Ook vanuit Nederland is gemobiliseerd voor de internationale demonstratie op 19 maart in Brussel. Sindsdien is het betrekkelijk stil rond de dienstenrichtlijn. Hoe komt dat? En welke plannen zijn er om er dit punt weer inde aandacht te brengen?
Tuur: ‘Het initiatief voor activiteiten in Nederland werd genomen door het GATS platform waarin een aantal niet gouvernementele organisaties als Attac, TNI, Wemos, XminY en dergelijke al een hele tijd samenwerken. Door hen werd het initiatief genomen voor een platform tegen de dienstenrichtlijn. Het lukte om daar ander organisaties bij te krijgen waaronder FNV, PvdA, SP en Groenlinks. Dat was niet makkelijk want FNV en PvdA zijn helemaal niet principieel tegen liberalisering van de diensten, ze hebben alleen bezwaar tegen deze dienstenrichtlijn.
Met deze clubs hebben we voor 19 maart gemobiliseerd. Maar inmiddels is er ook in de SER over de dienstenrichtlijn gesproken. De FNV is daar akkoord gegaan met een SER advies aan de regering dat wel enige kritiek levert op de dienstenrichtlijn, maar veel minder dan het platform. Zoals wel vaker kiest de FNV liever voor een gezamenlijk optreden als SER dan voor eigen acties.
Ook andere deelnemers zien op dit moment niet veel in acties. Voor ons als Attac is dat juist reden om met dit punt door te gaan. We hebben een nieuwe folder gemaakt, en we gaan ons richten op gemeenten.
We gaan proberen op gemeentelijk niveau uit te leggen dat de dienstenrichtlijn vergaande gevolgen heeft voor gemeenten, voor hun beleidsruimte. En aangezien dat gaat spelen vlak voor de gemeenteraadsverkiezingen hopen we dat het enige impact zal hebben.
Want een ding is duidelijk. De grondwet mag dan van tafel zijn, de dienstenrichtlijn nog lang niet. Dus daar moeten we nu voor gaan’.

Meer weten:Dienstenrichtlijn.nl en Attac
Teken de petitie tegen de dienstenrichtlijn.

Andere recente artikelen:
Arbeid en loon, Europa
21-11-2005 Het grote uitpoetsen
21-11-2005 Voor een strijdbare bond
24-09-2005 Op weg naar een ander Europa
15-07-2005 De strijd voor een ander Europa>

Reactie toevoegen

Plain text

  • Toegelaten HTML-tags: <a> <em> <strong> <cite> <blockquote> <code> <ul> <ol> <li> <dl> <dt> <dd>
  • Adressen van webpagina's en e-mailadressen worden automatisch naar links omgezet.
  • Regels en alinea's worden automatisch gesplitst.
Uw reactie zal niet meteen verschijnen, deze wordt eerst goedgekeurd door de beheerder.
To prevent automated spam submissions leave this field empty.
Image CAPTCHA
Vul de tekens uit bovenstaande afbeelding in.

Reageren