26 September 2020

Het zal ze een rotzorg zijn

De gevolgen van het regeer- en gedoogakkoord voor de gezondheidszorg in Nederland liegen er niet om. Met deze rechtse regering worden de trends van het inruilen van collectieve verantwoordelijkheid voor individuele verantwoordelijk en marktwerking in de publieke dienstverlening hard doorgezet. Mensen moeten meer opbrengen dan ze kosten, anders zoeken ze het maar uit. Zo eenvoudig wordt het.

Het neoliberale denken in de zorg
In Nederland hebben we in verhouding tot veel andere landen nog een betaalbaar en toegankelijk systeem van gezondheidszorg, van preventie tot en met 24 uurs zorg. Een deel van de zorg wordt door overheden zelf georganiseerd en een ander deel is qua uitvoering in handen van private partijen of uitvoeringsinstanties. De zorg wordt betaald uit premies en belastingen op basis van solidariteit, geregeld in verschillende wetten. De afgelopen jaren zien we echter een groeiende invloed van het neoliberale denken op deze structuren. Dit betekent een verschuiving van collectief georganiseerde en gefinancierde voorzieningen naar een systeem waarin het individu centraal staat en zelf verantwoordelijkheid voor het gebruik van voorzieningen moet dragen. Daarnaast zien we de wettelijke basis voor het recht op zorg smaller worden.
Door de invoering van marktwerking en sturing via financiële prikkels worden de eigen financiële mogelijkheden en sociale positie steeds belangrijker. Anders gezegd: mondige, goed geïnformeerde en goed verdienende burgers met voldoende tijd en energie zal het lukken om toereikende, goede zorg en ondersteuning te vinden. Maar de minder handige, minder goed geïnformeerde burger met een smalle beurs en weinig tijd en energie heeft die mogelijkheid niet of veel minder.
Helaas is 70 procent van de gebruikers van zorg meteen ook grootgebruiker van zorg vanwege een chronische ziekte of handicap die tijd en energie vreet, of omdat ze op leeftijd zijn. Met een gemiddeld inkomen tussen de 900 en 1200 euro netto in de maand staat deze groep niet als goed verdienend te boek. Vooral zij zijn de dupe.
CDA en VVD blijven geloven in de maakbaarheid van de zorg door het invoeren van marktwerking en ‘eigen verantwoordelijkheid’. In de nieuwe regering wordt dit gecombineerd met het giftige gedachtegoed van de PVV waardoor uitsluiting van groepen niet langer onbespreekbaar is. Zo kan de zorg in Nederland verder afgebroken worden. De Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten (AWBZ), de Zorgverzekeringswet (Zvw) en de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo) regelen een groot deel van die zorg. Maar het publieke karakter, het solidariteitsbeginsel en de betaalbaarheid en toegankelijkheid worden steeds verder uitgehold (zie kaders).
Schadeposten en kostenposten
Een van de meest desastreuze trends blijft de marktwerking in de zorg. Zorgverzekeraars beoordelen de kwaliteit van de zorg en vervolgens bepalen ze waar en door wie zorg verleend wordt. De keuzevrijheid voor burgers wordt beperkt. Je kunt niet meer zelf bepalen door welke arts en in welke ziekenhuis je geholpen wilt worden. Burgers betalen torenhoge premies en eigen bijdragen maar worden totaal afhankelijk van commerciële partijen die hen enkel zien als schadepost. Voor de duidelijkheid: in de wereld van de verzekeraars is de verzekerde die zorg nodig heeft de schadepost en degene die de zorg verleent de kostenpost. De bedrijfsvoering van verzekeraars is erop gericht de schade te beperken en de kosten te drukken. En zo komt het dat zorgverleners en patiënten steeds minder te zeggen hebben en overgeleverd worden aan partijen die over hun ruggen heen geld verdienen.
Naast de mensen die zorg vragen, zijn ook mensen die zorg verlenen de dupe van dit beleid. Arbeidsvoorwaarden van zorgverleners zijn een kostenpost die zo laag mogelijk moet blijven. We kunnen de 12.000 ouderenverzorgers die volgens het regeer- en gedoogakkoord aangetrokken gaan worden, regelrecht tot de nieuwste lichting werkende armen gaan rekenen.
Het is nu voor een verzorgende al haast niet meer mogelijk een baan te vinden die voldoende bestaanszekerheid biedt. Salarissen zijn laag en de arbeidsmarkt is dusdanig geflexibiliseerd dat mensen nog nauwelijks vaste contracten krijgen. Voltijds banen worden steeds schaarser.
Van het aantal werkenden in de zorg is 4 van de 5 vrouw. Zij verdienen 28 procent minder dan mannen in de sector. Daar zal deze regering wel niet wakker van liggen, de prioriteiten zijn goedkope arbeid en de kostenpost drukken.
