Mubarak is weg, de strijd gaat door

De gebeurtenissen in Egypte zijn niets minder dan de grootste volksopstand van de afgelopen 30 jaar. Twee weken van demonstraties en massale actie duwden het bewind van Hosni Mubarak naar de rand van de afgrond, twee dagen van stakingen deden de rest. Massaal namen arbeiders deel aan de enorme protesten – maar toen zij eenmaal als sociale klasse georganiseerd hun invloed op de economie lieten gelden kon het regime niet langer stand houden. In de woorden van de Egyptische organisatie 'Revolutionaire Socialisten': 'het regime kan de demonstraties en sit-ins dagen- en wekenlang uithouden maar als werknemers naar het stakingswapen grijpen valt het binnen uren'.
De heersende klassen van de hele wereld kunnen hier nota van nemen.

Nu is het tijd om deze overwinning te vieren maar we moeten ook begrijpen dat deze politieke omwenteling nog geen sociale revolutie is – en de de reikwijdte van de politieke omwenteling, een overdracht van de macht aan het leger, is beperkt. Als gevolg van de democratische bewegingen van onderop gaat een golf van culturele veranderingen over Egypte zoals het land in lange tijd niet gezien heeft. De stormachtige groei van organisaties van de lagere klassen, in de vorm van onafhankelijke vakbonden, zelfverdedigings-comités op buurtniveau en nieuwe politieke organisaties zal het aangezicht van Egypte voorgoed veranderen. En niet alleen van Egypte maar van de hele Arabische wereld, het Midden-Oosten en daarbuiten. Toch blijft het regime zoals gecreëerd door Mubarak intact.

De wortels van het Mubarak regime
Mubarak's regime was het product van de samenwerking van lokale Egyptische elites met Amerikaanse, Europese en Israëlische machthebbers. Deze werkten samen om de erfenis van Gamel Abdel Nasser's pan-Arabische nationalisme op te ruimen. Nasser kwam aan de macht na een opstand van militaire officieren in 1952 tegen de door de Britten geïnstalleerde koning Farouk. Nasser zou pas in 1954 president worden maar hij was het brein achter de coup van 1952. Nasser's regime was een tegenstander van de zelf-organisatie van de bevolking maar verdiende groot krediet in Egypte en wereldwijd door het trotseren van Israëlisch imperialisme en, na de Suez crisis van 1956, van imperialisme wereldwijd. Het regime nationaliseerde de belangrijkste takken van industrie teneinde de economie van het land te ontwikkelen.
Het Arabische nationalisme van Nasser werd gesteund door delen van de heersende elite die internationalistische, revolutionaire bewegingen de loef af wilden steken. De beperkingen van dit nationalisme, vooral het het gevolg van de beperkingen van de natie-staat als instrument voor verandering, werden duidelijk in de jaren zeventig. Onder Nasser stond in de hiërarchie van het regime Anwar Sadat – het was Sadat die het grondwerk zou leggen voor het huidige regime in Egypte. Sadat sloot vrede met Israëlische Apartheid en gaf in de praktijk steun aan het imperialistische spel in de Arabische wereld. Toen de Israëlische regering Egypte, het enige echte tegenwicht tegen Israëlische agressie, niet langer hoefde te vrezen kon het dertig jaar lang de regio ruïneren in de naam van 'veiligheid'. Invallen en bezetting in Libanon, luchtaanvallen op Irak en bloedige onderdrukking van de 'interne' Palestijnse dreiging werden routine.
Een splintergroep van de Moslims Broeders vermoordde Sadat – een moment van 'boontje komt z'n loontje' voor de Egyptische heersers. In een poging organisaties van de arbeidersklasse, revolutionair internationalisme en de meer consistente en onafhankelijke stromingen van seculier Arabisch nationalisme te ondergraven deed de regering in Caïro immers hetzelfde als vele andere Arabische regeringen: het direct en indirect steunen van rechtse religious-politieke groeperingen. Het meest cynische voorbeeld van dit beleid was wel de steun van de Israëlische veiligheidsdienst aan Hamas in de Gazastrook tijdens de eerste Intifada teneinde het Arabische nationalisme van de PLO tegen te gaan.

