29 October 2020

De vernietiging van de wereld

De neoliberale cultuur wordt gekenmerkt door een opmerkelijke tegenstrijdigheid. Aan de ene kant horen we steeds dat het kapitalisme het enige scenario voor de toekomst is. Aan de andere kant zien we zelden iemand beschrijven hoe de wereld er over pakweg 75 jaar uitziet. Wetenschappers die zich die vraag stellen zijn niet erg optimistisch. Jared Diamond sluit in zijn nieuwe boek Ondergang een radicale daling in de levensstandaard niet uit.

De vooraanstaande astronoom Martin Rees publiceerde in 2003 Onze laatste eeuw, waarin hij stelt dat de vernietiging van de mensheid in de eenentwintigste eeuw zeker tot de mogelijkheden behoort. Net als Rees is Jared Diamond niet de eerste de beste. Hij is oorspronkelijk bioloog en geograaf, maar ook redactielid van Skeptic Magazine en lid van de National Academy of Sciences en de American Academy of Arts and Sciences. Hij is tegenwoordig vooral bekend als schrijver van populair wetenschappelijke boeken over de evolutie en de geschiedenis van de mens. Zijn bekendste boek, Zwaarden, paarden en ziektekiemen, gaat in op de vraag waarom de mensen op het Euraziatisch continent tegenwoordig de wereld domineren. Het boek is een net zo leesbare als briljante studie naar de wijze waarop subtiele milieuverschillen de menselijke geschiedenis beïnvloedden. Ondergang is de logische opvolger van Zwaarden, paarden en ziektekiemen. Alleen wordt in dit boek beschreven hoe sommige beschavingen als gevolg van subtiele ontwikkelingen in het milieu ten onder gingen of een nieuw evenwicht wisten te vinden.

Vikingen
Diamond onderscheidt een aantal oorzaken waardoor een cultuur ten onder kan gaan, maar stelt dat de reactie van een cultuur op milieuproblemen altijd een rol spelen. Hij gaat bijvoorbeeld in op de Maya’s, die ten onder gingen doordat ze er niet in slaagden een oplossing te vinden voor ecologische problemen. Maar hij geeft ook voorbeelden uit het recente verleden: hij beschrijft bijvoorbeeld hoe milieuproblemen in Montana - ooit een van de rijkste staten van Amerika, nu sterk verarmd – tot grote maatschappelijke verdeeldheid en besluiteloosheid leidden.
Diamond gaat in een sterk tot de verbeelding sprekend verhaal in op de ondergang van de Vikingkolonie op Groenland. Deze Vikingen bleven vasthouden aan een levenswijze die eigenlijk nauwelijks paste bij het klimaat op Groenland. De maatschappelijke elite hield bijvoorbeeld vast aan het houden van runderen, wat bij de Vikingen veel status had. De Innuit, die ongeveer tegelijkertijd met de Noormannen op Groenland arriveerden, slaagden er wel in te overleven – ze pasten zich aan.
Diamond laat zien dat sommige aspecten van een cultuur ook heel raadselachtig en volkomen irrationeel kunnen zijn. Vis is bijvoorbeeld een van de weinige soorten voedsel die overvloedig op Groenland aanwezig zijn. Maar uit archeologisch onderzoek van afvalhopen op Groenland blijkt dat de Noormannen daar in ieder geval nooit vis hebben gegeten. Het gekke is dat de Noormannen in Noorwegen en IJsland wel vis aten terwijl daar juist ook veel meer ander voedsel te vinden is. Diamond beschrijft ook de Vikingkolonie op IJsland, een voorbeeld van een cultuur die zich wel wist aan te passen aan verandering in de leefomgeving. Toen de Vikingen er in de negende eeuw arriveerden troffen ze een boslandschap aan dat leek op dat van Noorwegen. Ze pasten dus ook de landbouwmethoden uit Noorwegen toe. Maar met name de bodem van IJsland is veel kwetsbaarder dan die van Noorwegen en werd al snel aangetast door erosie. Pas toen ontstond de steenwoestijn die we nu met IJsland associëren. Maar de IJslandse cultuur wist wel te overleven: veranderingen in landbouwmethoden zorgden ervoor dat ze in de Middeleeuwen niet ten onder ging.
Diamond geeft meer voorbeelden van culturen die er in slaagden hun levenswijze aan te passen aan een veranderende omgeving. Hij onderscheid daarbij bottum-up en top-down benaderingen. Een voorbeeld van het eerste is de manier waarop kleinschalige Papoeaculturen een paar eeuwen geleden de ontbossing van Nieuw-Guinea wisten terug te draaien. Diamond kent Nieuw-Guinea goed omdat hij er als vogelaar veel wetenschappelijk onderzoek heeft gedaan. Net als in Zwaarden, Paarden en Ziektekiemen krijg je een goed beeld van de vindingrijkheid van de landbouw op Nieuw-Guinea. Diamond concludeert dat kleinschalige culturen zich soms snel kunnen aanpassen omdat ze direct geconfronteerd worden met de gevolgen van hun gedrag.
Voorbeelden van een top-down oplossing voor milieuproblemen zijn de manier waarop in het Japan van de achttiende eeuw en in de Dominicaanse republiek onder de dictator Balaguer succesvol opgetreden werd tegen ontbossing. Eén van de zwaktes van het boek is dat Diamond niet laat zien dat het huidige geglobaliseerde kapitalisme aan de ene kant extreem grootschalig is, wat bottum-up oplossingen belemmert, terwijl er ook geen centrale politieke autoriteit bestaat die macht over de productiemiddelen heeft, wat top-down oplossingen eveneens belemmert.