De VVD ging de verkiezingen in met de leus ‘wie hard werkt, verdient beter’ - de vraag is of dat ook telt voor de hardwerkende flexwerker in de zorg. Het zegt eigenlijk al genoeg dat nergens aangegeven wordt waaruit de 12.000 extra mensen voor de ouderenzorg betaald moeten worden.
In het regeerakkoord staat wel dat als de kosten harder stijgen dan de verwachte 4 procent, er maatregelen getroffen moeten worden. Aanscherpen van het pakket bijvoorbeeld, zodat er meer zelf betaald moet worden via aanvullende verzekeringen of eigen bijdragen. Juist mensen die langdurig en intensief zorg nodig hebben, ouderen, chronisch zieken en gehandicapten, zijn dan de dupe.
Om te voorkomen dat verzekeraars groepen die veel zorg nodig hebben niet meer bedienen en zich enkel richten op groepen die weinig geld kosten, worden deze ondernemingen gecompenseerd voor de hoge kosten die ze maken bij chronisch zieken, gehandicapten en ouderen. Het nieuwe kabinet wil deze regeling opheffen en verzekeraars zoals dat heet ‘risicodragend maken’. Dat zal zeker leiden tot het selecteren van verzekerden en dus tot nog minder keuzemogelijkheden en vrijheid voor de veelgebruikers van zorg.
Gezond zijn is burgerplicht
Mensen zijn meer dan hun zorgvraag. Mensen maken gebruik van zorg om zo gezond mogelijk te blijven, hun zelfredzaamheid te vergroten en optimaal mee te doen in de samenleving. Zorg is voor mensen in een samenleving een middel, niet een doel. Tot voor kort werd zorg gezien als een gezamenlijke verantwoordelijkheid: zorgen voor elkaar in ziekte en in tegenspoed. Omdat het geen keuze is om ziek te worden, of oud, of hulpbehoevend. Maar de laatste jaren en ook in het nieuwe regeerakkoord wordt steeds meer gedaan of mensen wel degelijk een keuze hebben. Gezond zijn is burgerplicht geworden. Ook al doet de PVV alsof zij voor de ouderen opkomt, in het regeerakkoord is vooral opgenomen dat mensen voor zichzelf moeten zorgen. Zo moeten alle mensen die gebruik gaan maken van de AWBZ, dus ook de ouderen, hun AOW met klein aanvullend pensioentje inleveren om straks de huur te betalen van de kamer in het verpleeghuis. En moeten hulpmiddelen om te lopen of te horen of anderszins te ondersteunen zelf betaald worden.
De neoliberale denkwijze blijft maar individualiseren. Steeds meer wordt gesproken over de eigen verantwoording om ziekte, verval en ouderdom te voorkomen. De Raad voor Volksgezondheid en Zorg gaf daar laatst nog een dik rapport over uit. Volgens dat rapport moet de focus op het eigen gedrag komen te liggen. Zorgverzekeraars worden aangespoord gezond gedrag te belonen, onder andere via combinatieverzekeringen met hypotheek en pensioen. Alsof ziek zijn of oud worden aan het individu zelf te wijten is. Er wordt voorbij gegaan aan de collectieve verantwoordelijkheid van een samenleving om te zorgen dat mensen leven in omstandigheden die optimaal zijn voor hun gezondheid. De benadering van deze neoliberale denktank, gevuld met wetenschappers uit CDA en VVD, roept bovendien een sterk gevoel van betutteling op. Dit paternalisme, gecombineerd met de eisen van een rechtse, nationalistische partij als de PVV, beperkt burgers in hun vrijheid te leven als ze willen, hulp nodig hebben wordt opgevat als plichtsverzuim. De gevolgen laten zich raden: tweedeling, uitsluiting en enorm veel maatschappelijk en individueel leed.
Depri?
Je zou er haast depressief van worden. Maar gelukkig zijn er nog mensen met gezond verstand. Die weten dat helaas iedereen ziek kan worden. En dat iedereen hoopt oud te worden. Natuurlijk wil niemand zorg nodig hebben maar helaas weet niemand zeker of die zorg toch nodig zal zijn. In die wetenschap is er toch niets mis met het idee voor elkaar te zorgen en met een systeem gebaseerd op solidariteit van gezonde met zieke mensen? Een systeem waarin iedereen verzekerd is, maar tegelijk mensen die het beter hebben, meer bijdragen dan degenen met de smalle beurs? Een volksverzekering met inkomensafhankelijke premie is toch niet zoveel gevraagd? En dan wil je toch gewoon kwalitatief goede zorg krijgen? En als je in de zorg werkt, wil je toch ook gewoon kwalitatief goede zorg leveren? En naast de voldoening ook waardering voor je werk krijgen, vertaald in goede arbeidsvoorwaarden? Dat is helemaal niet teveel gevraagd.
En zeg niet dat het hemelfietserij is. Het is gewoon een kwestie van politieke keuzes: wordt ons geld gesluisd naar winst voor Achmea, Ohra, Delta Lloyd of Interpolis of besluiten we dat het veel gezonder is om er allemaal beter van te worden.