Mubarak en Israël
Na de moord op Sadat werd Hosni Mubarak, voormalig hoofd van de luchtmacht, de nieuwe sterke man. Drie decennialang ontving Mubarak's regime als deel van de door de Verenigde Staten bemiddelde Kamp David akkoorden met Israël 1,3 miljard dollar per jaar aan militaire steun. Aangezien Egypte niet langer een externe vijand had was het doel van deze steun duidelijk: de onderdrukking van de Egyptische bevolking.
Waarom moesten de Egyptenaren onderdrukt worden? Vrede met Israël en met de Amerikaanse plannen voor de regio waren natuurlijk niet populair in het grootste Arabische land. Maar daarnaast was de grootschalige privatisering van de Egyptische economie ook niet populair. Terwijl leden van de regerende Nationaal Democratische Partij (NDP) miljoenen binnen haalden duikelde de levensstandaard van gewone Egyptenaren omlaag. In de jaren negentig legde het Internationaal Monetair Fonds 'structural adjustments programs' op aan Egypte om de economie te liberaliseren. Het resultaat was een economische puinhoop, met instemming van het regime.
In deze periode werd elk verzet hetzij gewelddadig onderdrukt of omgekocht. In het machteloze parlement werd een plekje ingeruimd voor de officieel verboden Moslim Broeders. Het spookbeeld van de Moslim Broeders en de activiteiten van meer gewelddadige islamitische fundamentalistische groeperingen die in de jaren negentig een piek bereikten gaven Mubarak meer dan genoeg excuses om de bevolking hard te onderdrukken.

Het begin van het verzet
Verzet tegen het regime duurde echter voort. In 2003 keerde een massaal protest tegen de oorlog tegen Irak zich tegen het regime van Mubarak. In 2005 werd de Kefaya (Arabisch voor 'genoeg!') beweging gevormd door verschillende burgerlijke organisaties. Maar de belangrijkste mobilisaties waren die van de Egyptische arbeiders en jongeren (de 'Beweging Van Zes April' werd gevormd door jongeren die in 2007 een mislukte algemene staking probeerden te steunen).
Van 2007 tot 2009 namen grote aantallen arbeiders, geconcentreerd in de industriestad Malhalla, deel aan een stakingsgolf die de regerings-vakbond (welke alleen bestaat om organisaties van de arbeidersklasse de wind uit te zuilen halen) direct uitdaagde. Sommige van deze stakingen mondden uit in grootschalige straatgevechten met de politie.
Deze bewegingen legden het grondwerk voor de opstand van 25 januari – alles wat nog ontbrak was de vonk van de Tunesische revolutie. Vele activisten uit de midden-klasse – socialisten, liberalen, Moslim Broeders – legden contact via sociale media en maakten plannen voor massale protesten op straat. Op vernuftige wijze kregen de veiligheidsdiensten valse informatie toe gespeeld zoals dat de protesten zouden beginnen in een rijke wijk – ondertussen trokken in arbeiderswijken mensen door de straten om omstanders op te roepen mee te gaan. Vanaf dat moment veranderde alles.
Massa's mensen uit de lagere klassen namen deel aan de protesten en leverden de bulk van de miljoenen demonstranten. De regering was niet in staat het leger op de mensen af te sturen nadat de demonstranten de politie letterlijk van de straat had gejaagd. In plaats van een bloedbad zoals op het Chinese Plein van de Hemelse Vrede koos de regering voor een slimmere strategie: zij deed beroep doen op de populariteit van het leger (een belangrijk element in de Egyptische cultuur vanwege de rol van het leger in de opstand tegen de koning in 1952 en in de oorlogen van 1967 en 1973 met Israël). Het leger toonde zijn ware kleuren op woensdag toen het huurlingen van Mubarak's partij toestond de demonstranten aan te vallen.
Nadat afgelopen maandag voor het eerst sinds 25 januari Egyptenaren naar hun werk gingen en daar spraken over de gebeurtenissen groeiden de aantallen demonstranten verder. De Egyptische staatstelevisie bagatelliseerde de protesten en ontkende dat deze massale steun hadden onder de bevolking. En toen, slechts een paar dagen geleden, opende zich de afgrond onder Mubarak. Arbeiders in de staalfabrieken, de chemische industrie, wapenfabrieken, havens en in de olie-industrie gingen in staking. Massa's dokters, verplegers en advocaten gingen de straat op. Journalisten namen ontslag bij de staatsmedia en op unieke wijze koos een belangrijke krant openlijk de kant van de demonstranten. De massale demonstraties in Caïro, Suez en Alexandria gingen nu gepaard met een opstand die zich voor het eerst door het hele land verspreidde.
Toen arbeiders gingen staken, begin het regime te panieken. De Hoogste Raad van de Strijdkrachten, eerder alleen tijdens de oorlogen van 1967 en 1973 bijeen geroepen, heeft in feite de macht overgenomen – of ze dat met instemming van Mubarak deden of niet, is niet duidelijk.
Mubarak's laatste speech was een belachelijke manoeuvre van een regime dat duidelijk niet meer wist wat het moest doen. Gelekte berichten en het befaamde 'Communiqué nr. 1' van het leger deden de verwachtingen stijgen – verwachtingen die teleurgesteld werden door Mubarak's toespraak. De reële kans van een directe confrontatie, van een volledige revolutie, deed het regime er waarschijnlijk toe besluiten Mubarak versneld met pensioen te laten gaan.

