26 September 2020

Van zaakwaarnemer naar zelforganisatie

‘Ik ben geen pluche-klever of zetel-plakker’. Herrie Hoogenboom (37) legt uit waarom hij van Heineken, waar hij acht jaar kaderlid was, de overstap maakte naar organiser bij FNV Bongenoten. Organising heet de aanpak waarbij ongeorganiseerde arbeiders en zelforganisatie centraal staan. ‘Ik was machine operator, voor een groot deel vrijgesteld voor OR- en vakbondswerk en had het best naar mijn zin bij Heineken, maar toen ik in de Bondsraad hoorde over organising was ik gelijk enthousiast en heb ik gesolliciteerd naar een baan als organiser in de schoonmaaksector’.

Kun je een beeld geven van je sector?
‘In de schoonmaaksector werken 150 tot 180.000 mensen, soms meer, afhankelijk van seizoen en economisch tij. De sector hangt van flexwerk aan elkaar, veel uitzendkrachten en allerhande tijdelijk en oproepwerk. Niet zelden kom je mensen tegen die bij meerdere werkgevers in dienst zijn. De arbeidsvoorwaarden zijn minimaal, het bruto basisloon is 8,90 per uur met soms wat extra vanwege ervaringsjaren, maar dat is centenwerk. Werknemers komen vaak uit landen over heel de wereld. De organisatiegraad is erg laag.
Er is een harde concurrentiestrijd tussen schoonmaakbedrijven. En ze concurreren over de ruggen van de werknemers. Bij elke overname van een klant door een ander bedrijf wordt de werkdruk opgevoerd.’

In zo’n sector vakbondswerk opzetten is niet makkelijk, hoe begin je eigenlijk?
‘In mijn district was Schiphol een van de grootste werkgevers, dus daar zijn we begonnen. Eerst met een kaartje ‘gefeliciteerd met het suikerfeest’ want dat stond voor de deur. Een stukje erbij over feestdagencompensatie en het opnemen van vrije dagen. Er kwamen in het begin eigenlijk vooral veel negatieve reacties op de bond. Ze zou er alleen maar zijn als er al problemen waren en vaak loste ze die ook niet goed op. Bovendien voelden veel mensen zich verkeerd begrepen, en dat was niet alleen als gevolg van taalproblemen. We zijn vervolgens veel gaan praten. Als organiser ben je niet welkom op de objecten, opdrachtgevers als Schiphol Group hebben geen boodschap aan mensen die het hun schoonmaakbedrijven moeilijk maken. Dus stonden we bij de trein en bushaltes of aan de ‘poorten’ en spraken we mensen direct aan, vroegen we om hun telefoonnummer of maakten een afspraak om verder te praten.’

Wat kom je dan zoal te horen en hoe krijg je mensen gemotiveerd om ook actief te worden?
‘We kregen veel ongenoegen te horen over het salaris, maar ook over intimidatie en vriendjespolitiek. Over het weinige respect voor het werk dat gedaan wordt. Dat er nooit eens iets extra’s kan. Of het moet de ‘nooit ziek’ bonus zijn van één vrije dag. Die je bovendien weer kwijt raakt als je ergens een waarschuwing voor krijgt, en daarmee zitten we gelijk weer bij die intimidatie en vriendjespolitiek. Ander voorbeeldje: er werkt een man al haast 25 jaar via hetzelfde bedrijf. Zijn zoon is er ook net begonnen. Ze verdienen vrijwel hetzelfde. Niets geen periodieken, ervaringstoeslag of zo iets. Dat doet pijn bij zo’n vader, hij is niets ‘meer’ dan zijn pas gestarte zoon.
Verder word je al snel verleid om in de val van individuele belangenbehartiging te trappen. Er zijn zoveel individuele onrechtmatigheden waarvan je met je kaderervaring weet dat het recht getrokken moet kunnen worden. Maar al die aparte zaken kosten veel te veel tijd en energie. Natuurlijk ontkom je er niet helemaal aan, maar we zijn niet voor niets getraind, onder andere door Amerikaanse organisers, om vooral te focussen op zelforganisatie. Zaken collectiviseren en er met zijn allen een punt van maken. ‘BOND’ is het toverwoord, dat staat voor Breedgedragen Oplosbaar Noodzakelijk Diepgevoeld. Als je mensen met overeenkomstige punten samen naar een objectleider of baas laat gaan om iets bespreekbaar te maken en oplossingen te zoeken, los je niet alleen problemen op maar werk je gelijk aan zelfvertrouwen en het bewustzijn dat je sterker bent als je je organiseert. Dat je niet alles hoeft te pikken. Bovendien gaan werkgevers je serieus nemen en dat betaalt zich naar iedereen uit.’

