Inderdaad hebben de opeenvolgende actiegeneraties gefaald. Ondanks al het verzet, alle initiatieven, persoonlijke opofferingen, beroepsverboden, ontspoorde carrières; kortom ondanks alle inspanningen hebben wij de wereld niet fundamenteel weten te veranderen. Dat is een verdrietige constatering, maar allerminst een reden om bij de pakken neer te zitten. Sinds de Franse revolutie, toen het volk voor het eerst zelf sprak, zijn alle bewust politieke verbeteringen en vermenselijking van de maatschappij met horten en stoten gegaan.
Het huidige neoliberaal offensief gaat uit van het recht van het individu ten koste van de
gemeenschap. In plaats van het te laten bij verbijstering en ergernis is het natuurlijk aan links om te proberen te begrijpen waarom de zaken zo gelopen zijn.
Het meest opmerkelijke van het kapitalisme is dat het uiterst flexibel aanvallen kan omzetten tot eigen behoud. Dit aanpassingsvermogen is misschien wel het meest fascinerende aspect van het kapitalisme. In het verleden gingen socialisten ervan uit dat de grenzen van de kapitalistische rekkelijkheid star waren. In feite blijkt het systeem als een amoebe zijn prooi op te kunnen slokken.
Deze inkapseling zie je vooral in de bovenbouw van de onze maatschappij, de cultuur en de moraal. Het is ook niet voor niets dat veel van de spijtoptanten op dat terrein carrière hebben gemaakt. Maar de kapitalistische economie wordt nog steeds gekenmerkt door uitbuiting en onderdrukking. Het welvarende westen dat door liberaal geworden voormalige stalinisten altijd zo verheerlijkt wordt, bestaat voor een groeiende groep in de maatschappij niet eens meer.
Het kernprobleem is nog steeds de strijd voor gelijkberechtiging en voor de sociale ontplooiing van individuen - ongeacht hun maatschappelijke achtergrond - en vooral zelfbeheer en zelforganisatie. Met andere woorden: een maatschappij gebaseerd op deelname en zeggenschap van alle betrokkenen. Deze idealen zijn op een absurde manier verwrongen tot individuele doelen op de markt. Niet de zelforganisatie als groep, maar de individuele, op erkenning gerichte, zelfbevrediging heeft de laatste 40 jaar de overhand gekregen. Het individuele salaris, de individuele prestatiebonus, de individuele kinderkeus, de 'ideale' eigen woonomgeving die geen sociale ontmoetingsplaats meer is en de eigen auto. Op verbluffend efficiënte manier heeft het kapitalisme ingespeeld op het verlangen van het individu om in tegenstelling tot de betutteling van kerk & staat zelfstandig keuzen te maken. Een menselijk emancipatoire behoefte is omgebogen naar verhandelbare producten in een markt waar aandacht geld kost of opbrengt.
Dit geldt niet alleen voor de hebbedingetjes maar ook voor posities en banen. Zo zien we de laatste decennia in het bedrijfsleven en elders een explosie van opgeklopte naamgeving. De vertegenwoordiger is accountmanager, de chef is vice-president, een schoolrepetitie is een tentamen en ontwikkeling een challenge. De menselijke uitdaging is het ophouden van de schijn geworden. De ideologie van verhandelbare menselijke kenmerken heeft het individu gereduceerd tot angsthaas. In paniek geraakt door de voortdurende onzekerheid en bang ingehaald te worden weet het niets anders dan de ander - of in markttermen 'de concurrent' - de schuld te geven van alles dat mis gaat. Terwijl de actiegeneraties een sociale samenhang die door onderdrukking gegarandeerd werd – allemaal naar de kerk, allemaal deel van een zuil - wilde vervangen door een bewuste maatschappelijke participatie en samenhang, is de werkelijkheid nu een versplintering tot eenzame concurrerende individuen: het IK tijdperk. Tussen twee haakjes: Met een terugblik naar het beroemde boek van de filosoof Herbert Marcuse over de Een dimensionale mens kunnen we het bijna hebben over de nul dimensionale mens. Van armetierig streepje is de IK een egocentrisch nuldimensionaal punt geworden. Het formuleren van een antwoord op deze doorgeslagen vervreemding en het creëren van een nieuwe bewuste vorm van sociale cohesie is nog steeds het doel van socialisten.
Meelopers
Zowel bij links als bij rechts is er altijd een beperkt aantal mensen met echt nieuwe ideeën en vergezichten. Dat zijn de trekkers, zij inspireren mensen. Daarom heen zien we wisselende groepen mensen die zich aangesproken voelen en graag meedoen, meestal met de beste bedoelingen, maar helaas vaak ook voor de interessantdoenerij of, nog erger, baantjes.
