9 May 2021

Stilte voor de storm

Wie dacht dat de vakbeweging met de acties in het najaar een streep zette onder een lange periode van onderhandelen en terugtrekken, dreigt van een koude kermis thuis te komen. Net nu het akkoord verzilverd moet worden in de CAO-onderhandelingen en in de Sociaal Economische Raad (SER), lijkt de FNV-leiding het poldermodel weer uit de kast te halen. Komt er dit voorjaar harde strijd over de invulling van het Museumplein akkoord? Of worden alle meningsverschillen weer netjes weggepolderd?

Er staat veel op het spel en de eerste schermutselingen hebben zich aangediend. Al voor de kerst lag er een meningsverschil met de werkgeversorganisatie AWVN over de afgesproken aanvullingen op het loon in het tweede ziektejaar. In alle pensioenregelingen moeten de gaten die het kabinet heeft geslagen gedicht worden. Bovendien moeten er nieuwe afspraken komen over de WAO, de ziektekosten en de kinderopvang. En tot slot natuurlijk de met veel trots gestelde looneis. Op al deze punten wil de FNV strak gaan coördineren. Dat wil zeggen: dezelfde inzet kiezen voor alle af te sluiten CAO’s zodat een onderhandelingsresultaat bij de ene CAO het binnenhalen van de vakbondseisen in een andere sector niet in de wielen rijdt.
Compensatie
In 2004 liepen door de harde opstelling van werkgevers en het aangekondigde kabinetsbeleid, een aantal belangrijke CAO’s vast, waaronder die voor de metaal en de bouw. Een belangrijke rol speelden toen de VUT/prepensioen regelingen. De inzet van de FNV nu is om de huidige regelingen tegen dezelfde werknemerspremies in stand te houden. Dat moet gebeuren door gebruik te maken van de technische ruimte die het Museumplein-akkoord biedt. De vakbeweging wil op die manier de nadelige effecten van de kabinetsmaatregelen zoveel mogelijk in de CAO’s compenseren. De verwachting is dat dit voor tachtig procent van de werknemers, waaronder die in de metaal, lukt. Voor de rest, vooral mensen die al een goede pensioenregeling hebben zullen beduidend hogere premies nodig zijn. Hier zijn waarschijnlijk de werknemers uit de haven de dupe van. Sneu, als een van de groepen die het hardst tegen het kabinetsbeleid heeft gevochten, het minst van het resultaat profiteert.

Maar het gaat allang niet meer alleen om wat technisch mogelijk is. Bij de werkgevers ontbreekt de wil om serieus te onderhandelen. De opnieuw gestarte onderhandelingen in de bouw zijn al weer vastgelopen. De werkgevers stellen zich keihard op. Zij spelen in op de angst voor ‘horden Polen’ die onder aan de steigers klaar staan om het werk goedkoper aan te nemen. Een angst die ze zelf organiseren. De flexibilisering en het meer en meer werken met kleine, zelfstandige onderaannemers hebben het opbouwen van vakbondsmacht in de bouw moeilijker gemaakt.

Redelijke voorstellen, om vervroegd uittreden in deze sector met zijn zware arbeidsomstandigheden mogelijk te maken, worden beantwoord met demagogie. “Een regeling waar een klein groepje van profiteert en die bijna dertig procent van de loonsom gaat kosten.” Eigenlijk willen de bouwwerkgevers geen CAO. Ze willen terug naar de tijd dat zij bepaalden hoelang mensen werden ingezet en onder welke voorwaarden. Onbeperkt inroosteren en geen reisurenregeling dus. En dan te bedenken dat voor de laatste regeling een aantal jaren geleden vier weken werd gestaakt!
Zelfvertrouwen
Het zelfvertrouwen van de werkgevers is ook na het Museumplein-akkoord groot. Ze houden hun poot stijf en voelen zich gesteund door de Lissabon-akkoorden en de Bolkenstein- richtlijn. Op alle onderhandelingstafels maken de ondernemers duidelijk dat ze eigenlijk niet van plan zijn verdere invulling te geven aan het akkoord. Daarnaast wordt de aanval ingezet op regels rondom flexibilisering. ‘Goede arbeidsverhoudingen’ betekenen voor hen dat de baas weer mag bepalen wanneer je moet komen en hoe lang je moet werken. Overwerk wordt afgeschaft door het gewoon werk te noemen.
Om als vakbond resultaten binnen te halen, zal coördinatie en enkel dreigen met acties niet genoeg zijn. Het financiële gat dat opgevuld moet worden is groot en de angst voor concurrentie uit Oost Europa is voor veel mensen reëel. Is iedereen de straat op te krijgen na het jarenlange gehamer op beperking van de loonkosten en verbetering van de concurrentiepositie? Een concert waarin overigens ook de FNV volop meespeelde.

