26 September 2020

Links moet weer links durven zijn

Het is hoog tijd dat links met een aansprekend antwoord komt op het meest rechtse kabinet ooit. Rutte en Verhagen zijn vastbesloten om met gedoogsteun van de PVV de Europese neoliberale agenda in versneld tempo door te voeren.

Met de VVD, het CDA en de PVV aan het roer zal Nederland in vier jaar tijd een flinke stap zetten naar een nachtwakersstaat waarin wantrouwen en repressie toenemen, publieke voorzieningen verder op achterstand raken, marktwerking troef is en de sociale zekerheid geen zekerheid meer is. De economische crisis komt daarbij mooi van pas als stok om de hond te slaan. Links moet zich snel herpakken, met een eigen alternatief komen en daarvoor de strijd aangaan. Dat kan ook heel goed, want zelfs in deze tijd waarin rechts politiek en ideologisch dicteert blijft er een groot draagvlak voor een meer ontspannen samenleving waar georganiseerde solidariteit de norm is.
Toch is er een dik half jaar na de grote overwinning van rechts in de verste verte nog geen sprake van zelfs maar het begin van zo’n antwoord van politiek links. De PvdA hangt dizzy in de touwen en weet het even niet. GroenLinks heeft weliswaar ‘zin in de toekomst’ maar die moet je volgens Halsema en Sap zoeken in een progressief liberaal hervormingsprogramma dat erg veel lijkt op de klassieke positie van D66.
Het felste debat over een nieuw links alternatief vindt typisch genoeg plaats in de vakbeweging, volgens velen het bolwerk van ‘conservatief links’. Centraal in die discussie staan zelfvertrouwen en het vertrouwen op eigen kracht. De uit de VS overgewaaide organising methode heeft vooral binnen FNV Bondgenoten een berg aan nieuwe ervaringen én de eerste successen opgeleverd. Het congres van de AbvaKabo FNV koos een vastberaden meerderheid in het nieuwe bondsbestuur die wil breken met het eindeloze polderen, met het achteruit verdedigen van de vakbeweging in de afgelopen jaren en die de prioriteit wil leggen bij het versterken van de eigen vakbondskracht.
Zelfvertrouwen
Binnen de verschillende stromingen van links is de afgelopen decennia veel gediscussieerd over de gevolgen van diepgaande maatschappelijke ontwikkelingen voor de positie van politiek links en de vakbeweging: de individualisering, van industrie naar dienstverlening, de globalisering van de economie, de tweedeling van de arbeidersklasse, de val van de muur, privatisering, flexibilisering en niet te vergeten de effecten van de massa immigratie. Stuk voor stuk ontwikkelingen van groot belang waarover het debat absoluut verder gevoerd zal moeten worden. Maar we moeten er niet in blijven steken, elkaar de maat blijven nemen of navelstaren. Er moeten initiatieven genomen worden, we moeten gaan bewegen.
Bovendien, al die maatschappelijke ontwikkelingen veranderen op zichzelf weinig aan de idealen van links voor een eerlijke verdeling van macht, kennis en inkomen. Waarom vertrouwen we niet op de eigen idealen en uitgangspunten van links? Waarom zegt de PvdA niet ‘in de jaren dat links de drijvende politieke kracht was, waren de groeicijfers een stuk beter dan de afgelopen dertig jaar en is de sociale ongelijkheid afgenomen, links deed het op alle fronten beter?’ Waarom is de vakbeweging niet veel trotser en zuiniger op alle verworvenheden en zekerheden voor werknemers en uitkeringsgerechtigden die na de oorlog bereikt zijn? De sociale zekerheid en de publieke voorzieningen zijn het dubbel en dwars waard verdedigd te worden. Natuurlijk is het nodig om regelingen van tientallen jaren geleden aan te passen en te moderniseren waar dat nodig is. Maar dat is fundamenteel iets anders dan meebewegen met een rechtse afbraak politiek, onder het mom van hervormingen en het begrotingstekort van de overheid.
Links verhaal
Het antwoord van links op het succes van rechts hoeft minder ingewikkeld te zijn dan vaak gedacht. Als we beginnen met het formuleren van wat we willen, met het soort toekomst die we voor ons zien, zijn we het dan niet al behoorlijk met elkaar eens? Zijn de zaken die we op korte termijn willen bereiken niet juist erg haalbaar? Brede linkse samenwerking, politiek en op straat, kan snel vorm en kracht krijgen als we een eigen gezamenlijk verhaal hebben tegenover rechts en uiterst rechts.
