Voorspellingen over de gevolgen van de mislukte Turkse coup focussen op de vraag of deze voldoen aan Erdoğans verlangen naar een almachtig presidentschap. Maar het gevaar dat wacht is veel groter dan dat. Na het neerslaan van de coup van vrijdag - waarbij het dodental tot bijna 300 steeg – is de Turkse regering gestart met haar grootste zuiveringscampagne tot nu toe: het zuiveren van de militaire en civiele bureaucratie van duizenden tegenstanders. De situatie is vol ironie. De Gülenisten (de wereldleiders van een modernistisch, tolerante islam, volgens sommigen) worden door president Recep Tayyip Erdoğan beschuldigd van het organiseren van de belangrijkste poging tot een staatsgreep tegen een regime dat ooit werd gevierd als het model van de islamitische democratie. Maar belangrijker nog: deze antidemocratische poging tegen een antidemocratisch regime duwt het regime hoogstwaarschijnlijk in de slechtst mogelijke richting. Het Turkse regime heeft, nu alweer een tijdje, schuchter geëxperimenteerd met het mobiliseren van de massa's om zijn vijanden te onderdrukken. Het regime kan de terughoudendheid nu van zich afschudden. Een beroerde coup We beschikken niet over alle relevante feiten op dit punt, maar Erdogan heeft Gülens volgelingen in het leger ervan beschuldigd de coup - in de veronderstelling dat ze steun van andere soldaten en burgers zouden krijgen - te zijn begonnen. Maar, zelfs een aantal militairen die bekend staan om hun pro-coup neigingen en ook de drie oppositiepartijen in het parlement bekritiseerden de poging al binnen een paar uur. En het lijkt erop dat het aantal kemalistische militairen dat weigerde deel te nemen aan de staatsgreep met een grote marge opweegt tegen degenen die wel hebben deelgenomen. Omdat ze zich realiseerden hoe geïsoleerd ze waren, begonnen sommige soldaten zich over te geven. In uiterste wanhoop begingen sommige anderen gruwelijke daden die geen enkele andere (mislukte of succesvolle) Turkse junta ooit heeft overwogen, met inbegrip van het bombarderen van het parlementsgebouw. De kwetsbaarheid en bijna-waanzin van de coupplegers lijkt te zijn voortgekomen uit paniek: Ahmet Şık, een Gülen-expert en onderzoeksjournalist, stelt dat de overheid grote operaties had gepland voor 16 juli. Er zouden op die dag honderden Gülen-aanhangers in het leger worden aangehouden. Hebben de Gülenisten te laat van het plan gehoord om grote allianties op te bouwen en een meer systematische coup te smeden? Maar dan nog werd de poging tot staatsgreep zo slecht uitgevoerd en leek men zo weinig geïnteresseerd in het verwerven van steun van de elite of van de bevolking dat verschillende samenzweringstheorieën niet volledig kunnen worden uitgesloten (veel kemalistische militaire sympathisanten zijn van mening dat de overheid zelf de coup organiseerde als excuus voor grootschalige repressie). Dergelijke details over de exacte werkwijze van de coup kunnen op dit moment alleen maar speculaties zijn, vooral omdat alle partijen zwaar geïnvesteerd hebben in het naar elkaar wijzen met de vinger. Maar wat zijn de meest waarschijnlijke uitkomsten van de mislukte coup? De dromen van een islamitische reformatie zijn nu verdwenen Het verband tussen Gülenisten en de mislukte coup komt niet als een verrassing voor iedereen die de Gülen-beweging nauwlettend heeft gevolgd en die zich verzet tegen de wereldwijde hype over zijn democratische geloofsbrieven. De oprichter van de beweging, prediker Fethullah Gülen, heeft van ganser harte de bloedigste junta in de Turkse geschiedenis gesteund (september 1980-1983) en was ook ingenomen met de burgerregering die door een andere militaire interventie (februari 1997) werd samengesteld. Er zijn meer redenen om achterdochtig over Gülen te zijn: er wordt gezegd dat zijn volgelingen systematisch, maar stiekem zijn geïnfiltreerd in belangrijke officiële instellingen. Bovendien, nadat Erdoğan het leger zover als hij kon van kemalistische militairen had gezuiverd, speelde het regime Gülen in de kaart door het personeelsbestand met zijn volgelingen aan te vullen. Academici, journalisten, diplomaten en politici hebben tientallen jaren het etatisme van Gülen genegeerd, in plaats daarvan kozen ze ervoor om hem in de markt te zetten als het meest civiele gezicht van de islam in Turkije. Anderen gingen nog verder door hem als de