De havenwerknemers hebben vorig jaar het voortouw kunnen nemen in de ´hete herfst‘ doordat het in hun sector economisch goed gaat, door de aantrekkende handel uit China en door het herwonnen zelfvertrouwen in de acties tegen de ´Port Package deal‘. Krijgt het Museumplein-akkoord een zelfde effect op het zelfvertrouwen van de vakbeweging? Tot nu toe roept het akkoord vooral vragen op. Wat kan er precies aan mijn prepensioen gerepareerd worden en tegen welke kosten? Zijn we niet voor niks naar Amsterdam geweest? De antwoorden zijn niet voor iedereen even zonnig.

Bovendien moeten veel mensen afwachten of ze ooit van de nieuwe afspraken zullen profiteren. Zo is een aantal jaren geleden begonnen met de ombouw van VUT-regelingen, gefinancierd volgens een omslagstelsel (iedereen betaalt voor degenen die met de VUT gaan), naar een individueel opgespaard prepensioen. Die regelingen waren in veel gevallen al een achteruitgang, maar dat werd geaccepteerd omdat ze een individueel recht werden. We hebben onder dit kabinet gezien wat deze rechten waard zijn. Wacht ons in de nabije toekomst nog zo’n teleurstelling?

FNV congres
De helden van het Museumplein stappen op. Doekle Terpstra en Lodewijk de Waal gaan een nieuwe uitdaging aan na hun succesvolle polonaise in het najaar. Op je hoogtepunt moet je stoppen en in de Nederlandse polder is een hoogtepunt gauw bereikt. Want de moeilijkheden rondom de uitvoering en uitleg van het Museumplein akkoord zijn nog maar net begonnen.

Bij de FNV staat de nieuwe opvolgster al klaar. Agnes Jongerius, de bedenkster van de referenda moet de nieuwe kuitenbijter worden. Geprezen om haar dossierkennis en onderhandelingstechniek. Ze heeft ongetwijfeld goede kwaliteiten, maar waarom kan ze dan niet rechtstreeks door de leden gekozen worden. Waren de FNV leden net gewend dat ze wat te zeggen hadden via de referenda, komt er weer zo’n grijze pakken congres voor topkader, superbestuurders en andere vergadertijgers die geen probleem hebben met de erg krappe voorbereidingstijd middenin het zwaarste CAO seizoen sinds lange tijd.

De verkiezing van de nieuwe voorzitter wordt niet het spannendste deel van het congres. Aan de orde komt ook het opnieuw oprichten van een onafhankelijke FNV jongerenorganisatie: Young FNV. Naar aanleiding van de successen van de FNV dit najaar, waar ook veel jongeren actief werden in de acties, namen een aantal oud kaderleden van de jongerenbeweging het initiatief om weer te komen tot een eigen onafhankelijke club waar jongeren op hun eigen manier actief kunnen worden in de vakbeweging. Een club die open is voor alle jongeren die werken, werkloos zijn of nog op school of de universiteit zitten. De bondsraad van FNV bondgenoten is al enthousiast. Nu moet de FNV nog de stap zetten om de deur voor jongeren naar de vakbeweging open te gooien gooien.

Reactie toevoegen

Plain text

  • Toegelaten HTML-tags: <a> <em> <strong> <cite> <blockquote> <code> <ul> <ol> <li> <dl> <dt> <dd>
  • Adressen van webpagina's en e-mailadressen worden automatisch naar links omgezet.
  • Regels en alinea's worden automatisch gesplitst.
Uw reactie zal niet meteen verschijnen, deze wordt eerst goedgekeurd door de beheerder.
To prevent automated spam submissions leave this field empty.
Image CAPTCHA
Vul de tekens uit bovenstaande afbeelding in.

Reageren