\
Voor mensen die niet meer beter kunnen worden, niet of weinig meer kunnen participeren en voor wie eigenlijk dagelijks zorg en ondersteuning nodig is, hebben we in Nederland een volksverzekering: Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten. Deze wet uit de zestiger jaren van de vorige eeuw kun je zien als het sluitstuk van de verzorgingsstaat. Het gaf burgers die afhankelijk waren of waren geworden door ziekte, handicap of leeftijd het recht op zorg en ondersteuning tot aan hun dood. Geen liefdadigheid, geen dankbaarheid maar recht op een plek in de samenleving voor oude mensen, verstandelijk gehandicapten, lichamelijk gehandicapten en mensen met psychiatrische problemen. Het nieuwe kabinet wil de uitvoering van de AWBZ in handen leggen van zorgverzekeraars. Zo wordt ook deze zorg vermarkt en in handen gelegd van een partij die vooral de kosten wil drukken ten gunste van eigen winst of marktpositie. Om de kosten van de AWBZ te drukken wordt een deel van de zorg, met name thuiszorg en dagbesteding van mensen die nog thuis wonen, overgeheveld naar gemeenten en de Wmo. Zo verliezen mensen hun recht op zorg.
De Wmo regelt zorg en ondersteuning die gericht is op participatie in de samenleving in het geval van ziekte, leeftijd of handicap. De wet geeft burgers niet het recht op ondersteuning en zorg maar enkel het recht op een poging van de gemeente om de beperkingen die participeren in de weg staan, te compenseren. Als je denkt dat de gemeente hier in verzaakt kun je bezwaar aantekenen of naar de rechter gaan om je gelijk te halen. Burgers die dit doen, krijgen over het algemeen ook gelijk. Maar een grote, groeiende groep klaagt niet. Ze hebben door leeftijd, ziekte of handicap de energie niet om er achter aan te gaan, hebben de sociale of financiële mogelijkheden niet of kennen simpelweg de weg niet. De gemeenten betalen de Wmo uit hun inkomsten. Hoeveel gemeenten willen uitgeven aan de Wmo, is een beslissing van de gemeenteraad zelf. Het investeren in een lokale voetbalclub betekent minder mensen toegang geven tot de compenserende maatregelen in de Wmo. Gemeenten maken daarin hun eigen keuzes.
De Zorgverzekeringswet regelt de puur medische geneeskundige zorg. De overheid bepaalt het pakket van zorg waar men recht op heeft. Dit pakket is voor alle burgers hetzelfde en voor iedereen toegankelijk. En iedereen betaalt dezelfde premie. De overheid compenseert de lagere inkomens via de zorgtoeslag. Ook is er sprake van een eigen risico in deze wet. Mensen die een laag inkomen hebben en/of een chronische ziekte of handicap worden gecompenseerd. De uitvoering van de Zvw is in handen van zorgverzekeraars. Dit zijn commerciële bedrijven. Sommigen komen voort uit het ziekenfonds maar de meeste zorgverzekeraars komen uit het commerciële circuit en zijn onderdeel van grote schadeverzekeraars. Door fusies zijn er vier nog grote spelers actief. Hierdoor is er erg weinig onderlinge concurrentie en worden zorgverzekeraars steeds machtiger. Het idee was dat zorgverzekeraars vanwege onderlinge concurrentie de zorg goedkoper en beter toegankelijk zouden maken. Zij zouden daarnaast, omdat zij moesten vechten om de gunst van verzekerden, de zorg zeer cliëntgericht inkopen en organiseren. Kortom, de burger zou er beter van worden. Inmiddels zien we dat verzekeraars naast het door de overheid vastgestelde en gefinancierde basispakket ook aanvullende polissen aanbieden. Hier worden de winsten gemaakt. Die winsten vloeien niet terug in lagere premies. De burgers worden er dus niet beter van en inmiddels kan bijna niemand meer zonder de aanvullende pakketten – zeker niet de chronisch zieken en gehandicapten.

Reactie toevoegen

Plain text

  • Toegelaten HTML-tags: <a> <em> <strong> <cite> <blockquote> <code> <ul> <ol> <li> <dl> <dt> <dd>
  • Adressen van webpagina's en e-mailadressen worden automatisch naar links omgezet.
  • Regels en alinea's worden automatisch gesplitst.
Uw reactie zal niet meteen verschijnen, deze wordt eerst goedgekeurd door de beheerder.
To prevent automated spam submissions leave this field empty.
Image CAPTCHA
Vul de tekens uit bovenstaande afbeelding in.

Reageren