Macron's nieuwste orders om demonstraties in solidariteit met Palestina te verbieden onthullen nog duidelijker de werkelijke aard van Frankrijk's anti-moslim campagne en de ruk naar rechts in Frankrijk onder Macron.
Leden van het Franse leger hebben onlangs in twee brieven gedreigd met een militaire staatsgreep. Op 29 april ondertekenden twintig gepensioneerde Franse generaals, honderd hoge officieren en meer dan duizend soldaten van het Franse leger een verklaring waarin gedreigd werd met een burgeroorlog als de Franse regering geen actie zou ondernemen tegen 'islamisten' en 'horden uit de voorsteden' die de Franse traditionele waarden bezoedelen. De taal en de bedoeling van de verklaring waren duidelijk om angst en haat te zaaien tegen de raciaal en economisch gesegregeerde 'voorsteden' waar veel moslim- en zwarte Fransen wonen. Een tweede brief van actieve militairen en enkele burgers werd in mei gepubliceerd.
Hoewel we zouden kunnen hopen dat degenen die de bedreigingen uiten een irrelevante randgroep vertegenwoordigen, heeft een van de twee leidende kandidaten voor het presidentschap, Marine Le Pen, in het openbaar met hen ingestemd. En de huidige regering van Emmanuel Macron voert al veel van de repressieve acties tegen moslims uit waar degenen die met de staatsgreep hebben gedreigd voor hebben gepleit. Sommige van deze acties, bijvoorbeeld een wet die het filmen van politieagenten verbiedt 'met de bedoeling hen te identificeren', treft alle Fransen en is aangevochten door Amnesty International.
Veel van de acties zijn alleen tegen moslims gericht en schenden de fundamentele rechten van vrije meningsuiting. Macrons minister van Binnenlandse Zaken eist nu dat alle moslimgeestelijken een contract ondertekenen dat ze geen kritiek zullen uiten op de Franse regering en het ministerie heeft een organisatie die zich inzette voor antidiscriminatie, het Collectief tegen Islamofobie in Frankrijk (CCIF), verboden zonder dat daarvoor een wettelijke basis bestaat. Naast de repressie door de regering, leven Franse moslims met routinematige beledigingen op televisie en worden ze fysiek aangevallen. Op dezelfde dag dat de militaire leiders met een staatsgreep dreigden, doodde een witte Fransman bijna een Arabische Fransman en zijn gezin door hun huis met zijn auto te rammen.
De Franse Senaat, gedomineerd door de rechtse partij Les Republikeins, heeft aanvullende bepalingen goedgekeurd op een wet die oorspronkelijk door de partij van Macron was voorgesteld, waardoor moslimvrouwen niet met hun kinderen mee mogen op schoolreisjes als ze een hoofddoek (een hijab) dragen; waarin het verboden wordt te bidden in een openbare universiteit en buitenlandse vlaggen bij een bruiloft verboden worden. In het wetgevingsproces moeten de Senaat en de Assemblee het nog eens worden over een gemeenschappelijke versie van de wet en het is mogelijk dat sommige bepalingen van de Senaat uiteindelijk niet in werking zullen treden. Macrons ruk naar rechts wordt algemeen geïnterpreteerd als een wens om diegenen voor zich te winnen die anders op Le Pen zouden stemmen. Gezien het ontbreken van een levensvatbare kandidaat aan de linkerkant, gokt Macron erop dat progressievere kiezers zich gedwongen zullen zien hem te steunen. Links spreekt zich vaak uit over de dreiging van 'fascisme'. Maar in deze situatie waarin fascistisch gezinde leden van het leger dreigen met een staatsgreep en traditionele partijen burgerrechten afnemen, was de oppositie van de bredere linkerzijde minimaal. Moslims lijken geïsoleerd en alleen te staan in hun verzet tegen deze nieuwe discriminerende wetten. Een uitzondering is de Franse Nationale Studentenvakbond (UNEF), die de racismekwestie op een serieuze manier heeft aangepakt. In een actie die de omvang van de normalisering van de repressie, of op zijn minst van de dreigementen, laat zien, heeft de Senaat een maatregel ingevoerd die organisaties zoals de UNEF zou verbieden, als ze zwarte of andere onderdrukte groepen zouden toestaan bijeenkomsten te houden zonder witte mensen. Een van de linkse politieke partijen, La France Insoumise, is het op sommige punten niet eens met de voorgestelde wetten inzake 'veiligheid' en 'secularisme'. Toch is de linkerzijde als geheel niet in verzet gekomen tegen de repressie.
