Wat Sarkozy met Frankrijk van plan is mag duidelijk zijn. Behalve de rijken is vrijwel iedereen in Frankrijk ‘under attack’. Arbeiders moeten langer gaan werken maar krijgen uiteindelijk minder loon; zieke werknemers moeten voortaan een soort ‘eigen bijdrage’ betalen; migranten krijgen met meer restrictieve wetten te maken. Zo is in het parlement al gestemd over DNA-testen om in het geval van gezinshereniging uit te maken of iemand werkelijk familie is. De rechten van kinderen van illegalen staan ook onder druk.
Tegelijkertijd staat het recht op onderwijs op de helling. Duizenden leraren dreigen hun baan te verliezen. Bovendien wil Sarkozy een grote mate van autonomie voor de universiteiten, bijvoorbeeld in het toelatingsbeleid. Dit om in de toekomst meer concurrentie tussen universiteiten te krijgen. En om een grotere invloed van bedrijven op het onderwijs mogelijk te maken.
OV-werknemers
Een belangrijk deel van links lag na de verkiezing van Sarkozy verslagen in de goot. De passiviteit overheerste. De consensus was dat niks gedaan kon worden: Sarkozy was immers door de meerderheid van de kiezers gekozen. Met de werkelijkheid had die zogenaamde consensus niks te maken, zoals met name de Ligue Communiste Révolutionnaire (LCR), de belangrijkste organisatie van radicaal links waarvan de 33-jarige postbode Olivier Besancenot de woordvoerder is, vanaf het begin betoogde. De LCR begon de dag na de presidentsverkiezingen, waarin Besancenot met meer dan vier procent van de stemmen verreweg de meeste kiezers links van de sociaaldemocratie wist te verzamelen, met het opbouwen van het verzet tegen Sarkozy’s neoliberale agenda. Dat verzet heeft vanaf september langzaam aan kracht gewonnen: van vissers tot leerling-artsen; van rechters tot studenten; en van spoorwegpersoneel tot docenten tot werknemers in de zorg – zij kwamen allemaal in actie.
Het grootste conflict was dat tussen de regering en het personeel in het openbaar vervoer. Deze arbeiders behoren tot de laatste groep werknemers die niet veertig maar 37,5 jaar moeten werken voordat ze recht hebben op hun pensioen. Die 37,5 jaren was precies het aantal jaren dat vroeger voor alle Franse werknemers gold, vóór de neoliberale aanvallen op hun rechten in 1993 (in de private sector) en 2003 (in de staatssector). De meeste werknemers hebben deze rechten dus al verloren.
De relatief goede positie van het OV-personeel is een dam tegen verdere aantasting van de rechten van alle Franse werknemers. Sarkozy wil op weg naar een arbeidsduur voor werknemers van 41 of 42 of zelfs meer jaren. Daarom valt hij de rechten van de OV-werknemers zo hard aan en is hij zo vasthoudend. Maar dat laatste geldt ook voor het personeel. Op 18 oktober staakte 75 procent van het personeel – iets wat sinds 1953 niet meer was voorgekomen - in het openbaar vervoer, 24 uur lang. Vanaf 13 november werd opnieuw gestaakt – de stakers hielden toen tien dagen vol. En dit ondanks het gebrek aan steun van de leiding van de meeste vakbonden, die de stakers soms zelfs publiekelijk afvielen en in ieder geval niets deden om de massale campagne tegen de stakers door de regering en de media van tegenwicht te voorzien. De staking is nu voorlopig van de baan, maar de spoorwerknemers zijn zeker niet verslagen. Zij hebben de regering al gedwongen tot enige concessies en het is heel goed mogelijk dat opnieuw gestaakt wordt, als de onderhandelingen niet de gewenste resultaten hebben.
Ondertussen stond ook de wereld van de universiteiten op z’n kop. Het verzet van de studenten kwam als een verrassing, want Sarkozy was voor de zomer tot een deal met de leiding van de studentenbonden gekomen. Die deal overtuigde de meeste studenten echter niet. Zij weigeren zich neer te leggen bij de verzelfstandiging van de universiteiten die de facto een uitverkoop is. Het maakt de universiteiten afhankelijk van private fondsen. De nationale overheid zal steeds minder over de universiteiten te zeggen hebben terwijl het onderwijs ondergeschikt wordt gemaakt aan de wil van de bazen.
Bovenop de strijd van arbeiders en studenten kwam een nieuwe golf van massale onrust in de banlieues, waar tienduizenden mensen onder marginale omstandigheden moeten zien te leven: zonder werk, perspectief en mét een grote mate van racistisch politiegeweld. Jongeren voelen zich opgejaagd en uitgesloten. Sarkozy gooit olie op het vuur door hen tuig te noemen.
Sarkozy en zijn agenda zijn door de stakingen nog niet verslagen. En dat zal ook niet gemakkelijk zijn zolang een belangrijk deel van links zich passief opstelt. De communistische partij (PCF), met haar 130.000 leden verreweg de grootste partij links van de sociaaldemocratische Parti Socialiste (PS), verkeert in een diepe crisis en haalde tijdens de laatste presidentsverkiezingen minder dan de helft van de stemmen van Besancenot. De PS zelf weet op geen enkele manier een alternatief te bieden voor het neoliberale beleid van Sarkozy. De rest van links en radicaal links – inclusief de linkervleugel van de PS – is hopeloos verdeeld. De LCR wil iets aan de versplintering doen en heeft opgeroepen samen te werken aan de oprichting van een nieuwe antikapitalistische partij die de politieke uitdrukking is van het verzet op straat. Een partij die de strijd tegen Sarkozy en tegen de sociaal-neoliberalen in de PS aangaat.
Dat de ruimte voor zo’n nieuw, radicaal initiatief er is wordt steeds duidelijker. Het Franse dagblad Libération kopte onlangs: ‘De LCR is de ster van de demonstratie’. Volgens Le Monde behoort Olivier Besancenot tot de meest populaire linkse politici van het land. Uit peilingen blijkt dat veel Fransen bereid zijn op hem te stemmen. De populariteit van Besancenot en de LCR laat zien dat mensen een echt alternatief willen. Olivier Besancenot en zijn partij vormen de politieke expressie van mensen die terugvechten. De LCR wil die uidrukking verder verbreden. Het grootschalige verzet en de strijdbaarheid van Franse arbeiders en studenten en de populariteit van Olivier en zijn LCR enerzijds en de zwakte van links anderzijds maken duidelijk dat een nieuwe, strijdbare linkse partij in Frankrijk niet alleen nodig, maar ook mogelijk is.
Dit artikel leunt sterk op een stuk van Ingrid Hayes van de LCR, dat gepubliceerd is op www.internationalviewpoint.org.
Reactie toevoegen