De belangrijkste elementen van zo’n eigen gezamenlijk verhaal liggen voor de hand. We willen dat inkomen, kennis en macht eerlijker verdeeld zijn. Er moet een einde komen aan de kloof tussen rijk en arm die ook in Nederland de laatste dertig jaar fors gegroeid is. We beginnen met nivellering van inkomens, met armoedebestrijding en met het verbeteren van de positie van mensen met een laag of minimuminkomen.
We willen dat de meest essentiële voorzieningen als onderwijs, zorg, sociale zekerheid, volkshuisvesting en oudedagsvoorziening collectief, publiek en solidair georganiseerd zijn. Publieke voorzieningen moeten kwaliteit bieden en toegankelijk zijn voor iedereen. We weten al meer dan honderd jaar dat veel van wat een samenleving leefbaar en solidair maakt niet met marktwerking en concurrentie te verwezenlijken is. Goede en betaalbare huisvesting voor mensen met een laag inkomen: in een geliberaliseerde woningmarkt is dat een illusie. Fijnmazig, frequent en betaalbaar openbaar vervoer? Marktwerking haalt alleen wat krenten uit de pap.
We willen dat er ook voor volgende generaties een toekomst is. De traditionele energiebronnen zijn eindig, net als grondstoffen en de capaciteit van de aarde om alle afval en uitstoot te verwerken. We willen een transitie naar een duurzame economie en energieproductie. Dat is niet alleen reëel en mogelijk, het is vooral noodzakelijk, zeker als we echt eerlijk willen delen met zes miljard anderen op aarde.
We willen een ontspannen samenleving waarin uitsluiting en discriminatie bestreden worden. Het adagium van Margaret Thatcher voor de afgelopen dertig jaar (‘there is no such thing as society’) willen we omdraaien: zonder samenleving kan niemand overleven.
Het kan heel goed anders
Waarom laat een groot deel van links zich aanpraten dat zo goed als alle sociale verworvenheden van na de oorlog onhoudbaar, onbetaalbaar dan wel ouderwets zijn geworden en dat het niet anders zou kunnen dan dat marktwerking, profijtbeginsel en individuele regelingen daarvoor in de plaats komen? Wat is er ouderwets en conservatief aan een collectief en solidair zorgstelsel of pensioenvoorziening?
Wat was er eigenlijk mis met het stelsel van studiefinanciering zoals we dat tot in de jaren tachtig kenden? En waarom zou het nodig, goedkoper en beter zijn om volgende generaties studenten afhankelijk te maken van krediet en leningen?
De maatregelen van rechts leiden tot eliteonderwijs of tot studenten die gedwongen worden zich enorm in de schulden te steken. Of tot een combinatie van studie en werk met alle stress vandien: heb ik volgende maand geld genoeg voor de huur en haal ik mijn studiepunten dan wel? Minder tijd voor sociale contacten, laat staan voor maatschappelijke betrokkenheid en het ontwikkelen van een kritische geest.En last but not least wordt veel laag- en ongeschoold werk in horeca, detailhandel of bij callcentra door studenten gedaan, terwijl lager en ongeschoolde werknemers thuis zitten met een uitkering, zich nutteloos voelend, zonder perspectief en in groeiende mate depressief en zorgvragend.
Wat is er mis met een systeem van sociale werkplaatsen? Werkplekken waarin mensen met een beperking een zinvolle bijdrage kunnen leveren aan de samenleving, ook al komen ze op de reguliere arbeidsmarkt niet aan de slag, zijn een prima investering. Natuurlijk kost dat geld, maar het levert ook wat op. En alle mensen die meer kosten dan dat ze opleveren op één hoop gooien en geen andere toekomst bieden dan eentje onder het minimuminkomen, met gezondheidsklachten, eenzaamheid of soms criminaliteit kost ook geld en levert vooral ellende op.
De aanstaande verdere liberalisering zal leiden tot een randstadversie van de Parijse banlieues waar het wonen op gewilde plekken en in de binnensteden voorbehouden is aan mensen met een behoorlijk inkomen en de rest het moet doen met wat er overblijft aan verouderde en slecht onderhouden sociale huurwoningen.
Het is toch veel logischer overheidsgeld niet voor villasubsidie in te zetten maar om het mogelijk te maken dat werkloze bouwvakkers samen met de corporaties aan de slag gaan om het achterstallig onderhoud weg te werken en waar nodig buurten en straten met goedkope huurwoningen grondig te renoveren, te verduurzamen en deels te vergroten. De sociale woningbouw krijgt dan een toekomst, tekorten aan goede en betaalbare woningen worden bestreden en het zorgt ook nog eens voor minder CO2 uitstoot, lager energieverbruik en lagere woonlasten.
