Borderless

12 December 2019

Punkrock tegen Bush

Punk is allang niet meer beperkt tot hanekammen, veiligheidsspelden en no future. De onderlinge verschillen zijn soms groter dan de overeenkomsten, maar sommige dingen zijn niet veranderd. Protest tegen een wereld waarin een groot deel van de mensen nooit de kans krijgt om zelf te kiezen hoe zij willen leven. Waarin bovendien het gedachteloos volgen van autoriteit belangrijker gevonden wordt dan het stellen van vragen.

Geen enkele muziekstroming is zo vaak dood verklaard en heeft zich daar zo weinig van aangetrokken als punkrock. Tegenwoordig is de punkscene in ontelbaar verschillende richtingen uitgewaaierd.
Niet toevallig kende punk zijn eerste hoogtijdagen in de late jaren zeventig en vroege jaren tachtig; de tijd van Reagan en Thatcher, een hernieuwde Koude Oorlog en massale werkloosheid onder jongeren. George W. Bush doet zijn best deze tijd terug te halen en in een opzicht lijkt hij daar in te slagen: de Amerikaanse punkscene floreert en politiek protest speelt weer als vanouds een grote rol. Was begin jaren tachtig Rock against Reagan het motto, tegenwoordig is het Rock against Bush.

Radicaal
Een paar jaar geleden, toen punk definitief commercieel verhandelbaar bleek met bands als Greenday en Offspring, leken bier en vrouwen de belangrijkste onderwerpen in de Amerikaanse punkscene. Tegenwoordig is een anti-Bush nummer een standaard in het punkrepertoire en bestaat er zoiets als punkvote’, een verbond van punkbands en fans dat als doel heeft de punkscene op te roepen om tegen Bush te stemmen. Ook een band als NOFX, die vooral bekend stond om hun onbekommerde lang-leve-de-lol houding, is behoorlijk kwaad. Hun shirts met daarop een foto van Dubya vergezeld van de tekst Idiot son of an asshole maken wel duidelijk wat hun mening over vader en zoon Bush is. Voor andere bands is politiek en het uitdragen van progressieve ideeën altijd al belangrijk geweest. De bands Anti-Flag en Boy Sets Fire zijn daar voorbeelden van, en ze gelden ook als exponenten van twee verschillende stromingen in de punk.

Subgenres
Muzikaal liggen de wortels van beide bands in de vroege jaren tachtig. Anti-Flag (A-F)heeft die wortels vooral in Engeland, terwijl Boy Sets Fire (BSF) haar inspiratie in de eerste plaats uit de Amerikaanse punkgeschiedenis haalt. Na de zelfvernietiging van de Sex Pistols tijdens hun Amerikaanse tour volgde de eerste doodverklaring van punk. Enkele jaren later bloeide punk echter als nooit tevoren en hadden zich al verschillende subgenres uitgekristtalleerd. In Engeland was bijvoorbeeld streetpunk ontstaan. Harder en rauwer dan de punk uit 1977 en vaak met refreinen die massaal meegebruld konden worden. Het was in de eerste plaats de muziek van jongeren uit de verarmde wijken van grote steden. Vooral op haar eerste albums is de invloed van deze muziek op Anti-Flag duidelijk. Niet voor niets covert A-F een nummer van een van belangrijkste streetpunkbands, Blitz, namelijk het cynische ‘Someone's gonna die tonight'.
In de Verenigde Staten ontstond ondertussen ‘hardcore’. Hardcore is verder verwijderd van punks rock ‘n roll achtergrond, sneller dan klassieke punk met korte nummers die aan je voorbijrazen, soms in minder dan een minuut. BSF’s muziek ligt hier tegenwoordig mijlenver vanaf, maar wie hun muzikale voorbeelden zijn is duidelijk. In 1998 brachten ze een EP uit, ‘In chrysalis’, met daarop een cover van 'Holiday in Cambodia' van de klassieke hardcoreband Dead Kennedys. Dit antiyuppie nummer is een mooi voorbeeld van het bijtende sarcasme waar de Dead Kennedys om bekend stonden:

Your a star-belly sneech you suck like a leech/ You want everyone to act like you/ Kiss ass while you bitch so you can get rich/ But your boss gets richer on you/ Well you'll work harder with a gun in your back/ For a bowl of rice a day.

