12 August 2020

Over het zionisme

'Politiek zionisten' beweren graag dat zionisme de 'nationale bevrijdingsbeweging van het joodse volk' is. De achterliggende boodschap is dat als je een tegenstander van zionisme bent, je een antisemiet bent. Die gevolgtrekking is volstrekt onjuist.

'Het is heel goed mogelijk dat het zionisme een tijdelijke fase in de joodse geschiedenis zal blijken te zijn, een episode die zowel meedogenloos was voor de slachtoffers ervan als tragisch voor de voorstanders. Het tweede koninkrijk Israël duurde korter en was minder glorierijk dan het eerste; waarom zou het derde niet van nog kortere duur en nog minder eerbiedwaardig blijken te zijn? Michel Warschawski, Israëlisch activist en socialist

Voorstanders van politiek zionisme beweren graag dat zionisme de 'nationale bevrijdingsbeweging van het joodse volk' is. De achterliggende boodschap is dat als je een tegenstander van zionisme bent, je geen acht slaat op joods lijden en waardigheid en daarom 'voor de vernietiging van Israël bent' en een antisemiet.

Die gevolgtrekkingen zijn onjuist, in elk opzicht. Om te begrijpen waarom, moeten we het bovenstaande nader bestuderen, om duidelijk te maken wat zionisme was en is. Ik gebruik hier de term 'zionisme' als verkorte omschrijving voor het 'politiek zionisme' dat de creatie van een joodse staat in Palestina als doel had. Eerder waren er een andere soort zionisten, mensen die een joods vaderland, niet een joodse staat, wilde creëren. Eerbiedwaardige mensen als de Amerikaanse onderzoeksjournalist I.F Stone en Noam Chomsky identificeerden zich met deze traditie, maar het is het politiek zionisme dat uiteindelijk van belang was.

Het is waar dat politiek zionisme in de late negentiende en vroege twintigste eeuw opkwam als een vorm van joods nationalisme – ook al heeft het een voorgeschiedenis als een beweging onder evangelische christenen die de joden terug wilden brengen naar Palestina. Slechts een handjevol joden was hierin geïnteresseerd, dus deze voetnoot in de geschiedenis kunnen we verder negeren. Zionisme was een nationalistische beweging in het Europa van de late negentiende eeuw, in de context van de opkomst van andere nationalistische bewegingen in Europa en een reactie op de groei van het antisemitisme.

Maar dit zionisme was slechts één vorm van joods nationalisme, en een zeer uitzonderlijke. Het concurreerde met het socialistische, joodse nationalisme van de Bund, een beweging van joodse arbeiders die ernaar streefde het joodse volk te bevrijden daar waar het leefde, op basis van hun Jiddische cultuur en als deel van de bredere strijd voor menselijke vrijheid. En er was bijvoorbeeld het joodse nationalisme van de befaamde historicus Simon Dubnow, dat zeer expliciet niet was gericht op een bepaald gebied. En natuurlijk waren er nog meer joodse liberalen, socialisten en communisten, conservatieven en anderen die in het geheel niet nationalistisch waren.

Tot de Shoah wezen de meeste joden en zelfs de meeste joodse nationalisten het zionisme af. Zelfs in de jaren dertig, in de schaduw van het fascisme, steunden niet meer dan 15 procent van de joden wereldwijd het zionisme, zoals de historicus William Rubinstein aantoonde. Om te begrijpen waarom moeten we kijken naar het ideologische karakter van het zionisme.

Wat zionisme anders maakte was dat zionisten er niet naar streefden om een natiestaat te creëren waar de mensen waar het om ging daadwerkelijk leefden. Integendeel, zionisten wilden al deze mensen 'bevrijden' door hen over te brengen naar een andere plaats – naar Palestina, waar de joodse religieuze traditie begon maar waar al sinds 1500 jaar slechts weinig joden leefden.

Het zionisme had een uitzonderlijke minachting voor de cultuur van de mensen die het beweerde te willen bevrijden, de Jiddische cultuur van Oost-Europese Joden. Het racisme ten opzichte van niet-Europese Joden in het Midden-Oosten en Afrika was nog erger, maar in dit opzicht deelde het zionisme 'slechts' de racistische opvattingen van andere nationalistische bewegingen in Europa. Het zionisme stelde voor om de Jiddische cultuur en taal te vervangen door het Hebreeuws, een taal die Joden al eeuwenlang niet hadden gesproken behalve voor gebeden en de studie van religieuze geschriften.

Het zionistische project van nationale constructie was in uitzonderlijke mate afhankelijk van de steun van imperialistische of koloniale mogendheden. De grondlegger van de zionistische beweging, Theodore Herzl, was zich goed bewust van deze rol: 'Wij zullen daar [in Palestina] een beschermende enclave van Europa tegen Azië bouwen, beschaving versus Aziatisch barbarisme'. Na een korte flirt met Turkije werd de zionistische beweging na de Eerste Wereldoorlog een bondgenoot van Groot Britannië dat ten koste van de inheemse Arabische populatie de eerste zionistische, koloniale nederzetting in Palestina steunde.