Viel het mee in de praktijk of bleek het moeilijker dan gedacht?
‘Het is niet allemaal even makkelijk, we moeten nog veel leren. Zelf vind ik bijvoorbeeld het vinden van een goede trekker het meest moeilijke. Je hebt soms wel activistisch ingestelde mensen, maar je moet mensen hebben met het vermogen anderen mee te trekken. Vertrouwen is daarbij de sleutel, je moet in een groep mensen die je niet goed kent op zoek naar een combinatie van integriteit en activisme. Maar als de bal gaat rollen en je een campagne start dan zie je ook dat er van alles gaat bewegen. Je wordt zichtbaar als vakbond, er is actie en reactie. Je blijft als vakbond in beeld en aan de gang.
Het is een methode die goed in elkaar zit en het enthousiasme van de nieuwe leden werkt aanstekelijk. Bij Schiphol bijvoorbeeld, waar we eerst nergens mochten komen, merkte je na de eerste actie dat de beveiliging nu opdracht heeft om ons met rust te laten. De schoonmaakbedrijven op Schiphol worden achter de broek gezeten want opdrachtgever Schiphol Group wil geen negatieve publiciteit. Bovendien zegt de ledenwinst van 500 mensen in de afgelopen 5 á 6 maanden in ons district en in deze sector ook al heel wat. Het levert op, spreekt zich rond. Je ziet mensen ook groeien als ze niet eens veel meer doen dan opstaan en zeggen dat ze meer respect verdienen voor het werk dat ze doen. Dat zelf dwingt al respect af trouwens. Maar we willen ook gewoon nog die minimaal 10 euro per uur voor elkaar zien te krijgen.’

Inderdaad, lukt het nu ook om echt iets aan die salarissen te doen, je zei al dat de concurrentie hard is in jullie sector?
‘We zijn nog maar net begonnen en hebben eigenlijk te maken met zowel de schoonmaakbedrijven als directe werkgevers, maar ook met hun opdrachtgevers zoals Schiphol Group of banken, ziekenhuizen, universiteiten en allerlei overheidsinstellingen. De overheid is indirect de grootste werkgever van schoonmakers. Zij spelen nu een beetje ‘kiekeboe’. Werkgevers verschuilen zich achter hun opdrachtgevers die het werk voor een hele lage prijs geleverd willen zien, terwijl die op hun beurt zeggen niet over de arbeidsvoorwaarden van ‘een derde partij’, in casu het schoonmaakbedrijf, te gaan.
We hebben nu onze campagne op die grote opdrachtgevers gericht en proberen
hen te bewegen tot steun aan de werknemers met een brief die ze kunnen ondertekenen en gelijk stellen we een ultimatum. Als er dan na een flyeractie niet gereageerd wordt, komt er lawaai, media en hinderlijke aanwezigheid bij en spelen we meer de imago-kaart, dat ze slechte opdrachtgevers zijn en hardwerkende mensen het vel over de neus halen.’

Nu gingen jullie vanmiddag voor het eerst op bezoek bij een aantal ministeries en er waren wat problemen met de beveiliging die daar meer dan normaal is. Ik vroeg me toen eigenlijk af of er banden zijn met vakbondskader op de werkvloer en met andere bonden bij de lokaties die jullie aandoen?
‘Die verbanden zijn er wel maar ik moet eerlijk zeggen dat het wel eens voorkomt dat een actie van ons vloekt met het zittende verenigingskader of met bestuurders. Met name als het kaderleden zijn die nogal hangen aan het pluche of bestuurders die meer met directies hebben dan met hun achterban.
Bovendien hebben sommige mensen het idee dat we een soort ledenwervers zijn. En dat zijn we dus niet, zeker niet voor een sociale ANWB zoals sommige mensen de bond willen zien, een soort verzekering waarvoor je betaalt en waar je bij pech een beroep op hulp kunt doen.
Organisers organiseren naar directe actie, naar zélf doen en zelf afdwingen. Onderling leren we ook veel en we hebben ook contact met organisers van andere bonden, zodat we zo min mogelijk steeds opnieuw het wiel hoeven uit te vinden.
Maar in de praktijk gaat het vaak goed. Onze werkwijze vloekt gelukkig niet met het actieve kader op de werkvloer. Idealiter kunnen wij goed gebruik maken van het zittende kader en kunnen zij van onze nieuwe manieren van organiseren leren.’

Het bewijs van dat laatste vond ik die avond in mijn mailbox: een actieve kaderledengroep van mijn eigen bond bij het ministerie van Buitenlandse Zaken had die middag, direct na de actie op hun ministerie, hun directeur gevraagd ook stelling te nemen en steun te betuigen met de schoonmakers van Herrie in FNV Bondgenoten. Solidariteit is nog steeds springlevend. Een tweede jeugd voor de bond?

Lot van Baaren is kaderlid bij ABVAKABO FNV. Kijk op de website van de campagne: www.steundeschoonmakers.nl

Reactie toevoegen

Plain text

  • Toegelaten HTML-tags: <a> <em> <strong> <cite> <blockquote> <code> <ul> <ol> <li> <dl> <dt> <dd>
  • Adressen van webpagina's en e-mailadressen worden automatisch naar links omgezet.
  • Regels en alinea's worden automatisch gesplitst.
Uw reactie zal niet meteen verschijnen, deze wordt eerst goedgekeurd door de beheerder.
To prevent automated spam submissions leave this field empty.
Image CAPTCHA
Vul de tekens uit bovenstaande afbeelding in.

Reageren