grootste hervormer in de islamitische geschiedenis te presenteren: een islamitische versie van Maarten Luther. Het was al moeilijker geworden om in deze held te geloven, nadat hij op een heel onaangename manier met het Turkse regime gebroken had, waarbij Gülens volgelingen zich eerder lieten gelden als machtswellustelingen dan als principiële democraten. Zelfs als Gülen niet direct betrokken is bij de couppoging van 2016, dan is zijn beeld nu toch zo aangetast, dat niemand hem nog serieus een Maarten Luther zal noemen. Dromen van een islamitische reformatie zijn, nogmaals, in duigen gevallen. Op weg naar neo-fascisme? Het Turkse regime slingert de afgelopen jaren gevaarlijk heen en weer tussen een extreme versie van rechts Bonapartisme en wat ik onlangs neo-fascisme geoemd heb. Bonapartisme is een top-down dictatuur die slechts af en toe massa-actie inzet. Bonapartistische massa's zijn ongeorganiseerd en hebben geen coherente ideologie. Fascistische regimes zijn daarentegen meer organisch afhankelijk van de massa. Hun massa's zijn georganiseerd en zijn ideologisch meer in overeenstemming met het regime. In vergelijking met de klassieke fascistische regimes: Italië en Duitsland in het interbellum, had het Turkse regime een veel moeilijker relatie met zijn (islamistische) burgerlijke wortels (de regering-Erdogan verwierp de eerste paar jaar publiekelijk het islamisme). Toch heeft het nieuwe regime geleidelijk de massa's en maatschappelijke bewegingen die eerder waren gedemobiliseerd, opnieuw opgenomen en gemobiliseerd. In de laatste paar maanden, was het Turkse regime opnieuw in een Bonapartistische richting geschoven, met minder nadruk op massamobilisaties. Het nam ook elementen in zich op van de derde diepgewortelde vorm van modern autoritarisme (militaire dictatuur): vooral na de verkiezingsoverwinning van de pro-Koerdische HDP in juni 2015 begon Erdoğan meedogenloos gebruik te maken van de militairen tegen tegenstanders. Maar nu, gezien de pro-regime aantallen op straat (en soldaten wederom uitgeroepen tot een vijand van het volk), hebben de fascistische actoren binnen het regime de mogelijkheid om massale mobilisatie te ondersteunen en het land te leiden in een meer totalitaire richting. Tot nu toe hebben ze deze kans niet verprutst. Na de uitnodiging van president Erdogan om de straten met mensen te overspoelen en in opstand te komen tegen de militaire rebellen, drongen moskeeën in het hele land er bij de burgers op aan om de staatsgreep te verijdelen. In stadscentra, provinciesteden en binnensteden klommen mensen op tanks zwaaiend met Turkse vlaggen. De gemaakte foto's en video's worden waarschijnlijk net zo iconisch als afbeeldingen van tank-blokkerende Chinese studenten op het Tiananmen-plein. Maar deze massa's hebben veel, veel meer gedaan. Zij hebben de pro-Koerdische partij HDP (die niets te maken heeft met de poging tot staatsgreep) in verschillende steden aangevallen. Ze hebben alcoholgebruikers lastiggevallen. Er zijn verschillende confrontaties uitgebroken in alevitische (een religieuze minderheid) wijken en steden. Dit is de donkere kant van wat door sommigen werd gevierd als de democratische verdediging van het regime door het volk. Deze nieuwe 'antimilitaristische' massamobilisaties in Turkije zijn opgebouwd (als tegen-opstand) vanaf de anti-regeringsprotesten in het Gezi-park in 2013 en zijn gericht op minderheden, alcohol gebruikers, alle soorten oppositie en militair personeel. In oktober 2015 werden bijna 100 pro-Koerdische activisten in Ankara afgeslacht bij een aan IS gelinkte bomaanslag. Getuigen zagen dat de politie traangas inzette tegen overlevenden en ambulances blokkeerde die probeerden de gewonden te bereiken. Dat drama is nu verbonden met de massa-actie tegen de doden: tijdens de recente anti-coup feesten, hebben 'pro-democratie' massa's een monument voor de slachtoffers van Ankara vernietigd. Er is geen twijfel over waar de sympathieën van deze massa's liggen. Het merendeel van de pessimistische voorspellingen over de nasleep van de mislukte coup heeft zich gericht op hoe het Erdoğans verlangen naar een almachtig presidentschap zal vervullen. Het gevaar dat Turkije wacht is veel groter dan dat. Dit artikel werd eerder gepubliceerd op de website openDemocracy, Nederlandse vertaling redactie Grenzeloos.
Reactie toevoegen