No justice, no peace
Opgericht in 1994 ontleende BSF hun naam aan een poeziebundel; The boy who set the fire. Tegenwoordig staat de naam vooral symbool voor het potentieel van jongeren om dingen te veranderen. BSF’s naam werd definitief gevestigd toen het bekende hardcorelabel Victory in 2001 hun album ‘After the eugology’ uitbracht. In een interview legde zanger Nathan Gray uit wat de titel betekende. Na 1989 werd een lijkrede uitgesproken over de Grote Verhalen en idealen die de wereld willen veranderen. In tegenstelling tot de beloftes die toen gemaakt werden bleek kapitalisme ook na het winnen van de Koude Oorlog echter niet in staat om een oplossing te bieden voor de ellende waarin miljoenen nog steeds leefden. Integendeel, het kapitalisme bleek steeds duidelijker zelf een oorzaak van deze ellende te zijn en het werd nu tijd om voorbij de lijkrede uit te kijken naar nieuwe alternatieven. Het artwork van After the eulogy bestaat grotendeels uit foto's van de slagvelden van de Eerste Wereldoorlog. Daar kwam een geweldadige einde aan een eerdere periode van beloftes van vreedzame vooruitgang voor iedereen.
Het eerste nummer wordt ingeleid met een opname van de massaal gescandeerde leus ‘No justice, no peace’. De tekst laat weinig heel van het beeld van een wereld waarin het einde van de geschiedenis bereikt is en vormt een oproep tot hernieuwd verzet:

rise/ written signed off in the obituary what happened to us/ where’s your anger where’s your fucking rage/ watered down senses lost (...) contended to strive for new worthless slogans/ we miss our potential for action and substance (...) how many starving millions have to die on our front doorsteps/ how many dying millions have to crawl to our front doorsteps.

Gray’s vocals variëren van melodieuze zang tot woedend geschreeuw, soms in dezelfde zin. Muzikaal is de band al evenver verwijderd van het cliché beeld van punk. BSF verwerkt invloeden van hardcore, metal en zelfs pop tot ingenieuze, gepassioneerde muziek.
Een paar maanden geleden kwam hun nieuwe album uit: Tomorrow comes today. De tekening op de voorkant borduurt verder op hetzelfde thema als After the eulogy en verbeeldt een herrijzende phoenix met een ster op zijn borst. Muzikaal zijn de popinvloeden sterker geworden maar daarnaast staat op TCT ook een nummer als Release the dogs, een van de felste nummers die ze hebben uitgebracht. De tekst is een commentaar op hoe de aanslagen van 11 september misbruikt werden voor steeds meer repressie:

in a moment of weakness they’ve gone for the throat/ prayers answered for the ruling classes, and we swallowed them whole/ heads down and hands up our need for safety has been hijacked again.

In de linernotes van de CD maakt BSF nog eens duidelijk waar ze staan: ‘Het is onze taak de regering te laten weten wat wij ervan vinden. Ze te laten weten dat wij niet vinden dat big business een goede reden is om oorlog te voeren en onze kinderen thuis te zien komen in lijkzakken.(…) Laat ze jouw passie voelen dat dit een land er voor iedereen is’. Twee van de bandleden zijn lid van de Amerikaanse communistische partij.

