24 September 2020

De dubbele nederlaag van links

Een kaalslag van achttien miljard en de doorbraak van openlijke islamofobie in de Nederlandse regeringspolitiek. Dat is ‘Rutte I’ in een notendop. De kaalslag is van de VVD en zorgt ervoor dat de rekening van de crisis terecht komt bij werknemers, studenten en uitkeringsgerechtigden. De islamofobie is van de PVV. Het CDA krijgen we er bijna gratis bij. Die partij gaat voor de mooie baantjes, zelfs na een afstraffing van 41 naar 20 zetels.

Het is niet de eigen kracht van rechts die het meest rechtse kabinet ooit mogelijk heeft gemaakt. De grote traditionele machtsblokken van links, de vakbeweging en de PvdA, hebben de dubbele nederlaag mogelijk gemaakt door dertig jaar achteruit te verdedigen en dertig jaar mee te gaan met de logica van het neoliberalisme. Die vaststelling klinkt defaitistisch, maar geeft juist hoop. Het kan wel degelijk anders. Maar dan moet er wel behoorlijk wat veranderen in de strategie en het alternatief van links.
Het verzaken van links
Het is beschamend dat twee jaar na het begin van de diepste crisis in de neoliberale economie ooit, de VVD, de PVV en het CDA op 9 juni een meerderheid konden binnenslepen met zesenzeventig zetels in de Tweede Kamer. Voor iedereen zichtbaar wankelt hun neoliberale economische en sociale agenda voor de toekomst aan alle kanten.
De mantra van de VVD, ‘minder overheid, meer privaat’, heeft niet geleid tot duurzame groei. De privatisering, verzelfstandiging en vermarkting van publieke diensten en bedrijven hebben niet gezorgd voor betere en betaalbare zorg, fijnmazig openbaar vervoer en verbetering van het onderwijs In tegendeel. De bureaucratie in de vermarkte publieke diensten is fors toegenomen en de ruimte voor onderwijzers, werknemers in de zorg en bij nutsbedrijven om hun werk goed te doen in het belang van de klanten, is dramatisch afgenomen.
Dat de financiële crisis in één klap het hele neoliberale kaartenhuis op zijn grondvesten kon doen schudden leverde algemene publieke verontwaardiging op over de bonusgraaiers en de zakkenvullers. Maar links verzuimde om het systeem waarin dat allemaal mogelijk was en aangemoedigd werd fundamenteel te bekritiseren en een alternatieve agenda op te stellen.
De vraag ligt sinds 2008 open en bloot op tafel. Gaan we proberen om het wankele neoliberale systeem te redden of kiezen we voor een andere koers waarin het ongebreidelde marktfetisjisme aangepakt en ingeperkt wordt? Kiezen we voor het oplappen van de failliete economische boedel of nemen we de mens en de maatschappij als uitgangspunt en maken we een keuze voor een sociale inrichting van de economie?
Dat de crisis van de neoliberale economie niet is aangegrepen om het systeem structureel te bekritiseren en om met een gedurfd en aansprekend links alternatief te komen, is niet alleen een gemiste kans, het is een grote schande. Zo konden de VVD en het CDA het politieke debat – na het door PvdA-er Wouter Bos redden van de banken op kosten van de belastingbetaler – vrij snel en gemakkelijk verplaatsen naar het tekort van de overheid en de ‘noodzakelijke’ bezuinigingen. En ook in die discussie gaf de linkse politiek in Nederland volstrekt onvoldoende tegengas. De PvdA en GroenLinks accepteerden het grootste deel van de kortingen op de staatsbegroting en GroenLinks wierp zich voor de verkiezingen zelfs op als de ‘hervormingspartij bij uitstek’ met haar plannen om de WW te beperken en de arbeidsmarkt verder te liberaliseren. Zelfs de SP, de partij die van begin af aan principieel stelling nam tegen het neoliberalisme, dacht dat de overheid het nu beter zou kunnen doen ‘met minder geld’.
Dertig jaar achteruit verdedigen
Het is een gotspe dat Geert Wilders en de VVD zo gemakkelijk wegkomen met het verhaal dat Nederland al die jaren in de ban was van de ‘linkse kerk’ en dat het daarom zo slecht gesteld is met onze zorg, ons onderwijs, de veiligheid, de integratie, de wijken in de grote steden en de overheidsfinanciën. In werkelijkheid zat de VVD de afgelopen dertig jaar 22 jaar in de regering, het CDA 22 en de PvdA 16. Waarbij aangetekend moet worden dat de sociaaldemocraten in die zestien jaar vooral dienstbaar waren aan het doorvoeren van de neoliberale agenda en het stapje voor stapje privatiseren en afbreken van de openbare en sociale voorzieningen. Het trieste hoogtepunt waren de ‘paarse’ jaren negentig, waarin in rap tempo de privatisering van de energiebedrijven, de telecommunicatie, de post en het openbaar vervoer werd doorgevoerd en voorbereid. En waarin besloten werd tot ingrijpende belastinghervormingen met een omgekeerd Robin Hood effect: de rijken werden rijken en de armen armer.