Gezien dit alles hoeft het niet te verbazen dat de grote meerderheid van het joodse volk het zionisme afwees. De meeste orthodoxe religieuze joden waren tegenstander omdat ze het een seculiere coup vonden. Niet de wereldlijke politiek, maar goddelijke interventie zou het tijdperk van de Messias en de terugkeer naar het Beloofde Land moeten inluiden. In kringen van meer hervormingsgezinde gelovige joden in het Amerika en Duitsland van de late negentiende eeuw werd het zionisme gezien als afleiding van joodse modernisering en politieke emancipatie. Socialistische joden keurden het zionisme af als een poging om joodse arbeiders af te houden van de strijd van de arbeidersklasse. De meeste Joden zagen het als een curiositeit, en irrelevant in hun eigen leven.

Zelfs terwijl in de jaren dertig de dreiging van het nazisme sterker werd zagen joden in het algemeen zionisme of migratie naar Palestina niet als een oplossing voor hun problemen. Van haar kant was de hoofdstroom van het politiek zionisme ook niet bepaald bezig met het redden van joden uit Duitsland of Oost-Europa. David Ben-Gurion wilde best mensen redden, maar dan vooral jonge mensen of mensen met geld, die de toekomstige staat op konden bouwen. Hij wilde niet de grote massa's, die hij afdeed als kleine handelaren. Het zionisme deed geen poging om de miljoenen Europese joden te redden uit handen van de nazi's – om eerlijk te zijn was het hier ook niet toe in staat geweest.

De vraag die zich voordoet is waarom een koloniale beweging die zo laat opkwam succesvol kon zijn terwijl de meeste joden er tegenstander van waren of er onverschillig tegenover stonden en terwijl Palestijnen en andere Arabieren alles deden wat ze konden om het te stoppen. In feite zijn daar drie redenen voor. Ten eerste waren zionistische nederzettingen in Palestina zeer bruikbaar voor het Britse imperialisme tussen de twee wereldoorlogen. Het Britse koloniale bewind – het zogenaamde 'Mandaat' – bood aanzienlijke economische steun en militaire steun aan de Yishuv (de gemeenschap van joodse kolonisten). Tegen de late jaren veertig was de zionistische beweging erg handig geworden in het zichzelf naar voren schuiven als bondgenoot van de nieuwe imperialistische mogendheid in opkomst, de Verenigde Staten. De zionisten konden de VS helpen het strategische Midden-Oosten te controleren.

Ten tweede was de zionistische beweging in Palestina zeer goed georganiseerd en hanteerde het een lange termijn strategie terwijl de Palestijnse bevolking slecht georganiseerd was, met incapabele leiders, gedomineerde door feodale landbezitters die vaak buiten de boeren om land verkochten aan de zionistische kolonisten. Bovendien slaagde de zionistische beweging erin het Hebreeuws nieuw leven in te blazen, een cruciale factor in de creatie van een nieuwe natie.

Ten derde werd het debat in de joodse gemeenschap nooit gewonnen door de zionisten. De nazi-genocide en de bloedige stalinistische repressie maakte een einde aan de discussie: de meerderheid van de Oost-Europese joden werd vermoord en joden in het Sovjet-blok waren geïsoleerd. Na het einde van de Tweede Wereldoorlog waren er honderdduizenden joodse overlevenden in vluchtelingenkampen met geen andere mogelijkheid dan naar Palestina te gaan – hun huizen waren verdwenen en de westerse regeringen en de zionistische beweging hadden er geen interesse in om andere grenzen voor hen te openen.

Deze massa van wanhopige mensen vormde eindelijke de kritische massa nodig voor het project van het politiek zionisme: een joodse staat in Palestina. De zionistische leiding wees elke vorm van een staat voor twee naties af en koos voor de andere optie: etnische zuivering – hetgeen Israël viert als de Onafhankelijkheidsoorlog en de Palestijnen gedenken als de Nakba en die het begin vormde van een halve eeuw van conflicten en tragedie. Maar de creatie van een nieuwe, Hebreeuws sprekende natie in Israël/Palestina was een feit – een tragisch feit dat zonder de vernietiging van de Europese Joden nooit werkelijkheid zou zijn geworden.

David Finkel is lid van Amerikaanse socialistische organisatie Solidarity (www.solidarity-us.org) en redacteur van AGAINST THE CURRENT.

Dossier: 

Reactie toevoegen

Plain text

  • Toegelaten HTML-tags: <a> <em> <strong> <cite> <blockquote> <code> <ul> <ol> <li> <dl> <dt> <dd>
  • Adressen van webpagina's en e-mailadressen worden automatisch naar links omgezet.
  • Regels en alinea's worden automatisch gesplitst.
Uw reactie zal niet meteen verschijnen, deze wordt eerst goedgekeurd door de beheerder.
To prevent automated spam submissions leave this field empty.
Image CAPTCHA
Vul de tekens uit bovenstaande afbeelding in.

Reageren