Tegenculturele traditie
Op 10 september 2001 was Anti-Flag volop bezig met het opnemen van hun vierde album. En Toen kwam 11 september. Het nieuwe album, ‘Mobilize’, werd uiteindelijk gedeeltelijk gevuld met live-opnames van optredens vlak na 11 september. Dit was een tijd waarin de VS overspoeld werden met een golf van nationalisme en wraakzucht, Anti-Flags albums uit de schappen gehaald werden en radiozenders weigerden hun nummers te draaien vanwege de teksten. Het nummer 9/11 for peace, geschreven op 12 september, is een emotionele oproep tot vrede en tegen kortzichtige wraakgevoelens.
A-F’s nieuwste ‘echte’ album, The terror state, kwam uit in oktober 2003. Op de hoes staat een klein meisje afgebeeld, een geweer in de handen en een te grote helm op haar hoofd. Open je de hoes, dan zie je hetzelfde meisje, nu doodgeschoten tussen ruïnes met als commentaar ‘onschuld is het eerste slachtoffer’. Aan de binnenkant van de hoes staat een foto van Bush met daaronder de woorden one term president. In een begeleidende tekst wordt de lezer opgeroepen fotokopieën hiervan te maken en deze zoveel mogelijk te verspreiden. Het hoeft niet te verbazen dat verschillende grote winkelketens weigerden een CD met dergelijk artwork te verkopen.
Naast de oorlog in Irak spreekt A-F zich uit tegen bijvoorbeeld de GATT akkoorden en natuurlijk Bush. Deze krijgt meteen in het eerste nummer, Turncoat! Killer! Liar! Thief!, de wind van voren. Muzikaal staat A-F dichterbij de klassieke punktraditie dan BSF. The terror state biedt muzikaal dan ook weinig nieuws ten opzichte van hun eerdere albums. Maar wat doet dit ertoe? Passie en oprechtheid zijn voor punk altijd belangrijker geweest dan de geijkte standaarden van muzikale creativiteit. Daarmee is natuurlijk niet gezegd dat A-F stil staat, vooral de teksten zijn sinds de wat simpele slogans uit 1997 vooruit gegaan en de band is steeds meer melodie gaan gebruiken. Om nog eens te benadrukken dat A-F in een lange tegenculturele traditie staat gebruikt de band in het nummer Post-war breakout een tekst van Woody Guthrie (1912-1967). Guthrie, socialist, activist en folkzanger, was een pionier in het gebruik van muziek als een vorm van protest en een van de voorbeelden van de band. Op een eerder album, Underground network, droegen ze al een nummer aan hem op; This machine kills fascists (deze machine dood fascisten), dezelfde leus die Guthrie op zijn gitaar had geschreven.

Punkvoter
Punkvoter is een van de initiatieven die enthousiast door A-F gesteund worden. Punks die oproepen om te gaan stemmen en over politiek discussiëren - het komt niet echt overeen met het clichébeeld van de anti-sociale nihilist. Dit word wel duidelijk in een komisch artikel over een punkvoter bijeenkomst. A-F’s bassist, Chris #2 zoals zijn bandnaam luidt, droeg voor de gelegenheid een stropdas die nog roder was dan zijn hanekam. De verslaggever, waarschijnlijk nog steeds met het beeld van heroïneverslaafde Sid Vicious in zijn gedachten, kan er niet over uit. Punks aanwezig op dezelfde politieke bijeenkomst als de gouverneur van Iowa, die ze zelfs samen met enkele vakbonden helpen organiseren? ‘Punk is dood, de saaiheid heeft gewonnen’, verklaart de zelfbenoemde expert in de punk dan maar. Wayne Kramer, voormalig lid van de legendarische MC 5 die met hun rauwe rock’n roll een belangrijke voorloper van punk waren, heeft er meer verstand van: ‘Punk betekent het afwijzen van wat je verwerpelijk vindt.’ Punk en politiek horen bij elkaar. Of zoals Chris #2 plechtig verklaarde: ‘We rock the dudes and damn the man.’ In een tijd van politiek conformisme en rechtse onderbuikgevoelens is punk weer opnieuw belangrijk en spannend aan het worden omdat punks weer en steeds meer een tegengeluid laten horen.

Anti-Flag speelt 29 februari in de Melkweg, Amsterdam en 5 maart in de 013, Tilburg. www.anti-flag.com en www.boysetsfire.com

Reactie toevoegen

Plain text

  • Toegelaten HTML-tags: <a> <em> <strong> <cite> <blockquote> <code> <ul> <ol> <li> <dl> <dt> <dd>
  • Adressen van webpagina's en e-mailadressen worden automatisch naar links omgezet.
  • Regels en alinea's worden automatisch gesplitst.
Uw reactie zal niet meteen verschijnen, deze wordt eerst goedgekeurd door de beheerder.
To prevent automated spam submissions leave this field empty.
Image CAPTCHA
Vul de tekens uit bovenstaande afbeelding in.

Reageren