Levensstandaard
Diamond noemt Rwanda een voorbeeld van een moderne beschaving die in crisis raakte doordat ze niet adequaat reageerde op de beperkingen van haar leefmilieu. Rwanda was voor de genocide erg dichtbevolkt voor een land met een agrarische economie. Hij laat zien dat ook in een extreem dichtbevolkte streek in Rwanda waar alleen maar Hutu’s woonden grote groepen mensen werden vermoord. Er was gewoon te weinig grond om iedereen bestaanszekerheid te geven.
Over de ecologische gevolgen van de economische groei in China is Diamond buitengewoon sceptisch. Hij wijst er terecht op dat de aarde onmogelijk een groeiende bevolking kan verdragen die tegelijkertijd in zijn totaliteit de levensstandaard van de huidige eerste wereld heeft. Diamond wijst er tevens op dat het juist mensen in de derde wereld zijn die het eerst het slachtoffer worden van milieuvernietiging. Een opvallend voorbeeld dat Diamond geeft is dat de moedermelk van Innuit vrouwen zoveel lood bevat (afkomstig uit vis) dat het eigenlijk moet worden beschouwd als chemisch afval. Diamond valt in dit verband ook terecht diegenen aan die zeggen dat milieubewustzijn iets voor yuppies is, en wijst er op dat het juist de armen in de derde wereld zijn die het eerste slachtoffer worden van allerlei milieuproblemen.

Oplossingen
Diamond gaat vervolgens in op de verschillende manieren waarop bedrijven gestalte geven aan milieubeleid. Hij geeft de manier waarop Chevron op Nieuw-Guinea olie wint als een voorbeeld van milieubewuste politiek en verklaart het optreden van Chevron uit een mengeling van verlicht eigenbelang en druk van consumenten.
Diamond ziet de oplossingen voor ecologische problemen vooral in de mogelijkheden die consumenten hebben om bedrijven onder druk te zetten. Die druk werkt volgens hem wel het beste als mensen zich organiseren in milieubewegingen. Opvallend aan dit soort pleidooien voor de verantwoordelijkheid van de consument is dat ze er aan voorbij gaan dat consumenten vaak ook producenten zijn. En dat in het kapitalisme de mensen die werken in een bedrijf geen zeggenschap hebben over de manier waarop ze produceren. Zo wijst Diamond er terecht op dat mensen milieuvriendelijk produceren als ze weten dat ze nog zeer lang van een bepaalde hulpbron afhankelijk zijn. Maar hij ziet niet dat in het kapitalisme het niet de arbeiders zijn die in een bepaalde streek wonen en daar de natuurlijke hulpbron exploiteren, die bepalen hoe er gewerkt wordt, maar mensen die hun kapitaal overal kunnen investeren. Deze investeerders worden niet direct geconfronteerd met de gevolgen van hun werkwijze.
Ook ziet hij niet dat het kapitalisme top-down oplossingen belemmert, omdat de staat nauwelijks invloed heeft op de economie. De Japanse staat in de achttiende eeuw en het regime van Balaguer in de Dominicaanse Republiek hadden dat wel. Bovendien doet zich het verschijnsel voor dat mensen die nergens anders zeggenschap over hebben als over wat ze consumeren, vaak helemaal geen voorstander zijn van maatregelen die consumptie proberen te beperken. Juist de manier waarop mensen in het kapitalisme tot consument worden gemaakt en hun identiteit er grotendeels aan ontlenen, maakt ze onwillig om hun consumptiepatroon te veranderen.
Jared Diamond is terecht een van de meest geliefde auteurs van populair wetenschappelijke literatuur van dit moment. Zijn encyclopedische kennis op het gebied van diverse wetenschappen en de geheel eigen wijze waarop hij zelf als persoon aanwezig is in zijn boeken maken Ondergang een monument voor de menselijke intelligentie. Dat de mogelijkheden van de mens tegelijkertijd ook een bedreiging vormen voor de mens zelf wordt overtuigend aangetoond.

Jared Diamond Ondergang. Waarom sommige beschavingen verdwenen en hoe kan de onze haar ondergang voorkomen? 684 blz. € 35,75 ISBN 9027498636
Lees ook het kritische De zorgwekkende opvattingen van Jared Diamond

Soort artikel: 

Reactie toevoegen

Plain text

  • Toegelaten HTML-tags: <a> <em> <strong> <cite> <blockquote> <code> <ul> <ol> <li> <dl> <dt> <dd>
  • Adressen van webpagina's en e-mailadressen worden automatisch naar links omgezet.
  • Regels en alinea's worden automatisch gesplitst.
Uw reactie zal niet meteen verschijnen, deze wordt eerst goedgekeurd door de beheerder.
To prevent automated spam submissions leave this field empty.
Image CAPTCHA
Vul de tekens uit bovenstaande afbeelding in.

Reageren