Waarom is er zo weinig aandacht van internationaal links voor deze ontwikkelingen? Een van de redenen is dat we weliswaar graag de Marseillaise zingen, maar dat we nog geen begrip hebben voor de omvang van het racisme in het land dat de revolutionaire traditie waarmee zo velen zich identificeren heeft voortgebracht. We hebben veel te bewonderen in de verbluffende protesten van Franse arbeiders om hun pensioenrechten te verdedigen, de protesten van de Gele Hesjes tegen de stijgende belastingen en de protesten van middelbare scholieren om de verplichte examens tijdens de pandemie tegen te houden. Maar daarnaast zijn er ook andere 'Franse tradities', zoals het koloniseren van grote delen van Afrika en het doden van meer dan een half miljoen Algerijnen die vochten voor hun bevrijding. Een langetermijnresultaat van de koloniale geschiedenis van Frankrijk, dat velen aan de linkerzijde nog onder ogen moeten zien, is de gemarginaliseerde populatie van zwarte en bruine mensen die in Frankrijk wonen.
Bij het bespreken van deze kwesties met activisten ter linkerzijde heb ik gezien dat wij ter linkerzijde niet immuun zijn voor de effecten van propaganda die moslims zwart maakt. Toen ik de nieuwe Franse wetten tegen moslims vergeleek met de campagne van de nazi's om de rechten van joden te onderdrukken, flapte een vriend eruit: 'Maar de joden waren vreedzaam.' Deze uitspraak geeft weer hoe activisten, bewust of onbewust, beïnvloed zijn om anti-moslim discriminatie als gerechtvaardigd te zien. Waarom zijn we niet verontwaardigd over wetten die gericht zijn tegen alle moslims op basis van de breed gepubliceerde misdaden van individuele moslims, die voor het grootste deel niemand anders dan zichzelf vertegenwoordigden?
Een andere factor is de mate waarin anti-moslim krachten erin geslaagd zijn om het vrouwenhatende argument van Franse politici dat ze het recht hebben om de kleding van vrouwen te reguleren, als verdediging van de gelijkheid van vrouwen aan te voeren, om zo moslimvrouwen te 'redden'. De Franse pogingen om moslimvrouwen het dragen van een sluier (met inbegrip van kleding die niet-moslimvrouwen een sjaal zouden noemen) te verbieden, hebben een lange geschiedenis die minstens teruggaat tot de Algerijnse revolutie. De observatie van de antikoloniale revolutionair en psychiater Frantz Fanon is vandaag de dag nog steeds waar. In 1959 schreef hij: 'Tot op de dag van vandaag blijft de droom van een totale domesticatie van de Algerijnse samenleving door middel van ongesluierde vrouwen die de bezetter helpen en bijstaan, de koloniale autoriteiten achtervolgen.' (Algeria Unveiled, p. 43)
We moeten luisteren naar Franse moslimvrouwen die zeggen dat hun kledingkeuze hun zaak is, niet die van de regering. 'Handen af van mijn hijab' is een actuele leus van activisten, een van de vele uitspraken van moslimvrouwen die zich verzetten tegen de repressie van de regering.
Moslimvrouwen worden voortdurend besproken in het Franse nieuws, maar ze worden zelden uitgenodigd om voor zichzelf te spreken. De economische en sociale discriminatie is afschuwelijk en wordt gebagatelliseerd: wie een hoofddoek draagt, mag volgens de wet geen leerkracht zijn of een andere vorm van openbaar werk verrichten. Wie niet de door de Franse autoriteiten vereiste schaarse zwemkleding wil dragen, mag niet naar openbare zwembaden.
Ik denk dat zowel solidariteit als het gevaar van rechts voor de hele mensheid vereist dat we actie ondernemen. Vrouwenorganisaties moeten in actie komen voor Franse moslimvrouwen. Onze manifestaties en protesten zouden zich moeten uitspreken tegen anti-moslim racisme en een diepere samenwerking tussen de anti-racistische bewegingen in Frankrijk en elders moeten bevorderen, hetgeen ons allen ten goede zou komen.
Dit is een iets bewerkte versie van een artikel op NewPolitics. Nederlandse vertaling redactie Grenzeloos. De oorspronkelijke versie richtte zich tot links en de vrouwenbeweging in de VS. Omdat die verwijzingen ons inziens ook elders van toepassing zijn hebben we de betreffende formuleringen aangepast.
Reactie toevoegen