Het Mubarak regime minus Mubarak
Laten we nu hopen dat de beweging in Egypte niet tot stilstand komt. Alles wat in de afgelopen 18 dagen is bereikt staat op het spel: minus Mubarak zelf is zijn regime nog steeds aan de macht. Nog altijd zijn het dezelfde elites die de rijkdommen van het land binnen halen, dezelfde veiligheidsdiensten onderdrukken dissidenten, hetzelfde leger is aan de macht – en nu openlijk. Als de mensen nu gewoon naar huis gaan zal de geheime dienst opnieuw overgaan tot moord en marteling. Arbeiders zullen gedwongen worden concessies te doen, comités zullen ontbonden worden en de politie zal op volle kracht terugkeren op straat.
Er is een andere mogelijkheid: de organisaties van jongeren en arbeiders en de politieke groepen die deze revolutie gemaakt hebben kunnen doorzetten, een streep halen door de machinaties van de officiële oppositie en de Moslim Broeders. Ze kunnen politiek leiding geven aan deze beweging. Ze kunnen de demonstraties en stakingen doorzetten en het regime zelf ten val brengen. Of dit mogelijk is zal voor een groot deel afhangen van het vermogen van de beweging om de gewone soldaten voor zich te winnen. Dat er geen bloedbad heeft plaatsgevonden laat de mogelijkheid hiervan zien. Dit soort stappen kunnen het mogelijk maken van deze politieke omwenteling een sociale revolutie te maken die de verhoudingen in de maatschappij kan transformeren.
De toekomst van Egypte zal gemaakt worden door Egyptenaren – buitenlanders die hen steunen moeten waakzaam blijven. Een militair bewind is geen oplossing, het volk wil democratie, niet een generaalsbewind. Laten we hopen dat deze vroege dagen van een Arabische lente slechts het begin zijn!

Reactie toevoegen

Plain text

  • Toegelaten HTML-tags: <a href hreflang> <em> <strong> <cite> <blockquote cite> <code> <ul type> <ol start type> <li> <dl> <dt> <dd>
  • Web- en e-mailadressen worden automatisch naar links omgezet.
  • Regels en alinea's worden automatisch gesplitst.
Uw reactie zal niet meteen verschijnen, deze wordt eerst goedgekeurd door de beheerder.
pagetoptoptop