Wim Kok wierp in die tijd de ideologische veren af en bekende zich tot de derde weg van Tony Blair, de aanpassing van de sociaaldemocratie aan de uitgangspunten van het neoliberalisme. Wouter Bos probeerde een paar overgebleven veren een half jaar voor zijn vertrek nog wat op te schudden. Te laat en te weinig.
In al die jaren bleef de PvdA desondanks de dominante politieke kracht op links. Niet omdat de partij zoveel successen voor de eigen achterban wist binnen te halen of omdat de politiek van de sociaaldemocraten mensen wist aan te spreken. Eerder ‘bij gebrek aan beter’ en omdat de PvdA gebruik wist te maken van haar positie als ‘bewezen machtspartij’ ter linkerzijde. De politiek van het kleinste kwaad en de logica van ‘om erger te voorkomen’ hield de voormalige sociaaldemocraten overeind als machtsblok.
Dubbele rekening
Links krijgt nu de dubbele rekening gepresenteerd van dertig jaar achteruit verdedigen. De meest rechtse regering ooit en een kabinet dat niet zal schromen de crisis en het overheidstekort aan te grijpen om tal van sociale verworvenheden in versneld tempo af te breken. In plaats van solidariteit en eerlijk delen gaan we in sneltreinvaart richting nachtwakersstaat en verzekeringsmaatschappij.
We krijgen een kabinet dat zich ondanks de eigen zwakke positie meent te kunnen veroorloven te gaan regeren met een minderheid van 52 zetels in het parlement en op basis van een regeerakkoord ‘waar rechts de vingers bij aflikt’.
De vakbeweging staat net als de linkse politiek voor de keuze: gaan we nu eindelijk eens weg van het polderen, weg van de compromissen die elke keer neerkomen op het accepteren van de volgende verslechtering voor werknemers en uitkeringsgerechtigden? Gaan we in plaats daarvan nu eindelijk eens terugvechten voor onze eigen alternatieven?
Naast de afbraakplannen voor een groot deel van de publieke sector, de sociale zekerheid en het minimumloon krijgen we nog een tweede rekening gepresenteerd. Dat is de rekening van de islamofobie, de verdeeldheid en de onderlinge haat, gepresenteerd door Geert Wilders en nu geaccepteerd en gedoogd door ‘net’ rechts.
Ook die rekening komt op het conto van achteruit verdedigen en gebrek aan antwoorden van links. Het zijn vooral de gemarginaliseerde migranten met weinig inkomen en weinig vooruitzichten waar Wilders het op gemunt heeft. Dit zijn precies de mensen die ook de vakbeweging en het grootste deel van de linkse politiek afgelopen dertig in de kou heeft laten staan.
Omslag
Met duimen draaien en nog verder achteruit verdedigen raken we nog verder van huis. De hoop dat de uiterst rechtse wind wel weer over zal waaien en bij nieuwe verkiezingen over een paar jaar vanzelf wel weer een herstel van links zullen zien is de beste garantie voor een volgend debacle. Iedereen die nog op wil komen voor een solidaire samenleving, tegen xenofobie en voor eerlijk delen, moet beseffen dat een omslag in het denken en doen van links noodzakelijk is om het tij te keren. Het speelkwartier is nu echt voorbij.
Simpele recepten zijn daarbij niet voorhanden. Wel is duidelijk dat er een diepgaande omslag zal moeten komen die van de ‘linkse kerk’ weer een levendige beweging met dromen en idealen kan maken. Een omslag die diep in het eigen vlees van de linkse bureaucraten en de linkse elite zal snijden, om van links weer een geloofwaardige emancipatiebeweging te maken. Die niet – al dan niet stiekem – met dedain en wantrouwen kijkt naar het ‘klootjesvolk’, maar bereid is om mensen weer te organiseren en perspectief te bieden op een betere toekomst.
De onlangs overleden Britse socioloog Tony Judt zei vlak voor zijn dood: ‘Als we niets anders doen dan de scherven bijeenvegen en op de oude voet voortgaan, kunnen we de komende jaren nog veel grotere opschudding verwachten. We blijken echter niet in staat om alternatieven te bedenken.’ Judt pleitte voor een herstel van de sociaaldemocratie in een nieuw jasje: ‘bij gebrek aan beter’.
Met het meest rechtse kabinet ooit, is de urgentie om die nieuwe antwoorden wel te bedenken en een begin te maken met het opbouwen van een geloofwaardig links alternatief, groter dan ooit. Als Rutte I dat shock-effect op links kan hebben, is er bij alle ellende die we ongetwijfeld over ons heen zullen krijgen iets gewonnen dat hoop geeft voor de toekomst.

Reactie toevoegen

Plain text

  • Toegelaten HTML-tags: <a> <em> <strong> <cite> <blockquote> <code> <ul> <ol> <li> <dl> <dt> <dd>
  • Adressen van webpagina's en e-mailadressen worden automatisch naar links omgezet.
  • Regels en alinea's worden automatisch gesplitst.
Uw reactie zal niet meteen verschijnen, deze wordt eerst goedgekeurd door de beheerder.
To prevent automated spam submissions leave this field empty.
Image CAPTCHA
Vul de tekens uit bovenstaande afbeelding in.

Reageren