Dat gold voor de Communistische Partij Nederland in de jaren zestig en zeventig, voor de studentenbeweging van de jaren zestig en de kraakbeweging van de jaren tachtig. Het dilemma is ooit door Ton Regtien, een van de inspirerende studentenleiders eind jaren zestig, goed verwoord in de opmerking; 'hoe geef je mensen levenslang links?' Met andere woorden, hoe vertaal je de emotie en het activisme voor een betere wereld in een levenslange integriteit?
Zelf gleed hij, net zoals vele anderen met het keren van het tij, helaas af naar de CPN. Het is op zichzelf natuurlijk niet raar dat juist mensen juist uit de hoek van het stalinisme nu met hun geweten in de knoop zitten. Zo laat de politicoloog Meindert Fennema, overigens nauwelijks ooit actief geweest, waar hij maar kan weten dat hij zijn excuus aanbiedt voor zijn CPN-lidmaatschap en roept hij anderen op zijn armetierige voorbeeld te volgen. Het is nu mode om aan zelfkastijding te doen en de masochisten doen alsof zij hele tijdperken en bewegingen vertegenwoordigen.
Het spijt eisen en betuigen is een fantastisch spel geworden waarin de retoriek van rechts de norm is geworden voor het eigen falen. Femke Halsema, zelf niet uit het actiemilieu afkomstig, wil slechts binnen de grenzen van de rechtsstaat handelen. Kortom, zij wil zich beperken tot grenzen waar haar politieke tegenstanders zich maar weinig aan gelegen laten liggen: inderdaad, de minister loog over de kernenergieplannen, inderdaad, de meerderheid van de kamer accepteert dat de regering illegaal een oorlog met Irak begon, inderdaad, binnen de wettelijkheid ontstaat er een zwarte onderklasse en een laag mensen zonder papieren, inderdaad, we weten binnen de wettelijke kaders nog steeds niets over kernwapens op Woensdrecht. Allemaal binnen de wettelijke kaders van nu, die Halsema en de haren als hoogste meetlat willen stellen voor de eigen achterban.
Waarvoor is de wet eigenlijk?
Voor links is de wet als een terugslagklep in de waterleiding : het laat schoon water door en houdt vuil water tegen. De wet is er voor links om te zorgen dat uitbuiting en desocialisering van de samenleving waar mogelijk tegen gegaan en onmogelijk gemaakt worden.
Iedere stap vooruit van de menselijke emancipatie moet geborgd worden. Wetten, zoals die wat betreft kinderarbeid, het kiesrecht, de AOW enzovoort, zijn in het beste geval slechts hulpmiddelen om vooruitgang vast te leggen en de verworvenheden met hand en tand te beschermen. Niet de wet zelf, maar de verworvenheden zijn heilig. Ook de politionele acties in Indonesië hadden, in tegenstelling tot de oorlog in Irak, een wettig kader, dat betekent nog niet dat ze acceptabel waren.
De toverformule van de rechtsstaat suggereert dat als we ons maar allemaal keurig aan de wettelijke kaders houden de redelijkheid en gelijkwaardigheid van alle individuen zal leiden tot verbetering en meer geluk, schonere, lucht, sociale zekerheid en welvaart. Deze toverformule gaat totaal voorbij aan de werkelijke machtsverhoudingen. Geen wet verbiedt flitskapitaal, geen wet verbiedt export van arbeid en giftig afval naar verpauperde streken. De enige maatschappelijke wet die nu almachtig is, is de macht van het geld. Juist daarom is het van het grootste belang de democratische verworvenheden met hand en tand te verdedigen en uit te breiden.
Bij die verworvenheden hoort ook de integriteit van de persoonlijke levenssfeer. Dat betekent verzet tegen de wettelijke mogelijkheden tot telefoontaps, het opslaan van internetzoekgedrag, camera’s op straat en andere controles.
Het door het neoliberale systeem zelf opgeroepen terroristisch geweld, als reactie op het falen van de emancipatie van ex-koloniale volkeren, mag nooit de aanzet worden voor de nederwaartse spiraal van vreemdelingenhaat en tweedeling op de arbeidsmarkt. De maatschappelijke onzekerheid en de angst voor geweld en de toekomst kunnen alleen gekeerd worden door een duidelijk plan van aanpak, één die bescherming van verworvenheden combineert met het dromen over en vechten voor een betere wereld. Als we dat niet doen is er pas echt reden voor spijt.
Reactie toevoegen