Het antwoord van links is niet zo moeilijk, het heeft zich bovendien ook al deels bewezen: in die paar jaren dat links het meer voor het zeggen had, steeg het kennisniveau en namen de polarisatie en sociaal economische segregatie af en was de samenleving meer ontspannen. Natuurlijk ging het ook toen niet snel en niet goed genoeg en waren er verkeerde politieke keuzes te over. Maar de beweging was de goede kant op: naar een eerlijker en ontspannen maatschappij, met meer kansen voor iedereen.
En is ook goed te betalen
Tot nog toe hebben we het over keuzes. Met hetzelfde gemak kunnen we kiezen voor een eerlijker verdeling van rijkdom en kennis, voor meerwaarde voor de samenleving en vooruitgang, voor beschaving, voor toegankelijke en dus publieke voorzieningen, voor een maatschappij die toekomstproof, duurzaam en ontspannen is.
Maar is dat wel betaalbaar en hoe komen we aan dat geld? Het totale vermogen van de Nederlandse huishoudens bedraagt 1250 miljard. Haast de helft daarvan, 600 miljard, is in handen van de rijkste 8 procent huishoudens. Als we die 8 procent eens belasten met 3 procent vermogensbelasting is het sommetje snel gemaakt, 1 procent is 6 miljard, dus 3 procent is precies het bedrag van de 18 miljard bezuinigingsmaatregelen dat Rutte, Verhagen en Wilders over ons uitstorten. En we hebben het hier dus over vermogensbelasting, geen inkomensbelasting, dat blijft in dit voorstel zelfs nog binnenstromen bij deze rijkste groep.
Vertrouwen op eigen kracht
Het is een politieke keuze ten behoeve van zelfverrijking van een kleine groep en gebaseerd op wantrouwen om álle studenten met hun belofte van kennis, innovatie en emancipatoire vooruitgang niet dat financiële steuntje in de rug te geven, waardoor ze zonder omwegen hun tijd aan die studie kunnen besteden, waar een hele samenleving de vruchten van kan plukken. Het is een politieke keuze gebaseerd op wantrouwen om honderden miljoenen rond te pompen in een controle en repressie-apparaat voor mensen met een uitkeringen en ze te werk te stellen. Wantrouwen en het voortdurend aanhalen van het slechte in mensen is de drijfveer van dit kabinet. Of ze nu wel of niet bij de presentatie staan te lachen, het blijft een politiek gebaseerd op negativiteit en egoïsme. En uiteindelijk zal die politiek van wantrouwen niet helpen. Want waar wantrouwen en repressie gaan regeren, zullen juist criminaliteit en polarisatie floreren. Het is een self fulfilling prophecy: zet steeds grotere groepen buiten spel en steeds meer mensen krijgen de reflex “als je het zo wilt, kun je het zo krijgen”.
Als links zichzelf opnieuw wil uitvinden en weer een sociale massabeweging wil zijn voor emancipatie en maatschappelijke vooruitgang, dan moet links op de eerste plaats weer links én een beweging durven te zijn. Het opbouwen van zo’n beweging is mogelijk. Dat zal hoe dan ook een internationaal georiënteerde beweging moeten zijn die uitgaat van solidariteit over de grenzen heen. Bijvoorbeeld omdat de wereld ook Nederland binnenkomt en je niet om een dictaat van ‘Brussel’ heen kunt. Verder zal het een brede beweging moeten zijn, waarin we werken aan een linkse coalitie van op zijn minst vakbeweging, SP en dat deel van de PvdA dat weer naar links wil kijken. Als derde zal het een beweging moeten zijn die aan de ene kant de kampioen wil zijn van de strijd voor deelbelangen, de cultuurliefhebbers, de studenten, de jeugdzorg, de gepensioneerden en het overheidspersoneel, maar aan de andere kant die deelbelangen samenbrengt in een gezamenlijk sociaal perspectief. Maar bovenal zal er gewerkt moeten worden aan de te grote afstand tussen de mensen die getroffen worden door de crisis en de politieke leiders of de leiding van de vakbeweging. Het zal vooral ook een beweging van onderop moeten zijn.

Reactie toevoegen

Plain text

  • Toegelaten HTML-tags: <a> <em> <strong> <cite> <blockquote> <code> <ul> <ol> <li> <dl> <dt> <dd>
  • Adressen van webpagina's en e-mailadressen worden automatisch naar links omgezet.
  • Regels en alinea's worden automatisch gesplitst.
Uw reactie zal niet meteen verschijnen, deze wordt eerst goedgekeurd door de beheerder.
To prevent automated spam submissions leave this field empty.
Image CAPTCHA
Vul de tekens uit bovenstaande afbeelding in.

Reageren